Grafheuvels en een erf uit de Bronstijd
Rica Annaert onderzocht Bronstijd-sporen in Weelde
Naar aanleiding van de archeologische begeleiding tijdens een verkavelingsproject op het grondgebied van Weelde en Poppel (provincie Antwerpen) werden van 1996 tot 1998 talrijke sites van prehistorie tot late middeleeuwen ontdekt. Tijdens een proefsleuvenonderzoek kwamen in Weelde onder andere twee sites uit de Midden-Bronstijd aan het licht. Op een van beide sites stootten de archeologen ook op een inheems Romeins grafveldje uit de 1ste eeuw.
"Beide sites zijn 500 m van elkaar verwijderd en liggen landschappelijk gezien in het Pleistoceen dekzandgebied van de Noorderkempen," vertelt Rica Annaert, die verantwoordelijk was voor het archeologisch onderzoek. "Het dikke plaggendek heeft ervoor gezorgd dat de archeologische sporen gevrijwaard bleven van vernieling door ploegactiviteiten."
De eerste site, een nederzetting uit de Bronstijd, met een oppervlakte van meer dan 2000 vierkante meter, moest in snel tempo onderzocht worden. Een grote densiteit aan bodemsporen kwam aan het licht: "Niet alleen paalkuilen, maar ook kuilen, haard- of ovenplaatsen, boomvallen en meer recente sporen van beddenbouw, zandwinning en bioturbatie," somt Rica op. De slechte leesbaarheid van de bodemsporen bleek echter, zoals op vele sites op het Kempens Plateau, een groot probleem. "Door de voortdurende verlaging van de grondwatertafel en door de toenemende bemesting, krijgen we te maken met een zorgwekkende degeneratie van bodemsporen," vertelt Rica. "Met deze problematiek wordt volgens mij veel te weinig rekening gehouden in het huidige Vlaamse erfgoedbeleid. Nog steeds worden in Vlaanderen plaggenbodems beschouwd als archeologische reservaten. Men denkt dat bij het behoud van plaggenbodems ook de eventuele archeologische sites behouden blijven. Nochtans blijkt dat plaggenbodems helemaal geen garantie zijn voor een fysiek behoud van het archeologisch bodemarchief! Verdere studie naar zowel plaggenbodems als naar degradatieprocessen van bodemsporen en organische materialen én monitoring op gekende sites is hoogstnoodzakelijk."
Op het terrein werd één boerderijplattegrond (foto linksboven) duidelijk herkend. Tijdens de verwerking van de opgravingsgegevens kon men uit de wirwar van paalsporen echter maar liefst vijf gebouwplattegronden reconstrueren. Jammer genoeg ontbreken veel paalkuilen omdat ze op het terrein niet onmiddellijk waar te nemen waren. Vier gebouwen kunnen in de Midden-Bronstijd ondergebracht worden en één in de Vroege IJzertijd. De materiële vondsten waren beperkt: 57 aardewerkscherven en enkele fragmenten lithisch materiaal waaronder silex en keien in natuursteen.
Op de tweede site, langs de Schootseweg, bracht een proefsleuvenonderzoek de verkleuringen van een aantal vierkante en ronde grafstructuren aan het licht. Een uitgebreide opgravingscampagne werd opgezet, waarbij duidelijk werd dat een inheems Romeins grafveld in de 1ste tot begin 2de eeuw op een oudere Bronstijd-begraafplaats werd aangelegd (foto rechtsonder). Deze begraafplaats bestond uit twee grafmonumenten. "Het waren ringslootheuvels die door landbouwactiveiten volledig geëgaliseerd waren. Van één heuvel was de ringsloot, met een diameter van 13 meter, nog volledig bewaard," vertelt Rica. Op een tweetal meter van het centrum vonden de archeologen een bijzettingskuil waarin nog de fragmenten van een urn met crematieresten aanwezig waren (foto rechts). Een C14-datering op de crematieresten gaf een resultaat tussen 1690 en 1520 voor Christus.
Wat leren deze structuren ons nu over de samenleving in de Bronstijd? "Wel, de plattegronden van de nederzetting sluiten aan bij de algemeen verspreide Noordwest-Europese woonstalhuizen van het drieschepige type. Voor de Midden-Bronstijd lijken deze huizen een constante te zijn in Nederland, Vlaanderen, Westfalen, Noord-Duitsland en Denemarken," legt Rica uit. "Regionale verschillen laten ons toe een aantal subgroepen te onderscheiden. De gebouwtypes te Weelde sluiten aan bij de boerderijen uit de zogenaamde Hilversumcultuur, verspreid op de pleistocene zandgronden van Zuid-Nederland en Noord-België."
Rica vermoedt dat er in Weelde hoogstens twee gebouwen gelijktijdig aanwezig waren. "Daaruit kunnen we wellicht besluiten dat twee families hier een vaste verblijfplaats hadden gedurende twee of drie generaties." Op elk erf waren enkele kuilen. Jammer genoeg bleven in de kuilen geen organische resten bewaard. Van sommige kuilen is duidelijk dat ze waarschijnlijk binnen het gebouw lagen. Slechts 1 kuil had de onmiskenbare vorm van een silo. Enkele brandvlekken buiten de gebouwen kunnnen geassocieerd worden met oventjes of stoofkuilen, die wegens brandgevaar niet binnen de houten gebouwen lagen.
Op basis van de overlapping van de plattegronden en de diversiteit aan C14-dateringen probeerde Rica tot een mogelijke fasering te komen. "Frappant is de overeenkomst in dateringen van gebouw 1 en het centrale graf uit één van de grafheuvels langs de Schootseweg. Zonder veel moeite kunnen we het graf van de stichter van de eerste boerderij identificeren met de resten uit deze Bronstijdgrafheuvel. Tenslotte geven enkele dateringen duidelijk aan dat het terrein in de Vroege IJzertijd opnieuw als nederzettingsterrein ingenomen wordt. Helaas zijn van deze jongere nederzetting geen hoofdgebouwen gekend."
In de regio Ravels-Weelde-Poppel zijn heel wat relicten uit de prehistorie en de metaaltijden, vaak goed bewaarde grafheuvels, gekend. Nooit eerder werden echter nederzettingssporen teruggevonden. "Terwijl de imposante grafmonumenten de eeuwen trotseerden, bleven de nederzettingen minder goed bewaard. Dat grafheuvels ook in later perioden nog als belangrijke bakens beschouwd worden, bewijst ook de aanleg van het Romeinse grafveldje op de locatie van de Bronstijdgrafheuvels. Opvallend is dat de Romeinse grafmonumenten als het ware op de oude grafheuvelcontouren aangelegd werden alsof de grond van de voorvaderen als collectief bezit van een gemeenschap opnieuw geclaimd werd," besluit Rica.
Rica Annaert is wetenschappelijk attaché-archeoloog bij het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE).
Het archeologisch onderzoek in Weelde zal gepubliceerd worden in het tiende volume van 'Archeologie in Vlaanderen' (in voorbereiding).
Contact: henrica.annaert@lin.vlaanderen.be.
