
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
Promotiedag Erfgoedconvenant | Officiële voorstelling Beeldbank Waasland
12 april 2005
Forum Vlaamse Archeologie: “Archeologisch erfgoed in gevaar!”
Vandaag trad het Forum Vlaamse Archeologie (FVA) uit de schaduw om een meer prominente plaats op het politieke schaakbord in te nemen. Met een persconferentie in Brussel gaf ze ruchtbaarheid aan haar doelstellingen en konden gezichten geplakt worden op het initiatief. Het Forum wenst uit te groeien tot een georganiseerd geheel, als klankbord van de Vlaamse archeologische beroepswereld.
Dat het initiatief niet in de marge van de Vlaamse archeologie plaatsvindt, mag blijken uit het lijstje namen achter het Forum: professor Philip Van Peer (tijdelijk woordvoerder van het Forum), Bart Cheretté, Bieke Hillewaert, Peter Van Den Hove, Wim De Clerq, David Van Reybrouck (archeoloog en auteur), Marleen Martens, Henrica Annaert en Luc Bauters waren aanwezig in het Brussels ‘achterafzaaltje’ om de pers te woord te staan. Ook Alexis Wielemans, die niet aanwezig kon zijn, is een stichtend lid van het Forum. Op hun website staat sinds vandaag de volledige persmap gepubliceerd.
David Van Reybrouck opende de conferentie met een tekst waarin hij de toestand van ons archeologisch Vlaanderen aankaartte – in zijn eigen woorden: “godvergeten betreurenswaardig, soms zelfs lachwekkend slecht”. Niet eens een overdrijving, zo bleek uit de daaropvolgende uiteenzetting door hemzelf en woordvoerder Philip Van Peer. België is één van de laatste landen in Europa om het Verdrag van Malta te ratificeren – binnen West-Europa draagt België zelfs de rode lantaarn. Daarmee scoren we aanzienlijk slechter dan landen als Bulgarije, Estland, Turkije,… landen die ons dus niet enkel op voetbalgebied een lesje kunnen leren. Met een rijk bodemarchief als het onze, volgt hieruit dat ons gemeenschappelijke erfgoed “in sneltreinvaart op de fles gaat”. Wetgeving, geld noch mensen zijn aanwezig om de vele geplande bouwprojecten professioneel te begeleiden, waardoor steeds meer gekende en nog ongekende sites dreigen te worden vergraven (foto links: een bouwput van 4.000 m2 waarvan slechts 50 m2 archeologisch kan worden onderzocht) Of eerder: mensen zijn er genoeg blijkbaar, maar een recente VDAB-studie (pdf) wijst uit dat de richting archeologie onder alle universitaire opleidingen het grootste percentage werkeloosheid kent bij de schoolverlaters. En dat terwijl er in onze buurlanden nagenoeg een volledige tewerkstelling heerst onder archeologen. Méér Vlaamse archeologen werken in Nederland dan in het eigen thuisland – een teken aan de wand en een aanfluiting van het 12.000 jaar oude ondergrondse erfgoed waar Vlaanderen prat op zou moeten gaan.
De archeologen benadrukken dat archeologie niet in de weg hoeft te staan van economische groei. Het erkent dat de vooruitgang niet gestopt kan worden, maar vraagt meer aandacht voor het verborgene: “De Vlaming van vandaag wordt geboren met een baksteen in de maag, maar ook met een potscherf onder de voet,” aldus Van Reybrouck. Het belang van het archeologische erfgoed kan moeilijk overschat worden. Van Peer: “Historisch besef is wellicht het succes geweest van de Homo Sapiens.” Jaar na jaar bewijzen de monumenten- en erfgoeddagen dat er een groot maatschappelijk draagvlak is voor ons patrimonium. Archeologische musea en tentoonstellingen kennen steevast een indrukwekkende volkstoeloop. Wat momenteel gebeurt in archeologisch Vlaanderen kan niet anders omschreven worden dan als een “boekenverbranding”.
Het Forum koos er specifiek voor om nu naar buiten te treden, in het licht van de komende Erfgoeddag dat het thema ‘Gevaar!’ uitdraagt. Het Forum wil op termijn een structuur op poten zetten die de belangen van de Vlaamse archeoloog kan behartigen. Nu reeds spreken ze in naam van minstens 250 archeologen en leken, die hun steun aan het project bevestigden. Wordt het SNA (Stichting voor de Nederlandse Archeologie) in Nederland dan als voorbeeld genomen? Van Peer benadrukt echter dat de Vlaamse problematiek een eigenheid heeft die zich ook moet en zal vertolken in de organisatie. “Er is één groot voordeel aan onze achterstand: we kunnen leren uit de voorbeelden van onze buurlanden en een voor onze situatie ideale structuur uitwerken.”
Uit buitenlandse ervaringen blijkt voorts dat de kosten voor financiering van archeologisch onderzoek – volgens het Malta-principe “de vernieler betaalt” – een fractie is van wat een doorsnee bouwproject aan totaalkosten meebrengt. Frankrijk en Nederland blijken de meest genoemde, zij het niet de enige, voorbeelden. In Nederland is er een open markt voor archeologie, waaruit diverse vergunningsgerechtigde bedrijven ontsproten in het laatste decennium. In Frankrijk is het archeologisch onderzoek dan weer gecentraliseerd onder de vleugels van de CNRS (Centre National de Recherches Scientifiques) als het INRAP (Institut National de Recherches en Archéologie Préventive). Alle Franse bouwpromotoren betalen een procentuele taks die verzameld wordt in een fonds voor archeologisch onderzoek. In Nederland worden de kosten van archeologisch onderzoek meer rechtstreeks gedragen door de bouwheer. Beide systemen hebben zowel hun voor- en nadelen, maar het is in ieder geval een situatie die we in Vlaanderen alleen nog maar theoretisch kunnen bespreken.
Ondertussen is het roeien met de riemen die we hebben – en er bestaan heel wat lovenswaardige inspanningen. Het VIOE, de universiteiten, een handvol provinciale, stedelijke en een 5-tal intergemeentelijke diensten doen hun best om ons te vrijwaren van grotere rampen. Maar, in de woorden van Luc Bauters, “het blijven eilandjes in de oceaan.” Archeologie is belangrijk. De Nederlandse Spoorwegen promootten hun bijdrage in archeologisch onderzoek in hun publiekswerking – met heel wat respons tot gevolg. Archeologie verkoopt. Dat had Hollywood al langer door en dat heeft nu zelfs ook Playmobil begrepen.
Het Vlaams archeologisch patrimonium verdient een inhaalbeweging.
door Johan | In de pers | Reacties (0)
Reageer op dit bericht |
