
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
More mammoth bones discovered in Antwerp | Restauratieproject motte Hoge Wal in Evergem goedgekeurd
25 oktober 2005
Grafmonument uit de IJzertijd verrast archeologen in Edegem
Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) heeft zopas de eerste fase van het archeologisch noodonderzoek in Edegem-Buizegem afgerond. Naast een middeleeuwse nederzetting (greppels, paalsporen en waterput met 10de-11de eeuws vondstenmateriaal) en een grafveld aansluitend op het reeds vroeger onderzochte kerkje, kwam nog een verrassing uit de IJzertijd aan de oppervlakte...
Bij het uitgraven van de laatste sleuven werd een circulaire greppelstructuur waargenomen. Deze kon vrijwel onmiddellijk geïnterpreteerd worden als de randstructuur van een IJzertijdgraf. Binnenin moet zonder twijfel een grafheuvel opgeworpen geweest zijn: daarvan zijn de resten van een dassenburcht nog de getuigen. De greppel had een diameter van 8 tot 9 m, was nog 40 tot 50 cm breed en ca. 20 cm diep. In de greppel stond een dichte krans van een 40-tal palen met een diameter van ca. 30 cm, ingegraven. De vaststellingen van professor Roger Langohr bevestigen dat niet alleen het heuvellichaam volledig geëgaliseerd is, maar dat ook nog eens een 80 tot 100 cm van het oorspronkelijke leemhoudend bodemniveau verdwenen is door erosie en homogenisatie na het in cultuur brengen van de bodem.
Dat dit niet zomaar een grafmonument geweest is, blijkt uit de aanwezigheid van een concentrische gracht die op een afstand van 23 m rond de binnenste greppel werd uitgegraven. Deze gracht was nog 1,5 tot 2 m breed en vertoonde een spitsvormig profiel waarvan de diepte nog 1,5 m diep reikte. Rekening houdend met de vastgestelde bodemerosie moet deze gracht dus nog veel indrukwekkender geweest zijn. Volgens professor Langohr is deze gracht vrij snel gedeeltelijk opgevuld, eerst op een natuurlijke wijze door inspoeling na regenweer, later op intentionele wijze door het gedeeltelijk opvullen met brokken leem. Nog later werd de aldus nog aanwezige komvormige greppel geleidelijk aan opgevuld op natuurlijke wijze.
Het totale grafmonument moet dus een diameter van ongeveer 60 m gehad hebben, wat meteen duidelijk maakt dat dit een zeer monumentaal geheel geweest is, waarbij tal van werkuren mee gemoeid waren. Een onmiddellijke vergelijking kan gemaakt worden met het zogenaamde ‘vorstengraf’ van Oss (NL, N.-Br) uit de vroege IJzertijd, alhoewel daar de buitengreppel veel minder breed en diep was. In tegenstelling tot in Oss waar een rijk centraal graf aanwezig was, bestaande uit een bronzen situla met crematieresten vergezeld van een ijzeren zwaard met goudbeslag, een bronzen kokerbijl en paardentuig, werd centraal binnen de grafcirkels van Edegem niets aangetroffen dat met een bijzetting in verband kan worden gebracht. Mogelijk heeft de diepgaande bodemerosie hier mee te maken maar het kan ook zijn dat het een grafmonument betreft dat nooit gebruikt is geweest. Noch de vulling van beide grachten, noch de paalkuilen hebben enig relevant materiaal of houtskoolfragmenten opgeleverd zodat het moeilijk zal zijn een exacte datering voor dit grafmonument te bepalen.
In totaal werden zo’n 300 m² onderzocht. Volgend jaar zal het onderzoek verder gezet worden in de zone waar het proefsleuvenonderzoek eerder dit jaar Romeinse brandgraven en bewoningssporen uit de IJzertijd aan het licht heeft gebracht.
Meer info: henrica.annaert@lin.vlaanderen.be
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Reageer op dit bericht |
