HomeKalenderForumContactLinks

Infosessies ontwerp van beleidsplan en vzw-wetgeving | Excavations in Asse suffer from lack of funding

6 november 2005

De nieuwjaarsbrief van de minister

Onlangs maakte Vlaams minister Dirk Van Mechelen zijn beleidsbrief 'Ruimtelijke Ordening en Monumenten & Landschappen' bekend. Hij geeft daarin een stand van zaken rond de uitvoering van zijn beleidsnota en het regeerakkoord, en formuleert een concreet actieprogramma voor het nieuwe werkjaar. De nadruk blijft liggen op het creëren van een breder draagvlak en het aanwakkeren van de collectieve bewustwording voor de kwaliteiten van ons erfgoed.

In zijn beleidsbrief stelt Van Mechelen dat zowel de administratie Monumenten en Landschappen, het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) als de andere gewestelijke erfgoedpartners voor de uitdaging staan zich het komende jaar systematisch te heroriënteren in functie van een aantal uitgangspunten:

1. Opbouwen van partnerships met overheden en particulieren

Het is de bedoeling om tegen het einde van 2005 tot een volledig overzicht te komen van alle activiteiten, hiaten, mogelijkheden en behoeften op gemeentelijk en provinciaal niveau. De onderzoeksresultaten van de studieopdracht ‘Onroerend erfgoed in het gemeentelijk ruimtelijk beleid’ zullen in de loop van 2006 verwerkt worden in een toegankelijke publicatie. Het voorbije jaar is het aantal Intergemeentelijke Archeologische Diensten (IAD) uitgegroeid tot vijf; een zesde IAD in de Zuidelijke Westhoek staat op stapel. Daarom is ook een coördinerend overlegplatform opgericht. Volgens de beleidsbrief zijn de eigenaars van onroerend erfgoed sleutelpartners voor een succesvol beleid. Daarom zal een eigenaarsdatabank worden opgestart en zullen de beschikbare gegevens worden geactualiseerd en gedigitaliseerd. Van Mechelen bekijkt ook hoe op korte termijn monumentenroutes kunnen worden gerealiseerd in elke gemeente.

2. Van actor naar regisseur

In het kader van de besprekingen rond de invoering van Malta en de verkenning van internationale ontwikkelingen ter zake, bleek dat er een behoefte bestaat aan een betere aansluiting tussen het wetenschappelijk onderzoek en de erfgoedpraktijk (behoud en beheer), een kwaliteitsgarantie inzake wetenschappelijk onderzoek en een transparanter beleid ter zake. Daarom werd het principe van de Vlaamse onderzoeksagenda gelanceerd. Het VIOE ontwikkelt een procedure voor de opmaak van een onderzoeksagenda, via werkgroepen met vertegenwoordigers uit de sector. Einddoel is de coördinatie van een eerste jaarlijkse Vlaamse onderzoeksagenda. Parallel met de uitbouw van een cel archeologisch noodonderzoek, zal ook worden onderzocht hoe en door welke instantie een cel noodconservatie voor bedreigd onroerend patrimonium kan worden opgericht.

3. De klemtoon op sensibilisering en communicatie

Een nieuwe nota brengt de initiatieven (publicaties, websites, …) van de verschillende instanties en partners in kaart. Afgezien van de ontwikkeling van nieuwe methodes voor de presentatie van het erfgoed, voorziet het VIOE volgend jaar weer een aantal publicaties in het kader van lopende reeksen. Daarnaast wordt een nieuwe website gelanceerd: alle informatiebronnen met betrekking tot onroerend erfgoed zullen worden aangeboden. Belangrijk voor de positionering binnen een snel groeiend Europa is het internationale project 'Francia Media', waarvan het VIOE de trekker is. Het VIOE bereidt ook een samenwerkingsovereenkomst voor met het departement Onderwijs, wat zou kunnen resulteren in leermiddelen voor verschillende studieniveaus. Het nieuwe erfgoedcentrum te Ename, waarvoor het VIOE de inhoudsinvulling zal verwezenlijken, zal katalyserend werken om de veelzijdige educatieve mogelijkheden van erfgoed te ontwikkelen.

4. Naar een hedendaags beheer: van onderhoud naar herbestemming

Het voorbije jaar werden een begin gemaakt met de vereenvoudiging van het restauratiepremiestelsel, met de bedoeling de administratieve lasten te verminderen. Het huidige stelsel werd geanalyseerd en geëvalueerd, een voorlopig tekstvoorstel is in uitwerking. De probleemmonumenten worden verder in kaart gebracht per provincie, waarbij onderzocht wordt in welke eigendomstoestand ze verkeren en op welke manier een actieve monitoring van deze monumentale panden kan gebeuren. Daarnaast zal er in elke provincie gestart worden met pilootprojecten rond herbestemming, op basis waarvan er een beleidsvisie kan worden ontwikkeld inzake algemene herbestemmingsopties, die de komende jaren verder zal worden vervolledigd en verfijnd.

5. Een breder spectrum aan instrumenten

Met de goedkeuring van het decreet over het behoud van erfgoedlandschappen in 2004, werd een belangrijke stap gezet naar een vernieuwd landschapsbeleid. In dit kader stelt Van Mechelen een op ruimtelijke ordening geënt landschapsbeleid wordt voorop. Met de bescherming van de archeologische sites Middelburg (Maldegem) en Chartreuse (Brugge) werden ook de eerste archeologische beschermingen afgerond. De minister wil archeologische topsites in Vlaanderen op een blijvende manier op de kaart te zetten door middel van geëigende beschermingscriteria. Het is ook de bedoeling het instrumentarium van ruimtelijke ordening ten volle te benutten. De beschikbare inventarisgegevens moeten geactualiseerd worden. Binnen het beschermingsbeleid wil Van Mechelen de nadruk leggen op een pragmatische langetermijnvisie: een bescherming moet dan ook te allen tijde uitgaan van concrete en haalbare doelstellingen.

6. Naar een hedendaags onroerend erfgoeddecreet

Uit een bevragingsronde, waarbij tal van partners en actoren uit het middenveld werden betrokken, kwamen een aantal essentiële tekortkomingen van het actuele archeologiedecreet sterk naar voor. Voor de implementatie van het verdrag van Malta gewerkt worden via een klankbordgroep, met een brede vertegenwoordiging van het werkveld. De aanbevelingen van deze klankbordgroep moeten de basis vormen voor de nieuwe regelgeving. In het nieuwe werkjaar zal dit proces aan een verhoogd ritme worden verdergezet, opdat de conceptversie van het luik archeologie in het nieuwe erfgoeddecreet tegen het einde van dat jaar afgewerkt kan worden. In het kader van de algemene vermindering van administratieve lasten wordt ook voorzien in het ontwerpen van een rechtlijnig en transparant formulier. Deze aanpassing van het opgravingsformulier en de nieuwe decretale bepalingen terzake dienen volledig rekening te houden met de afspraken die gemaakt zijn tijdens het overleg met detectoramateurs.

Meer info: Download de volledige beleidsbrief (pdf - 1,7 mb). Op 17 november wordt de beleidsbrief besproken in het Vlaams Parlement.

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Reageer op dit bericht




Remember Me?

(you may use HTML tags for style)