HomeKalenderForumContactLinks

« januari 2006 | maart 2006 »

28 februari 2006

Plannen voor erfgoedlogies op kasteel van Horst

De restauratie van het kasteel van Horst in Sint-Pieters-Rode is uitgesteld. Nochtans is Erfgoed Vlaanderen, dat het kasteel in erfpacht heeft, klaar met de voorbereidingen voor de restauratie. De stichting wacht echter met investeringen tot de Vlaamse Gemeenschap de burcht ook echt in handen heeft. Daarover wordt momenteel onderhandeld met de eigenares. Volgens De Standaard denkt men er ook aan erfgoedlogies onder te brengen in het kasteel.

Het kasteel van Horst ontstond als waterburcht in de dertiende eeuw. Op het einde van de vijftiende eeuw werd onder andere de vierkante donjon toegevoegd. Sinds 1996 heeft Erfgoed Vlaanderen het kasteel in erfpacht en hoopt het binnenkort te restaureren. Deze restauratie van het kasteel zou acht jaar duren en kost zo'n 8,5 miljoen euro. Het begin van de renovatie wordt nu echter weer uitgesteld.

"Het dossier om te beginnen met de eerste fase, de restauratie van de donjon, is al een tijd klaar, maar wordt nog niet uitgevoerd," zegt Tom Bridts, de directeur van Erfgoed Vlaanderen, vandaag in De Standaard. "De erfpacht verloopt in 2026. Dat betekent dat wanneer de restauratie is voltooid, er heel weinig tijd rest om te tonen dat de investering verantwoord was. De verwerving van het kasteel is een belangrijke voorwaarde om de restauratie en de herbestemming mogelijk te maken. Gravin de Grunne wil het kasteel en de gronden verkopen. Wij hopen dat het zo snel mogelijk tot een akkoord komt met de Vlaamse Gemeenschap."

Na de geplande restauratie zou er mogelijk overnacht kunnen worden op het kasteel. Er zou ruimte zijn voor een achttal luxekamers. In mei vorig jaar lanceerde minister van Toerisme Geert Bourgeois de idee van erfgoedlogies om het toerisme in de provincie Limburg te stimuleren. Hij haalde daarvoor de mosterd bij de Spaanse Paradores en de Portugese Pousadas. Dat zijn voormalige kloosters, kastelen en paleizen die een opknapbeurt kregen om gasten te herbergen. Ook in Nederland heeft het concept al ingang gevonden.

"Deze wisselwerking tussen toerisme en erfgoedprojecten zou ook in Horst kunnen," zegt Tom Bridts. In het kasteel erfgoedlogies aanbieden, ligt volgens Bridts in de lijn van de vroegere functie van het kasteel als buitenverblijf. Horst werd in de zeventiende eeuw immers gebruikt als buitenverblijf voor de stadsadel van Leuven.

Bron: De Standaard - 28 februari 2006
Externe link: Archeologisch onderzoek in het kasteel van Horst (K.U.Leuven)

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Lezing 'Het Egyptische Dodenboek'

dodenboek.jpgEgyptologica Vlaanderen organiseert volgende week een dubbellezing in Leuven en Gent over een onuitgegeven laat-ptolemaïsch dodenboek uit de collecties van het Louvre. Met dit papyrus als uitgangspunt zal de hele Dodenboektraditie worden bekeken (ontstaan, evolutie, inhoud, religieuze context...), helemaal tot het eindpunt waarvan P. Louvre N 3125 een stille getuige is. De lezing eindigt met een kritische blik op de overgang van de Dodenboektraditie naar andere late funeraire tradities.

Praktisch: Spreker van dienst is Barbara Lejeune. De lezing vindt plaats op 7 maart in Leuven (Mgr. Sencie-instituut, Erasmusplein 2, lokaal 01.18) en op 9 maart in Gent (St.-Bavo Humaniora, Reep 4, tegenover het Duivelsteen), telkens om 20u. De toegang is gratis voor leden, anderen betalen 5 € (studenten: 2 €).
Foto: Het Dodenboek van Neferrenpet, 13de eeuw v.Chr. (collectie KMKG)

door Bart | Lezingen | Reacties (0)

Open-site-dagen in Rumbeke

Op zondag 5 maart en zaterdag 11 maart kunnen alle geïnteresseerden de opgravingen in het West-Vlaamse Rumbeke (Roeselare) bezoeken. Archeoloog Frederik Demeyere geeft dan tussen 14u en 18u rondleidingen op de site langs de Mandelstraat. Bij de opgravingen kwamen onder andere al sporen uit de Bronstijd aan het licht. Een overzicht van de eerste resultaten vind je in dit artikel.

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

27 februari 2006

"Archeologie moet meer aan bod komen in Milieueffectrapporten"

In de huidige milieueffectrapportage (MER) worden de mogelijke gevolgen van bepaalde ingrepen op het milieu geëvalueerd. De term 'milieu' dekt een erg brede lading en omvat ook het archeologisch bodemarchief. Nadat een nota van de Afdeling Monumenten en Landschappen een aantal tekortkomingen op dit vlak identificeerde, werd de voorbije maanden heel wat werk geleverd om deze situatie te verbeteren.

Door archeologie in de milieueffectenrapportage op te nemen, kunnen milderende maatregelen worden voorgesteld wanneer sites acuut worden bedreigd door bepaalde ingrepen of kan worden gewezen op de noodzaak van een aanvullende terreininventarisatie van archeologische sites. Zelfs een archeologische opgraving kan als laatste maatregel voor de redding van het erfgoed voorzien worden. Het richtlijnenboek, dat hiervoor is opgesteld, zou moeten toelaten dat archeologie op een volwaardige manier aan bod komt binnen de MER-rapportage. Uit een nota die de Afdeling Monumenten en Landschappen (AML) vorig jaar opstelde, bleek evenwel dat er nog een en ander schortte aan het archeologische luik van de huidige MER's.

"De praktijk leert dat een grondige kennis van archeologie bij de erkende deskundigen nagenoeg afwezig is, met alle gevolgen van dien," stelde het rapport. "Zo wordt archeologie steevast herleid tot enerzijds de bekende vindplaatsen en anderzijds de vondstmeldingsplicht bij toevalsvondsten. Er wordt in regel voorbij gegaan aan het feit dat het gekende erfgoed slechts het topje van de ijsberg is en dat het ongekende erfgoed vele malen groter is. Het gevolg hiervan is dat het archeologische bodemarchief in erg weinig MER’s op dit moment voldoende wordt meegenomen in de uiteindelijke effectenbeoordeling." Ook bij de voorziene adviesmomenten liep het wel eens mis en was de termijn waarbinnen het pre-advies moest afgeleverd worden, dikwijls onredelijk kort.

"De voorbije maanden is daarom samen met de Cel-MER heel wat werk geleverd om tegemoet te komen aan de tekortkomingen zoals verwoord in de nota," zegt Yann Hollevoet (AML). "Er werden excursiedagen georganiseerd met de MER-deskundigen en momenteel loopt een studie ter actualisatie van het MER-richtlijnenboek deel 11: Algemene methodologie, Monumenten, landschappen en materiële goederen in het algemeen. Vooral dit laatste initiatief, genomen door de Cel-MER, maar waarbij de sector onroerend erfgoed mee aan tafel zit, moet op termijn zorgen voor een wezenlijke verbetering van de situatie."

Een aantal principes en richtlijnen moeten toelaten dat archeologie op een goed manier aan bod komt in de MER-studies. Hierbij is er een fundamenteel verschil tussen de aanpak van archeologie in project-MER’s en plan-MER’s. Terwijl bij project-MER’s daadwerkelijk kan ingezoomd worden op perceelsniveau, worden in een plan-MER enkel knelpunten, kansen en aandachtspunten op een hoger en veelal abstracter niveau geschetst.

Het eindproduct van het archeologisch luik in een project-MER zou bestaan uit concrete richtlijnen, voorstellen en maatregelen in de vorm van een advies. Uiteindelijke doelstelling is een realistische en zo efficiënt mogelijke inpassing van de archeologische monumentenzorg in de planning van het betreffende project te bekomen. Bij een plan-MER bestaat het resultaat in de eerste plaats uit een tekst met een beschrijving van het archeologisch kader, het aanwijzen van enkele opvallende knelpunten en het formuleren van een aantal aandachtspunten.

Meer info: Download de nota 'Archeologie en Milieu- EffectenRapportage (MER)' (pdf)
Foto's: www.mervlaanderen.be
Update: Dit artikel werd herwerkt op 28 februari 2006, na bijkomende informatie van de Afdeling Monumenten en Landschappen.

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Walcherse Archeologische Dienst zoekt beleidsarcheoloog

Net over de grens, op het Nederlandse Walcheren, is men op zoek naar een senior beleidsarcheoloog. De Walcherse Archeologische Dienst is momenteel nog volop in oprichting, en de beleidsarcheoloog moet dit proces mee begeleiden. Voel je meer voor marketing en communcatie? Dan kan je misschien in het Leidense Rijksmuseum van Oudheden aan de slag.

De drie Walcherse gemeenten (Veere, Vlissingen en Middelburg) hebben vorig jaar een eigen archeologische dienst opgericht. De Walcherse Archeologische Dienst (WAD), die een formeel onderdeel is van de gemeente Middelburg, zil op termijn zelf opgravingsbevoegdheid verkrijgen. De WAD zal bestaan uit een veldarcheoloog en een senior beleidsarcheoloog. Voor deze laatste functie werd nu een vacature uitgeschreven. Kandidaten beschikken over een academische opleiding archeologie, bij voorkeur van Noordwest-Europa met specialisatie Middeleeuwen. Ook verwacht men een goede kennis van de Nederlandse archeologische wet- en regelgeving en de ontwikkelingen hierin.

Het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden is dan weer op zoek naar een medewerker 'marketing en communicatie'. Het RMO is één van de meest gerenommeerde musea ter wereld op het vlak van archeologie. De nieuwe medewerker zal verantwoordelijk zijn voor het uitvoeren en verder uitbouwen van de marketingactiviteiten van het museum en de realisatie van de promotie van het museum en zijn producten. Hij of zij verzorgt met name de marketing van die producten en activiteiten die specifiek voor publiek worden geproduceerd en/of waarmee het museum inkomsten genereert (zoals o.a. museumbezoek, zaalverhuur, winkel en café).

Meer info: Beide vacatures zijn te vinden in de SNA-vacaturebank.

door Tijl | Vacatures | Reacties (0)

Het Gent boek

De Gentse dienst voor stadsarcheologie en het stadsarchief hebben samen een nieuw boekje uit. 'Het Gent boek' is een handig geïllustreerd basiswerkje voor een breed publiek. De rode draad van het boekje is de groei van de stad, van de eerste sporen van menselijke aanwezigheid in 55.000 voor Christus tot nu. In de nieuwe publicatie kan je naar believen grasduinen in het verleden van Gent: aan de hand van een 370-tal afbeeldingen voorzien van bondige teksten schuift het verleden van de stad in zijn vele aspecten voorbij.

De 'Gentse stroppendragers' kregen in 1540 hun naam. Elke Gentenaar kent dit memorabele feit. Maar wie kent de Gentse geschiedenis van de naald tot de draad? En wie weet welke mensen en taferelen achter deze geschiedenis schuilgaan?

'Het Gent boek' brengt een vernieuwende en originele kijk op de Gentse geschiedenis. Tal van cultuurhistorische, politieke, artistieke en sportieve evenementen of wetenswaardigheden zijn verzameld in een levendige en eigenzinnige kroniek van de stad en haar historie. Het resultaat is een handig boekje met vele bekende of minder bekende Gentse monumenten, documenten en andere erfgoedsporen per pagina op een rij: van de oudste archeologische vondsten tot de opening van De Zwarte Doos op de voormalige site van Trefil-Arbed-Noord in Gentbrugge, waar het Stadsarchief en de Dienst Stadsarcheologie sinds het voorjaar van 2005 onder één dak worden gehuisvest en er samen hét historisch kenniscentrum van de Stad Gent gestalte geven.

"Het was onze grootste bekommernis om een zo groot mogelijk publiek te boeien en juist te informeren," zegt stadsarcheoloog Marie Christine Laleman vandaag in De Standaard. "De vorm is bepaald door de uitgever: korte tekstjes, telkens met een jaartal en een illustratie." De tijd was alleszins rijp: het laatste allesomvattende geschiedenisboek over Gent is al meer dan twintig jaar oud en was bovendien erg wetenschappelijk.

'Het Gent boek' is de eerste publicatie die de samenwerking van beide stadsdiensten in De Zwarte Doos onderstreept en de illustraties zijn in hoofdzaak uit hun collecties afkomstig. Het blokboek past in een reeks rond historische onderwerpen die uitgeverij Waanders uit Zwolle publiceert.

Praktisch: Het Gent boek, een uitgave van 392 pagina’s, kost 14.95 euro en is te koop in De Zwarte Doos, de stadswinkel en de boekhandel. Als aanvulling bij het boekje loopt in de Zwarte Doos nog tot eind maart een tentoonstelling van enkele topstukken uit het archief die het publiek zelden te zien krijgt.
Meer info: stadsarcheologie@gent.be

door Tijl | Publicaties | Reacties (0)

26 februari 2006

Proenen, pennen en kokers op het Bisdomplein

Bij de opgravingen op het Bisdomplein in Gent werd de voorbije weken heel wat pottenbakkersafval aangetroffen. Tussen de vondsten bevonden zich ook een aantal aardewerken hulpstukken die werden gebruikt voor het bakken van majolica en faience. De objecten worden toegeschreven aan een manufactuur uit de tweede helft van de 17de eeuw.

Bij het onderzoek in sleuf 2, centraal op het Bisdomplein, werden nog geen vaste structuren aangetroffen. Het is wel al duidelijk dat het terrein in de post-middeleeuwen drastisch werd opgehoogd, op sommige plaatsen meer dan twee meter. In het westelijk deel van de sleuf werd in deze pakketten heel wat pottenbakkersafval aangetroffen. Het materiaal was vermengd met bouwafval (stukken baksteen, natuursteen, mortel) en zand. De artefacten betreffen vooral fragmenten van technische hulpstukken zoals kegels, proenen en pennen (foto rechtsboven), maar ook heel wat scherven van halffabrikaten (voornamelijk borden).

De vondsten zijn te koppelen aan de manufactuur die Pieter Stockholm in het derde kwart van de 17de eeuw uitbaatte in de bijgebouwen van het Gerard de Duivelsteen, net ten zuiden van het Bisdomplein. Uit archiefonderzoek zijn tamelijk veel gegevens bekend over de levensloop van pottenbakker Stockholm. Vooraleer hij zich in 1654 in Gent vestigde, was hij 28 jaar werkzaam in de noordelijk Nederlanden, onder andere in Delft. Met de steun van het stadsbestuur begon Stockholm in 1654 een eigen bedrijfje in Gent, dat in werking bleef tot 1675. Hij legde zich toe op de vervaardiging van majolica (gheleyerswerck) en faience naar Delfts model (Hollants porcelain). Het is het productieafval van dit luxeaardewerk dat werd teruggevonden in de ophogingslagen op het Bisdomplein.

Majolica onderscheidt zich van faience door het gebruikte glazuur: bij majolica is de voorzijde bedekt met tinglazuur en de achterzijde met loodglazuur, terwijl bij faience beide zijden zijn voorzien van tinglazuur. Het gebruik van tinglazuur werd ontwikkeld in het Nabije Oosten en Noord-Afrika en verspreidde zich via Spanje (ondermeer langs Mallorca - vandaar de benaming) over West-Europa. In de eerste helft van de 16de eeuw was Antwerpen een belangrijk centrum voor majolicaproductie, maar door de economische en godsdienstige problemen tegen het einde van de 16de eeuw weken veel majolicabakkers uit naar de noordelijke Nederlanden. Na 1600 domineerde deze streek de productie van het luxeaardewerk en ging men over op de vervaardiging van faience (genoemd naar de Italiaanse stad Faenza) of Hollants, Delfts of Haerlemsch porceleyn. Na een eerste maal gebakken te zijn, werd dit aardewerk bedekt met tinhoudend glazuur. Het aardewerk verkreeg hierdoor een ondoorschijnende witte laag. Vervolgens werden de voorwerpen, na eventuele beschildering, opnieuw gebakken.

De gevonden proenen, kegels en pennen zijn aardewerken hulpstukken die werden gebruikt bij het bakken van majolica en faience. De driearmige proenen werden gebruikt om borden en schotels van elkaar te scheiden in de oven. De onderzijde van zo’n proen is vlak en ongeglazuurd, terwijl de bovenzijde voorzien is van 3 punten en doorgaans druipsporen draagt van glazuur. Omdat bij het proenen-systeem de borden met de bordspiegel naar beneden werden gebakken en de punten van de proenen een litteken achterlieten op de voorzijde van het vaatwerk, werd overgegaan tot het bakken in kokers (afbeelding links). De kokers beschermden onder andere tegen directe vlammen en bezorgde het glazuur een diepere glans. In de kokers werden horizontale rijen driehoekige gaten uitgespaard waarin de pennen werden geschoven. De onderrand van de schotels rustten bij het bakken op de pennen, wat minder littekens achterliet.

De aangetroffen objecten zijn zoals vermeld toe te schrijven aan de manufactuur die Pieter Stockholm had in het Gerard de Duivelsteen en zijn bijgevolg nauwkeurig te dateren: tussen 1654 en 1675. Behalve de technische hulpstukken werd ook een groot aantal fragmenten van halfafgewerkte borden (slechts éénmaal gebakken, dus zonder glazuur) gevonden. Een andere majolica- en faiencebakker in Gent, Gilles van de Vyvere, had zijn bedrijfje in de huidige Kortrijksepoortstraat. Bij archeologisch onderzoek op de Bijlokesite werd in 1995 van deze pottenbakker ook productieafval teruggevonden.

Externe link: www.bisdomplein.be

door Tijl | Opgravingen | Reacties (1)

Erfgoedcel Waasland zoekt erfgoedmedewerker

Het Intergemeentelijk Samenwerkingsverband van het Land van Waas (I.C.W.) is momenteel op zoek naar een medewerker om het team van de Erfgoedcel Waasland te versterken. Het contract loopt in principe tot het einde van het erfgoedconvenant in 2008. Solliciteren kan nog tot 24 maart.

De belangrijkste opdracht van de Erfgoedcel Waasland bestaat er in het erfgoed van de regio een volwaardige plaats te geven in de ruime context van het cultuurbeleid, ondermeer door een betere (permanente) ontsluiting van het erfgoed, publieksparticipatie, inventarisatie en behoud van het erfgoed. Dit gebeurt b.v. door het coördineren van de reeds aanwezige expertise en door het realiseren van een ruim maatschappelijk draagvlak. Sinds oktober 2005 zijn twee erfgoedcoördinatoren in dienst bij de Erfgoedcel Waasland. Zij staan in voor de coördinatie van de werking van de Erfgoedcel Waasland.

Om deze twee erfgoedcoördinatoren te ondersteunen, is men nu dus op zoek naar een erfgoedmedewerker. De volledige vacature vind je hier.

door Tijl | Vacatures | Reacties (0)

25 februari 2006

Gevel oudste apotheek van België ingestort

gevel.jpgTijdens renovatiewerken aan de oudste apotheek van het land in Maaseik is gisterenavond een gevel van het 18de-eeuwse monument ingestort. Men vermoedt dat uitgeslepen voegen aan de oorzaak van de instorting liggen. De archeologische collectie van het museum liep geen schade op.

De voegen van de linkergevel waren recentelijk uitgeslepen om opnieuw te worden ingevoegd. Dit heeft wellicht tot stabiliteitsproblemen geleid. Bij de instorting van de gevel vielen geen gewonden. Momenteel zou ook de achtergevel van het museum bol staan. Maandag wordt er beraadslaagd met de architect, de aannemer, de brandweer, de veiligheidscoördinator en de andere betrokkenen. De archeologische collectie en andere waardevolle spullen werden intussen in veiligheid gebracht.

Het museum is eigendom van de stad Maaseik. De geplande bezoeken van groepen zijn afgeblazen, maar de stad zoekt naar alternatieven om de groepen toch nog te ontvangen. De restauratiewerken, die een maand geleden begonnen zijn, zouden twee jaar in beslag nemen.

De oudste historische bron over de apotheek dateert van 1704, maar wellicht is ze reeds rond 1695 ontstaan. De zaak werd gedurende 250 jaar door zes generaties apothekers gerund. Toen de laatste op 84-jarige leeftijd stierf, werd de zaak met de volledige inboedel aan de gemeente overgedragen. Sinds 1964 is het een apotheekmuseum.

Bron: De Standaard - 25 februari 2006; Oudste privé-apotheek van België
Foto: voorgevel van het Apotheekmuseum (bron)

door Bart | In de pers | Reacties (0)

Infodagen archeologie aan Vlaamse universiteiten

opgraving.jpgDe verschillende Vlaamse universiteiten organiseren elk jaar in maart infodagen voor toekomstige studenten. Uiteraard komen ook de opleidingen archeologie aan bod. Hieronder kom je te weten waar en wanneer deze infodagen plaatsvinden. Ook verwijzen we telkens naar het aanbod van de opleiding archeologie binnen elke universiteit.

De Universiteit Gent (UGent) organiseert op woensdag 8 maart een infodag voor archeologie. Deze gaat door op de Blandijnberg 2 te Gent, en dit vanaf 14u. Inschrijven vooraf is een must en kan je hier.

Het aanbod van de opleiding aan de UGent vind je op deze site.

De Katholieke Universiteit Leuven (K.U.Leuven) organiseert haar infodag voor archeologie op zaterdag 18 maart. Deze vindt plaats in het Mgr. Sencie-Instituut op het Erasmusplein 2 te Leuven. De infosessie start om 14u10 en eindigt rond 16u30. Men kan inschrijven tot 2 weken op voorhand via deze site.

Meer info over de bachelorsopleiding archeologie aan de K.U.Leuven vind je hier.

De Vrije Universiteit Brussel organiseert zowel op zaterdag 25 maart als op 6 mei een infodag voor al hun opleidingen, waaronder archeologie. Deze zal doorgaan in gebouw D van de Campus Etterbeek. Ga je langs de Triomflaan, dan neem je toegang 6; ga je langs de Pleinlaan, dan neem je toegang 13. Inschrijven kan online maar is niet noodzakelijk.

Meer info over de opleiding archeologie aan de Vrije Universiteit Brussel vind je hier.

door Bart | Varia | Reacties (0)

24 februari 2006

Zondereigen: de best geprospecteerde zone van Vlaanderen?

De heemkundige werkgroep van Zondereigen, een kerkdorpje in het noorden van de provincie Antwerpen, is gebeten door de archeologische microbe. Het doel van de werkgroep is van Zondereigen de best geprospecteerde zone van Vlaanderen te maken. Het Zondereigense voorbeeld toont aan wat er kan bereikt worden dankzij een vlotte samenwerking tussen enthousiaste amateurarcheologen en professionele begeleiders. Lees het interview.

door Tijl | Interviews | Reacties (0)

Middeleeuwse muurschilderingen achter Brugs behang

In een middeleeuws pand aan de Vlamingenstraat in Brugge heeft een ploeg van het Vlaams Insituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE) twee middeleeuwse muurschilderingen geconserveerd, die verborgen zaten achter textielbehang. Het gaat om belangrijke en kwaliteitsvolle muurschilderingen uit de tweede helft van de 15de eeuw.

De schilderingen tonen twee levensgrote vrouwenfiguren, die twee deugden voorstellen: de Fortitudo (Sterkte) en de Temperantia (Matigheid). Ze dragen hun kenmerkende attributen en zijn bovendien door een banderol naast hun hoofden geïdentificeerd (bij de Fortitudo is deze verdwenen). Hun zeldzaamheidswaarde heeft te maken met het feit dat er relatief weinig 'profane' schilderingen bewaard zijn in ons land. Uiteraard is het ook interessant te weten welke thema's de rijke burger uitkoos om zijn woonhuis te versieren. Het gaat om de beschildering van de middeleeuwse sala, de grote zaal op het verhoogde gelijkvloers waar de middeleeuwse eigenaar zijn belangrijke gasten ontving.

De behandeling door de conservatieploeg bestond in het verwijderen van resterende kalklaagjes, het fixeren van de zwaar verpoederde schildering, het reinigen, het opvullen van de lacunes in het pleisterwerk en het minimaal retoucheren of bijkleuren van deze leemtes. Het onderzoek van deze iconografisch heel boeiende voorstellingen is aan de gang. De resultaten zullen gepubliceerd worden in één van de volgende nummers van het tijdschrift Monumenten & Landschappen.

Bron: VIOE

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Brusselse monumentencommissie moet verhuizen

De Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen (KCML) verhuist mogelijk naar het gebouw op het Flageyplein dat vroeger de VRT en RTBF huisvestte. Dat heeft Brussels minister-president Charles Picqué gisteren bevestigd. De verhuis van de KCML is dringend, aangezien het Brugmann Hotel, waar de commissie momenteel gehuisvest is, binnen enkele weken openbaar verkocht wordt.

Picqué werd gisteren in het Brussels Parlement ondervraagd over de kwestie door Viviane Teitelboom (MR). De Brusselse minister-president zei dat er momenteel gesprekken over de kwestie aan de gang zijn, maar dat de huurprijs die voor de zowat 500 m2 gevraagd wordt, te hoog is. Er is daarnaast ook een probleem met de vergaderruimte, aldus Picqué.

In 1991 kocht het Gewest het Brugmann Hotel (foto), dat toen in een vervallen staat verkeerde en leegstond. Na een grondige renovatie nam onder meer de KCML er haar intrek. Het prestigieuze interieur vormde niet alleen een ideaal decor voor de Commissie, maar werd bovendien ook af en toe gebruikt voor officiële overheidsaangelegenheden.

Binnenkort wordt het gebouw echter opnieuw verkocht, en moet de Commissie op zoek naar een nieuwe stek. Critici koppelen de gedwongen verhuis aan de plannen van staatssecretaris Emir Kir (PS) om de bevoegdheden van de KCML aan banden te leggen en een grotere greep te krijgen op het erfgoedbeleid in Brussel. Maar dat lijkt toch niet helemaal te kloppen, aangezien de verkoop al een idee was van voormalig minister Jos Chabert (CD&V), die de verschillende Brusselse overheidsdiensten zoveel mogelijk wilde centraliseren. Een grote verhuizing zou het niet worden, aangezien het om amper een dozijn mensen zou gaan.

Oorspronkelijk was het de bedoeling om de Commissie onder te brengen in een ontwijde kapel in Sint-Joost-ten-Node, die het Gewest voor die reden aankocht, maar de verbouwingswerken om er kantoren te installeren zouden zo ingrijpend zijn voor de erfgoedwaarde van het negentiende-eeuwse bouwwerk, dat de Commissie ervoor bedankte.

Bron: Belga, brusselnieuws.be
Foto: KCML

door Tijl | Varia | Reacties (0)

23 februari 2006

Grootschalig proefsleuvenonderzoek in Evergem

Naar aanleiding van de uitbreiding van de Gentse zeehaven voert de Universiteit Gent momenteel archeologisch onderzoek uit ter hoogte van Kluizen in het Oost-Vlaamse Evergem. Een gebied van zo'n 170 hectare moet binnen een periode van ongeveer negen maand worden onderzocht. Voorlopig heeft alleen nog maar vooronderzoek en evaluerend onderzoek plaatsgegrepen. De oudste vondst wijst op de aanwezigheid van mensen in Kluizen tijdens het Mesolithicum. Ongedateerd blijven voorlopig een aantal greppels en grachten en een groot aantal rechthoekige kuilen.

Het archeologisch onderzoek in Evergem wordt uitgevoerd in samenwerking met de Provincie Oost-Vlaanderen, het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed en de Kale-Leie Archeologische Dienst. De voorbije weken werd, door middel van proefsleuven op 15 meter van elkaar, het hele terrein afgetast op sporen en andere materiële resten uit het verleden. Zijn er archeologische sporen aanwezig, dan wordt de sleuf op deze plaats verbreed om een beter inzicht te krijgen in de aard en de grootte van de aangetroffen structuren en een eventuele datering ervan mogelijk te maken. Na ongeveer anderhalve maand terreinwerk is op deze manier bijna 45 hectare onderzocht.

De oudste vondst wijst op de aanwezigheid van mensen in Kluizen tijdens de Midden-Steentijd (tussen 10.000 en 6000 voor Chr.). Kenmerkend voor deze periode zijn de zogenaamde microklingen, dit zijn kleine langwerpige afhakingen uit vuursteen die door de toenmalige jager-verzamelaars werden gebruikt voor de vervaardiging van allerlei jachtwapens en werktuigen. Eén dergelijke microkling werd ontdekt ter hoogte van 't Hultjen. De onregelmatige vorm ervan doet vermoeden dat het uit de eerste helft van de Midden-Steentijd afkomstig is.

Een stuk jonger zijn de greppels en grachten ter hoogte van 't Zandeken. Hun aanwezigheid is vastgesteld over verschillende hectaren. Vaak zijn ze niet veel breder dan een halve meter, maar exemplaren met een breedte tot een meter vormen geen uitzondering. In tegenstelling tot de huidige percelen, hebben een oriëntatie die gericht lijkt op de hoofdwindrichtingen. Dit verschil in oriëntatie kan duiden op een zekere ouderdom, maar hoe oud ze precies zijn is momenteel onduidelijk. De greppels hebben tot op heden nog geen vondsten opgeleverd. Onderzoek in de ons omliggende landen toont aan dat de Romeinse landindeling vaak volgens de hoofdwindrichtingen is georiënteerd. Tevens bezitten deze percelen gestandaardiseerde afmetingen, zelfs in de gebieden die een eind van de Romeinse centra gelegen zijn.

"We hopen dan ook in de komende weken de snijpunten tussen de verschillende percelen aan te snijden, zodat we kunnen nagaan of ze volgens het Romeinse systeem zijn aangelegd," zeggen projectarcheologen Yves Perdaen en Pieter Laloo. "Vaak ook worden op deze contactpunten tussen de verschillende percelen deposities gebracht. Indien we zo’'n depositie aantreffen, zou dit heel wat dateerbaar materiaal kunnen opleveren. Daarnaast gaan we de komende weken en maanden ook op zoek naar de bijbehorende bewoning. Voorlopig beschikken we over twee aanwijzingen die erop wijzen dat er een nederzetting in de buurt moet liggen. Ten eerste werd in de jaren 1980 bij werkzaamheden vlakbij Romeins aardewerk aangetroffen. De tweede aanwijzing is een waterput. Hij kwam aan het licht vlakbij twee van deze greppels. Een boring in de put toonde aan dat de put meer dan twee meter diep is. Op de bodem ervan vonden we twijgjes, wat kan wijzen op de aanwezigheid van een beschoeiing in vlechtwerk."

Ongedateerd blijven voorlopig ook de vele rechthoekige kuilen (18 in totaal) die verspreid liggen over het gehele onderzoeksgebied. De afmetingen verschillen, maar steeds bezitten ze een houtskoolrijke lens op de bodem. Sommige exemplaren vertonen tevens een roodverbrande rand, wat op verhitting ter plaatse wijst. Deze variatie in grootte en enigszins ook in vulling kan wijzen op een verschil in functie en/of ouderdom. Voorlopig tasten de archeologen op beide punten echter nog volledig in het duister. Verder onderzoek, het nemen van wat bulkmonsters en het dateren op houtskool, afkomstig uit de onderste laag van de kuilen, kan dit raadsel helpen ophelderen. Slechts één kuil leverde tot op heden een vondst op: een stukje verbrand bot op. Toeval of niet maar deze kuil bevindt zich in de nabijheid van de andere bewoningsporen ter hoogte van 't Zandeken.

Bron: Kale-Leie Archeologische Dienst

door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)

Vrijwilligers gezocht voor opgraving te Oudenburg

Sinds 13 februari wordt er opnieuw opgegraven langs de Stationsstraat in Oudenburg. Het is de verderzetting van het onderzoek dat in september 2005 plaatsvond. Projectarcheoloog Jan Decorte hoopt in de komende maanden resten van bewoning uit de Volle Middeleeuwen terug te vinden. Hij hoopt daarvoor ook op de hulp van enkele vrijwilligers.

Sinds 13 februari zijn twee sleuven getrokken op het site SteenGoed langs de Stationsstraat. Deze sleuven van ongeveer 100 bij 10 meter liggen langs de reeds onderzochte wegkoffer. Deze wegkoffer moet de nieuwe ambachtelijke zone te Oudenburg ontsluiten. Door de bedreiging van deze archeologische zone bekostigt de WVI (West-Vlaamse Intercommunale) de opgravingen, staat het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed in voor de arbeiders en steekt ook de stad Oudenburg financieel een handje toe.

Na het openleggen van de sleuven kwamen al heel wat sporen aan het licht. Het gaat hier voornamelijk om grachten (foto links), en hier en daar wat (afval?)kuilen. Door het slechte weer van de laatste week kon er nog niet veel verder onderzoek worden verricht. Het water blijft namelijk op de zware kleigronden staan en de sleuven staan dan ook volledig blank.

Volgende week kan de opgraving wel worden voortgezet, mits een verbetering van het weer. Hier kunnen ook vrijwilligers aan deelnemen. Het werk dat moet worden verricht, is fysiek zwaar en bestaat vooral uit het schaven van het terrein.

Praktisch: Vrijwilligers moeten voorzien zijn op regenweer en dus regenkledij meenemen. Laarzen (liefst met veiligheidstippen) zijn een must. Voor het vervoer moeten jullie zelf instaan. Eén iemand kan vanaf 8 maart mee met de wagen vanuit Gent. Voor jullie zich met bosjes naar het terrein begeven, nemen jullie best eerst contact op met Jan Decorte. Je kunt hem ook telefonisch bereiken op 0485/38.81.47.

door Jan | Opgravingen | Reacties (0)

De mysterieuze rotskunst van Namibië

Sinds meer dan honderd jaar zijn archeologen in de ban van prehistorische rotsschilderingen in Namibië. Deze avond zendt Arte de documentaire 'Namibias rätselhafte Felsbilder' uit, waarin men een team van wetenschappers volgt in hun zoektocht naar de betekenis van de schilderingen, tekeningen en gravures. In de Duitse documentaire zijn voor het eerst beelden te zien van de ontoegankelijke Apollo 11-grot, de oudste gedateerde vindplaats van rotskunst in Afrika.

Samen met archeologen Tilman Lenssen-Erz en Marie-Theres Erz van het departement Afrikanistiek van de Universiteit van Keulen ging het filmteam op zoek naar de interessantste voorbeelden van rotskunst in Namibië, door prehistoricus Abbé Breuil ook wel "de Périgord van Afrika" genoemd. De tocht leidt eerst naar Twyfelfontein, waar de 6.000 jaar oude rotsgravures in de vorm van dieren worden toegeschreven aan de voorouders van de Bosjesmannen, de San. Een andere opmerkelijke site is het ravijn van Tsibab, in het massief van de Brandberg. Talrijke rotsschilderingen kwamen hier aan het licht. Tussen 1969 en 1972 ontdekte archeoloog Erich Wolgang Wendt hier, in de Apollo 11-grot, zeven versierde en beschilderde platte stenen, die zo'n 27.000 jaar oud zouden zijn en daarmee de oudste Afrikaanse kunstvoorwerpen zouden zijn.

Praktisch: 'Namibias rätselhafte Felsbilder' (regie: Peter Kruchten) op donderdag 23 februari om 19u op Arte. Een herhaling volgt op 2 maart om 17u20.

door Tijl | Varia | Reacties (0)

22 februari 2006

Leven en dood op het Villershof (Erps-Kwerps)

Villershof coupe.jpgHet archeologisch onderzoek op de site Villershof in Erps-Kwerps, twee jaar geleden ontdekt tijdens een werfcontrole, is recentelijk afgerond. Getuigen daarvan zijn enerzijds een tentoonstelling in Kortenberg (vanaf 6 maart) en anderzijds een publicatie door de projectarcheologen Johan Hoorne en Katrien Sturtewagen. 'Leven en dood op het Villershof', zowel in woord als in beeld.

'Leven en dood op het Villershof. Kortenbergse sporen van Brabants verleden' is de titel die de tentoonstelling kroont. Deze loopt in het Administratief Centrum (De Walsplein 30) van de gemeente Kortenberg van maandag 6 maart tot zaterdag 8 april. Ze is te bezichtigen op maandag, woensdag en vrijdag van 9 tot 20u; op dinsdag en donderdag van 9 tot 16u en op zaterdag van 9 tot 12u. Er zijn betalende rondleidingen mogelijk: meer info 027552200.

Villershof tentoonstelling.jpgEr is vanaf 6 maart eveneens een publicatie te koop : Johan Hoorne & Katrien Sturtewagen, 'Leven en dood op het Villershof. Kortenbergse sporen van Brabants verleden', Erfgoedhuis Kortenberg VZW, Kortenberg, 2006, 72pg. (= Publicaties van de Archeologische Werkgroep Kortenberg 1), waarin een chronologisch overzicht wordt gegeven van alle vondsten. Deze zal slechts 6 euro kosten.

De belangrijkste vondsten zijn een nederzetting met enkele bijgebouwen, kuilen en een waterput uit de Late IJzertijd (500-50 v.C.), enkele bijzonder fraaie Merovingische contexten (450-850), een Karolingisch pottenbakkersoventje (850-1000) dat slechts het tweede opgegraven exemplaar in Vlaanderen is, en tot slot een deel van een volmiddeleeuwse nederzetting (1000-1200).

Het onderzoek, de verwerking en de ontsluiting waren niet mogelijk zonder de verschillende partners : de Provincie Vlaams-Brabant, het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, de Afdeling Monumenten & Landschappen. Verder ook de Archeologische Werkgroep, het Erfgoedhuis vzw en de gemeente van Kortenberg. Tijdens de opgraving werd een infobord voorzien door Archiplan, en een deel van de verwerking werd bekostigd door de Cera Foundation. Welgemeende dank gaat ook uit naar alle vrijwilligers!

Praktisch: De publicatie 'Leven en dood op het Villershof. Kortenbergse sporen van Brabants verleden' kost 6 euro, en kan besteld worden via Walter Sevenants (walter.sevenants@skynet.be), met vermelding van postadres en het aantal gewenste exemplaren. Portkosten zijn voor rekening van de besteller.
Bron: Erps-Kwerps Villershof Nieuwsbrief

door Johan | Tentoonstellingen | Reacties (0)

'Caesar in België?! Een pleidooi voor een meer genuanceerde stellingname'

Caesar.bmpProf. em. Hugo Thoen (UGent) verklaarde deze week in verschillende kranten dat er geen materieel bewijs is voor een manu militari verovering van onze gebieden door Caesar, die nooit een voet zou gezet heben ten noorden van de Seine. Assistent Wim De Clercq van de Vakgroep Archeologie & Oude Geschiedenis van Europa (UGent) stuurde ons een reactie waarin hij die theorie enigszins nuanceert. Volgens hem is het voorbarig om op basis van het geleverde onderzoek tot een dergelijke sluitende conclusie te komen. Lees de reactie.

door Bart | Varia | Reacties (0)

Red Klosken! Bedreigd erfgoed in Sint-Martens-Lennik

In Sint-Martens-Lennik wordt een historisch waardevolle hoeve met afbraak bedreigd. De herberg-hoeve 'Klosken' werd op het einde van de 18de eeuw gebouwd, en is één van de weinige resterende getuigen van het Pajottenlandse dorpsleven uit de vorige eeuwen. Intussen werden al meer dan 1900 bezwaarschriften ingediend bij het Lennikse gemeentebestuur.

De herberg-hoeve Klosken aan de Brusselsestraat in het dorpscentrum van Sint-Martens-Lennik sloot eind 2005 de deuren. De eigenaar verkocht het gebouw aan een Antwerpse bouwpromotor die de hoeve wil afbreken om er 20 nieuwbouw appartementen op te trekken. Hiermee zou opnieuw zeer waardevol erfgoed zomaar onder de sloophamer verdwijnen.

De herberg-hoeve Klosken vormt een harmonieus historisch-architecturaal geheel en is één van de weinige resterende getuigen van het Pajottenlandse dorpsleven sinds het begin van de vorige eeuw. De hoeve is een verwijzing naar de landelijke structuur van onze vroegere samenleving en is uniek omdat ze in het centrum van het dorp gelegen is, één van de laatste in zijn soort. De hoeve werd op het einde van de 18de eeuw opgetrokken en huisvest een uniek interieur: een authentieke herberg uit de 19de eeuw met nog heel wat oorspronkelijk meubilair bewaard. Klosken is een belangrijk onderdeel van het dorpsgezicht en was steeds onlosmakelijk verbonden met het dorpsleven van Sint-Martens-Lennik. Daardoor heeft het een sterke symbolische en emotionele betekenis voor de plaatselijke gemeenschap.

Onder impuls van de lokale historische kring Andreas Masius en enkele betrokken inwoners werd een protestactie gestart met een petitie tegen de afbraak. "Op 16 februari hebben we zo'n 1450 bezwaarschriften afgegeven aan burgemeester Willy De Waele (VLD)," vertelt Hans Van Lierde, bestuurslid van de Andreas Masiuskring. " In totaal zijn er nu al 1900 bezwaarschriften ingediend bij het gemeentebestuur en dit voor een totale bevolking van 8500 voor Lennik. Een waar succes! Begin maart zal de gemeente een beslissing nemen over de afbraakvergunning. Het wordt spannend afwachten."

Meer info: Je kunt de acties volgen op www.redklosken.be.

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

21 februari 2006

Professor Thoen: "Caesar is nooit in België geweest"

Caesar.bmpJulius Caesar zette nooit één voet in onze streek. Dat zei de Gentse professor Hugo Thoen gisteren in een interview met De Morgen. Een kwarteeuw lang woelde de archeoloog de Belgische grond om, op zoek naar resten van 'de grote legerkampen' van Caesar. Zonder succes. "De verovering van Gallië is véél vredelievender gegaan dan Caesar schrijft," denkt Thoen.

Geschiedkundigen weten al langer dat je Caesars relaas van zijn Gallische veroveringen met een flinke korrel zout moet nemen. Caesar was belust op macht en De Bello Gallico moet je dan ook lezen als retorische propaganda, bedoeld om de senaat en de publieke opinie in Rome voor zich te winnen. Maar kun je boudweg beweren dat hij hier helemaal niet is geweest? "Mochten we De Gallische Oorlog niet kennen en alleen op de archeologie vertrouwen, dan hadden we nu een totaal andere geschiedschrijving," meent Hugo Thoen, erehoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij provinciaal-Romeinse archeologie doceerde. "Ik zoek al meer dan vijftig jaar naar materiële bewijzen van Caesars bezoek, maar tot nu toe vond ik helemaal niets."

Thoen beweert niet dat De Bello Gallico waardeloos is als historische bron: "Heel wat beschrijvingen van Caesar kloppen wel degelijk. In zijn verslag kun je twee grote delen onderscheiden. Met het deel dat zich afspeelt in Aquitania en Gallia, is er weinig aan de hand. Het andere deel, in het gebied tussen Seine en Rijn of Gallia Belgica, is problematisch."

"Wanneer we de materiële getuigenissen van Caesars campagnes op een kaart zetten, dan zien we een bovengrens die van Bretagne onder Parijs loopt, naar het noorden van Zwitserland. Onder die lijn zijn ontegensprekelijk Caesariaanse zaken gevonden. Het bekendst zijn de drie oppida van Alesia, Bibracte en Gergovia, waar Caesar slag leverde met Vercingetorix en de Galliërs de doodsteek gaf. Men vond er de Romeinse en de Keltische stellingen. Caesars beschrijvingen, van de grachten en dergelijke, komen voor 90 procent overeen met wat archeologen er aantroffen. In Gallia Belgica vinden we niets van dat alles."

"Naar eigen zeggen was Caesar hier met verscheidene legioenen. Eén legioen bestaat uit vijfduizend tot zevenduizend manschappen. De materiële aanwezigheid van zo'n leger cijfer je niet zomaar weg," zegt Thoen. "Caesar beschrijft hoe zijn militairen een kampement maakten door grachten te graven en palissades op te richten. We vinden daar niets van terug. Neem ter vergelijking bijvoorbeeld het kamp van Maldegem (door Thoen zelf opgegraven), dat weliswaar uit een latere tijd stamt. Daar verbleven maar vijfhonderd manschappen, en ze lagen er hooguit twee seizoenen, maar we hebben er alles: omwalling, grachten, barakken, waterputten. Elke kuil die ze hebben gegraven, kun je terugvinden. Welnu, van Caesar hebben we niet een enkel kuiltje gevonden. Zo'n leger produceerde ook afval en van een Italisch leger mag je luxeaardewerk en munten verwachten. Van Caesars opvolger Augustus vinden we dat wel. In de versterkingen langs de Rijn, in Nijmegen, Xanten, Bonn en Mainz, zijn grote hoeveelheden luxeaardewerk gevonden. Materiaal van Caesar, die ook de Rijn beweert te zijn overgestoken, blijft onvindbaar."

"Er is wel aardewerk uit Caesars tijd gevonden, maar dan gaat het om amforen, waar men handelswaar mee transporteerde. Die bewijzen natuurlijk niets. De handel met de mediterrane wereld bestond immers al eeuwen voor Caesars tijd. Voor Groot-Brittannië geldt trouwens hetzelfde als voor Belgica. We vinden er uit Caesars tijd ook wel amforen, maar niets wat wijst op een militaire aanwezigheid. Portus Itius, de haven van waaruit Caesar naar eigen zeggen koers zette naar Britannia, is vermoedelijk het huidige Boulogne. Wel, daar zijn de vroegste sporen Augusteïsch. Net zoals in Bavai, de hoofdstad van de Nerviërs. Ook Tongeren, zogezegd de stad van Ambiorix en zijn Eburonen, is pas ontstaan tussen 10 en 5 voor Christus. Ambiorix kennen we trouwens enkel door Caesar. In tegenstelling tot Vercingetorix sloeg Ambiorix geen munten met zijn naam en beeltenis. Ik beweer niet dat hij niet heeft bestaan, maar een echt grote Keltische leider is hij wellicht niet geweest."

Enkele Keltische muntschatten die in ons land werden gevonden, worden vaak als een bewijs gezien van een militaire dreiging. "Wanneer een oorlog dreigt, stoppen mensen inderdaad hun kostbaarheden weg. Zeker de elite zal zijn fortuin hebben opgepot. Maar dat wil niet zeggen dat die legers tot hier zijn gekomen," zegt Thoen. "Heel Gallië stond in rep en roer nadat de Romeinen waren binnengevallen. Ook bij ons vreesde men voor oorlog en uiteraard wachtte men niet op de vijand om hebben en houden in veiligheid te brengen. De zogenaamde veroveringen van Belgica moeten anders, zachter verlopen zijn. Niet met het brute geweld zoals Caesar beschrijft, maar eerder door onderhandelen."

Bron: De Morgen - 20 februari 2006

door Johan | In de pers | Reacties (0)

Archeologische infodag provincie Antwerpen op 11 maart

Op zaterdag 11 maart vindt in het Erfgoedcentrum Lamot in Mechelen de eerste infodag archeologie van de provincie Antwerpen plaats. Op de gratis infodag zijn alle geïnteresseerden en archeologieliefhebbers welkom. Dit jaar staat de vraag centraal wat je met een archeologische vondst moet doen. De infodag is ook de start van de veertiendaagse 'Archeologie, een blik achter de schermen'.

De provincie Antwerpen heeft veel te bieden op het vlak van archeologie, maar het zijn vaak moeilijk herkenbare grondsporen die ons een verhaal brengen van bewoning uit bijvoorbeeld de IJzertijd. Van tempel in Grobbendonk tot villa in Laakdal, urnengrafvelden verspreid over de Kempen... als ze niet tijdig gekend zijn, worden ze gewoon verwoest omdat slechts kleine fragmentjes tegelijk zichtbaar worden bij de vernieling.

Op de provinciale infodag zijn alle vragen welkom. Wat is archeologie, waar kunnen we een vondst melden? Hoe moet ik ermee omgaan? En vooral… waar kan ik in de toekomst terecht met mijn vragen? In enkele workshops krijg je een korte inleiding rond silex, aardewerk en munten èn kan je terecht met je vragen rond vondsten die je gedaan hebt. Je kan je vondsten ter plaatse ook melden, zo draag je 'je steentje' bij aan de archeologische kennis van de streek en het beheer ervan. Door zo veel mogelijk ‘lokale’ info door te geven, verbetert de kennis van de streek en kan men tijdig ingrijpen wanneer archeologische vindplaatsen dreigen te verdwijnen.

De infodag is meteen het startschot voor de veertiendaagse 'Archeologie, een blik achter de schermen' (11 - 26 maart 2006) in het Erfgoedcentrum Lamot.

Praktisch: Download de folder en de antwoordkaart van de infodag (pdf). Je kunt ook per e-mail inschrijven: geef dan je gegevens door en geef aan of je blijft voor de gratis broodjeslunch en/of de wandeling en welke workshops je volgt. Inschrijven kan nog tot 3 maart.
Meer info: Bart Jacobs - 03/240.64.23 (Dienst Cultureel Erfgoed, provincie Antwerpen)
Externe link: Website archeologie provincie Antwerpen

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

Romeinse ruïnes in slechte staat

Domus Aurea.jpgDe antieke ruïnes in Rome worden stilaan een gevaar voor toeristen. Uit een bouwtechnische studie bleek dat verschillende monumenten ernstige barsten en scheuren vertonen. Dat bleek laatst nog in november toen een Romeinse muur op de Palatijnse heuvel instortte. Verscheidene sites zijn sindsdien niet meer toegankelijk voor toeristen. "Archeologie staat bij de regering-Berlusconi niet hoog op de agenda," meent professor Frank Vermeulen (UGent).

Vooral het Circus Maximus, het huis van Julius Caesar en de Domus Aurea van Nero zijn er slecht aan toe. In die mate zelfs dat ze sinds november gesloten zijn voor het publiek. Maar ook de ruïnes op de Palatijn, de heuvel waarop de eerste nederzettingen van Rome werden gebouwd, moeten dringend worden behandeld.

Als oorzaak voor de stabiliteitsproblemen wordt vooral de overvloedige regenval van de laatste jaren aangewezen. Verzakkingen in de ondergrond hebben de muren sterk verzwakt. Frank Vermeulen, hoogleraar klassieke archeologie aan de Universiteit Gent: "In tegenstelling tot de Grieken gebruikten de Romeinen vooral materialen die weliswaar meegaan voor enige tijd maar niet tijdloos zijn. Het is verwonderlijk dat ze al zo lang meegaan. Als eersten trokken ze hun huizen op in steen en beton. Die werkten ze af met een deklaag van stuc. Meestal is die na al die jaren verdwenen en worden de restanten blootgesteld aan de grillen van de natuur".

Maar waarschijnlijk doet ook de immense stroom toeristen de monumenten geen deugd. Niettemin zou de hoogleraar het jammer vinden mochten bezoekers in de toekomst geweerd worden. "Zo'n mooi erfgoed kan ook niet voor de mensen gesloten blijven. Het Forum Romanum is gratis toegankelijk en biedt een brede waaier aan informatie over het oude Rome. Dat mag niet weggestopt worden."

Maar ook de Italiaanse overheid gaat niet vrijuit, voegt hij eraan toe. "Archeologen roepen al jaren om meer investeringen in deze sector, maar die staat bij de regering-Berlusconi niet hoog op de agenda. Om de ruïnes beter te bewaren moeten ze bedekt worden met een beschermingslaag en daar is natuurlijk geld voor nodig. Op dit moment proberen archeologen de spleten in de muren zoveel mogelijk te dichten, zodat het regenwater er niet doorsijpelt en zo het gesteente nog meer verzwakt". Oplapwerk dus, in afwachting van meer fundamentele oplossingen.

Bron: De Morgen – 18 februari 2006
Foto: Domus Aurea van Nero (bron)

door Bart | In de pers | Reacties (0)

20 februari 2006

Paleolithische kunst gemaakt door prehistorische pubers?

Rotskunst.jpgIn zijn boek 'The Nature of Paleolithic Art' stelt paleobioloog Dale Guthrie dat een groot deel van de gekende paleolithische grotschilderkunst door prehistorische pubers werd gemaakt. Hij baseert zich hiervoor op een analyse van handafdrukken, een veel voorkomend thema in de prehistorische wandschilderkunst. Volgens prehistoricus prof. Philip Van Peer (K.U.Leuven) is zijn theorie inderdaad niet ondenkbaar.

Handafdrukken zijn een veel voorkomend thema in de jongpaleolithische rotskunst. De hand werd eenvoudigweg op de grotwand geplaatst en de verf werd, via de mond of rietjes, errond gespoten. Guthrie vergeleek de prehistorische handen met die van hedendaagse mannen en vrouwen op diverse leeftijden. Daaruit concludeerde hij dat zowel mannen als vrouwen, en jongens als meisjes hun handen hadden geleend, al waren deze afkomstig van mannelijke tieners het sterkst vertegenwoordigd.

Philip Van Peer vindt de theorie best plausibel, "in de veronderstelling natuurlijk dat het kan worden aangetoond op basis van goede data. Niets zegt dat als een tienerhand wordt geschilderd, de eigenaar ook meteen de schilder is. Maar als het klopt valt het waarschijnlijk in te passen in een context van leerprocessen waarbij kennis van ouderen op jongeren wordt overgedragen."

Volgens Guthrie zouden de pubers een duidelijke voorkeur hebben gehad voor jacht- en seksscènes. Die thema's zijn weliswaar niet zo verfijnd geschilderd als het werk van de volwassen artiesten, maar staan wel vol grafische details. "Veel van de getekende, wilde dieren hebben speren in zich en het bloed loopt langs hun mondhoeken. Precies dat waarmee een jager vertrouwd is. Ze schilderden wat ze in gedachten hadden."

"Dat spreekt voor zich", aldus Van Peer. "Het zijn volledig moderne mensen, met hun typisch menselijke trekken. Daar hoort ook het voortbrengen van zulke zaken bij."

Bron: De Morgen - 18 februari 2006
Foto: Negatieve handafdruk uit de grot van Pech Merle (dep. Lot, Frankrijk)

door Bart | In de pers | Reacties (0)

Vergeten Neanderthalers in museumkelder

In vergeten reserves van het Jubelparkmuseum (KMKG) en het Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) in Brussel hebben antropologen tot nu toe onbekende fossielen gevonden van twee Neanderthal-kinderen. De gevonden fossielen zijn een onderkaak van een kind van anderhalf jaar en schedelfragmenten van een kind van ongeveer acht jaar. De 30.000 jaar oude beenderen werden meer dan honderd jaar geleden in een grot in Spy gevonden.

Aan de ontdekkingen ging maandenlang speurwerk vooraf van een team antropologen, archeologen en geologen. Tijdens hun zoektocht bezochten ze verschillende instituten en musea waar nog niet onderzochte delen van de verzameling van de grot van Spy bewaard worden.

"De verspreiding van de vondsten heeft een historische reden," zegt Patrick Semal (KBIN) vandaag in De Standaard. "Ze zijn afkomstig van diverse opgravingen die destijds werden georganiseerd door amateurs of door wetenschappers van de Belgische federale wetenschappelijke instellingen zoals het KBIN en de KMKG. Andere collecties zitten dan weer in onder meer de Universiteit en het Curtiusmuseum van Luik en in Namen. Een deel van de vondsten uit Spy zit bij privé-verzamelaars."

"We hebben niet minder dan 1.615 beenderen geïnventariseerd, waaronder 380 tot nu onbekende tanden. We zijn er bovendien al zeker van dat er niet twee, maar minstens drie volwassen Neanderthalers in de grot van Spy hebben gelegen.'' De antropologe Hélène Rougier, een specialiste in de morfologie van Neanderthalers, heeft aanwijzingen dat de schedel afkomstig is van een Neanderthalkind. De onderkaak is dat met zekerheid.

Het eerste georganiseerde onderzoek in de grot van Spy dateert uit de periode 1879-1886. Na die opgravingen bleef het een hele poos stil rond Spy. De grot werd langzaam maar zeker leeggeplunderd door amateurs, die elk hun deel van de buit in hun verzameling bewaarden. Pas in 1906 begon een nieuwe opgraving. Tenminste, zo heette het officieel. In de reserves van de KMKG vonden Semal en zijn team nu een massa artefacten met etiketten uit de jaren vóór 1906. Het is tussen die vondsten dat de nu gevonden fragmenten werden ontdekt.

De Neanderthalers, genoemd naar fossielen die in de negentiende eeuw in het Duitse Neanderthal werden gevonden, leefden in Europa tot omstreeks 30.000 jaar geleden. Hun uitsterven rond die tijd wordt in verband gebracht met de invasie van de moderne mens.

Bron: De Standaard - 20 februari 2006

door Tijl | In de pers | Reacties (0)

19 februari 2006

"Geen haan kraait naar cultuurhistorische waarde 13de-eeuwse polder"

Er wordt al een tijdlang ophef gemaakt over de herbestemming van de Hemmepolder in Nieuwpoort. Met de cultuurhistorische waarde van de 13de-eeuwse polder wordt in de plannen echter nauwelijks rekening gehouden. Nochtans is de Hemmepolder één van de weinige restanten van de middeleeuwse bedijkingpolitiek die de Vlaamse kustvlakte nog rijk is. "Hoe lang nog gaan we ons historische landschap blijven verwaarlozen?" vragen archeologen van de VUB en de UGent in een open brief.

De Hemmepolder ligt ten zuidoosten van het natuurreservaat 'de IJzermonding' in Nieuwpoort. Via een gewestplanwijziging in 1999 werd het landbouwgebied van 9 hectare omgevormd tot een gebied met extra ecologische waarde. Natuurorganisaties zien in de Hemmepolder een uitbreidingsmogelijkheid voor het natuurreservaat en pleiten ervoor om een deel van de polder in het reservaat op te nemen. Zij pleiten ervoor om er aan natuurontwikkeling te doen en men denkt er zelfs aan om de polder terug onder getijdeninvloed te plaatsen. Dat staat echter haaks op de plannen van burgemeester Crabbe (CD&V), die er de landbouwactiviteiten wil behouden en één tot anderhalve hectare wil weerhouden voor de verdere uitbouw van de jachthaven.

In het bestemmingsplan kwam het historische landschap van de Hemmepolder echter niet aan bod, betreuren professor Dries Tys (VUB), Alexander Lehouck en Tim Soens (UGent) in een open brief: "Als men hierover niet rond de tafel komt zitten, dreigt dit waardevolle landschappelijke erfgoed, dat 800 jaar geleden buiten spel van eb en vloed werd geplaatst, nu verloren te gaan door korte termijnpolitiek." De Hemmepolder is immers één van de weinige vroege realisaties in de (middeleeuwse) bedijkingpolitiek die de Vlaamse kustvlakte nog rijk is. De polder onderging sinds de late middeleeuwen weinig ingrijpende wijzigingen en is bovendien onbebouwd gebleven. De bodem bevat getuigenissen over de vorming van het natuur- en cultuurlandschap en bevat sporen van historisch landgebruik door de mens. "Elke ingreep in de bodem – van welke aard ook – houdt het gevaar in deze historische informatie voorgoed uit te wissen," stellen de drie cultuurhistorici.

De bovenloop van de IJzer kent een ingewikkelde geschiedenis van bedijking, die wellicht in de loop van de 11de eeuw begon. De graven van Vlaanderen, enkele geestelijke instellingen en particuliere grootgrondbezitters hebben van toen af aan een economische infrastructuur uitgebouwd en dat proces kan nog bijzonder goed in het landschap gevolgd worden. De stad Nieuwpoort zelf is overigens nog een stadstichting (1163) in de gevoerde politiek van de Vlaamse graaf Philips van de Elzas. "Hiermee mag het mondingsgebied van de IJzer gerust tot een uniek historisch landschap worden gerekend," luidt het in de open brief. "De politiek van schaalvergroting aan de kust – en in het bijzonder in Nieuwpoort – gedurende de laatste tien à vijftien jaar wekt bezorgdheid op voor dit erfgoed."

Volgens de archeologen is het voorbeeld van de Hemmepolder geen geval op zich en moet de overheid dringend ingrijpen: "Het gewestplan houdt nauwelijks rekening met cultuurhistorische waardering en zelfs bij gewestplanwijzigingen wordt er met cultuurhistorie een loopje genomen. Ondertussen boeken de bestemmingsprojecten die tegen dit erfgoed indruisen razendsnel vooruitgang. Nochtans is dit een onderwerp dat al in het Europese Verdrag van Malta werd aangesneden, maar in ons land nog steeds geen doorgang kent."

Meer info: Open brief Hemmepolder (pdf)

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Aardbevingen en heiligdommen in de Egeïsche wereld

Op dinsdag 21 februari geeft Dr. Iain Stewart aan de K.U.Leuven een lezing met als titel 'Seismic faults and sacred sanctuaries. Earthquake faulting in the ancient Aegean'. Stewart is onderzoeker aan de University of Plymouth (UK). Ook is hij presentator van het BBC-programma 'Journeys from the Centre of the Earth', over (archeo)seismologisch onderzoek in het Middellandse-Zeegebied.

Praktisch: Dinsdag 21 februari om 17u00. Celestijnenlaan 200C, auditorium 01.05.

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

Middeleeuws feest in het Jubelpark

Middeleeuws feest.jpgOp zondag 26 februari gooit het Jubelparkmuseum zijn grote zaal Romaanse en Maaslandse kunst weer open met een ‘ridderlijk’ parcours. Het tjokvolle familieprogramma, met speciale aandacht voor kinderen, wordt geopend met een lezing over heiligen en heiligenlevens door Mark van Strydonck (Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium). Hij zal de resultaten van een absolute datering op relieken en antropologisch onderzoek van skeletmateriaal van heiligen confonteren met oude tekstbronnen.

Omdat de meeste activiteiten, zoals de rondleidingen in de Schatkamer, de verhalencauserieën, de poëtische promenades, het kinderrollenspel en het middeleeuwse gastmaal, voor een beperkt aantal deelnemers bedoeld zijn, is tijdig reserveren een must. De legendarische Schatkamer van de romaanse en Maaslandse kunst, die religieuze edelsmeedkunst uit de elfde tot dertiende eeuw in vitrines plaatst, gaat na restauratie weer feestelijk open. De collectie wordt toegankelijker gemaakt door middel van educatieve panelen, en tijdens het middeleeuws feest zullen gidsen een en ander in een verhaallijn plaatsen. Een aantal collectiestukken onderging een grondige opfrisbeurt, en stukken uit reserves vullen de nieuwe opstelling aan. Daar hoort het legendarische antipendium van de middeleeuwse heilige en kloosterlinge Hildegard von Bingen bij, de hoofdreliekhouder van paus Alexander, polychrome Mariabeelden, tal van hostiehouders en andere schatten uit de grote Maasregio.

Voor families zijn er thematische rondleidingen over de iconografie van de objecten, een lezing over heiligen en toelichting bij de romaanse en gotische collecties. Kinderen zullen meer hebben aan de middeleeuwse verhalen die de educatieve diensten (in het Nederlands en Frans) hebben uitgewerkt. Er komt ook een groot rollenspel met een mysterieuze abt die naar draken en personages laat zoeken (voor tien- tot vijftienjarigen). Voorts zijn er indrukwekkende riddergevechten door Le Veneur du Roy en La Compagnie de la Verte Tente in gezelschap van vuurspuwers en minestrelen. En tot slot doe-ateliers voor zes- tot twaalfjarigen (vooraf inschrijven) die zich inleven in het tijdperk.

Ook de maag vindt haar gading, met een middeleeuws buffet en een degustatiemenu (reserveren aanbevolen).

Praktisch: Locatie: Jubelparkmuseum, Jubelpark 10, 1000 Brussel. De toegang is gratis
Externe link: Flyer ‘Middeleeuws feest in het Jubelpark’ (pdf)
Bron: brusselnieuws.be; Centrum voor Religieuze Kunst & Cultuur

door Bart | Evenementen | Reacties (0)

18 februari 2006

Lunula XIV: publicatie van het jongste protohistorische onderzoek

lunula.jpgVandaag werd de 14de contactdag over de Archeologie van de Metaaltijden gehouden in het Musée Royal de Mariemont (prov. Henegouwen). Veertien sprekers berichtten er over hun Brons-en Ijzertijdvondsten in België, Nederland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Een deel van deze en een aantal andere opgravingsverslagen werden gebundeld in 'Lunula. Archaeologica protohistorica XIV'.

Voor Vlaanderen gaf Marc Lodewijckx in de morgen het startschot van de contactdag over de protohistorische sporen in de Noorderkempen. Nico Sprengers presenteerde net voor de middagpauze de resultaten van zijn scriptie over Kempische ringwalheuvels terwijl Rica Annaert haar resultaten voorstelde aan het talrijke publiek betreffende haar werk in Edegem-Buizingem. Een aantal Vlaamse grafcirkels werden opgenomen in de vergelijkende studie van Sébastien Thoron (Université Lille 3) die tot de Vroege- en Midden-Bronstijd konden gedateerd worden. De publicatie bevat nog veel meer verslagen van opgravingen in Vlaanderen zoals deze over de Late Ijzertijd te Melle, de nederzettingssporen in Erps-Kwerps of de vondsten langs de aardgasleiding tussen Weelde en Zandhoven. Wie deze dag gemist heeft kan in elk geval al uitkijken naar volgende jaar wanneer het 15de contactdag zal plaatsvinden in Leuven.

De publicatie is een vrij uitgebreide (140 pags) verzameling van deze en andere opgravingen in België en haar buurlanden. Lunula XIV werd opgedragen aan Camille Bellaire (1931-2005) die erg veel betekend heeft voor de Waalse pre- en protohistorische archeologie, vooral op vlak van publiekswerking.

Praktisch:
Lunula XIV is te bestellen aan 8€ (+2,50€ voor administratieve kosten en verzending) bij:
Véronique Hurt - c/o Musée des Celtes, place Communale 1, B-6800 Libramont
Storten kan op rekening: Dexia 088-2129594-51
Lunula II tot XII zijn nog steeds verkrijgbaar, een aantal aan verminderde prijzen.

door Jeroen | Publicaties | Reacties (0)

17 februari 2006

Prehistorisch gebouw blootgelegd in Aalter

Archeologen van de Kale-Leie Archeologische Dienst (KLAD) hebben op een terrein bij het kerkhof van Aalter een drieschepige constructie gevonden. De tweedeling van het gebouw wijst in de richting van een woonstalhuis, waarin zowel mensen als vee onderdak vonden. Op basis van het aardewerk wordt de constructie voorlopig in de Vroege IJzertijd gedateerd.

De gemeente Aalter plant om in het voorjaar een nieuw deel van het kerkhof in dienst te nemen. Aangezien op de vlakbijgelegen parking heel wat vroegmiddeleeuwse vondsten werden aangetroffen besloot de KLAD om het ongeveer 40 bij 40m grote terrein toch met een drietal lange proefsleuven te onderzoeken. In deze zoeksleuven werd naast een gracht, een grote kuil en enkele paalsporen ook een wandgreppel opgemerkt. Bij het openleggen van een groter vlak werd onmiddellijk duidelijk dat het ging om een volledige gebouwplattegrond.

Het gaat om een 12,5 bij 5m groot huis bestaande uit zware dragende palen, wandgreppels en kleinere paalsporen. De tweedeling van het huis is opvallend door de volledige scheiding met een wandgreppel. Het meest westelijk deel is redelijk beperkt in oppervlak en meet 4 bij 5m, terwijl het oostelijke gedeelte 8,5 bij 5m meet. De constructie wordt gedragen door 8 zware staanders die in twee parallelle rijen staan opgesteld. het westelijke deel heeft eveneens nog twee ondersteunende paalsporen vlakbij de hoeken waar de overgang zich bevindt. De wandgreppels konden niet overal herkend worden wegens recente verstoringen en de vrij slechte weer- en bodemomstandigheden. Toch vallen de paaltjes op die vlak buiten de wand op regelmatige afstand staan opgesteld, dit is om eveneens dragend te kunnen zijn.

Het gaat dus om een drieschepige constructie waarbij het dak niet enkel steunt op de staanders, maar ook op de wanden. mogelijk werd een ingang herkend in het westelijke deel aan de zuidelijke wand, waar enkele paalsporen deze zouden versterken, helaas loopt net hier een drainagepijp door. De tweedeling van het huis wijst er mogelijk op dat het om een woonstalhuis gaat waar zowel een gedeelte voor het vee als voor de mensen voorzien was.

Uit het gebouw kwamen slechts veertien scherven aardewerk. De vondsten zijn niet van die aard dat ze een zekere datering kunnen opleveren, enkel een indicatie. Alle eigenschappen - bakking, techniek, behandeling en versiering - duiden mogelijk op Vroege IJzertijd (800/750 - 500/450 v.C.) alhoewel het evenzeer iets ouder of jonger kan zijn. Een C14-datering zal uitsluitsel moeten geven. De gekende types uit deze periode vertonen inderdaad overeenkomsten qua constructiewijze en principes.

Bron: De Klad

door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)

Reis rond de wereld in tachtig schatten

Na het docudrama over de geschiedenis van de Egyptische archeologie blijft Canvas in de kunsthistorische sfeer met de BBC-reeks 'Around the world in 80 treasures'. Daarin doorkruist Dan Cruickshank 5 continenten en 44 landen en bezoekt onderweg 80 hoogtepunten van het werelderfgoed. De eerste aflevering wordt deze avond uitgezonden.

Dan Cruickshank past in het rijtje van Michael Palin en Michael Wood. Hij deelt hun aanstekelijk enthousiasme, verteltalent en zin voor avontuur, maar zijn programma's zijn iets ernstiger van toon. Hij trekt van de Paaseilanden tot Persepolis, van Djenné tot de Taj Mahal, van de Aboriginals tot het Alhambra en van het Vrijheidsbeeld tot de Verboden stad. Cruickshank heeft ook een zeker Indiana Jones-gehalte: hij proeft van plaatselijke lekkernijen als hersenen, teelballen, insecten en hamsters.

In de eerste aflevering van 'Around the world in 80 treasures', reist Dan Cruickshank tot hoog in de Peruviaanse Andes en diep in het Braziliaanse regenwoud. Onze ontdekkingsreiziger trotseert een stormachtige Stille Oceaan, rivieren vol krokodillen en een vers gebakken hamster op zijn bord. Maar al die onderwerpingen en uitdagingen heeft hij graag over voor een bezoek aan onder meer Machu Picchu (foto rechtsboven), de zoutpannen van de Inca's, de Nazca-lijnen, Chan Chan (de grootse lemen stad ter wereld), het Paaseiland (foto rechts) en het Christusbeeld in Rio de Janeiro.

Praktisch: 'Around the World in 80 Treasures'. Vanaf 17 februari op vrijdag om 21.30 uur op Canvas.
Meer info en foto's: de inhoud van de verschillende afleveringen vind je op Wikipedia.

door Tijl | Varia | Reacties (0)

16 februari 2006

Antwerpen wil geen tijd meer verliezen door archeologische vondsten

De tweede fase van de werken aan de Antwerpse Leien begint eind volgend jaar. Dan worden de Noorderleien aangepakt. Er komt eerst een milieueffectrapport voor de werken worden aanbesteed. Archeologische vondsten in de ondergrond worden vooraf in kaart gebracht om vertragingen te vermijden.

Volgens de Gazet van Antwerpen werd in de eerste fase "veel tijd verloren nadat archeologische vondsten werden gedaan". Tijdens de opgravingen werden delen van de stadsmuur-bastion gevrijwaard voor de toekomst. Uiteindelijk was er echter heel wat wrevel omdat het behoud van het bastion een vertraging van drie maanden op de werkzaamheden opleverde.

"Dat moeten we dit keer vermijden en het is simpel," zei minister Dirk Van Mechelen deze week bij de voorstelling van de werken aan de Noorderleien. "Want het lijkt onwaarschijnlijk, maar de vorige keer werd er vooraf geen rekening mee gehouden. Terwijl iedereen weet dat er sinds 1540 negen bastions en vijf stadspoorten werden aangelegd. We zullen dus op voorhand beslissen of we de kunstwerken nader gaan onderzoeken, ze blootleggen, ze exposeren of dat we er gewoon rond zullen werken."

Ook deze aanpak past in het strakke schema dat eind volgend jaar uitmondt in de start van de werken. De voorstudie die momenteel wordt gemaakt, resulteert in april in een startnota. Daarna wordt een project milieueffectrapport opgestart. Tegelijk loopt een voorontwerp waarna midden 2007 de aanbestedingsprocedure volgt en de start van de werken eind 2007.

Meer info: "Archeologie betrokken bij planning 2e fase Antwerpse Leien" (ArcheoNet - 12 juni 2005)
Bron: Gazet van Antwerpen - 15 februari 2006

door Tijl | In de pers | Reacties (0)

"Erfgoed moet wijken voor nieuwbouw" in Middelkerke

Westende Botanic.jpgJaar na jaar trekt de Vlaamse kust meer bezoekers, die zich kunnen vergapen aan zee, zand en... erfgoed. De weinige originele gebouwen die onze kust nog rijk zijn staan echter onder zware druk van de vraag naar nieuwbouw. In Middelkerke wilde men dankzij het 'Villaplan' deze waardevolle maar niet beschermde panden vrijwaren voor de dreigende sloop. Maar daar is het gemeentebestuur nu op teruggekomen.

Het zit er weer bovenarms op in het schepencollege van Middelkerke. Na meningsverschillen rond de bestemming van Zon en Zee en het al dan niet beschermen van garage Omnia in de Leopoldlaan is de twistappel tussen de meerderheidspartijen CD&V, VLD en SP.A ditmaal het afvoeren van een 'Villaplan'. Die moest de meest beeldbepalende gebouwen in Westende-Bad van de sloophamer redden.

Een paar maanden geleden zag het er nochtans goed uit. De meerderheidspartijen kwamen tot een akkoord om die meest 'beeldbepalende' gebouwen in Westende-Bad te redden. "Het gaat om niet-beschermde woningen die toch tot zeer waardevol erfgoed kunnen gerekend worden, maar waarvan velen staan te verkommeren omdat de eigenaars - in tegenstelling tot beschermde gebouwen - niet van subsidies kunnen genieten om de zware financiële lasten van een renovatie te dragen", zegt schepen Geert Verdonck (SP.A).

"Onder impuls van de burgemeester werd hiervan zelfs een lijst opgemaakt. We kregen hiervoor trouwens de felicitaties van de dienst Monumenten en Landschappen. Het 'Villaplan' hield voornamelijk in dat met de lijst zou rekening gehouden worden bij de opmaak van het nieuwe Bijzonder Plan van Aanleg (BPA) voor Westende-Bad. De woningen zouden niet mogen afgebroken worden, maar de gemeente zou bij renovatie financieel tussenkomen", vertelt de schepen.

In het verslag van de gemeenteraad van 22 januari 2005 (pdf) kunnen we op pagina 37 inderdaad het volgende lezen: "Het Bestuur zal tevens zijn inspanningen verderzetten om de stad leefbaarder en attractiever te maken, alsmede om het waardevolle stedenbouwkundig patrimonium te vrijwaren. Hiertoe zal in 2005 nog een aantal bijzondere plannen van aanleg worden voorgesteld en zullen aanvullende luiken van het villaplan worden opgemaakt."

Schepen Verdonck vervolgt: "Tot onze ontsteltenis maken VLD en CD&V nu plotseling een bocht van 180 graden. Zo stellen ze dat al die beeldbepalende gebouwen nu ineens niet meer zo beeldbepalend zijn en vegen zo het eerder bereikte akkoord van de tafel. Meteen geven ze ook de op de loer liggende vastgoedsector de vrije hand om naar hartelust de panden op te kopen, te slopen en nieuwbouw op te richten. Het progressief kartel - SP.A, Spirit en Groen! - ergert zich vooral aan de dualiteit die hierdoor ontstaan is."

"Enerzijds wordt op alle mogelijke manieren het project 'Kusthistories' met de renovatie van de villa Les Zéphirs en het geplande museum rond het kusttoerisme en het toeristisch waardevol erfgoed de hemel in geprezen om anderzijds het bindmiddel tussen deze projecten - de mooie en waardevolle gebouwen uit ons verleden - niet naar waarde te schatten", concludeert Geert Verdonck

Schepen Liliane Pylyser-Dewulf (CD&V) verdedigt de beslissing van het gemeentebestuur: "We hebben inderdaad beslist om geen rekening te houden met de lijst van deze villa's bij de opmaak van het BPA. Het zou voor de privé-eigenaars een zeer zware financiële dobber worden om hun woning te renoveren omdat niet-beschermde gebouwen niet in aanmerking komen voor subsidiëring. Wel hebben we beslist dat iedere bouwaanvraag voor nieuwbouw in het centrum van Westende-Bad door een bijzondere adviesraad op haar verdienste zal beoordeeld worden. Veel van de woningen die op de oorspronkelijke lijst stonden, bevinden zich in een zeer vervallen staat. Als ze zo waardevol zijn, is het jammer dat ze destijds niet voor beschermingen opgenomen werden."

Bron: Het Nieuwsblad, 16 februari
Foto: Botanic in Westende

door Johan | Erfgoed | Reacties (0)

Zoogdieren uit de ijstijd

Elke maand opent een wetenschappelijk departement van het Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel zijn deuren voor een bezoek achter de schermen. Nu zondag komen mammoeten, neushoorns en rendieren aan bod. Paleontologe Mietje Germonpré onderzoekt de fossiele zoogdieren van de laatste ijstijd die in onze streken van ongeveer 120.000 tot 10.000 jaar geleden leefden. Zij zal vertellen over deze zoogdieren en wat hun relatie was met de prehistorische mens.

Praktisch: Zondag 19 februari om 11.00 uur in het Museum voor Natuurwetenschappen (Vautierstraat 29, Brussel). 7/6 euro per persoon. Verplicht reserveren op 02/627.42.52.

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

Doctoraatsverdediging Dominique Similox-Tohon

Dominique Similox-Tohon.jpgOp woensdag 22 februari verdedigt Dominique Similox-Tohon zijn doctoraat ‘An integrated geological and archaeoseismological approach of the historical seismicity in the territory of Sagalassos (SW Turkey). Towards an assessment of the seismic hazard in the Burdur-Isparta region’. Daarvoor ging hij op zoek naar de geologische breuklijn die verantwoordelijk was voor de vier zware aardbevingen die de antieke stad Sagalassos doorheen haar bestaan hebben getroffen.

Uit archeologisch en archeoseismologisch onderzoek te Sagalassos blijkt dat deze stad getroffen is door vier historische aardbevingen. De twee laatste aardbevingen, ca. 500 AD en in de 7de eeuw AD, waren zelfs zo verwoestend dat de stad uiteindelijk verlaten werd. Het probleem echter was dat de breuk, die verantwoordelijk is voor deze aardbevingen, totnogtoe niet was gekend. Nochtans kunnen zich op deze breuk in de al of niet nabije toekomst opnieuw zware aardbevingen voordoen. Het vinden van deze breuk was dan ook essentieel voor het inschatten van het gevaar op aardbevingen in de regio.

Uit de gedetailleerde inventaris en analyse van de aardbevingsgerelateerde schade aan de gebouwen op de site blijkt nu dat Sagalassos gelegen is in de directe nabijheid van het epicentrum van de twee laatste aardbevingen. Om uiteindelijk een historische breukactiviteit te vinden werd een sleuf gegraven langsheen de breukwand. Uit dit paleoseismologisch onderzoek bleek inderdaad dat de antropogene afzettingen werden verstoord door een breukactiviteit. Dit vormde het ultieme bewijs voor een actief breuksysteem met een historische activiteit. Daarmee is ook aangetoond dat er een reëel risico bestaat dat er zich in de al of niet nabije toekomst zware aardbevingen kunnen voordoen op de Sagalassosbreuk. Hiermee heeft dit doctoraatsonderzoek een belangrijke bijdrage geleverd in een wetenschappelijk gefundeerde inschatting van het aardbevingsgevaar in de omgeving van de archeologische site van Sagalassos. Een waarschuwing die de meer dan 181 000 inwoners van de regio aanbelangt.

Praktisch: Dominique verdedigt zijn doctoraat op woensdag 22 februari, om 11.00 u, in Auditorium 02.C4, Naamsestraat 96, 3000 Leuven. Een doctoraatsverdediging is openbaar, alleen de beraadslaging is geheim.
Externe link: Korte inhoud van het doctoraat van Dominique Similox-Tohon

door Bart | Varia | Reacties (0)

15 februari 2006

Nieuwe website voor het Ename Expertisecentrum

Het Ename Expertisecentrum voor Erfgoedontsluiting heeft haar website in een nieuw en fris kleedje gestoken. Je kunt het resultaat bewonderen op www.enamecenter.org. Van 22 tot 25 maart organiseert het Ename Expertisecentrum ook een internationaal colloquium in Gent, waarop men zich de vraag zal stellen "van wie het verleden eigenlijk is?"

Het Ename Expertisecentrum voor Erfgoedontsluiting werd in 1998 opgericht als een vereniging zonder winstoogmerk met het oog op het ontwikkelen en verspreiden van kennis over de ontsluiting van cultureel erfgoed. De publieke interpretatie en de duurzame ontwikkeling van archeologische sites, musea, historische monumenten en landschappen in Vlaanderen en in de rest van de wereld vormen het aandachtspunt.

Als deel van hun voortdurende aandacht voor publieke discussie en reflectie over de rol van erfgoed in de moderne samenleving, organiseert het Ename Expertisecentrum van 22 tot 25 maart ook een driedaags colloquium in. Vragen over publieke rechten en verantwoordelijkheden op het vlak van bewaring en interpretatie van cultureel erfgoed zullen er aan bod komen. Er zal ook worden ingegaan op nieuwe benaderingen, methodologieën en technologieën die daarbij kunnen helpen.

'Memory and Identity' – het colloquium van vorig jaar – maakte duidelijk dat erfgoed op vele plaatsen in de wereld gecontesteerd is. Gevalstudies uit de Verenigde Staten, Vietnam, Israël, Palestina, Zuid-Afrika en plaatsen die herinneren aan de Holocaust in Europa, tonen hoe het verleden het onderwerp kan worden van geschillen. Maar zoals de bijdragen van de sprekers vorig jaar aantoonden, kunnen deze conflicterende visies op het verleden overwonnen worden door een productieve interculturele dialoog. Dit jaar zal het Ename Internationaal Colloquium ingaan op de uitdagingen die de studie en de herdenking van erfgoed oproepen binnen de moderne multiculturele samenlevingen. De belangrijkste vragen spitsen zich toe op aspecten van diversiteit, duurzaamheid en betwiste eigendomsrechten.

Praktisch: Je vindt alle informatie over het congres op de vernieuwde website www.enamecenter.org.

door Tijl | Websites | Reacties (0)

Britse regering looft Vlaamse aanpak A19

brancard1917.gifDe Britse All Party Parliamentary War Graves and Battlefields Heritage Group (APWGBHG) looft de Vlaamse regering om haar aanpak in het dossier over de eventuele verlenging van de A19 in Ieper. In 2005 werd beslist om de autosnelweg niet te verlengen, waardoor historisch en archeologisch waardevolle (oorlogs)monumenten zoals Pilkem Ridge en vele andere sites worden ontzien.

In 2005 bereikten de coalitiepartners in de Vlaamse regering een overeenkomst over het dossier. Er werd beslist dat de A19 niet zou worden verlengd, maar dat de A19 in Ieper via de Noorderring, de heraanleg van de Reningsestraat en de verbreding van de N8 een goede aansluiting zou krijgen met de kust. Op die manier worden de dorpskernen van onder meer Brielen en Elverdinge van het drukke verkeer ontzien.

Chateau_Wood_Ypres_1917.jpgDoor die beslissing wordt ook vermeden dat het historische slagveld Pilkem Ridge wordt doorkruist door een verlenging van de A19. De APWGBHG is daar uiterst tevreden om. Haar voorzitter, Lord Faulkner of Worchester, heeft Vlaams minister-president Yves Leterme geschreven om hem en de Vlaamse regering te feliciteren omwille van de manier waarop het dit delicate dossier heeft aangepakt.

"De Vlaamse regering vroeg het Belgisch Archeologisch Instituut (VIOE, nvdr) een onderzoek te voeren dat zeer professioneel, volledig en met veel aandacht voor alle gevoeligheden werd gevoerd", luidt het. "We zijn onder de indruk van de zorg waarmee de Vlaamse regering de analyse van de verschillende alternatieven heeft benaderd", staat in de brief van de voorzitter.

Bron: Belga
Foto's: Wikipedia: Soldaten met brancard bij Pilkem Ridge in 1917; Chateau Wood bij Ieper

door Johan | In de pers | Reacties (0)

De strijd om het juiste geloof: ketters in de Middeleeuwen

Carcasonne Katharen klein.jpgDe Universiteit Vrije Tijd organiseert cursussen over diverse culturele onderwerpen, gericht op geïnteresseerden zonder specifieke vooropleiding. Professor Raphaël de Keyser neemt zijn toehoorders mee naar de Middeleeuwen, waar strijd binnen het Christendom vaak even groot kon zijn als tussen religies onderling. Tijdens vier lezingen gaat hij o.a. dieper in op de fascinerende geschiedenis van de Katharen in Zuid-Frankrijk. De eerste lezing vindt plaats op 22 februari in Leuven.

De Middeleeuwen worden vaak de ‘christelijke Middeleeuwen’ genoemd. Maar was deze periode wel zo onverdeeld christelijk? Onder invloed van de kloosters van Cluny kende de Kerk vanaf de 11de eeuw wel meer en meer succes, maar tegelijkertijd ging het gelovige volk die machtspositie in vraag stellen. Dat leidde tot heel wat ketterse opvattingen, die fel bestreden werden door kerkelijke én wereldlijke overheid. Eén van de belangrijkste groepen van ‘ketters’ waren de Katharen of ‘zuiveren’, vooral actief in Zuid-Frankrijk. Hun geschiedenis is er één van oprecht religieus leven, radicalisering, vervolging en vernietiging.

Onder leiding van professor Raphaël de Keyser wordt er gezocht naar de oorsprong en de leer van de ketterijen en naar de pogingen om haar aanhangers te bekeren. Hij gaat dieper in op de boeiende maar tragische geschiedenis van de Katharen (of Albigenzen) en bezoekt met u de belangrijkste kathaarse steden en burchten (Albi, Carcassonne, Toulouse …). Deze cursus zoekt een verklaring voor één van de meest tragische bladzijden uit de middeleeuwse christelijke geschiedenis.

Professor Raphaël de Keyser is doctor in de geschiedenis en specialiseerde zich in de geschiedenis van de late Middeleeuwen. Aan de K.U.Leuven is hij emeritus hoogleraar. Hij doceerde er Geschiedenis van de Middeleeuwen, Algemene heuristiek en historische oefeningen, en Vakdidactiek geschiedenis.

Praktische informatie: De eerste lezing vindt plaats op woensdag 22 februari van 14u tot 16u in het Auditorium Zeger van Hee, College De Valk, Tiensestraat 41 (ook bereikbaar via het Ladeuzeplein) in Leuven. De volgende drie lezingen gaan door in de maand maart op diverse locaties in Leuven. Het bijwonen van alle vier de lezingen kost 45 euro (40 euro voor Davidsfondsleden), inclusief syllabus en koffie. Meer info kan bekomen worden op de website van de Universiteit Vrije Tijd of bij Jef Scheire (016/234114).

Foto: Katharen worden verdreven uit Carcasonne, Wikipedia

door Johan | Lezingen | Reacties (0)

14 februari 2006

Doortje Van Hove - Mens en landschap in het Dijlebekken

Vanaf het Neolithicum heeft de mens actief zijn omgeving georganiseerd en processen in gang gezet die verantwoordelijk zijn voor de vorming van het huidige landschap. Het project 'Mens en landschap in het Dijlebekken' had als doel deze relatie te bestuderen en specifieke voorschriften uit te werken voor een verantwoord beheer van het archeologisch erfgoed. Archeologe Doortje Van Hove leidde het project tussen juni 2004 en april 2005 in goede banen. Lees het interview.

door Tijl | Interviews | Reacties (0)

Lezing 'Carthago: recent onderzoek in een antieke wereldstad'

Carthago.jpgDe afdeling Archeologie van de K.U.Leuven nodigt op dinsdag 21 februari de Gentse hoogleraar Roald Docter uit voor een lezing over zijn opgravingen in de historische stad Carthago. Hij zal er de resultaten van het recente onderzoek (2002-2005) door de Vakgroep Archeologie en Oude Geschiedenis (UGent) en het Tunesische Institut National du Patrimoine voorstellen, en de vondsten kaderen in een overzicht van eerder internationaal onderzoek ter plaatse.

Praktisch: De lezing is een organisatie van het Nederlands Klassiek Verbond, en gaat door op dinsdag 21 februari 2006 (20u00 tot 21u30) in het Mgr. Sencie-Instituut (Erasmusplein 2, Leuven), lokaal 00.28. Contactpersoon: Herbert Verreth (Herbert.Verreth@arts.kuleuven.be, tel. 016/32.49.22).
Externe link: Carthago-project (UGent)

door Bart | Lezingen | Reacties (0)

Glas van vissers, kooplui, monniken en heren

Nog tot 16 april loopt in het Abdijmuseum Ten Duinen 1138 in Koksijde een tijdelijke thematentoonstelling rond middeleeuws en post-middeleeuws glas gevonden bij opgravingen in maritiem Vlaanderen (tussen Raversijde en Walcheren). Een aantal glasvondsten van de abdijsite worden speciaal in de kijker geplaatst. Op zondag 19 februari kun je in Koksijde ook naar een aperitieflezing over de kloosterorden in Veurne en omgeving voor 1796.

De tentoonstelling 'Glas van vissers, kooplui, monniken en heren' werd ter beschikking werd gesteld door de provincies Zeeland en West-Vlaanderen. De permanente collectie van het abdijmuseum bevat al een aantal glasfragmenten, vooral uit het abtskwartier. In het kader van deze expo werden bijkomende glasfragmenten, gevonden op de site, voor permanente tentoonstelling geprepareerd door glasrestauratrice Nicole Minten. Zij maakte daarvoor een aantal aangepaste houders waarop de glasrestanten aanschouwelijk kunnen worden getoond.

De Vrienden van het Abdijmuseum Ten Duinen 1138 organiseren dit voorjaar ook een reeks van drie aperitieflezingen. De eerste zal plaatsvinden in de kapel van Ten Bogaerde op zondag 19 februari om 10.30 uur. De Veurnse stadsarchivaris Jan van Acker zal het dan hebben over de kloosterorden in Veurne en omgeving voor 1796.

Overigens is het abdijmuseum in 2006 elke eerste zaterdag van de maand gratis toegankelijk. Tussen 10 en 18 uur kan iedereen het museum en de site gratis bezoeken (weliswaar zonder gids). Vanaf maart staat er elke zondag (om 15 uur) een Nederlandstalige rondleiding voor individuele bezoekers op het programma.

Praktisch: De tentoonstelling ‘Glas van vissers, kooplui, monniken en heren’ loopt nog tot zondag 16 april in het bezoekerscentrum Abdijmuseum Ten Duinen 1138. Het bezoek is inbegrepen in het gewone toegangsticket. Er is een begeleidende brochure beschikbaar voor 10 euro. Dinsdag tot zaterdag 10-18 u.; zondag 14-18 u.; gesloten op maandag.

door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)

Romeinen in de Lage Landen: plunderaars of beschavers?

Caesar buste klein.jpgOver weinig geschiedkundige onderwerpen menen we meer te weten dan over de Romeinse invallen in onze gewesten. Maar is dat wel zo? Hoeveel van onze zogenaamde kennis is er al dan niet gebaseerd op clichés, ingegeven door de verheerlijking of - omgekeerd - diabolisering van de Romeinse cultuur? Een vraag waar professor Hugo Thoen met plezier een antwoord op zal geven tijdens zijn lezing op dinsdag 21 februari in de Grote Aula van de K.U.Brussel.

Anno 51 voor Christus. Julius Caesar verovert onze gewesten. Ondanks hevige weerstand onderwerpt hij in korte tijd de Belgae en legert zijn legioenen bij verschillende stammen. Tenminste dat vertellen ons de geschiedenisboeken. Maar klopt dat wel? Duizenden mensen zouden zijn vermoord. Velen worden gegijzeld en beroofd. Vae victis, wee de overwonnenen?

Belgica stammen.jpgArcheologische getuigenissen van Caesars veroveringen zijn bij ons nog steeds problematisch. Toch lijkt door de verovering ook de bestaande sociale, culturele en politieke situatie in Gallia Belgica op tal van vlakken te veranderen. De Romeinse militaire aanwezigheid betekent een belangrijke aanzet voor ‘romanisering’. Was dat een gedwongen assimilatie of een geleidelijk proces van interactie? Een tactische zet van Caesar of van zijn opvolger Augustus? Hoe dominerend en discriminerend waren de Romeinen? Prof. Hugo Thoen brengt de geschiedenis terug tot leven en verhaalt hoe het de Romeinen écht verging in onze gewesten. Hij maakt zo komaf met een aantal clichés.

Hugo Thoen is doctor in de archeologie en ere-hoogleraar aan de Universiteit Gent. Hij doceerde er vooral Provinciale Romeinse archeologie. Hij publiceerde tal van bijdragen in nationale en internationale reeksen. Daarnaast leidde hij heel wat opgravingen in binnen- en buitenland.

De lezing wordt ingeleid door Gert van Boxel, classicus en journalist bij de radionieuwsdienst van de VRT. Robert Nouwen treedt op als disputant. Hij is historicus van de oudheid, collectiebeheerder van het Provinciaal Openluchtmuseum Bokrijk, voorzitter van de redactie van Limburg - Het Oude Land van Loon en auteur van verscheidene studies over Romeinse geschiedenis

Praktische info: De lezing vindt plaats op 21 februari in de Grote Aula van de K.U.Brussel, Vrijheidslaan 17 in Koekelberg (dicht bij de Basiliek). De avond begint stipt om 19u45 en eindigt om 21u45 met een drink. De toegangsprijs, inclusief drink, bedraagt 6,5 euro voor Davidsfonds leden, 8 euro voor niet-leden en 2,5 euro voor studenten.
Bron: Davidsfonds Cultuurforum
Afbeeldingen: Gaius Julius Caesar - Gallia Belgica (Wikipedia)

door Johan | Lezingen | Reacties (0)

13 februari 2006

Van Mechelen stelt bouwkundige inventaris van Limburg voor

Na Antwerpen is Limburg de tweede provincie die over een systematische en volledige bouwkundige inventaris beschikt. Vlaams minister Dirk Van Mechelen (VLD) stelde vandaag in Houthalen officieel de laatste boekdelen van het arrondissement Maaseik voor. Die vormen het sluitstuk van de inventaris 'Bouwen door de eeuwen heen' van de provincie.

'Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen' is een snelinventaris van het bouwkundig erfgoed van Vlaanderen. De inventaris vindt zijn oorsprong in het Europees Monumentenjaar 1975, toen Minister Rika De Backer gaf in dat jaar een aantal historici en kunsthistorici de opdracht om een overzicht te maken van het bouwkundig erfgoed in Vlaanderen. De inventaris is een gids voor de architectuur van de verschillende Vlaamse streken en een basiswerk voor verdere wetenschappelijke uitdieping. "Maar bovenal bieden deze boekdelen een goed overzicht van het globale Vlaamse erfgoed," zei Van Mechelen in zijn toespraak. "Dit is de noodzakelijke basis om een verantwoord beschermingsbeleid te kunnen uitstippelen."

In Limburg werd het veldwerk opgestart in de zomer van 1975. Zes jaar later rolden de eerste twee boekdelen, gewijd aan het arrondissement Hasselt, van de pers. De teksten en illustraties in deze eerste boekdelen geven een duidelijk beeld van de steenkoolmijnen van Beringen en Winterslag en de toen nog bestaande leembouw. Deze eerste inventaris van de provincie toont reeds de groeiende tegenstelling tussen het recente industriële verleden enerzijds, en een rijk traditioneel landleven met sterke overlevingsdrang anderzijds. Na Hasselt volgden de werkzaamheden voor het arrondissement Tongeren, die in 1999 afgerond werden, en het arrondissement Maaseik, waarvan de resultaten vandaag voorgesteld werden. De negen delen voor Limburg tellen samen 5.177 pagina's, geïllustreerd met 2.365 zwart-wit foto's, 134 plannen en 80 kleurenopnamen.

Volgens de minister moet de onroerend-erfgoedsector vooral de hand reiken naar de mensen die dagdagelijks met onroerend erfgoed worden geconfronteerd: professionelen, vrijwilligers, eigenaars, bewoners, vruchtgebruikers, buurtbewoners en toevallige passanten: "Zij zijn het die de onroerend-erfgoedzorg waarmaken op het terrein. Educatieve programma's en sensibiliseringscampagnes ondersteunen en stimuleren betrokkenheid, en dragen zo bij tot een groter verantwoordelijkheidsbesef en een gevoel van fierheid over het erfgoed dat Vlaanderen en deze provincie in het bijzonder rijk is. Ook voor deze sensibilisatiecampagnes speelt de inventaris een belangrijke rol."

De minister liet voorts weten een groot voorstander te zijn van de uitstippeling van lokale en regionale monumentenroutes op basis van de inventaris. "Wij reizen graag de wereld af op zoek naar bijzonder erfgoed, maar vergeten soms de vele pareltjes van cultuurbezit in onze onmiddellijke omgeving," besloot Van Mechelen zijn toespraak.

Meer info: Bouwen door de eeuwen heen
Foto's: Kasteel Ter Dolen in Helchteren (boven) en het stadhuis van Maaseik (onder)

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Workshop 'Broadening Horizons' aan de UGent

Gent Broadening Horizons klein.jpgOp 27 en 28 februari vindt aan de Universiteit Gent de workshop Broadening Horizons plaats, een samenwerking tussen de vakgroepen Oosterse Talen en Culturen, Archeologie en Geografie. Op deze workshop zullen posters en papers worden voorgesteld rond de multidisciplinaire studie van vroegere landschappen in de Mediterrane wereld en het Nabije Oosten.

In het bijzonder wordt de samenwerking tussen (geo)archeologie, (historische) geografie, geschiedenis, remote sensing en verwante disciplines centraal gesteld. Zowel de methodologie als de praktische resultaten van dergelijk onderzoek komen hierbij aan bod.

Gastsprekers zijn Prof. Tony Wilkinson (University of Edinburgh) en Prof. Paul-Louis van Bergh (V.U.Brussel). Het volledige programma en alle praktische informatie zijn te vinden op de website. Inschrijven is mogelijk via het formulier op de website.

Externe link: Broadening Horizons

door Johan | Congressen | Reacties (0)

Restauratiedossier Zichemse kerk sleept al 60 jaar aan

De restauratie van de Sint-Eustachiuskerk in Zichem kan dit jaar eindelijk starten. De werken zijn dringend nodig: het koorgedeelte van de kerk is al enkele jaren verboden terrein omdat de ijzerzandstenen afbrokkelen. De plannen om de 700 jaar oude kerk te restaureren zijn al zestig jaar oud.

De Eustachiuskerk, een prachtige kerk in Demergotiek, kan worden beschouwd als het museum van de geschiedenis van Zichem. In 1300 werd begonnen met de werken. Als bouwsteen werd voornamelijk beroep gedaan op de Hagelandse ijzerzandsteen. De kerk werd in verscheidene fases gebouwd en voltooid in 1557. Pronkstuk van de kerk is een glasraam uit 1387, dat als het oudste glasraam in Vlaanderen geldt.

Intussen is de kerk dus dringend aan restauratie toe. De plannen worden al decennia op de lange baan geschoven, maar nu lijkt er toch beweging in het dossier te komen. De restauratieplannen dateren al van vóór de Tweede Wereldoorlog, maar de Duitse bezetting gooide roet in het eten. Op de koop toe werd het centrum van Zichem in 1944 door een V1-bom getroffen, waarbij de Sint-Eustachiuskerk niet gespaard bleef.

Aan het eind van de jaren veertig werd de kerk wat opgelapt, maar het onbrak de parochie aan financiële middelen om grondige herstellingswerken te laten uitvoeren. Omdat het kerkgebouw een beschermd monument is, rekende Zichem op de nationale kas voor oorlogsschade, maar daarvan zag Zichem nooit een frank.

Een paar jaar geleden werden er dan hekken rond het koorgedeelte geplaatst. "Recent zijn deze verwijderd en vervangen door gevarenlinten," zegt Yvan Van Gelder van de Zichemse kerkfabriek vandaag in het Laatste Nieuws. "We moesten de hekken daar wel zetten. Stel je voor dat er spelende kinderen onder de kerk lopen als er enkele stenen naar beneden vallen. Mochten de hekken er niet staan, dan is de kerkraad verantwoordelijk voor zo'n ongeval."

Concreet kan dit jaar gestart worden met twee dossiers. "Namelijk de uitvoering van de dringende herstellingswerken aan de gevel en het koor," weet Van Gelder. "Daarnaast moet ook het houten dakgeraamte een specifieke behandeling voor insectenaantasting ondergaan. Ze hadden dit beter gedaan toen het dak vernieuwd werd. Dan hadden we dat probleem nu niet."

Omdat de kerk een beschermd monument is, is het ook niet zo simpel om de ijzerzandsteen in haar oorspronkelijke staat te herstellen. "Die studie, waarmee de K.U.Leuven bezig is, duurt al vijf à zes jaar," aldus Van Gelder nog. "De kostprijs van de restauratiewerken wordt geraamd op ruim 90.000 euro. Ook een aantal waardevolle schilderijen uit de kerk moeten nog gerestaureerd worden. Die liggen op de zolder te wachten tot ze eindelijk gerestaureerd kunnen worden."

Bron: Het Laatste Nieuws - 13 februari 2006
Foto: Erf-goed.be

door Tijl | Erfgoed | Reacties (3)

12 februari 2006

Gent plant groene evocatie Sint-Baafsabdij

Deze week zullen de Gentse stadsdiensten enkele voorbereidende werkzaamheden voor de aanleg van het 'Archeologisch park Sint-Baafsabdij' uitvoeren. Later dit jaar zal op de plaats van de verdwenen abdijkerk - met behulp van hagen - een groene evocatie van de Romaanse kerk worden aangeplant.

Op de plaats waar Leie en Schelde samenvloeien stichtte Amandus, een zendeling uit Aquitanië, in de 7de eeuw een abdij die in de loop der eeuwen zou uitgroeien tot een van de machtigste in Vlaanderen. Enkele jaren na de stichting trad een edelman in het Gandaklooster in en nam er de naam Bavo aan. Hij overleed omstreeks 650, werd weldra als heilige vereerd en in de 9de eeuw werd de abdij naar hem genoemd. De Sint-Baafsabdij werd in de 9de eeuw door de Noormannen verwoest, maar in de 10de eeuw onder impuls van Arnulf de Grote, graaf van Vlaanderen, heropgericht. In 1540 gaf keizer Karel bevel grote delen van de abdijgebouwen en de indrukwekkende Romaanse abdijkerk te slopen. Ze moesten plaatsruimen voor een dwangburcht, het zogenaamde Spanjaardenkasteel, om de opstandige Gentenaars snel en efficiënt te kunnen belegeren.

Van 1827 tot 1834 werd het Spanjaardenkasteel gesloopt. Wat overbleef van de vroegere abdij werd als ruïne behouden en in 1887 werd het Steenmuseum er ondergebracht. De kerksite werd al in de jaren ’40 van de vorige eeuw archeologisch onderzocht onder leiding van professor Firmin De Smidt. De resultaten van dit onderzoek vormen nog steeds de basis voor de kennis van de vijfbeukige Romaanse abdijkerk en haar driebeukige laat-Karolingische voorganger.

Met het oog op de uitvoering van het beleidsplan van de Sint-Baafssite werd in 2002 beslist de abdij tijdelijk te sluiten. De voorbereidende werken die de volgende weken zullen plaatsvinden, geven de eerste aanzet voor de ontwikkeling van het Archeologisch park Sint-Baafsabdij. Hierbij wordt onder meer het bestaande fiets- en voetgangerspad vervangen door een nieuw pad doorheen het gerenoveerde poortgebouw van het vroegere slachthuis. Hierdoor kan op de plaats van de verdwenen abdijkerk met haagbeukzuilen, hagen en haagblokken een groene evocatie van de vroegere abdijkerk worden aangeplant. Het loket van het Steenmuseum dat in de Sint-Baafsabdij is gevestigd, krijgt een plaats in het gerenoveerde poortgebouw. Bezoekers kunnen dan via een wandelpad en doorheen de groene abdijkerk het museum bezoeken. Binnen de kerk komt op de plaats van het vroegere altaar een permanent podium. Na de voorbereide