
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
Brusselse regering wil meesterwerk art nouveau kopen | MVSA presenteert jaarverslag 2005
25 maart 2006
Enigmatische vogel in Sint-Pieters
De opgravingen voor de westgevel van de Onze-Lieve-Vrouw Sint-Pieterskerk brachten deze week een ‘versteende vogel’ aan het licht. Het gaat om een grote plaat van Doornikse steen waarop een afbeelding van een vogel ingegrift staat. Archeozoöloog dr. Anton Ervynck, verbonden aan het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE), identificeerde de voorstelling als een kraanvogel.
De plaat (2,05m lang, 1,02m breed en 0,15m dik) werd gevonden in de voormalige monnikenkerk van de Sint-Pietersabdij waar hij als fundering voor een pijler hergebruikt werd (foto, klikken om te vergroten). De pijler behoorde tot een laatmiddeleeuwse bouwfase en is te zien op de plattegrond van de abdijkerk zoals het Rode Plan uit het Gentse Rijksarchief die weergeeft.
Eerder onderzoek maakte uit dat het Rode Plan een 15de-eeuwse situatie uitbeeldt, na de ingrijpende herstellings- en verbouwingswerken volgend op een felle brand die de abdij in 1378 teisterde. De plaat met vogelafbeelding is dus 15de-eeuws of ouder. Hoewel de plaat er op het eerste gezicht uitziet als een grafplaat, lijkt de voorstelling niet met een funeraire bestemming te maken te hebben.
Wat heeft een menshoge voorstelling van een kraanvogel met de Sint-Pietersabdij te maken? Een versneld onderzoekje door historicus Daniel Lievois wees uit dat er een link kan zijn, meer bepaald met het opperleenhof van Sint-Pieters. Het opperleenhof was een feodale instantie die de abt van Sint-Pieters vertegenwoordigde bij alle mogelijke aangelegenheden met betrekking tot de Sint-Pietersheerlijkheid. Daartoe behoorde ook de hoogste jurisdictie. Een dergelijk leenhof omvatte een baljuw en een aantal schepenen en beschikte doorgaans over een eigen gebouw. In de 14de eeuw bestond het opperleenhof van Sint-Pieters uit een hoogbaljuw, zes leenmannen, twee plaatsvervangers, een griffier, een procureur en een gerechtsambtenaar.
Ze vergaderden om de twee weken op woensdag, behalve tijdens het verlof van de door de graaf ingestelde Raad van Vlaanderen. Als wapenschild en zegel gebruikte het leenhof het wapenschild van de Sint-Pietersabdij, de bekende drie sleutels, aan beide zijden geflankeerd door een kraanvogel als schildhouder. De ontdekte steen is dus vermoedelijk afkomstig van een monumentaal gebouw uit de westsector van de Sint-Pietersabdij, dat misschien ook tijdens de brand van 1378 werd beschadigd. Waar de tweede kraanvogel en het bijbehorende centrale wapenschild gedumpt werden, is niet bekend.
Behalve deze merkwaardige stenen plaat legden de opgravingen nog meer gebouwsporen vrij, die verwijzen naar verschillende bouwfazen van de middeleeuwse monnikenkerk en te situeren zijn tussen de eerder opgegraven 10de-eeuwse Westbau en de gevel van de barokke monnikenkerk. Daartoe hoorden ook enkele vloerfragmenten en kistgraven (foto, klikken om te vergroten). Ten noorden van de kerkresten ontdekten de opgravers een aantal antropomorfe graven, afgebakend door een muur. Deze zone lijkt aan te sluiten bij het eerder opgegraven kerkhof van het atrium dat ruim tussen het midden van de 10de en het eind van de 12de eeuw kan worden gesitueerd. Ten zuiden van de kerkresten, voor de hoofdtoegang tot de Kunsthal Sint-Pietersabdij legden de opgravingen een aantal muren en vloeren vrij, die verwijzen naar middeleeuwse abdijgebouwen. Ze verdwenen wellicht bij de herbouw of aanpassing van de centrale abdijvleugels na de beeldenstormtijd, een bouwfase die thans nog het stadsbeeld van Sint-Pieters beheerst.
Bron & foto's: Dienst Stadsarcheologie Gent (stadsarcheologie@gent.be)
door Jeroen | Opgravingen | Reacties (0)
Reageer op dit bericht |
