HomeKalenderForumContactLinks

« augustus 2006 | oktober 2006 »

30 september 2006

Restauratie Brugs Begijnhof na drie decennia afgerond

In het Begijnhof van Brugge is vandaag de vernieuwde bestrating officieel ingehuldigd. Het gaat om de laatste fase van de restauratie van het Begijnhof, die drie decennia duurde. Bij de restauratie van de panden ging extra aandacht naar het inpassen van modern wooncomfort met eerbied voor de waardevolle delen en het uitzicht. De totale restauratie van het Brugse Begijnhof slorpte sinds 1972 5,5 miljoen euro op.

Het Begijnhof is als landschap beschermd sinds 1939. In december 1998 werd het geklasseerd als Werelderfgoed. Sinds 1972 is het Brugse stadsbestuur eigenaar van de site. Het stadsbestuur opteerde destijds om pand per pand te restaureren. Daardoor werd vermeden dat de site er als één grote bouwwerf uit ging zien.

Het Brugse begijnhof gaat terug op een vestiging van begijnen die wellicht aan het begin van de 13de eeuw buiten en ten zuiden van de 12de-eeuwse stadsomwalling aan de Reie een geschikte plek vonden op de zogeheten 'Wingarde'. Het evolueerde tot een omgracht en omsloten domein dat aan stadszijde werd begrensd door de Reie, en aan veldzijde door de 14de-eeuwse omwalling. Ondanks deze insluiting 'intra muros' behield het begijnhof zijn geïsoleerde ligging in de weinig bebouwde wijk nabij het Minnewater en het Sashuis. Na de 17de-eeuwse uitbreiding met een straatje aan de zuidkant evolueerde 'Ten Wijngaerde' van een pleinbegijnhof met een onregelmatige centrale ruimte naar een begijnhof van het gemengde type.

Bron: Belga & AML-themasite Begijnhoven

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

29 september 2006

Reuvensdagen 2006 op 9-10 november in Eindhoven

De Reuvensdagen worden dit jaar op 9 en 10 november in Eindhoven gehouden. Het tweedaags congres heeft als altijd veel te bieden: een gevarieerd lezingenprogramma dat voor iedere archeoloog aansprekende onderdelen bevat, een uitgebreide informatie- en boekenmarkt, een posterpresentatie die gericht is op archeologisch onderzoek, en niet in de laatste plaats een ontmoetingsplaats waar archeologisch Nederland en Vlaanderen kan bijpraten.

De thema's van de Reuvensdagen 2006 zijn:

Begraven en opgraven
Begravingen staan altijd volop in de belangstelling van archeologen. In deze sessie gaat de aandacht enerzijds uit naar onderzoek van de menselijke skeletresten, met natuurwetenschappelijk onderzoek naar bijvoorbeeld bot-degradatie en demografische conclusies die volgen uit voedselresten en botstructuren.

De rituelen rond begraven, zoals het plaatsen van grafgiften, is ook in de christelijke tradities niet volledig uitgebannen en vormen bij opgravingen dankbare aanknopingspunten. Maar hoever kunnen onze interpretaties daarvan gaan? De ethische kanten van het opgraven, onderzoeken en tentoonstellen van menselijk materiaal belichten weer een andere kant van het beroep van de archeoloog.

De Reuvenslezing, als inleiding op dit thema, wordt dit jaar gegeven door professor Matthew Collins, verbonden aan de Universiteit van York en de Vrije Universiteit Amsterdam als toponderzoeker op het gebied van biologische degradatieprocessen in botmateriaal.

Resultaten van grootschalig onderzoek
Zuid-Nederland staat in de archeologie bekend om het grootschalig nederzettingenonderzoek op de zandgronden. Deze landschapsarcheologie van de metaaltijden wordt de laatste jaren sterk aangevuld met de interpretatie van de mobilia. Uit de vondsten van bijvoorbeeld sieraden en gebruiksvoorwerpen blijken soms de bovenregionale contacten van de lokale gemeenschappen die met hun materiële cultuur hun sociale identiteit uitdragen.

De combinatie van onderzoeksrichtingen heeft sterk bijgedragen aan onze kennis van de sociaalculturele achtergrond van de bewoners in de Midden- en Late IJzertijd. In West-Europese context kan zelfs gesproken worden van nieuwe perspectieven in de archeologie van Nederland, die door professor Nico Roymans in een synthetiserende inleiding worden gepresenteerd.

Aansluitend geeft een serie lezingen een nadere illustratie van dit soort grootschalig onderzoek. Ook andere perioden – zoals Romeins of middeleeuws – en andere streken van Nederland komen aan bod. Juist de schaalvergroting en soms lange duur van de opgravingen leveren een specifieke werkwijze en andersoortige resultaten dan een noodopgraving van kleinere omvang. De serie lezingen biedt voor elke archeoloog aanknopingspunten bij zijn eigen werk.

Topvondsten
In het lezingenblok "Topvondsten" brengen archeologen uitzonderlijke vondsten en opgravingsresultaten van het afgelopen jaar voor het voetlicht. De uiteindelijke selectie van voordrachten is afhankelijk van actuele resultaten wordt op een later tijdstip gemaakt.

Meer info: het voorlopige programma en de aanmeldingsformulier vind je op reuvensdagen.nl

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

Vlaamse regering neemt collectie-Janssen over

De prestigieuze collectie precolumbiaanse kunst van wijlen dokter Paul Janssen wordt eigendom van de Vlaamse overheid. De Vlaamse regering heeft vandaag beslist dat de weduwe van Paul Janssen de collectie mag gebruiken om de successierechten op de erfenis van haar man mee te betalen. Intussen is de Mexicaanse regering een onderzoek gestart naar de precieze herkomst en authenticiteit van de Mexicaanse stukken binnen de collectie.

Dora Janssen kreeg, sinds het overlijden van haar man in 2003, al verschillende aanbiedingen uit het buitenland om de verzameling te verkopen. Onder meer uit Los Angeles en Houston kwamen al aanbiedingen. Zelf wou Dora Janssen de collectie liefst in België houden, maar dan moest er een oplossing komen voor de successierechten. De federale en Vlaamse overheid raakten het daar tot nu toe niet over eens.

Nu gaat de Vlaamse regering akkoord om de collectie als betalingsmiddel voor de successierechten te aanvaarden. Daarmee zou de verzameling niet naar het buitenland verhuizen. Niet alleen gaat het om een waardevolle collectie, de verzameling kan ook heel wat toeristen aantrekken, klinkt het bij Van Mechelen. Waar de collectie precies terecht zal komen, is nog niet duidelijk. Maandag overlegt minister Van Mechelen met Dora Janssen om de zaak verder af te handelen.

Momenteel is de verzameling te zien in het Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis in het Jubelpark in Brussel. Volgens de krant De Morgen aast het Mexicaanse Instituto Nacional de Antropologia e Historia, dat over het Mexicaanse culturele erfgoed waakt, op de Mexicaanse stukken in de collectie. De Mexicaanse wetgeving zegt immers dat archeologische stukken uit Mexico onvervreemdbaar en zonder verjaring aan het Mexicaanse volk toebehoren.

Het is nu zaak te achterhalen via welke kanalen de stukken in de collectie van het echtpaar Janssen terechtgekomen zijn, en of dat op legale wijze is gebeurd. "Op dit moment kunnen we niet zeggen of er sprake is van illegaliteit," beklemtoont een woordvoerder van de Mexicaanse ambassade vandaag in De Morgen. "Wel is het zo dat krachtens onze wet privéverzamelingen binnen Mexico pas mogelijk zijn als de objecten terdege bij de overheid geregistreerd en geïnventariseerd staan."

Bron: Belga; De Morgen - 29 september 2006

door Tijl | Internationaal | Reacties (0)

28 september 2006

Frans-Belgisch team graaft unieke Neanderthalersite op aan de Somme

Caours%20Neanderthaler%201.jpgArcheologen van het Inrap (Institut National de Recherches Archéologiques Préventives) en het CNRS (Centre National de Recherches Scientifiques) hebben aan de rivier de Somme, nabij Abbéville (Noord-Frankrijk), een opmerkelijke site blootgelegd: een Neanderthaler slachtplaats uit het Eemien. Hierdoor komt de populaire hypothese, die zegt dat de Neanderthalers zich niet wisten aan te passen aan het warmer wordende klimaat, op losse schroeven te staan.

Caours%20Neanderthaler%203.jpgTot voor kort vormde het Eemien (130.000-115.000 BP) een blinde vlek binnen de Noordeuropese geschiedenis van de Neanderthaler, de naaste verwant van de moderne mens. Er werd verondersteld dat de Neanderthaler zich niet wist aan te passen aan de plots meer gematigde temperaturen van dit interglaciaal (tussenijstijd). De vondst van deze nederzetting in Caours, aan de Somme, die aan geologische lagen van 125.000 jaar geleden kan gerelateerd worden, bewijst dat de homo neanderhalensis perfect wist te overleven in semi-tropische omstandigheden.

Op de kampplaats werden beenderen aangetroffen van o.a. oeros (Bos primigenius), olifant (Palaeoloxodon) en neushoorn (Coelodonta antiquitatis). De dieren werden na de jacht meegenomen naar de site bij Caours, waar ze verder in stukken werden gesneden en de botten werden vermalen voor het beenmerg. De grootschaligheid van de site en de veelheid aan botmateriaal verleidde de onderzoekers tot het gebruik van de term boucherie om de nederzetting te omschrijven. De gebruikte midden-paleolitische vuurstenen voorwerpen (foto linksboven), voornamelijk messen, werden op en in de onmiddellijke nabijheid van de slachtplaats aangetroffen. De benodigde silex werd op korte afstand van de site verzameld uit alluviale afzettingen van de Scabron, een zijriviertje van de Somme.

Caours%20Neanderthaler%202.jpgJean-Luc Locht, een Belgische specialist prehistorie bij de Franse archeologische dienst, was bij de opgravingen aanwezig. Hij benadrukt het belang van de opgravingen: "Dit vormt een uniek bewijs dat de Neanderthalers ook in warme omstandigheden wisten te overleven door de jacht op diersoorten zoals olifant en neushoorn, net zoals ze vroeger en later, tijdens de ijstijden, deden bij mammoet en rendier. Het feit dat we nooit eerder bewijzen vonden van de aanwezigheid van Neanderthalers tijdens het Eemien is wellicht toe te schrijven aan de eroderende werking van de gletsjers uit de finale IJstijd, het Weichselien." De site van Caours kon ontsnappen aan de algehele vernietiging dankzij de bescherming van dikke lagen alluviale sedimentatie.

Vooralsnog heeft de site buiten beenderen van olifant, neushoorn, oeros, everzwijn, ree en (dam)hert geen beenderen van Neanderthalers zelf opgeleverd. De komende zomer gaat het team opnieuw op onderzoek uit (foto linksboven).

Bron / meer info: The Independant - 27 september; Inrap - 22 september
Foto's: Inrap - fotografen Gaël Polin en P. de Portzamparc

door Johan | Internationaal | Reacties (0)

Veldovens uit de vroege ijzertijd te Lille

Op 21 augustus startten projectarcheologen Jef Vansweevelt en Nico Sprengers met de archeologische begeleiding van de nieuwe fluxysaardgasvervoerleiding tussen Herentals en Zandhoven. Drie grote rechthoekige structuren zorgden voor de eerste archeologische waarnemingen te Lille. Waarschijnlijk betreft het hier veldovens voor het bakken van aardewerk, die te dateren vallen in de vroege ijzertijd (800-475/450 voor Chr.).

Net als bij vorige projecten van fluxys werd bij het graven van de sleuf voor de nieuwe aardgasleiding beroep gedaan op archeologen om de werken te begeleiden. Daarnaast zorgde het VIOE voor de verdere logistieke en wetenschappelijke steun. De sporen werden aangetroffen te Lille, op de site 'Endelenveld'.

Vermoedelijke werden oorspronkelijk 5 gelijkaardige, rechthoekige kuilen aangesneden, maar de kraan had 2 van de 5 kuilen reeds te veel beschadigd. De sporen bevonden zich in het Kempische dekzandlandschap op de zuidelijke flank van de Aa-vallei. Het betreft rechthoekig afgeronde sporen van ongeveer 2 m x 1 m, met een houtskoolrijke en roodverbrande vulling die duidelijk wijst op een intense verhitting in situ. Deze vulling reikte tot een maximale diepte van 25 cm en bevatte naast brokjes (verbrande en onverbrande) leem een opmerkelijk aantal verschillende types ceramiek uit de (vroege?) ijzertijd.

Naast ruwwandig, gladwandig en besmeten aardewerk troffen de archeologen ook enkele versierde stukken aan. Uit één van de sporen kwam een merkwaardig artefact uit zandsteen te voorschijn dat mogelijk gebruikt werd bij het gladden en polijsten van aardewerk. In de onmiddellijke omgeving werden ook twee losse paalsporen ontdekt, waarvan er één gelijkaardig ceramisch materiaal bevatte.
Waarschijnlijk betreft het de resten van veldovens voor het vervaardigen van aardewerk. Deze hypothese wordt enerzijds gesteund door de aard van de sporen en anderzijds door de aanwezigheid van geschikte klei in de nabije omgeving. Bijkomend onderzoek zal moeten uitwijzen of het aardewerk daadwerkelijk vervaardigd is uit deze klei.

door Jan | Opgravingen | Reacties (0)

Tweede rapport Centrale Archeologische Inventaris gepubliceerd

Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) heeft het tweede deel in de reeks 'VIOE-Rapporten' gepubliceerd. Het is tevens het tweede rapport over projecten in het kader van de Centrale Archeologische Inventaris (CAI). In dit rapport worden zeven thematische onderwerpen belicht met betrekking tot het archeologisch erfgoed, gaande van steentijdsites in de Kempen tot Battlefield Archaeology in West-Vlaanderen.

In het kader van de CAI, gecoördineerd door het VIOE, werden de laatste jaren verschillende projecten uitgevoerd op het vlak van concrete lacunes in de kennis van specifieke thema’s of betreffende prospectie- en evaluatietechnieken. Deze projecten waren steeds gericht op het ontwikkelen van adequate methodes voor de detectie en evaluatie van archeologische vindplaatsen. Het CAI II rapport is een bundeling van de resultaten van een aantal projecten die hetzij intern, hetzij in samenwerking met of via uitbesteding aan andere instellingen, werden uitgevoerd.

In het rapport komen volgende projecten aan bod:

* verkennend en evaluerend onderzoek van steentijdsites in de Kempen (Marijn Van Gils & Marc De Bie);
* het gebruik van het DHM Vlaanderen en erosiekartering als evaluatiemethode voor de middenneolithische site van Ottenburg (Bart Vanmontfort e.a.);
* geofysisch onderzoek van de abdij van Herkenrode (Luc Van Impe & Kris Strutt);
* inventarisatie van paleo-ecologisch erfgoed (Koen Deforce & Jan Bastiaens);
* de inventarisatie van WOI resten in de Westhoek (Mathieu de Meyer);
* verkennend onderzoek via boringen in het alluviale gebied in de Scheldevallei (Machteld Bats e.a.);
* en archeologische landschapsevaluatie in de Kempen (Erwin Meylemans e.a.).

Alle projecten zijn gericht op het ontwikkelen en stroomlijnen van prospectie- en evaluatiemethodes, zowel op site- als landschapsniveau, in functie van wetenschap en beheer.

Praktisch: Cousserier K. & Meylemans E. (Red.) 2006: Centrale Archeologische Inventaris (CAI) II. Thematisch inventarisatie- en evaluatieonderzoek, VIOE rapporten 02, Brussel, 126 pp. Prijs: € 17. Bestellen: Anne Seys (02/553.16.50).

door Tijl | Publicaties | Reacties (0)

Handelsscheepvaart in de Romeinse tijd

Iedere inwoner van het Romeinse rijk was afhankelijk van voedsel en andere goederen die door schepen werden aangevoerd. In het kader van het OMD-thema 'Import-Export' organiseert het Archeologisch Museum in Grobbendonk op donderdag 12 oktober een lezing over 'Handelsscheepvaart in de Romeinse Tijd'. De voordracht, door Guido Cuyt, werpt een licht op de handelsscheepvaart in de Oudheid vanaf Pompeius tot de laat-antieke tijd.

Grote hoeveelheden voedsel, zoals graan, konden veel gemakkelijker per schip dan over het land vervoerd worden. In amforen werden wijn, vruchten en olijfolie en de in Romeinse keuken veel gebruikte vissaus bewaard. Na een inleidend woord over de antieke scheepvaart en een vleugje geschiedenis kan de luisteraar aan de hand van voorbeelden kennis maken met:

- het uitzicht van de schepen: tuigage, masten, zeilen, ankers…
- de scheepsbouw: balkwerk, breeuwsel…
- de lading en het laadvermogen: uiteenlopende soorten goederen in schepen met soms gigantische afmetingen
- het vaarseizoen: in principe niet tijdens de herfst en de winter
- de snelheid die de schepen konden halen: afhankelijk van de vaarroute en – uiteraard – de windrichting.

Ostia, de belangrijkste haven van de Romeinse wereld, krijgt speciale aandacht.

De voordracht wordt gegeven door Guido Cuyt, voorzitter van de Antwerpse Vereniging voor Romeinse Archeologie (AVRA).

Praktisch: de lezing vindt plaats op donderdag 12 oktober om 19.30 u in de polyvalente ruimte van de bibliotheek (Astridplein 3, Grobbendonk). Toegang is gratis. Om praktische reden graag een bevestiging vooraf: 014/50.74.95.

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

27 september 2006

De middeleeuwse pin: laat u (n)iets op de mouw spelden

Het actuele gebruik van buttons, logo’s en merken was reeds in de late middeleeuwen alom aanwezig in de vorm van op kledij gedragen speldjes. Iedereen, van keizer tot bedelaar, speldde insignes op. Deze tekens vertelden wie de drager precies was, beschermden hem als amulet, raakten aan de kern van zijn geloof en geluk. De tentoonstelling ‘Geloof & Geluk’ in het Brugse Gruuthusemuseum toont het laatmiddeleeuwse sieraad voor het eerst in een breed cultuurhistorisch kader.

Bij archeologische opgravingen worden vandaag de dag grote hoeveelheden insignes teruggevonden. De tentoonstelling achterhaalt de betekenissen van dit eerste massaproduct, en spoort het gebruik van deze kleinoden op. ‘Geloof & Geluk’ doet op die manier als het ware aan ‘bovengrondse archeologie’ en bevindt zich op het snijvlak van archeologie, kunstgeschiedenis en cultuurgeschiedenis. De tentoonstelling ‘Geloof & Geluk’ brengt de middeleeuwse pins - alle gemaakt en/of gevonden in Vlaanderen - in dialoog met schilderijen, miniaturen uit manuscripten, gebruiksvoorwerpen en heiligenbeelden, en dit levert ongebruikelijke confrontaties op.

De insignes bevestigen meestal de gekende beelden en voegen er extra betekenis aan toe. Maar waar schilderijen, boekillustraties en beelden hen/ze in hun meest verheven vorm afbeelden, doorprikken bepaalde van de eigenlijke speldjes de illusie van ‘de vrome middeleeuwen’ op een bij momenten zeer ondubbelzinnige manier. ‘Geloof & Geluk’ heeft een reeks erotische insignes in petto die niets aan de verbeelding over laat (foto rechtsboven). De tegenstellingen tussen licht en duister, tussen het verhevene en het alledaagse in de late middeleeuwen én in de beeldvorming erover, worden uitgespeeld. Dit komt uiteindelijk het totaalbeeld van de middeleeuwen ten goede.

Pelgrims waren de meest fervente verzamelaars van de vrome stukjes symboliek. Zij waren onderweg van plaats naar plaats, maar ook van insigne naar insigne; de insignes vormen samen als het ware hun reisdagboek. Het pelgrimage-gegeven krijgt een bijzondere plaats in ‘Geloof & Geluk’, een tentoonstelling die de pelgrim in elk van ons zal aanspreken.

Het Bruggemuseum–Gruuthuse is als zichtbare getuigenis van de laatmiddeleeuwse handelsmaatschappij een passende gastheer voor ‘Geloof & Geluk’. Het museum is volledig leeggehaald en heringericht voor deze tentoonstelling. Het concept en de samenstelling van de tentoonstelling is in handen van prof.dr. Jos Koldeweij, hoogleraar Kunstgeschiedenis van de Middeleeuwen aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

Praktisch: ‘Geloof & Geluk’ loopt nog tot 4 februari 2007 in het Bruggemuseum–Gruuthuse (Dijver 17, Brugge). Meer info op www.geloofengeluk.be. Aansluitend bij de tentoonstelling is een uitgebreid publiekswerkingsaanbod voor handen: van pelgrimstochten voor klassen en kinderen tot audiogidsen en gidsbeurten; van een lezingreeks rond geloof en bijgeloof tot de concertenreeks ‘Insignia’ in samenwerking met het Concertgebouw.
Foto's:
- Rechtsboven: Insigne, man, vrouw en knecht roosteren en bedruipen een fallus aan het spit, 1350-1400, loodtin, h. 49 br. 42 mm. © Vondst Amsterdam. Cothen, coll. H.J.E. van Beuningen.
- Links: Insigne, Maurus staand op luipaard, St-Maur-des-Fossés, 1250-1350, loodtin, h. 80 mm.Vondst in de Leie te Gent. © Gent, Bijlokemuseum.
- Rechtsonder: Pelgrim met reistas, staf en gehuld in korte mantel met spitsuitlopende capuchon of kaproen., loodtin, h. 41 br. 16 mm. Vondst Ieper, Majoorgracht (Bollaertbeek). © Gits, Collectie Patrick Van Wanzeele.

door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)

Colloquium muurschilderingen in Luik

Op 2 en 3 oktober vindt in Luik het colloquium 'Les peintures murales, les techniques' plaats. Gespreid over twee dagen worden in het archeoforum aan de Place Saint-Lambert diverse lezingen gegeven over muurschilderingen, natuurwetenschappelijke analyse van schilderingen en technieken van conservatie en restauratie.

De sprekers vormen een internationaal gezelschap van deskundigen. Naast de lezingen worden verschillende activiteiten aangeboden zoals demonstraties van de toepassing van spectrometrie bij de analyse van schilderingen, 3D-visualisatie en veldbezoeken. De eerste avond wordt bovendien een publiek toegankelijke academische zitting voorzien die zal handelen over de traditie van de precolombiaanse muurschilderingen in Mexico, gegeven door Renata Garcia-Moreno.

Het colloquium gaat van start op 2 oktober 2006 om 9u met een inleiding door Freddy Joris, Administrateur-generaal van het IPW. Anna Bergmans, professor aan de Universiteit Gent en verbonden aan het VIOE zal op 3 oktober een lezing geven over de 'Analyse van de kunsthistoricus: de casus van de muurschilderingen van Montzen (begin 16de eeuw)'.

Praktisch: Het volledige programma kan u hier terugvinden (pdf-formaat). Inschrijven is verplicht en kan via het inschrijvingsformulier dat u doormailt naar Vanessa Anormino (v.amormino@institutdupatrimoine.be). Uw inschrijving is geldig na overschrijving van 30 euro.Let wel: het maximum aantal deelnemers is beperkt tot 100.

door Bart | Congressen | Reacties (0)

The tomb of Sobeknakht

sobeknakht.bmpKomende zondag 1 oktober nodigen de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis en het Egyptologisch Genootschap Koningin Elisabeth egyptoloog William V. Davies uit voor een lezing over de graftombe van Sobeknakht, gouverneur van Elkab. De spreker is verbonden aan het British Museum en zal ingaan op het lopende epigrafische onderzoek van de tombe en de conservatie ervan.

De graftombe van Sobeknakht, gouverneur van Elkab in Opper-Egypte, vormt één van de belangrijkste bronnen over het Egyptische rijk tijdens de 17de dynastie, een periode waarin Egypte politiek en territoriaal erg verdeeld was. De Hyksos in het noorden en het koninkrijk Kush in het zuiden vormden een constante bedreiging voor de Egyptische staat en samenleving. Spreker William V. Davies zal het hebben over het lopende onderzoek van het British Museum in de tombe. Dit spitst zich hoofdzakelijk toe op een epigrafische studie van de bewaarde teksten, en op de conservatie van de tombe in zijn geheel. Recente reinigingswerken van de grafwanden legden prachtig geschilderde voorstellingen van het dagelijkse leven en het begrafenisritueel bloot, evenals nieuwe inscripties die een nieuw licht werpen op Egypte's vijandige relatie met Kush. William V. Davies brengt verslag uit van de belangrijkste resultaten van dit onderzoek.

Praktisch: De lezing zal in het Engels zijn en vindt plaats in het Jubelparkmuseum (Jubelpark 10, Brussel) op zondag 1 oktober as. De lezing start om 10.30u en duurt ca. 1,5 uur. Toegangsprijs: € 6, € 5 (senioren, CJP, -18 jaar), gratis voor leden VED, leden Per Musea en leden EGKE. Inschrijven kan via het secretariaat van de Educatieve & Culturele Dienst van de KMKG.

door Bart | Lezingen | Reacties (0)

26 september 2006

Teken de petitie voor het behoud van de collectie-Janssen in België!

Door het politieke gebakkelei rond de collectie precolumbiaanse kunst uit de erfenis van Paul Janssen, dreigt de waardevolle verzameling definitief naar het buitenland te verhuizen. De directie en het personeel van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (KMKG) hebben nu een petitie gelanceerd voor het behoud van de collectie in eigen land. "Of deze verzameling wordt geëxposeerd in Brussel of in Antwerpen, het belangrijkste is dat zij in België blijft," luidt het.

Met de petitie wil men de federale en de Vlaamse regeringen tonen dat het publiek veel belang hecht aan de bewaring van dit unieke patrimonium, dat het buitenland ons benijdt. De verzameling-Janssen bestaat uit ongeveer 350 precolumbiaanse kunstobjecten. Zowat alle culturen van het Amerikaanse continent zijn vertegenwoordigd in de collectie, die maar liefst 15 miljoen euro waard is.

"Of deze verzameling wordt geëxposeerd in Brussel of in Antwerpen, het belangrijkste is dat zij in België blijft," stelt de KMKG-directie. "De versmelting van de verzameling Janssen met de federale collectie van precolumbiaanse kunst van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis zou het mogelijk maken om een geheel tot stand te brengen dat indrukwekkend is, gevarieerd en van wereldbelang."

"Een dergelijke gelegenheid doet zich naar alle waarschijnlijkheid nooit meer voor en er niet op ingaan, zou jammer zijn voor de bevolking en de volgende generaties. Door de nakende deadline die door barones Paul Janssen werd ingesteld, namelijk 1 oktober, zijn wij ons ervan bewust dat we geen enorme aantallen handtekeningen bij elkaar zullen krijgen, maar toch willen wij iets ondernemen."

ArcheoNet steunt dit initiatief en roept iedereen op de petitie te tekenen en dit bericht verder te verspreiden. Je vindt de petitie op deze pagina.

Achtergrond-artikels op ArcheoNet:
Meesters van de precolumbiaanse kunst (15 september 2006)
Voor de eerste keer erfenisrechten met kunst betaald (25 augustus 2006)
Kiezen tussen cash en kunst (30 maart 2006)
Wie wil de collectie-Janssen? (7 februari 2006)
Jubelparkmuseum dreigt grote schenking mis te lopen (5 augustus 2005)

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Memorial Museum Passchendaele 1917 lanceert nieuwe website

Vandaag werd de vernieuwde website van het Memorial Museum Passchendaele 1917 gelanceerd. De voorstelling van de website gebeurde in het kader van de ontvangst van de 100.000ste bezoeker in het museum in Zonnebeke. Met de nieuwe website is de aanloop naar het herdenkingsjaar 1917-2007 definitief ingezet. Volgend jaar herdenkt men immers de 90ste verjaardag van de Slag van Passendale.

Het Memorial Museum, dat in april 2004 haar deuren opende, spitst zich toe op de Slag van Passendale uit 1917 waar op honderd dagen tijd duizenden soldaten het leven lieten in de Vlaamse modder. Bezoekers komen vooral uit Groot-Brittannië, Australië, Canada, Nieuw-Zeeland, Nederland en België om deze bloedige slag te herdenken.

Op dertig maanden tijd kwamen er dus al 100.000 bezoekers over de vloer. Het dynamisme van het Memorial Museum blijkt volgens wetenschappelijk medwerker Jan Van der Fraenen niet alleen uit het hoge bezoekersaantal, maar ook uit de gerealiseerde projecten: "Het jaarlijkse museumweekend in april 2006 met als thema ‘Air Battle 1917’ bracht maar liefst 10.000 bezoekers naar Zonnebeke. Ook werd op vrijdag 8 september het nieuwe bezoekerscentrum bij Tyne Cot Cemetery officieel voorgesteld in aanwezigheid van Vlaams minister Geert Bourgeois. De oude spoorweg Ieper-Roeselare werd gedeeltelijk gerestaureerd en is nu een wandel- en fietspad en vormt de fysische link tussen het Memorial Museum en Tyne Cot Cemetery."

Na de ontvangst van de 100.000ste bezoeker werd de vernieuwde website van het Memorial Museum worden voorgesteld. De website was immers volledig verouderd en niet meer aangepast aan de 350.000 bezoekers die deze al bezocht hebben. Een bezoeker zal via de nieuwe site zorgvuldig zijn bezoek kunnen plannen aan de streek, waaronder het nieuwe bezoekerscentrum bij Tyne Cot Cemetery, en vindt er alle contactgegevens van de medewerkers van het museum. Verder zullen scholen er ook informatie kunnen vinden over het nieuwe interactief educatieve pakket.

Het museum pakt voor volgend jaar ook uit met een indrukwekkend programma rond de 90ste verjaardag van de Slag van Passendale. Alle evenementen en herdenkingsplechtigheden zullen op de site uitgebreid worden aangekondigd. Ten slotte kunnen familieleden van gesneuvelden uit de Slag van Passendale online gegevens over hun oom of grootvader doorsturen naar het Memorial Museum in kader van het Passchendaele Archives project.

Externe link: www.passchendaele.be

door Tijl | Websites | Reacties (0)

Infodag over archeologie in Vlaams-Brabant op 21 oktober

Op zaterdag 21 oktober organiseert de provincie Vlaams-Brabant haar jaarlijkse informatiedag over archeologie. Alle amateurarcheologen en andere geïnteresseerden uit Vlaams-Brabant zijn die dag van harte welkom in Merchtem.
Na een reeks parallelle workshops in de voormiddag, wordt in de namiddag een bustocht gemaakt langs een aantal castrale mottes in de regio.

Tijdens het eerste deel van de infodag kunnen de deelnemers zich in groepjes verdiepen in enkele detailaspecten of partnerwetenschappen van de archeologie. Je komt ook te weten hoe je een belangrijke archeologische vondst kunt herkennen en wat je moet doen als je archeologisch materiaal vindt. Je kunt zelf archeologische vondsten meebrengen als je precies kunt zeggen waar je die vond. De specialisten geven je dan ter plaatse meer uitleg of verwijzen je door naar de juiste persoon. De namiddag is gewijd aan middeleeuwse (castrale) mottes. Na een korte voorstelling volgt er een busrit door het noordwesten van Vlaams-Brabant op zoek naar de castrale mottes.

Praktisch: De infodag vindt plaats in Brussegem (Merchtem) en is volledig gratis. Inschrijven is wel verplicht, en dient te gebeuren voor 16 oktober. Download het programma en de inschrijvingskaart (pdf).

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

25 september 2006

Grondplan uit haagbeuk beeldt abdijkerk Sint-Baafs uit

De Sint-Baafsabdij in Gent krijgt opnieuw een kerk, opgetrokken uit haagbeuk. De Gentse groendienst begon vorige week met het aanplanten van de groene muren en pilaren, die binnen negen jaar volgroeid moeten zijn. Een dergelijke "groenkerk" is uniek in Vlaanderen. De indrukwekkende Romaanse abdijkerk van Sint-Baafs werd in 1540 op bevel van keizer Karel afgebroken om plaats te maken voor een dwangburcht, het zogenaamde Spanjaardenkasteel.

Tussen het Museum voor Stenen Voorwerpen op de Sint-Baafssite en de plek waar vroeger het slachthuis stond, staat de oudste bovengrondse muur van Gent, de enige overgebleven zijmuur van de abdijkerk van Sint-Baafs, die in 1540 werd gesloopt door keizer Karel. Al sinds de afbraak van het slachthuis in de jaren 1980 wilden verschillende stadsdiensten de vroegere abdijkerk evoceren op het braakliggend terrein dat overbleef.

Het hoofd van de dienst monumentenzorg Geert Van Doorne overloopt in De Standaard de inmiddels afgeschoten plannen: "Eerst dachten we de torens van de abdijkerk in metaal te herbouwen, maar dat bleek te duur. Vervolgens dachten we de funderingen van de kerk bloot te leggen voor het publiek, maar daarvoor moesten we te veel grond weggraven. De blootgelegde resten zouden bovendien te kwetsbaar worden en te duur in onderhoud. De plattegrond van de kerk op het huidige loopniveau reconstrueren in moderne steen was een derde optie, die eveneens onbetaalbaar bleek."

De ideale oplossing bleek een evocatie in groen. Geen aanpassingen van het loopniveau, geen dure bouwsels, geen schade aan de overblijfselen van de abdij, maar wel een waardevol nieuw stukje groen in de stad. Een dergelijke groenkerk, zeker midden in een stad, is volgens Geert Van Doorne uniek in Vlaanderen: "In Engeland zijn er wel enkele voorbeelden, net als op de polders in het Nederlandse Almere. Maar het is uniek dat we hier werken op het grondplan van een kerk die er ooit echt stond." De ontwerpers haalden wel inspiratie in een privétuin van een aannemer in de buurt van Brugge, die er de verdwenen Sint-Donaaskerk in haagbeuk heeft opgetrokken.

Op de Dag van het Park in 1998 zijn als test de eerste haagbeukjes aangeplant waar ooit de kerkpilaren stonden. Het resultaat daarvan was echter niet ideaal: je kan er los doorheen kijken, waardoor het niet doet denken aan een bouwwerk. In het nieuwe plan is het geheel daarom omringd door een metalen structuur, overgroeid door een volle haag. Tot de beukjes groot zijn, binnen een jaar of negen, mag niemand er 's nachts in, om vandalisme te vermijden.

De groenkerk wordt een publiek park, de voorhal van het Museum voor Stenen Voorwerpen en een locatie voor openluchtevenementen. "Het is een evenwichtsoefening: we geven de buurt een park, de toeristen een bezienswaardigheid en de omwonenden een mooi uitzicht," verduidelijkt de ontwerper van het plan, landschapsarchitect Jurgen De Waegemaeker. "Tegelijk bewaren we grotendeels de bestaande open ruimte en hebben we een oplossing gevonden voor het voetgangers- en fietsverkeer tussen het stadscentrum en het Dampoortstation.''

Bron: De Standaard - 25 september 2006

door Tijl | In de pers | Reacties (0)

Eerste steenlegging Gallo-Romeins Museum Tongeren

In aanwezigheid van minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael werd dit weekend de eerste steen gelegd van het nieuwe Gallo-Romeins Museum in Tongeren. De werken komen nu in een stroomversnelling en worden de komende tijd beeldbepalend in het Tongerse stadscentrum. Door de sloop van een warenhuis zal de achterkant van de basiliek en de Romaanse kloostergang voor het eerst vrijkomen en een nieuw wandelpad ontstaan.

Het Gallo-Romeins Museum in Tongeren is de voorbije tien jaar een museum met nationale uitstraling geworden met spraakmakende tentoonstellingen en een goed uitgebouwde educatieve werking. "Met de nieuwbouw die nu in de steigers staat en de trendsettende museale presentatie zal het Gallo-Romeins Museum in de toekomst uitgroeien tot hét museum van de Euregio," zei gedeputeerde Jos Claessens zaterdag.

Volgens minister Dewael is het toerisme eén van de belangrijkste economische groeisectoren van de streek. Na het domein Bokrijk en Alden Biesen is het Gallo-Romeins Museum de grootste toeristische trekker van de provincie Limburg. Met de nieuwe uitbreiding heeft het museum de ambitie om van gemiddeld 100.000 bezoekers te stijgen naar gemiddeld 150.000 bezoekers per jaar. De tentoonstellingsoppervlakte groeit met meer dan 1000m² tot 3800m².

In zijn toespraak keek minister Dewael ook nog eens terug op een aantal gerealiseerd projecten in Tongeren: "Binnen één legislatuur werden nooit zo veel restauratieprojecten met succes opgezet en afgerond. Ik denk aan het Munthuis dat onlangs in gebruik genomen is als erfgoedcentrum, de schitterende site van het Agnetenklooster die ik enkele weken geleden samen met minister Bourgeois mocht openen, de Ursulakapel die gebruikt wordt als tentoonstellingsruimte, de Infirmerie waar binnenkort een klasse horecazaak zal worden uitgebaat."

Recent hebben ministers Van Mechelen en Dewael ook beslist om de Moerenpoort, de enige overblijvende middeleeuwse stadspoort vlotter toegankelijk te maken. De realisatie van het Euregionale bezoekerscentrum op het Vrijthof moet de echte kers op de taart worden: "Hiermee willen we in één klap de openliggende archeologische site beschermen, de opgravingen onder de basiliek toegankelijk maken én vooral een gepaste plek creëren waar de bezoekers in optimale omstandigheden zullen worden geïnformeerd over de culturele en toeristische mogelijkheden in onze regio en van waaruit ze hun ontdekkingstocht kunnen aanvatten."

Meer info: volg de werken op galloromeinsmuseum.be

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Minister schermt met Romeinen in strijd tegen leemontginning

Huldenberg%20Vossekouter.jpgMinister Van Mechelen (VLD) maakt bezwaar tegen de ontginning van een leemgroeve in Huldenberg. Behalve een bedreiging voor het waardevolle ecosysteem dreigt ook de archeologie schade te ondervinden bij de ontginning; er loopt immers een Romeinse weg doorheen het plangebied. "Het behoud ervan is om archeologische redenen een plicht. Dat maakt de ontginning in het centraal gebied moeilijk", aldus de minister.

Op vraag van Huldenbergs gemeenteraadslid Philippe Vervoort (VLD) heeft men op het kabinet van Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Dirk Van Mechelen (VLD) bijkomende bezwarende elementen tegen de geplande leemontginning gevonden. "Het beschermde landschap Vossekouter (zie foto rechtsboven), een zeer kwetsbare holle weg, wordt door de bedoelde zone perifeer aangesneden en door het gebied loopt een oude Romeinse weg. Dat geeft de omgeving een archeologische waarde", laat Van Mechelen weten. Bovendien grenst het afgebakende gebied in het noordwesten aan een hoogstamboomgaard en aan een kwetsbare naaldhoutaanplanting. "Er zal verder onderzocht moeten worden hoe groot het ecotoopverlies bij een eventuele ontginning zal zijn", zegt minister Van Mechelen.

"Het voorontwerp Bijzonder Oppervlaktedelfstoffenplan (BODP) Vlaamse Leemstreek is intussen door de stuurgroep geadviseerd. Dat advies vormt de basis voor de herwerking van het BODP. Dat wordt daarna aan de bevolking voorgelegd", besluit Van Mechelen.

Het actiecomité Ontgi-ni reageert met enige argwaan. "Wij stellen vast dat het gemeentebestuur van Huldenberg, net voor de verkiezingen een bocht van 180 graden neemt. Waarom heeft dit bestuur niet eerder een duidelijke standpunt ingenomen zoals de gemeente Overijse dat al deed? Waarom sturen de Huldenbergse partijen, behalve Groen! hun kat naar een vergadering van de Milieuadviesraad waar men hun standpunt vraagt", reageert Guido De Keyzer. Hij herinnert zich ook dat minister Van Mechelen enkele maanden geleden zei dat "de leemontginning moeilijk tegen te houden zou zijn".

Bron: Het Nieuwsblad, 25 september 2006
Foto: Ysetrippers

door Johan | In de pers | Reacties (0)

24 september 2006

Het landschap van levenden en doden in de Merovingische periode

Op vrijdag 20 oktober wordt aan de Vrije Universiteit Brussel een workshop georganiseerd met als thema 'Het landschap van levenden en doden in de Merovingische periode'. Tijdens deze studiedag zullen recente projecten en onderzoeksresultaten uit Belgie en Noord-Frankrijk voorgesteld worden. De Vlaamse sprekers zullen het onder andere hebben over de opgravingen van het vroegmiddeleeuwse grafveld (6de-7de eeuw) in Ranst-Broechem en het onderzoeksproject 'Pagus Rien'.

Het Merovingische grafveld van Broechem werd zeer toevallig ontdekt in maart 2001 tijdens graafwerken voor het installeren van een pomp. Bij opgravingen in 2001 en 2002 werden maar liefst 263 graven opgetekend. Opvallend was de aanwezigheid van 3 paardengraven in de buurt van een groot dubbelgraf met rijke vondsten. Uniek was ook de vondst van een muntschat van 10 gouden munten (9 Merovingische tremisses en 1 Byzantijnse solidus uit de 6 de eeuw) in één van de graven.

Tijdens de workshop wordt ook het onderzoeksproject 'Pagus Rien' voorgesteld. In het kader van dit project onderzoeken archeologen (vroeg-)middeleeuwse sites in de Antwerpse zandleemstreek. Tijdens het tweede gedeelte van de studienamiddag passeren een aantal opgravingen in Wallonie de revue, met als afsluiter een lezing over de Merovingische necropool in Grez-Doiceau, waar meer dan 350 graven werden blootgelegd.

Meer info: download het volledige programma (pdf) van de studiedag. Graag even je aanwezigheid op de studiedag bevestigen aan Rica Annaert.

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

Mummies in de bibliotheek

beeldje.jpgOp zondag 1 oktober opent de tentoonstelling ‘Mummies in de bibliotheek’ de deuren. Tot en met 31 december kan u in de Antwerpse Stadsbibliotheek genieten van de voor de gelegenheid bijeengebrachte egyptologische collecties van de bibliotheek en het Vleeshuis. Blikvanger is de 3000 jaar oude mummie van Nesi Choensoe, een adellijke vrouw uit de tempelstad Thebe.

Het Vleeshuis kwam in de 19de eeuw in het bezit van een houten doodskist met rijke beschilderingen en godsdienstige teksten. In de kist bevond zich de 3.000 jaar oude mummie van Nesi Choensoe. Verder kon het Vleeshuis in de loop der jaren ook nog godenbeelden, papyri, amuletten, en mummies van mens en dier bij de collectie inlijven.

De eyptologische collectie van de Stadsbibliotheek omvat ondermeer de Egyptische kast met de monumentale boekwerken van Richard Lepsius. De Duitser Lepsius was in de 19de eeuw één van de grondleggers van de egyptologie. Hij leidde in 1842 een driejarige expeditie naar het Nijldal. Zijn tekeningen en plannen bundelde hij in Denkmäler aus Aegypten und Aethiopien. Deze prachtig geïllustreerde boeken waren een inspiratiebron voor de Egyptische tempel in de Antwerpse Zoo en tot vandaag blijven ze een standaardwerk voor de kennis van de Oudegyptische beschaving.

Praktisch: De tentoonstelling ‘Mummies in de bibliotheek’ loopt van 1 oktober tot 31 december 2006 in de Stadsbibliotheek Antwerpen (Hendrik Conscienceplein 4, Antwerpen). Openingsuren: open van dinsdag t /m zondag 13:00 – 17:00, gesloten op maandag, evenals op 1-2 en 11 november, en 25-26 december 2006. De toegangsprijs bedraagt € 3,00 / 2,00 / gratis. De tentoonstelling is toegankelijk voor rolstoelgebruikers.

door Bart | Tentoonstellingen | Reacties (0)

22 september 2006

Dringend vrijwilligers/studenten gezocht voor opgraving in Deinze

In Deinze is men zeer dringend op zoek naar vrijwilligers en/of studenten voor een korte noodopgraving in de Terwilgenstraat. Deze opgraving wordt gecoördineerd door de Kale-Leie Archeologische Dienst (KLAD), en loopt nog tot en met vrijdag 29 september. Wie volgende week dus nog een handje wil toesteken in Deinze, kan contact opnemen met archeologe Sigrid Klinkenborg (0486/40.49.49).

door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)

21 september 2006

Loopgraven uit Tweede Wereldoorlog ontdekt

bunkerteStene.jpgIn Oostende zijn loopgraven en schuilputten uit de Tweede Wereldoorlog blootgelegd. Dat gebeurde bij graafwerken voor een nieuwe verkaveling, in de Bruggestraat te Stene. Archeologen kwamen ter plaatse om de loopgraven te bestuderen. De loopgraven maakten onder meer deel uit van de verdediging van de Batterij Stene (foto). Kort na de Tweede Wereldoorlog werden de loopgraven, die tientallen meter lang zijn, gedempt.

"Buurtbewoners verwittigden ons van de vondst. Ze waren al een tijdje op de hoogte dat de aannemer iets onder de grond had aangetroffen," zegt archeologe Ine Demerre van het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed vandaag in De Standaard.

"De archeologische vondst heeft de werkzaamheden niet beïnvloed. De werkmannen hebben ons zelfs geholpen door met hun kraan de loopgraven volledig bloot te leggen. Het gevonden stuk blijkt deel uit te maken van een groter complex. Aan de hand van de rode bakstenen zien we dat het uit de Tweede Wereldoorlog moet dateren. Het gevonden materiaal, zoals scherven en prikkeldraad, zullen we nu wassen, inventariseren en opslaan," aldus archeologe Ine Demerre.

Externe links: vrtnieuws.net, Standaard Online en WWII Sites

door Jeroen | In de pers | Reacties (0)

Holsbeek wijdt erfgoedwandeling aan overleden amateur-archeoloog

Deze zaterdag wordt in het Vlaams-Brabantse Holsbeek de nieuwe Gust Boschmansroute ingelopen. Het zal die dag precies 1 jaar geleden zijn dat Gust Boschmans op 103-jarige leeftijd overleed. Velen herinneren zich hem als een bijzonder gedreven amateur-archeoloog, kunstenaar, heemkundige en natuurliefhebber. Zijn omvangrijke archeologische collectie bevindt zich momenteel voor inventarisatie en studie bij het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed.

Het parcours is opgevat als erfgoedwandeling en voert je langs tal van archeologische vindplaatsen en historische monumenten. Je doorkruist verschillende landschapstypes en ontdekt unieke stukjes natuur. In de wandelbrochure 'Gust Boschmansroute - een erfgoedwandeling in twee delen' die aanstaande zaterdag verschijnt (36 blz.), krijgt de wandelaar bij elk van deze locaties een woordje uitleg. De brochure kwam tot stand dankzij de inbreng van een 20-tal medewerkers (amateur-archeologen, kunstkenners, heemkundigen, natuurliefhebbers, fotografen...) en zal binnenkort te verkrijgen zijn bij toeristische diensten en bezoekerscentra in de streek.

Op zaterdag 23 september kan je de wandeling in groep maken. Om 10u00 wordt de westelijke lus gelopen (ca. 8 km), om 14u00 volgt de oostelijke lus (ca. 6 km). Beide wandelingen starten en eindigen aan de Sint-Mauruszaal, Sint-Maurusstraat te Holsbeek (vlak bij de kerk). Met de brochure in de hand kan je de wandeling nadien ook altijd individueel lopen. Let op: er is geen bewegwijzering voorzien!

Meer info: Bart Robberechts (0496/61.67.60)
Aansluitend artikel: Collectie Holsbeekse amateur-archeoloog wordt geïnventariseerd (8 februari 2006)

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Vanaf vandaag nieuwe Rome-serie op BBC 1

Er lijkt vooralsnog geen einde te komen aan de belangstelling voor de Romeinse oudheid. Getuige daarvan de grote hoeveelheid boeken, films en programma's die we de jongste maanden over ons heen krijgen. Vanaf vandaag lanceert BBC 1 een nieuw zesdelig docudrama over het oude Rome, met als titel 'Ancient Rome - the Rise and Fall of an Empire'. De eerste aflevering focust op het leven van keizer Nero.

De zes afleveringen tonen pakweg 500 jaar Romeinse geschiedenis en bevatten ondermeer bijdragen over Caesar, Nero, Gracchus, Vespasianus en Constantijn. De eerste aflevering is dus vandaag donderdag reeds te zien, en wel op BBC 1 tussen 22 u. en 23 u.

Bij de televisieserie hoort ook een begeleidend boek, geschreven door Simon Baker (BBC Books, 336 blz.). En alsof dat nog niet genoeg is, verschijnt de serie op 23 oktober reeds op DVD (BBC Video). Of en wanneer de reeks ook bij ons te koop zal zijn is nog niet bekend.

Meer info: bbc.co.uk
Bron: SPQR

door Tijl | Varia | Reacties (0)

20 september 2006

Dienstmededeling: nieuwe poll - discussieforum

Om ArcheoNet nog wat interactiever te maken, hebben we vandaag een poll-functie toegevoegd aan de website. De eerste ArcheoNet-poll peilt naar je favoriete project in de Monumentenstrijd. Stemmen kan in de rechterkolom.
Intussen werd ook een oplossing gevonden voor het spam-probleem op het ArcheoNet-discussieforum, dat de laatste tijd nogal veel ongewenste bezoekers kreeg.

Iedere bezoeker van de website kan ten hoogste een keer stemmen voor de poll. Na het stemmen krijg je meteen een overzicht van de voorlopige stand te zien. Bij voldoende succes zullen we in de toekomst geregeld nieuwe polls lanceren rond archeologie en erfgoed.

Ons discussieforum had de laatste tijd dan weer sterk te lijden onder spam-berichten, waardoor het minder bruikbaar werd om echte discussies te voeren. Door enkele nieuwe maatregelen hopen we het forum nu weer vrij te kunnen houden van allerhande ongewenste reclame-boodschappen en links naar obscure websites. Vanaf nu kunnen enkel nog geregistreerde leden berichten op het forum posten. Om robots geen kans te geven, moet bij de registratie nu ook een code worden ingevoerd.

Ondertussen blijft er wel nog een probleem om een lijstje van de laatste reacties op berichten weer te geven op de homepage, zoals vroeger het geval was. Wij hopen ook dit probleem op korte termijn te kunnen oplossen.

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Eerste Europees contactweekend voor industrieel en technisch erfgoed

Tijdens het weekend van 7-8 oktober organiseert de European Federation of Associations of Industrial and Technical Heritage (E-FAITH) in het Limburgse Beringen een eerste Europees contactweekend. Het wordt een open initiatief, waar organisaties en individuen hun ideeën, hun projecten en hun realisaties kunnen voorstellen, vergelijken, en nagaan waar mogelijkheden tot samenwerking en gemeenschappelijke projecten kunnen tot stand komen.

In alle Europese landen berust de studie, het behoud en de ontsluiting van industrieel en technisch erfgoed in hoofdzaak op de inzet van talloze vrijwilligers en niet-gouvernementele organisaties. Zonder hun inspanningen zouden tal van historische sites, voorwerpen en documenten die getuigen van de groei van de moderne industriële maatschappij verloren zijn. Hun inzet is belangeloos, onbezoldigd - en vaak nog miskend door officiële instellingen en instituten.

Meer en meer wordt door hen de nood gevoeld om ook even over de grens te kijken en om overleg te plegen met collega's in andere Europese landen Tijdens dit weekend kunnen vrijwilligers uit verschillende landen mekaar ontmoeten en banden smeden over de grenzen heen.

Ze kunnen dit doen door :

• korte uiteenzettingen, lezingen, projecties van korte video's;
• hun informatie en publicaties te verspreiden;
• poster exhibitions en kleine standjes;
• discussie- en contactpunten die ter beschikking zullen staan.

Dit eerste Europees Contactweekend voor Industrieel en Technisch Erfgoed zal plaats vinden in en rond de gebouwen van de steenkoolmijn van Beringen, een unieke site en thans het grootste mijncomplex in Europa dat in zijn totaliteit beschermd werd. Het is daarenboven omgeven door een uitgebreide infrastructuur (wegen, spoorwegen, kanaal, kolenhaven) en een mijndorp (woningen, scholen, kerk en klooster sport- en ontspanningsinfrastructuur,...) die door de steenkoolmijn uitgebouwd werd. In de loop van het weekend zullen de deelnemers ook uitgebreid met dit unieke erfgoed kunnen kennis maken.

Meer info: alle praktische informatie vind je op e-faith.org
Foto: steenkoolmijn in Eisden (Tom Ruette - Erf-goed.be)

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

Internationaal team voert geofysische prospectie uit in Snellegem

In het West-Vlaamse Snellegem (Jabbeke) is een internationale ploeg momenteel bezig met een geofysische campagne rond het middeleeuwse Oosthof. Met behulp van geofysische technieken kunnen specialisten ondergrondse structuren in kaart brengen zonder in het bodemarchief zelf in te grijpen. De prospectie in Snellegem gebeurt in samenwerking tussen universiteiten van Brussel, Frankfurt en Harvard.

Snellegem ligt iets ten westen van Brugge en heeft volgens verschillende historische bronnen een zeker belang gehad in de Vroege Middeleeuwen. Zo was Snellegem de moederparochie van de Sint-Salvatorskerk in Brugge en wordt Snellegem in de 10de eeuw omschreven als oud Karolingisch kroondomein (fiscus), verdeeld in twee mansi. het dorp heeft ook en Sint-Martinuskerk, die vermoedelijk vroegmiddeleeuws van oorsprong is.

Naast de dorpskern lagen van oudsher het Oosthof en het Westhof. Dat laatste is verdwenen, maar het Oosthof (foto rechtsboven) ligt er nog steeds, met een deel van de walgracht. Traditioneel wordt dit Oosthof met het oude kroondomein in verband gebracht.

Naast het Oosthof bevindt er zich een weide van een tiental hectaren. Deze weide wordt door het team van Harvard, Frankfurt en Brussel momenteel onderworpen aan een geofysische prospectie. Het onderzoek heeft al diverse sporen heeft opgeleverd, die nog verder aan interpretatie onderworpen moeten worden. Deze campagne is een samenwerking tussen Professor Mike Mc Cormick van Harvard (USA), Professor Joachim Henning (Goethe Universität Frankfurt) en Professor Dries Tys (VUB).

Foto: studenten van Harvard, Frankfurt en Brussel met de magnetometer op het Oosthof
Meer info: Prof. Dries Tys

door Tijl | Varia | Reacties (0)

19 september 2006

Prehistorische beleefdag in Maaseik op 1 oktober

Op zondag 1 oktober wordt in Maaseik een prehistorische beleefdag georganiseerd. De hele dag door is er een uitgebreid aanbod aan workshops en activiteiten, gaande van prehistorisch boogschieten tot gewei- en botbewerking. Aansluitend aan deze activiteiten kun je ook een bezoek brengen aan de nieuwe tentoonstelling ‘Expeditie Archeologie’ in de Minderbroederskerk.

De activiteiten worden verzorgd door mensen met een grote vakkennis over de steentijd. Men kan hier dus terecht met elke wetenschappelijke vraag. Tevens kan men de wetenschappelijke theorieën staven via experimentele archeologie. Volgende activiteiten staan op het programma:

- Prehistorisch boogschieten
- Prehistorische speerdrijven
- Vuur maken
- Vuursteenbewerking
- Leerlooien en kleding vervaardigen
- Graan malen en koekjes bakken
- Keramiek vervaardigen
- Prehistorische percussie
- Gewei- en botbewerking

Aansluitend aan deze activiteiten kan men ook een bezoek brengen aan de nieuwe tentoonstelling ‘Expeditie Archeologie’. In deze tentoonstelling kom je meer te weten over allerlei technieken uit de steentijd, de bronstijd, de ijzertijd, de Romeinse tijd en de middeleeuwen. Hierbij komen onder meer klei, been, hout, leder, wol, vuursteen en brons aan bod.

Meer info: museamaaseik.be

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

Vijftien projecten stoten door naar tweede ronde Monumentenstrijd

Zonet werden de resultaten van de eerste stemronde van de Monumentenstrijd bekendgemaakt. In deze eerste ronde werd het kaf van het koren gescheiden: vijftien van de dertig geselecteerde projecten stoten door naar de volgende ronde. In de Monumentenstrijd beslist het publiek welk Vlaams onroerend erfgoed extra middelen krijgt voor restauratie en herbestemming.

Van 22 augustus tot en met 17 september kon je jouw favoriet monument naar de tweede ronde van Monumentenstrijd stemmen. De resultaten van de eerste stemronde van Monumentenstrijd, die zondag werd afgesloten, zijn nu bekend. Dankzij de vele acties, evenementen en stunts van sympathisanten verzamelden alle dertig monumenten veel stemmen. Volgens de organisatoren werd het een ware nek-aan-nek race.

Per provincie gaan de drie monumenten met de meeste stemmen door naar de tweede ronde. Hieronder vind je het overzicht van de genomineerden per provincie. De monumenten zijn alfabetisch gerangschikt.

Provincie Antwerpen

* Duffel - Cinema Plaza
* Mechelen - Het uurwerk van de Sint-Romboutstoren
* Merksplas - Kerk Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart Merksplas Kolonie

Provincie Limburg

* Borgloon - Stoomstroopfabriek
* Genk - Mijnsite Winterslag
* Halen - Sint-Jansbergklooster

Provincie Oost-Vlaanderen

* Gent - Boekentoren
* Gent - Campo Santo
* Geraardsbergen - De Oudenberg

Provincie Vlaams-Brabant

* Alsemberg - Papiermolen Herisem
* Tienen - Drie Gallo-Romeinse tumuli
* Vilvoorde - Tuchthuis

Provincie West-Vlaanderen

* Diksmuide - Begijnhof
* Oostende - Koninklijke Stallingen
* Poperinge - De hopcultuur

Update: Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Dirk Van Mechelen heeft 500.000 euro toegevoegd aan het bijzondere restauratiefonds voor Monumentenstrijd. Daardoor is er voor het fonds nu een bedrag van 1 miljoen euro beschikbaar. De minister hoopt daarmee iedereen gerust te stellen die zich naar aanleiding van de aankondiging van Monumentenstrijd zorgen maakte over de budgetten. Enkele verontruste burgers dachten immers dat de beschikbare budgetten zouden verschoven worden naar Monumentenstrijd en dat er daardoor minder middelen zouden zijn voor de toekenning van de normale onderhouds- en restauratiepremies.

Externe link: Monumentenstrijd

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

18 september 2006

Studenten gezocht voor opgravingen in Rumbeke

In Rumbeke (Roeselare) gaat de tweede fase van de opgravingen op de site Mandelstraat van start. Tijdens de eerste fase werden sporen uit de Bronstijd, de Karolingische periode en de middeleeuwen ontdekt. Nu wordt een nieuw opgravingsvlak aangelegd. Op basis van de proefsleuven verwacht archeoloog Frederik Demeyere opnieuw een Bronstijd-grafcirkel en sporen van Karolingische occupatie.

De opgraving loopt tot maart volgend jaar en de archeologen kunnen zeker alle hulp van studenten gebruiken. Geinteresseerden kunnen contact opnemen met projectarcheoloog Frederik Demeyere (0486/95.41.37).

Deze en andere oproepen zijn ook te vinden op de vrijwilligerspagina van ArcheoNet.

Aansluitend artikel: Eerste fase opgravingen Rumbeke afgerond (19 augustus 2006)

door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)

Vlaams budget voor restauratiepremies stijgt met de helft

De Vlaamse regering trekt volgend jaar 20 miljoen euro extra uit voor restauratiekredieten, een stijging met vijftig procent tegenover het huidige budget. Dat maakte minister Dirk Van Mechelen, bevoegd voor het onroerend erfgoed, gisteren in Sint-Truiden bekend. Met de extra middelen wil hij de achterstand wegwerken in het toekennen van premies uit de openbare sector en de sector eredienst.

Zowel beleids- als betaalkredieten worden opgetrokken. Doordat de beleidskredieten tot de huidige legislatuur aanzienlijk hoger waren dan de betaalkredieten, konden wel veel restauratiepremies worden toegekend, maar konden ze niet aan hetzelfde ritme worden
uitbetaald. Hierdoor ontstond een wachtlijst. "Veel initiatiefnemers worden nog steeds afgeschrikt om een project te realiseren wanneer zij vernemen dat het soms jaren kan duren vooraleer hun premie kan worden toegekend," stelde Van Mechelen gisteren. "Dit is een oud zeer in de erfgoedzorg. Toen ik als Vlaams minister bevoegd werd voor het onroerend erfgoed was het dan ook één van mijn beleidsprioriteiten om hier komaf mee te maken.

Vanaf het eerste begrotingsjaar van deze legislatuur werden de betaalkredieten stelselmatig opgetrokken, zodat deze wachtlijst kan worden weggewerkt. Voor de toekenning van restauratiepremies liep de wachttijd snel op in dossiers rond erediensten, die vooral over (vaak zware) restauraties van kerken gaan. Door de beleidskredieten op te trekken wil Van Mechelen de achterstand hier wegwerken. Op dit moment zouden een aantal monumenten hoog op de prioriteitenlijst staan: de Sint-Gummaruskerk in Lier, het zwembad in de Veldstraat in Antwerpen, het kasteel van Beersel, de volgende fase van de restauratie van het Gravensteen en het Caermersklooster in Gent.

In de toekomst wil Van Mechelen dure en langdurige renovatie voorkomen door een doorgedreven onderhoud en beheer. Dit kan door bijvoorbeeld een rigoureuze beheers- en meerjarenplanning verplicht te maken. De premieregeling voor beschermde landschappen en varend erfgoed zijn nu al op deze principes gebaseerd.

Foto: de toren van de OLV-Hemelvaartkerk in Sint-Truiden (Luc Desager - Erf-goed.be)

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Het Gallisch Dorp in Destelbergen nodigt uit

Al bijna twintig jaar is in Destelbergen de vzw Gallisch Dorp actief. De vereniging bouwde in de Oost-Vlaamse gemeente een historisch verantwoorde reconstructie van een Gallische hoeve uit de late IJzertijd. Dit jaar werkt de vzw rond het project 'De Bello Gallico', in het kader waarvan binnenkort drie lezingen worden georganiseerd over de aanwezigheid van de Romeinen in onze streken.

De vzw Gallisch Dorp werd in 1988 door maatschappelijk werker Raymond Van Horebeek uit Destelbergen opgericht en heeft tot doel te komen tot een historische reconstructie van een Gallische hoeve zoals die er zou hebben uitgezien in de late IJzertijd (1ste eeuw voor onze jaarrekening). Ter hoogte van het drie gemeentepunt Destelbergen-Sint-Amandsberg-Oostakker werd een terrein gevonden waarop de hoeve kon worden opgericht. Als basis werd het grondplan van een archeologische opgraving van een Gallische hoeve te Kemzeke gebruikt (zie afbeelding).

De bouw van de hoeve startte in 1996 en werd op artisanale wijze uitgevoerd, met de middelen welke de plaatselijke bevolking voorhanden had opgetrokken. Voor de uitvoering ervan werd beroep gedaan op Wouter Schalk, wiens bedrijf 'Vakwerk in hout' gespecialiseerd is in het maken van reconstructies en restauraties van historische houten objecten. De hoeve werd vervolgens volledig ingericht.

"Later kwam er dan ook nog een spijker bij," vertelt Dirk Willaert, secretaris van de vzw. "Een spijker of graanopslagplaats werd op poten geplaatst om ongedierte en vochtigheid te weren. Ons exemplaar kreeg zes houten palen en werd afgewerkt met een houten dak."

Sinds 2005 werd in kader van educatieve workshops gestart met de oprichting van een Keltisch heiligdom. Een school uit Ninove zal elk jaar met haar leerlingen houtbewerking het heiligdom verder bouwen. Op deze wijze leren de leerlingen op artisanale wijze met hout omgaan; vanaf het kappen van de boomstam tot het gestileerde eindproduct.

"Onze vereniging biedt voor scholen een extra dimensie in de lessen geschiedenis," vertelt Willaert. Tijdens een bezoek aan de site ontmoeten ze in levende lijve enkele Gallische voorouders en leren hoe ze in die tijd gewassen teelden, hun kleding weefden of zich wapenden tegen vijandige stammen of volkeren of hoe ze de geesten van het woud of het water eerden.

De vereniging werkt elk jaar in kader van een project. Dit jaar is dit het project 'De Bello Gallico' waarin drie lezingen worden gehouden over de aanwezigheid van de Romeinen in onze streken. De lezingen vinden telkens op een woensdag om 20 uur plaats. Op 20/09 komt archeoloog Bernard Van Daele, 11/10 historiscus Robert Nouwen en op 8/11 de Gentse professor Jean Bourgeois. Zij zullen telkens vanuit hun kennis het thema bespreken en dit vanuit het oogpunt van de plaatselijke bevolking, de Galliërs, als van de overheerser, de Romeinen.

Praktisch: de drie lezingen vinden plaats in het Gasthof ’t Haeseveld, Alfons Braeckmanlaan 430, 9040 Gent - Sint-Amandsberg. Toegangsprijzen: EUR 3 – leden EUR 2 – studenten EUR 1. Meer info: gallisch.dorp@telenet.be

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

17 september 2006

Stoomcentrum Maldegem wint Vlaamse Monumentenprijs

Het Stoomcentrum in Maldegem heeft de Vlaamse Monumentenprijs 2006 gewonnen. De vzw, die de lokale stationssite restaureerde en historische stoomtreinen laat rijden op de buiten gebruik gestelde spoorlijn Eeklo-Brugge, krijgt 15.000 euro van de Vlaamse overheid. Minister Dirk Van Mechelen reikte de prijs vandaag uit op het slotfeest van Open Monumentendag in het Kasteel van Duras (Sint-Truiden). Over de winnaar bestond geen eensgezindheid binnen de jury.

Eerder werden al vijf laureaten, één uit elke Vlaamse provincie, geselecteerd: de Sint-Augustinuskerk in Antwerpen, de Kiezelboomgaard in Diepenbeek, de pastorie van Wemmel, de brouwerij De Leeuw in Zedelgem en het Maldegemse Stoomcentrum. Uit deze vijf laureaten, die sowieso elk 2.500 euro krijgen, moest de winnaar van de Monumentenprijs 2006 gekozen worden.

Van Mechelen: "Zelfs de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, en mijn administratie zijn het onderling niet eens geworden. Zo werden mij drie verschillende winnaars voorgesteld: alfabetisch, de Keizelboomgaard, de Sint-Augustinuskerk en het Stoomcentrum. Er kan echter maar één winnaar zijn, en uiteindelijk heb ik me bij de eindbeslissing laten leiden door enkele van mijn beleidsaccenten." In zijn beleid heeft Van Mechelen veel aandacht voor verschillende erfgoedvormen, het belang van vrijwilligerswerk en herbestemming en moderne ontsluiting als sleutel tot een goede integratie van erfgoed in ons dagelijks leven. "Eén laureaat speelt perfect op al deze accenten in," stelde Van Mechelen vandaag: "het Stoomcentrum van Maldegem."

Het Stoomcentrum in Maldegem is een vrijwilligersvereniging, die sinds 1989 een deel van de buiten gebruik gestelde NMBS-spoorlijn Eeklo-Brugge exploiteert met historische treinen. De vzw staat in voor het onderhoud en de restauratie van de stationsgebouwen, de spoorinfrastructuur en het treinmaterieel. Onder haar impuls werd, in samenwerking met een buurtcomité, de restauratie en ontsluiting van de Maldegemse stationssite tot een goed einde gebracht. De voormalige stationsgebouwen kregen een veelheid aan nieuwe functies, van museumcafé tot privéwoning.

Externe link: Stoomcentrum Maldegem
Foto: spoorwegbrug over het Schipdonkkanaal in Adegem, op de lijn Eeklo-Brugge (Niels Vertongen - Erf-goed.be)

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Adornes achterna. Een koopman in het middeleeuwse Brugge

De Erfgoedcel Brugge lanceerde onlangs een nieuw educatief pakket, dat leerlingen de kans geeft op virtuele verkenning te gaan door het middeleeuwse Brugge. ‘Adornes Achterna’ neemt je mee in de voetsporen van Anselm Adornes, een Brugs koopman met Italiaanse roots. Naast een sfeervolle dvd over Brugge en de middeleeuwse handel bestaat het pakket ook uit een website met uitdagende opdrachten, een interactieve tijdslijn, lestips en nog veel meer.

'Adornes achterna' is een project van het Stadsarchief en de Erfgoedcel Brugge in samenwerking met Brugse scholen. Het is gebaseerd op het eindwerk van Fien Dhondt en Tine Baeke, twee voormalige KHBO-studenten van het departement lerarenopleiding. Het educatief lessenpakket, dat in de eerste plaats gericht is op leerlingen en leerkrachten van de tweede graad middelbaar onderwijs, bestaat uit een dvd gecombineerd met een website: www.adornesachterna.be.

"Met dit erfgoedpakket maken leerlingen op een speelse en tegelijk hedendaagse wijze kennis met het middeleeuwse Brugge," legt Ina Verrept van de Erfgoedcel Brugge dit weekend uit in Het Nieuwsblad. "De website vertelt op een interactieve manier het leven van Anselm Adornes. Via kleine opdrachten en animaties ontdek je stap voor stap de veelzijdigheid van deze van Genua afkomstige middeleeuwse koopman. Daarnaast kun je een virtuele wandeling door Brugge maken aan de hand van de kaart van Marcus Gerards op de site."

Er staan ook lesopdrachten online. Deze zijn opgesplitst in een afzonderlijk deel voor leerkrachten en leerlingen. De film situeert Adornes in het hedendaagse Brugge en bereidt klassen voor op een bezoek aan Brugge en het Stadsarchief. Je ziet er onder meer hoe documenten bewaard en ontsloten worden in het archief.

Praktisch: je kan de dvd bestellen via het bestelformulier op www.adornesachterna.be of via een mailtje aan info@erfgoedcelbrugge.be. De dvd kost 10 euro en geeft je eveneens het paspoort om toegang te krijgen op het leerkrachtenluik van de website.
Foto: de Jeruzalemkerk in Brugge, gebouwd in de 15de eeuw door de familie Adornes (David Willems - Erf-goed.be)

door Tijl | Jeugd | Reacties (0)

15 september 2006

Het kasteel van Assenede: van opgraving tot historisch landschap

Op de plaats van het nieuwe administratief centrum van Assenede (Oost-Vlaanderen) stond in de 16de eeuw een groot, omwald kasteel, dat op het einde van de 17de eeuw volledig ontmanteld werd. De archeologische opgravingen in 2001 en 2004 brachten dit onbekende stukje geschiedenis van Assenede weer in de kijker. Naar aanleiding van de opening van het centrum vorige week redigeerde archeoloog Sam De Decker een boek over de resultaten van de opgravingen.

In 2001 en 2004 werd een archeologische opgraving uitgevoerd in de Kasteelstraat te Assenede, op een perceel vlakbij het middeleeuwse dorpscentrum. Aanleiding voor dit onderzoek was de geplande bouw van een nieuw gemeentelijk administratief centrum.

Het bleef echter niet bij opgraven alleen. Gelijklopend met de opgravingen speurden lokale historici naar teksten en afbeeldingen in de archieven. De aangetroffen archeologische sporen werden bemonsterd en geanalyseerd op het voorkomen van bot, resten van vissen, stuifmeelkorrels en zaden en vruchten. Daarnaast werd een beperkt landschapshistorisch onderzoek verricht en werd de link gemaakt met het huidige landschap.

De oudste sporen die werden aangetroffen dateren uit de 12de en de 13de eeuw. In deze periode was Assenede een welvarend centrum, als één van de hoofdplaatsen van de Vier Ambachten. Uit het archeologisch onderzoek blijkt dat nagenoeg het hele perceel in die periode werd opgehoogd met een heterogeen zandpakket en dat er verschillende (relatief smalle) grachten werden aangelegd. De precieze functie van deze grachten is niet duidelijk, maar wellicht staan ze in verband met (de begrenzing van) een woonerf en afwatering. De grachten hadden een bijzonder vondstrijke vulling, die erop wijst dat ze in de 12de eeuw ten dele als stortplaats van huishoudelijk afval werden gebruikt.

Spectaculairder was de vondst van een groot kasteel, dat werd gebouwd in de 16de eeuw door Andries Andries, een rijke burger die zijn centen had verdiend met de inpoldering. In de Kasteelstraat verrees dan ook al gauw een imposant kasteel dat qua omvang niet moest onderdoen voor het hertogelijk paleis in Gent, het Prinsenhof. Andries bouwde zijn kasteel in de traditionele stijl van die tijd. Typisch hiervoor zijn onder meer de aanwezigheid van een groot binnenhof, de bakstenen gebouwen met zandstenen kruisvensters, de verfraaiing met torens op de hoeken en aan de poort en de aanwezigheid van brede walgrachten (tot 30 meter breed).

In 2001 werden onder meer het poortgebouw met de twee flankeertorens aangetroffen, in 2004 werd een toren op de binnenplaats van het kasteel onderzocht (een zgn. belvédère-toren), twee torens aan de buitenzijde en een interne gebouwenconfiguratie. De gebouwen van het kasteel stonden geschikt omheen een groot binnenplein. Dankzij de aanwezigheid van dit binnenplein werd een deel van de middeleeuwse sporen tot vandaag bewaard.

Het kasteel kende geen erg lange geschiedenis. Na het overlijden van Andries Andries bleken zijn kinderen niet zo geïnteresseerd in Assenede. Bovendien braken op het einde van de 16de eeuw de godsdienstoorlogen uit. In het kasteel legerde een tijdje een Spaans garnizoen, wat als gevolg had dat het kasteel duchtig te leiden had onder het oorlogsgeweld. Het kasteel kwam dit nooit meer te boven. Omstreeks 1660 was er sprake van een ruïne, die al gauw door de dorpsbewoners als steengroeve werd gebruikt. Uit de opgravingen bleek dan ook dat zowat alle delen van het kasteel werden gesloopt en verwijderd, op de funderingen na.

Een belangrijk element voor de geschiedenis van het historisch landschap, is dat het startschot voor de eerste inpolderingen van het actuele krekengebied werd gegeven vanuit dit kasteel. Andries Andries investeerde een deel van zijn kapitaal in de inpoldering van de schorrengebieden ten noorden van Assenede. Voor de nieuwe (niet-adellijke) elite was inpoldering immers een middel om grond te verwerven en op die manier aan te schuiven aan de dis van de traditionele landadel. Daarnaast bleek inpolderen ook een erg goede belegging in tijden van sterke devaluatie, zoals het begin van de 16de eeuw. Tot vandaag de dag zijn de sporen van Andries Andries op die manier in het landschap bewaard: niet alleen de uitgestrekte polders met de kreekrelicten, maar ook de naamgeving: de Sint-Andriespolder, Andriesstraat en Andrieslaan.

Publicatie: 'Het kasteel van Assenede. Van opgraving tot historisch landschap' door Sam De Decker (red.), m.m.v. Frank Baete, Jan Bastiaens, Bart Cherretté, Koen Deforce, Anton Ervynck, An Lentacker, Ralph Maréchal en Wim Van Neer. Het boek, in hardcover, telt 102 bladzijden en talrijke illustraties en is uitgegeven door Mens & Cultuur Uitgevers (tel. 09/245.37.43, e-mail: info@mens-en-cultuur.com). De prijs bedraagt 25,00 euro. ISBN 90-77135-15-4

door Tijl | Publicaties | Reacties (0)

Jonge honden in het Oudenaards stadsarchief 2

Op vrijdag 29 september vindt in Oudenaarde een tweede dubbellezing plaats in het kader van de reeks 'Jonge honden in het Oudenaards stadsarchief'. Deze lezingenreeks wil een podium aan jonge onderzoekers rond archeologie en bouwkundig erfgoed. Op 29 september komen de opgravingen van het kasteel van de heren van Pamele en de refuge van de abdij van Ename aan bod.

De sprekers op 29 september zijn:

Vera AMEELS
Archeologe Vera Ameels van de buitendienst van het Vlaams Instituut Onroerend Erfgoed te Ename verrichtte in de zomer van 2005 opgravingen op de site van het voormalige klooster in de Kasteelstraat te Oudenaarde. Hierbij stootte men op torens en funderingen van het middeleeuwse kasteel van de heren van Pamele.

Anneleen DE JAEGHER
In het kader van haar studies Monumenten- en landschapszorg aan het Hoger Instituut voor Architectuurwetenschappen/ Henry Van De Velde Instituut (Hogeschool Antwerpen). maakte Anneleen De Jaegher een scriptie over de bouwgeschiedenis van de refuge van de abdij van Ename in het Oudenaardse Refugestraatje).

Praktisch: Jonge honden in het Oudenaards stadsarchief 2, op vrijdag 29 september om 19u30 in de polyvalente zaal van het stadsarchief in de voormalige abdij Maagdendale (Maagdendale 13, 9700 Oudenaarde). Na de lezing, die maximaal 2 uur duurt, wordt door de stad Oudenaarde een gratis receptie aangeboden.

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

Meesters van de precolumbiaanse kunst

In het Brusselse Jubelparkmuseum opent vandaag de langverwachte tentoonstelling 'Meesters van de precolumbiaanse kunst'. De wereldberoemde verzameling van Dora Janssen wordt hier voor de eerste maal in België voorgesteld aan het grote publiek. Met de indrukwekkende tentoonstelling hoopt het Jubelparkmuseum alsnog steun te vinden om de collectie-Janssen in België te houden.

De wereldberoemde verzameling van Dora en Paul Janssen, die vanaf de jaren 70 werd opgebouwd, bestaat uit meer dan 350 uitzonderlijke voorwerpen en bestrijkt een periode van meer dan 3000 jaar precolumbiaanse geschiedenis. De beelden van steen en terracotta, de maskers en de sieraden van goud, de weefsels en de bontgekleurde verencreaties werden gemaakt door de kunstenaars van de Olmeken, de Maya's, de Inca's, de Azteken en verschillende andere beschavingen. De verzameling wordt door kenners beschouwd als één van de mooiste en meest volledige in zijn soort. De totale waarde van de collectie wordt op 15 miljoen euro geschat.

Nadat Paul Janssen in 2003 was overleden, stelde Dora Janssen voor om de erfenisrechten op zijn nalatenschap, 7,7 miljoen euro, te betalen met haar verzameling. Het dossier liep echter vast op een juridisch meningsverschil tussen de Vlaamse en de federale overheid. Intussen lijkt de kans groot dat weduwe Janssen haar verzameling verkoopt aan het Los Angeles County Museum of Art (Lacma), dat er een speciaal museum voor wil bouwen.

Met de indrukwekkende tentoonstelling, die eerder al te zien was in Geneve, hoopt het Jubelparkmuseum alsnog steun te vinden om de collectie van Dora Janssen in België te houden. De KMKG maken van de gelegenheid gebruik om ook een vijftigtal belangrijke precolumbiaanse objecten uit de eigen verzameling Amerika toe te voegen. Bovendien organisen zij ook drie andere tentoonstellingen over deelaspecten van de Amerikaans-indiaanse culturen.

Praktisch: Meesters van de precolumbiaanse kunst, tot 29 april in de Koninlijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Jubelpark, Brussel. Info: 02-741.72.11. www.kmkg.be.
Aansluitend artikel: Kiezen tussen kunst en cash (30 maart 2006)

door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)

14 september 2006

Specialisten onderzoeken archeologisch potentieel Kemmelberg

Specialisten uit heel Europa kwamen deze week samen in Ieper voor een tweedaags colloquium over het archeologisch onderzoek op de Kemmelberg. Tijdens het colloquium werden een aantal mogelijke zwaartepunten voor nieuw wetenschappelijk onderzoek geformuleerd. Ook bespraken de experten pistes ter opwaardering van het archeologische potentieel van de Kemmelberg voor het brede publiek.

Op maandag 11 en dinsdag 12 september werd in Ieper en Heuvelland een workshop georganiseerd door de Universiteit Gent, in samenwerking met het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) en de Provincie West-Vlaanderen. De doelstelling was een bilan op te maken van het archeologisch onderzoek op de Kemmelberg, dat plaats greep in de jaren 1960-1970, en ideeën rond mogelijk nieuw onderzoek te ontwikkelen. Op de Kemmelberg bevond zich een Keltische hoogtenederzetting.

In dit kader werden een aantal buitenlandse specialisten, die actief bezig zijn met verwant onderzoek, uitgenodigd om hun bevindingen te komen voorstellen. In Duitsland en Frankrijk wordt momenteel intensief gewerkt rond nieuwe interpretaties van deze sites in hun landschappelijke context. Een belangrijke rol in dit onderzoek wordt gespeeld door het Duitse DFG-projekt ‘Frühe Zentralisierungs- und Urbanisierungsprozesse. Zur Genese und Entwicklung frühkeltischer Fürstensitze und ihres territorialen Umlandes’ (www.fuerstensitze.de).

Maandag 11 stond in het teken van een aantal lezingen. In eerste instantie werd het onderzoek rond de Kemmelberg zelf belicht. Een waaier aan regionale thema’s kwam aan bod; van een status quaestionis over de opgravingen tot de topografische registratie van de site, een bilan van het huidige luchtfotografisch onderzoek en de studie van de militaire luchtfoto’s van Wereldoorlog I.

Een tweede onderdeel van de studiedag was gericht op de presentatie van het onderzoek met vernieuwde onderzoeksmethoden van een aantal buitenlandse verwante hoogtesites uit de Late Hallstatt – Vroeg La Tène-periode. De resultaten van het onderzoek op de Mont-Lassois (Fr.), Heuneburg (D.), Hohenasperg (D.), Glauberg (D.), als ook een bilan van het Zwitserse onderzoek naar elitaire hoogtesites werden voorgesteld.

Op dinsdagmorgen werd een plaatsbezoek aan de Kemmelberg gebracht. Prof. em. Andre Van Doorselaer en Jean-Luc Putman leidden de deelnemers rond op de site en situeerden en becommentarieerden de diverse opgravingzones op de Kemmelberg. Na de middag werd een discussieronde georganiseerd met de buitenlandse bezoekers over de mogelijkheden rond toekomstig en vernieuwd onderzoek.

Daarbij werden een aantal potentiële zwaartepunten van nieuw wetenschappelijk onderzoek geformuleerd evenals mogelijke pistes ter opwaardering van het archeologische potentieel van de Kemmelberg voor het brede publiek.

"Nieuw onderzoek zal nodig zijn om de parallellen tussen Kemmel en andere sites in Europa verder uit te werken en te onderzoeken. Daarbij kunnen nieuwe onderzoeksmethodes helpen, die gebruik maken van luchtfoto's en laserscans. Bedoeling is in een straal van 15 tot 20 kilometer rond de Kemmelberg op zoek te gaan naar de relatie tussen de Kemmelberg-elite en de nederzettingen van landbouwers, veetelers en ambachtslui." stelt Mariette Jacobs van het West-Vlaams provinciebestuur in het Nieuwsblad.

De adviezen zullen gebundeld worden in een reeks aanbevelingen voor de aansluitende rondetafelconferentie. Deze zal op 21 november te Brugge plaatsvinden en ingericht worden door de Provincie West-Vlaanderen. Hoofdthema wordt de verdere ontsluiting van de Kemmelberg en zijn omgeving.

Verslag en meer info: Jean Bourgeois (UGent), Guy De Mulder (UGent), Mariette Jacobs (prov. West-Vlaanderen) & Jean-Luc Putman (VIOE)

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Het jaar X in Tienen

De laatste decennia kreeg Tienen hoe langer hoe meer de reputatie van Romeinse pleisterplaats. Onder andere bij archeologische opgravingen op het Grijpenveld kwamen waardevolle vondsten aan het licht, die erop wijzen dat Tienen een rijk Romeins verleden heeft. Om dat verleden in de verf te zetten, wordt in het weekend van 22 tot 24 september een grootschalig Romeins evenement georganiseerd: 'Het jaar X in Tienen'.

In het weekend van 22 tot 24 september ‘06 valt er heel wat te beleven tijdens ‘Het jaar X in Tienen’. Een kunstparcours volgen, meefietsen langs Romeinse plekjes, poëzie smaken, luisteren naar voordrachten, Romeinse spelen uitproberen en aanschuiven aan een Romeins banket, het is maar een greep uit het programma. Ga even langs op de ambachtenmarkt, bezoek verrassende ateliers of wandel met een gids langs 10 Romeinse taferelen. Alle activiteiten zijn gratis.

Meer info: surf naar de website www.hetjaartienintienen.be

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

Lezingenreeks 'De Laatste Getuige' in Ieper

In de slipstream van de tentoonstelling De Laatste Getuige, waarin (militaire) archeologie een belangrijke rol speelt, organiseert het In Flanders Fields Museum in Ieper een reeks van drie lezingen op donderdagavond. Twee van deze lezingen, gegeven door eminente Britse sprekers, sluiten nauw aan bij de archeologische praktijk. De lezingenreeks start op donderdag 28 september.

Donderdag 28 september :"From Dust of Earth Returning" - archeologie en de Grote Oorlog (Martin Brown, archeoloog bij het Britse Ministerie van Defensie)

Het Westelijke Front kan bekeken worden als één grote archeologische site van 700 kilometer lang en 30 kilometer breed. Maar dat zou echter te eenvoudig zijn, want het gaat eigenlijk om een reeks met elkaar verbonden archeologische landschappen waar het oorlogslandschap van vandaag een laag bovenop is. Militaire historici gebruiken in hun zoektocht om de oorlog te begrijpen vaak het begrip “terrein”, maar het begrip “landschap” in de archeologische betekenis, als een palimpsest van sporen, monumenten en gebeurtenissen, is pas recent in hun woordenschat opgedoken. De archeologie heeft nog veel te bieden aan het onderzoek naar de Grote Oorlog.

Donderdag 5 oktober: “WW1 Gas Clouds” – Het verhaal van Ben Sewell en het gebruik van gas tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Geoff Sewell, luchtvaartingenieur bij de RAF bestudeert al meer dan 15 jaar zijn familiegeschiedenis.

Donderdag 12 oktober: “Mapping the Western Front 1914-1918” - cartografie in de Eerste Wereldoorlog (Dr. Peter Chasseaud, historicus en specialist in de militaire cartografie)

Alle betrokken landen begonnen de oorlog met kleinschalige topografische kaarten zonder referenties, gebaseerd op vooroorlogse nationale kaarten en bedoeld voor een bewegingsoorlog. Maar, de nieuwe wapentechnologieën en de loopgravenoorlog vereisten gedetailleerde, grootschalige (1/20.000) gerefereerde topografische kaarten, met daarop de tactische inlichtingen die verkregen werden van luchtfoto’s. Daarnaast moest er driedimensionele geometrische matrix voor het slagveld worden ontwikkeld om indirecte artilleriebeschietingen tijdens gevechten en veldslagen te plannen en te controleren. Beide zaken vormden een revolutie op militair gebied.

Praktisch: de drie lezingen vinden plaats in de conferentiezaal van het stadhuis in Ieper, telkens om 20u15. Meer info in deze bijlage (pdf)

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

13 september 2006

Van neanderthalers tot Renaissance

Dit najaar organiseert de vzw Amarant in heel Vlaanderen weer tal van cursussen rond geschiedenis en archeologie. Van de neanderthalers over de Griekse helden, keizer Augustus en de Nazca-lijnen in Peru tot de herontdekking van de oudheid tijdens de Renaissance: het komt allemaal aan bod bij Amarant. Wij bieden je een overzicht van de meest interessante cursussen uit het aanbod.

De draad van Ariadne - een tocht doorheen de Griekse wereld

Deze reeks dompelt je helemaal onder in de steeds verrassende wateren van de Egeïsche Zee. Alle eilanden en landen die door deze plas verbonden worden tot de Griekse wereld hebben een unieke bijdrage geleverd tot wat velen nog altijd als een fundament van de Europese wereld beschouwen. Amarant geeft een overzicht van de alleroudste nederzettingen in deze regio tot aan de komst van de Romeinen.

Hardnekkige theorieën en mysteries - Van sterren en goden

Het eerste deel van een reeks waarin hardnekkige theorieën en mysteries door een wetenschappelijke bril bekeken worden:
1. Het geheim van de piramiden van Gizeh
2. Het mysterie van Atlantis ontraadseld?
3. De zondvloed en de Ark van Noah
4. De grondtekeningen van Nazca: daalden hier ooit de goden neer? (foto)

Mens en oudheid herontdekt - De Renaissance (1400-1600): een overzicht

In de 15de en 16de eeuw voltrokken zich in Italië en in Noord-Europa grondige veranderingen op politiek, religieus, cultureel en maatschappelijk vlak. Een hernieuwde belangstelling voor de klassieke cultuur van het oude Griekenland en Rome en het humanisme lieten vruchtbare sporen na in de architectuur en de beeldende kunsten. De nieuwe stijlidiomen zouden de westerse kunst grondig vernieuwen en vele eeuwen lang blijven beïnvloeden.

De Oudheid in Hellas - Helden en goden

Dat de Helleense beschaving in de Oudheid een enorme invloed gehad heeft in de westerse wereld kan niet in twijfel getrokken worden. In deze cursus gaat Amarant dieper in op de culturele evolutie van de Grieks sprekende volkeren. Men begint bij de vorming van de eerste nederzettingen en hun confrontatie met lokale stammen die zich sinds het Neolithicum in het gebied ontwikkeld hadden.

Politiek en intrige bij de Romeinen - Augustus, een geschenk voor Rome?

Amarant start dit najaar met een spannende reeks rond de belangrijkste politieke figuren tijdens de Romeinse keizertijd. Men gaat vanzelfsprekend van start met de eerste keizer van Rome, Augustus. Na jarenlange burgeroorlogen zorgde hij terug voor stabiliteit in het Romeinse Rijk.

Zin en Onzin - Het verhaal van de neanderthalers

In 1856 werden in het Duitse Neanderthal fossiele menselijke beenderen ontdekt die Darwin’s indertijd wereldschokkende evolutietheorie kracht zouden bijzetten. Na enkele jaren onderzoek begreep men immers dat het ging over een nu uitgestorven menselijke soort die men uiteindelijk naar de vindplaats zou noemen. Nu weten we dat deze neanderthalers Europa bevolkten tussen 120.000 en 30.000 v. Chr. maar onze beeldvorming is nog troebel.

Praktisch: alle informatie vind je in deze bijlage (pdf) en natuurlijk op de website amarant.be

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

Belgica keert waarschijnlijk niet terug

N_060526_Belgica_b.jpgDe kans dat het schip Belgica ooit nog in zijn geheel naar ons land komt, is onbestaande. Het is te zwaar beschadigd. De Belgica voer in 1897 onder leiding van poolreiziger Adrien de Gerlache naar Antarctica. Het ging om de eerste wetenschappelijke expeditie naar dat continent. Aan boord waren ook Roald Amundsen en Frederick A. Cook, respectievelijk de eerste man op de Zuid- en Noordpool.

De Belgica liep vast in het pakijs en de bemanning moet er noodgedwongen verschillende maanden overwinteren. Na de expedities op de Noord- en de Zuidpool kreeg de Belgica een nieuw leven als kolenschip in Noorwegen. Het verging voor de Noorse kust tijdens een Duitse luchtaanval in 1940.

N_060904_G_Belgica1_v.jpgEen groep wetenschappers heeft het wrak van het schip vorige maand kunnen onderzoeken. Het schip is in slechte staat (foto links) en zal vermoedelijk binnen enkele jaren uit elkaar vallen. Enkele onderdelen, zoals het anker en het roer, kunnen nog wel gelicht worden. De Noorse overheid zou alvast bereid zijn om restanten van de Belgica aan ons land terug te geven.

Bron: VRT Nieuws

door Jeroen | Internationaal | Reacties (0)

Archeologie in Noordwest-Brabant

Noord-Brabant%20kaart%20klein.jpgOp haar zoektocht naar archeologie in Noordwest-Brabant nodigt POSTUMUS (Werkgroep Archeologie Noordwest-Brabant) alle geïnteresseerden uit op haar eerste archeo-avond, die plaatsvindt op vrijdag 22 september, om 19.30 uur in de raadzaal van het gemeentehuis van Merchtem. Die avond zullen gastsprekers Hadwijch Degryse, Katrien van Iseghem en Marc Meganck elk vanuit hun standpunt de lokale archeologie belichten.

Programma:

Van onder het stof: inleidende orientatie door Hadewijch Degryse (Stafmedewerkster archeologie provincie Vlaams-Brabant)

Archeologie: zoektocht naar de sporen van ons verleden door Katrien van Iseghem (Erfgoedconsulent archeologie bij het agentschap Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed van de Vlaamse overheid)

Pauze

Archeologische luchtfotografische prospectie van West-Brabant door Marc Meganck (Archeoloog UGent)

In Vino Veritas, receptie U aangeboden door de burgemeester en het gemeentebestuur van Merchtem.

POSTUMUS (Werkgroep Archeologie Noordwest-Brabant) is een samenwerkingsverband tussen Ascania-Asse, Agilas-Asse, GHK-Londerzeel, HOM-Opwijk, GHK Soetendaelle-Merchtem en enkele individuele personen. Postumus wil archeologie in de regio Noordwest-Brabant promoten door het houden van verschillende lezingenavonden. Deze lezingen zullen op regelmatige tijdstippen plaatsvinden in de verschillende deelnemende gemeenten. De volgende archeo-avond zal doorgaan op 18 november in het Oud-Gasthuis te Asse.
Voor verdere vragen kan U steeds terecht bij Eddy J. Crick of bij Kristine Magerman.

door Johan | Lezingen | Reacties (0)

12 september 2006

N-VA vraagt afschaffing onroerende voorheffing voor "open-monumenten"

Naar aanleiding van de Open Monumentendag dienen Jan Peumans en Jan Loones (N-VA) in het Vlaams parlement een interessant voorstel van decreet in waarin de onroerende voorheffing voor zogenaamde "open-monumenten" wordt afgeschaft. Deze maatregel zou een structurele oplossing moeten bieden voor een frequent probleem: een fors verhoogde onroerende voorheffing na de restauratie en ontsluiting van het monument.

Volgens de N-VA tonen praktijkvoorbeelden aan dat inningen van een bedrag dat vijftig keer hoger ligt dan de onroerende voorheffing voor de restauratie, geen uitzondering zijn. "De 250 Vlaamse verenigingen die beschermde monumenten beheren en restaureren en ook de particulieren die dit doen, verdienen beter dan deze stank voor dank. Hun inzet voor het cultuurhistorisch patrimonium is immers van onschatbare waarde," stellen parlementsleden Peumans en Loones is een persbericht.

Daarom vraagt de N-VA de vrijstelling van onroerende voorheffing voor beschermde monumenten die na hun restauratie publiek toegankelijk zijn en die op een klantvriendelijke en educatief verantwoorde wijze ontsloten worden. Deze monumenten worden volgens het voorstel omschreven als "open-monument". Om van de vrijstelling te kunnen genieten moeten de gemeenten waarin ze gelegen zijn instemmen met de aanduiding als open-monument. De gemeente moet dit doen op basis van het cultuurhistorisch belang van het monument waardoor het minstens een lokale bezienswaardigheid is.

De N-VA stelt dat de budgettaire gevolgen van deze fiscale maatregel voor de Vlaamse overheid zeer beperkt zijn. Het inkomstenverlies voor de gemeenten zou dan weer ruimschoots gecompenseerd worden door de meerwaarde die de gemeenten halen uit de inspanningen van verenigingen en particulieren die hun monument restaureren en ontsluiten.

De N-VA wil met dit voorstel van decreet ook haar bezorgdheid uiten over de toekomst van ons cultuurhistorisch patrimonium. De opwaardering van het beleidsdomein onder de vorige ministers bevoegd voor onroerend erfgoed, lijkt momenteel immers wel stilgevallen. Zo werden er in 2005 bijvoorbeeld slechts 360 monumenten beschermd. In 2003 en 2004 waren dat er respectievelijk nog 1107 en 734.

"De N-VA beseft dat niet alle historische gebouwen kunnen worden beschermd en/of aangekocht door de overheid," stellen Peumans en Loones. "Dit ontslaat de Vlaamse overheid echter niet van haar plicht om te blijven zoeken naar mogelijkheden tot het bevorderen van het historisch besef en het bewaren van cultuurhistorisch waardevolle sites. Dit uiteraard niet met het beschermen en bewaren als doel op zich, maar wel als middel om het rijke culturele patrimonium op verantwoorde wijze toegankelijk te maken voor de hele gemeenschap en er een eigentijdse bestemming aan te geven."

Meer info: lees meer op n-va.be
Foto: de historische herberg De Zwaan in Groot-Gelmen (Sint-Truiden), die momenteel wordt gerestaureerd (Luc Desager - Erf-goed.be)

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Condor Archaeologisch Research is nieuw archeologisch projectbureau

Sinds kort is er een nieuwe speler op de Vlaamse archeologische markt: twee jonge archeologen, Tom Deville en Sara Houbrechts, startten het archeologische projectbureau 'Condor Archaeological Research' op. Het bedrijfje, dat gevestigd is in het Limburgse Bilzen, werd opgericht om aan de toenemende vraag, noden en interesse in de archeologie en zijn deelaspecten te voldoen. Meer informatie over het nieuwe projectbureau is te vinden op www.condorarch.be.

door Tijl | Varia | Reacties (0)

11 september 2006

Oudste gebouw Red Star Line wordt beschermd monument

Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Dirk Van Mechelen (VLD) bracht tijdens de Open Monumentendag een bezoek aan de voormalige gebouwen van de Red Star Line in Antwerpen. Hij ondertekende er een besluit om het oudst bewaarde gebouw van de maatschappij en het hart van de site aan de Rijnkaai, voorlopig als monument te beschermen. De Red Star Line is vooral bekend om haar rol in de emigratie naar Amerika .

De Red Star Line ontstond in 1873, als fusie tussen de "International Navigation Company" (Philadelphia) en de "Compagnie Société Anonyme de Navigation Belgo-Americaine" (Antwerpen). Het eerste schip van de maatschappij was de "Vaderland", een tot cargo en passagiersschip omgebouwde petroleumtransporter. Later volgden de "Nederland" en de "Zwitserland". De activiteiten van de maatschappij bereikten een hoogtepunt vlak voor de Eerste Wereldoorlog, met 133 schepen en jaarlijks 85.000 passagiers.

De Red Star Line is vooral bekend om haar rol in de emigratie naar Amerika. Tussen 1850 en 1930 vertrokken vanuit Antwerpen, dat goed bereikbaar was per spoor, een kleine 3 miljoen migranten (vooral Duitsers, Hongaren, Oostenrijkers, Polen en Russen). Ten gevolge van de recessie en de verstrengde immigratiewetgeving in de Verenigde Staten, moest de maatschappij in 1934 haar activiteiten staken.

Op de site van de Red Star Line aan de Rijnkaai/Montevideostraat bleven maar liefst 3 gebouwen van de maatschappij bewaard. Het oudste (RSL1) dateert uit 1893. Het verving het te klein geworden Red-Star-Linegebouw uit 1873, waarin de bagage werd ontsmet, de passagiers een douche moesten nemen en een medische controle ondergaan, en administratieve goedkeuring tot de overtocht werd verleend.

In 1904 werd aan RSL1 een stapelhuis toegevoegd (RSL2), enkel voor het stockeren van bagage. In 1922 werd voor het medisch onderzoek een totaal nieuw gebouw opgericht (RSL3); RSL1 en 2 werden vanaf toen enkel voor bagage gebruikt. Na 1934 fungeerde RSL3 een tijdlang als wervingslokaal voor havenarbeiders.

Minister Van Mechelen maakte van zijn bezoek aan de Red-Star-Linesite gebruik om het beschermingsbesluit te ondertekenen, waarmee na RSL2 en 3, die in 2001 al monument werden, nu ook RSL1, het oudst bewaarde gebouw van de maatschappij en het hart van de site, voorlopig als monument is beschermd. Nu kan een officiële beschermingsprocedure worden opgestart, waarbij alle betrokken partijen worden gehoord en het advies wordt ingewonnen van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen. Aan het einde van de procedure, die maximum 1,5 jaar duurt, neemt de minister op basis van de ingewonnen adviezen de beslissing tot al dan niet definitief beschermen.

Externe link: Red Star Line

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Doel 2020 voert actie bij historische hoeve

Het actiecomité Doel 2020 voerde gisteren, naar aanleiding van Open Monumentendag, actie bij een historische hoeve. De burgemeester van de Oost-Vlaamse gemeente leverde een slopingsbevel af voor de 19de-eeuwse hoeve in classicistische stijl. Doel 2020 eist dat het gemeentebestuur, anders dan in het verleden, ook rekening houdt met de historische waarde van gebouwen en het typische dorpsgezicht van Doel.

Deze week start de Maatschappij voor Grond en Industrialisatiebeleid de procedure voor de sloop van tien woningen in Doel. In een volgende fase zouden nog eens zeventien woningen onder de sloophamer verdwijnen.

"Het is duidelijk dat tengevolge van de jarenlange verwaarlozing en laksheid van de overheid in een aantal gevallen afbraak nog de enige overblijvende optie is," zegt woordvoerder Jan Creve van Doel 2020. Voor het actiecomité is het echter onaanvaardbaar dat op de lijst van af te breken gebouwen ook historische en bewoonde gebouwen voorkomen.

Een half jaar geleden namen enkele jonge krakers hun intrek in de hoeve in de Liefkenshoekstraat. Ze begonnen met eigen middelen aan een voorzichtige renovatie. Volgens het actiecomité werd "deze prachtige hoeve" door de laksheid van de overheid de voorbije jaren zo goed als volledig leeggeroofd, tot en met de ramen en deuren toe.

De burgemeester zegde zaterdag wel toe dat er voorlopig geen uitzetting van de bewoners of afbraak komt en dat er opnieuw wordt gepraat over de toekomst van het pand.

Externe link: Doel 2020

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Open Monumentendag lokt 450.000 bezoekers in Vlaanderen

Ruim 450.000 mensen hebben gisteren in Vlaanderen van de Open Monumentendag (OMD) geprofiteerd om één of meerdere van de ruim 600 opengestelde monumenten gratis te bezoeken of deel te nemen aan ruim 500 activiteiten. Minister Dirk Van Mechelen prees gisteren speciaal het werk van de vele vrijwilligers. Ook de Open Monumentendag in Wallonië trok zowat 450.000 bezoekers.

Ook Vlaams minister Dirk Van Mechelen, bevoegd voor onroerend erfgoed, trok op ontdekkingstocht door Vlaanderen. Hij bezocht de loodsen en vliegveld Lintbos in Grimbergen, de scheepswerf van Baasrode met de mosselhengst Pegasus, Huize Vermeire-Lagae in Hamme, Hotel Van Schorel en de gebouwen van de Red Star Line in Antwerpen, de quarantainestallen in Essen en de tentoonstelling 'Archeologie in Antwerpen' in Kapellen.

"Vlaanderen is vandaag opnieuw naar buiten gekomen om kennis te maken met zijn erfgoed, en het aanbod was bijzonder gevarieerd," stelde Van Mechelen. "Het doet me veel plezier zoveel gezinnen met jonge kinderen te zien op Open Monumentendag. Dat zal deze week worden voortgezet met OMD Junior. Open Monumentendag is nooit een eindpunt, maar dit jaar zeker niet: volgende week wordt de Monumentenprijs uitgereikt en natuurlijk zal Monumentenstrijd de komende maanden het erfgoed in de belangstelling houden." Van Mechelen prees ook het werk van de vrijwilligers. "Zonder hen zou de Open Monumentendag niet het succes kennen dat het vandaag de dag heeft," zei hij.

De minister zette ook nog enkele opmerkelijke vaststellingen op een rijtje:
- OMD blijft erin slagen om ook mensen uit de buurt te verrassen, zo viel veel lokale organisatoren op. Tegelijk is het publiek verscheiden en komen mensen ook van ver naar grote en kleine deelnemers.
- Voor een aantal monumenten en activiteiten moest er vooraf worden gereserveerd: onder meer de boottochten, een relatief nieuw fenomeen op OMD waren een publiekstrekker. De belangstelling voor het varend erfgoed neemt duidelijk toe.
- Waar er intergemeentelijk werd samengewerkt (bv. in de Westhoek) waren de ingelegde busroutes een groot succes.
- OMD-bezoekers zijn geïnteresseerde bezoekers. Opmerkelijk is dat de Vlaamse brochure en de landelijke brochures dé handleidingen blijven om een persoonlijke OMD uit te stippelen. Ook de website met het hele programma wordt tot op de dag zelf intens geconsulteerd.

De achttiende Open Monumentendag trok ook in Wallonië zowat 450.000 bezoekers getrokken. Dat meldde Michel Daerden, de Waalse minister van Patrimonium. Dit jaar stond de Open Monumentendag in het teken van openbare gebouwen, of bouwwerken die verbonden zijn met het openbare leven, en plaatsen die bewaard zijn gebleven door een actie van de burgers in 183 van de 262 Waalse gemeenten. Het thema "Patrimonium en Burgerschap" trok minder geïnteresseerden dan vorig jaar, toen namen 490.000 mensen deel aan de Open Monumentendag rond de middeleeuwen.

Volgend weekeinde vindt de Open Monumentendag plaats in het Brussels gewest. Het thema daar wordt "Lichaam en Geest". De negentiende editie op 8 en 9 september 2007 in Wallonië zal in het teken staan van het militaire patrimonium.

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

9 september 2006

Ontdek archeologie in de zuidelijke Westhoek

Zondag kan je op de Open Monumentendag de archeologische sites van het CO7-gebied ontdekken. Onder de titel 'CO7 gaat ondergronds, 2500 jaar archeologie in de zuidelijke Westhoek' stellen de 7 gemeenten archeologische sites open