
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
30 april 2007
Opleiding archeologie bedreigd? Een reactie van de VUB!
Afgelopen woensdag verscheen in De Standaard een artikel waarin het voortbestaan van de opleiding archeologie aan de VUB in vraag werd gesteld. Het bericht zorgde voor nogal wat opschudding, en daarom vroeg Archeonet een reactie van de VUB-professoren Dries Tys en Marc De Bie. Volgens hen is de informatie waarop het artikel is gebaseerd, sterk gedateerd en dient de berichtgeving dan ook aanzienlijk genuanceerd te worden.
Lees hier de reactie.
door Priscilla | In de pers | Reacties (0)
Gallische Hoeve vzw organiseert workshop vilten
De gallische hoeve is een uniek project in vlaanderen. De vzw heeft een complete reconstructie gemaakt van een landelijke nederzetting uit de late ijzertijd/vroege Gallo-Romeinse periode. Er wordt speciaal aandacht besteed aan een uitbouw van een educatief aanbod. Naast re-enactment worden dus ook evenementen georganiseerd, zoals op zaterdag 2 juni een workshop vilten. In deze workshop kan je leren om met 2000 jaar oude technieken vilten sokken te maken.
Vilt is een niet-geweven textielsoort die wordt vervaardigd door samenpersing van vezels. De vezels vormen de structuur van de stof. Vilt wordt geproduceerd door wol te bevochtigen en tegelijk door wrijving te stimuleren, zodat de vezels negentig graden zullen draaien en in elkaar gaan haken. Het is een langdurig proces, omdat nooit meer dan vijf procent van de vezels tegelijk van plaats verandert.
De workshop zal doorgaan zaterdag 2 juni van 13.30 tot 17u in de gallische hoeve te Destelbergen ( een routebeschrijving kan u vinden op de website Gallische hoeve).
Prijs en inschrijven:
€ 20,00 (leden van de vzw Gallische Hoeve betalen 5 euro.)
Vooraf inschrijven verplicht. Inschrijven kan via betaling van 20 euro (of 5 euro voor leden) op rekeningnummer 890-1440200-72 met mededeling van 'Workshop Vilten + naam' Uw betaling geldt als inschrijving.
Maximum aantal deelnemers
12 personen. Indien er meer kandidaten zijn zal een tweede dag georganiseerd worden.
Meer info
Gallische hoeve
E-mail Gallische hoeve vzw
Telefonisch te verkijgen via gsm: 0476 68 50 66
door Philip | Evenementen | Reacties (0)
Lezing over archeologisch onderzoek Kluizendok op 2 mei
In het Gentse havengebied wordt momenteel het grootste archeologisch onderzoek uitgevoerd, dat ooit in Vlaanderen plaatsvond. Voor de bouw van het Kluizendok zullen meer dan 600 ha landbouwgrond en woningen verdwijnen en daarom was preventief archeologisch onderzoek noodzakelijk. Op woensdag 2 mei zullen de Gentse archeologen de voorlopige resultaten van dit onderzoek voorstellen tijdens een lezing in de Zwarte Doos in Gentbrugge.
In de geest van de conventie van Malta voorziet de bouwheer, het Vlaamse Gewest, in middelen voor preventieve opgravingen. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door de Vakgroep Archeologie van de Gentse Universiteit. Het project spitst zich toe op de wijk Zandeken, een straatdorp van ca. 100 huizen en omliggend landbouwgebied dat volledig verdwijnt onder de baggerspecie. Het betreft het resterende, nog niet ongedocumenteerd vernietigde deel van het infrastructuurproject.
Het onderzoek wordt uitgevoerd in twee fasen. In een evaluatiefase wordt door middel van proefsleuven, aangelegd in parallelle rijen om de 15 m, nagegaan waar zich archeologische resten bevinden. Soms worden proefsleuven verbreed naar kijkvensters. Indien uit de evaluatie blijkt dat er een ruimtelijk, structureel en chronologisch goed definieerbaar geheel van sporen in de bodem aanwezig is, wordt in een tweede fase tot vlakdekkende afgraving en opgravingen overgegaan.
Tot op heden werden ca. 165 ha geëvalueerd, en hieruit is gebleken dat ca. 12 ha moet worden opgegraven; hiervan is de helft reeds onderzocht. Behoudens enkele erg verspreide resten uit de steentijd en metaaltijden werd een Romeins landschap aangesneden, bestaande uit verschillende boerderij-erven en omliggende percelen daterend uit de 2de en de 3de eeuw van deze tijdrekening. De nederzettingen situeren zich op de iets hogere zandkopjes in een overwegend zeer nat en schraal zandlandschap. Door het zeer nat karakter van de bodem bleven heel wat paleo-ecologische resten goed bewaard. Bovendien trad na het verlaten van de site een zeer intense vernatting op. Het wetenschappelijke belang van het onderzoek situeert zich dan ook in het feit dat voor het eerst op dergelijke schaal een inzicht verkregen wordt in het ruraal occupatiemodel in het noordelijke deel van de civitas Menapiorum waarbij in dit geval specifiek ook sprake lijkt te zijn van een kolonisatie en opgave van een bodemkundig en landschappelijk minder geschikt landbouwareaal.
Praktisch: woensdag 2 mei om 20u. in auditorium De Zwarte Doos (Dulle-Grietlaan 12, 9050 Gentbrugge). Organisatie: Gentse Vereniging voor Stadsarcheologie
Externe link: Website Kluizendok-project
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
29 april 2007
Nieuwe erfgoedgids fortengordel Antwerpen
Afgelopen vrijdag werd de vijfde erfgoedgids van de provincie Antwerpen voorgesteld. De reeks, die in samenwerking met Openbaar Kunstbezit Vlaanderen wordt uitgegeven, heeft deze keer de fortengordel rond Antwerpen als onderwerp. Dit militaire nalatenschap is belangrijk vestingbouwkundig erfgoed en bepaalt in grote mate het landschap in 16 omliggende gemeenten van Antwerpen.
De reeks erfgoedgidsen is een initiatief van de Dienst Cultureel Erfgoed van het provinciebestuur Antwerpen, in samenwerking met Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen. Specifiek voor deze vijfde editie werd samengewerkt met het Simon Stevin Vlaams Vestingbouwkundig Centrum.
De evolutie van de militaire technologie in het begin van de 20ste eeuw noopte tot een uitbreiding van de eerdere, 19de eeuwse Brialmontverdediging (de huidige Antwerpse ring) ditmaal op grotere afstand van de stad. In 1906 werd de opdracht gegeven voor de bouw van de buitenste fortengordel rond Antwerpen. Deze bestaat uit 11 forten en 12 pantserschansen.
Nogmaals bleek de beperkte houdbaarheid van de fortengordel, inmiddels was de militaire technologie zo geëvolueerd dat de forten geen daadwerkelijke bescherming meer boden tijdens WO I.
Het militaire erfgoed verschilt van ‘burgerlijk’ erfgoed. De contemporaine strategie en oorlogspolitiek vormen een belangrijke bron met betrekking tot de ontstaansgeschiedenis van het fort. De aanwezigheid van het fort zorgt dan ook voor een zeer specifiek ‘militair’ landschap met vergezichten en schansverdedigingen in de vorm van ophogingen in het landschap. De finaliteit van de versterking zelf geeft op deze manier het militair standpunt weer uit het begin van de 20ste eeuw.
Ook de actuele problemen van onderhoud en herbestemming van dergelijk uitgebreid
gebouwenpatrimonium worden niet uit de weg gegaan.
Meer info: De erfgoedgidsen kosten 10 EUR en zijn verkrijgbaar bij het Provinciebestuur Antwerpen marie-clare.govaerts@admin.provant.be of 03/240 64 10), Openbaar Kunstbezit Vlaanderen of de boekhandel.
door Priscilla | Publicaties | Reacties (1)
27 april 2007
Vlaamse molens zetten zondag deuren open
Nu zondag, 29 april, vindt de jaarlijkse Vlaamse Molendag plaats. Bijna tweehonderd molens, verspreid over heel Vlaanderen, zijn tussen 10u en 18u gratis te bezoeken. In de meeste molens worden ook gidsbeurten, maaldemonstraties en andere randactiviteiten georganiseerd. Een aanrader voor wie het mooie weer wil kruiden met een snuifje erfgoed! De lijst met deelnemende molens vind je op molenechos.org.
Morgen zaterdag kan je overigens al in Massemen (Wetteren) terecht voor de feestelijke inhuldiging van de volledig gerestaureerde Van Hauwermeirsmolen (foto), een watermolen waarvan de eerste vermelding teruggaat tot het einde van de 16de eeuw. Na een eerste restauratiefase in 2001, heeft men nu ook de complete restauratie van het metselwerk, het dak, de graanzolder en de maalvloer en het schrijnwerk afgewerkt. De oorspronkelijke kasseiweg van de olieslagerij naar de watermolen wordt eveneens hersteld. Ten slotte werd ook een hellend vlak voor mindervaliden aangelegd. De feestelijke inhuldiging vindt plaats op zaterdag 28 april om 15u. Meer info op www.vanhauwermeirsmolen.be.
Foto: Agnes Bellemans - Erf-goed.be
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
Stadsarcheologie in de kijker
Het tweemaandelijkse tijdschrift van Monumenten & Landschappen werd in de loop van 2004 omgedoopt tot het tijdschrift Monumenten, Landschappen & Archeologie. Sindsdien wordt in het tijdschrift dan ook ruim aandacht besteed aan bijdragen over archeologie in Vlaanderen. Het themanummer van maart/april 2007 is gewijd aan stadsarcheologie, met bijdragen van stedelijke archeologische diensten uit Gent, Brugge, Mechelen, Antwerpen en Maaseik.
De volgende onderwerpen komen aan bod:
Erosion of History
Gent speelde met de officiële oprichting in 1975 van een Dienst Archeologie en Historische Monumenten in België een pioniersrol. Figuren als Firmin De Smidt, Adelbert Van de Walle en Siegfried de Laet hadden weliswaar het pad gebaand maar na de stadsarcheologische verkenning van de buitentuin van de Sint-Pietersabdij zou niets meer zijn zoals het was. Joan Vandenhoute en Patrick Raveschot, pioniers van het eerste uur, kunnen het niet meer navertellen, maar met Marie Christine Laleman wordt het verleden meer dan ooit een gesprekspartner voor de toekomst.
Wie geen geheugen heeft bestaat niet
De belangrijke archeologische verzameling van de Brugse Stedelijke Musea vormde de achtergrond voor de oprichting in 1977 van een eigen Stedelijke Archeologische Dienst.
Nog maar pas in 2004 ging deze op in Raakvlak, een interlokale vereniging -tussen polders en zandstreek- voor archeologie in Brugge en Ommeland. Vanuit de nieuwe vestiging in de Pakhuizen aan de Komvest legt Bieke Hillewaer de link tussen de Société Archéologique de Bruges en de Lokale Archeologische Advieskaart, met duidelijke klemtoon op het bodemonderzoek.
13de eeuw in 3D
Heel wat water vloeide door Zenne en Dijle sinds de vroegste graafwerken in de Mechelse Sint-Romboutskathedraal, nauwelijks een eeuw terug, en het recente archeologisch onderzoek van de Grote Markt, Veemarkt en het Minderbroederklooster. In het zog van een lange traditie aan archeologische verenigingen en voor een alerte bevolking werd in 2004 het onwaarschijnlijke bewaarheid: de oprichting van een stedelijke dienst Archeologie zonder eigen stadsarcheoloog: een uitdaging waar Bart Robberechts, Liesbeth Troubleyn, Raf Ribbens en Frank Kinnaer intussen met succes vast vorm aan gaven.
Blik in de bodem
Na een blitse start in 1952, in de schaduw van het Steen, belandde het stadsarcheologisch onderzoek in de Scheldestad voor lange jaren in de spreekwoordelijke steeg. De ruim 400 publicaties wijzen immers ook tegelijk op de keerzijde van de medaille: archeologie gelieerd met museale werking en niet met ruimtelijke ordening. Sinds 1995 vonden archeologie en monumentenzorg elkaar in de huidige Stadsontwikkeling. Johan Veeckman en Tim Bellens juichen de evolutie met recente resultaten toe.
Tot pedagogische waarde voor de Maaslandse jeugd
Hiertoe gestimuleerd door lokale privé-sponsoring en de creatie van een eerste archeologisch museum nam de stad Maaseik rees in 1984 de moedige beslissing tot aanstelling van een stadsarcheoloog annex conservator. Beperkte middelen beperkten ook de interventies tot noodopgravingen, occasioneel tot ruimer onderzoek. Wat kaarslicht en een Agnus Dei zoal vermogen verneemt de lezer met Hubert Heymans en Anja Neskens hierbij uit eerste bron.
Eerder verschenen publicaties van Monumenten, Landschappen en Archeologie:
De Doelse kogge(n). Maritiem erfgoed van europees formaat, door Rudiger Van Hove, in Monumenten, Landschappen & Archeologie, 24/4, juli-augustus 2005.
Archeologie van de “Groote Oorlog”. De Vlaamse situatie, door Marc Dewilde, Mathieu de Meyer en Nicholas J. Saunders, in Monumenten, Landschappen en Archeologie, 26/1, januari-februari 2007.
Mogelijkheden van historische luchtfotografie voor de slagveldarcheologie van Wereldoorlog 1, door Birger Stichelbaut, in Monumenten, Landschappen en Archeologie, 26/1, januari-februari 2007.
Meer info: Men kan zich abonneren op het tijdschrift voor 35 € per jaar. Losse nummers zijn verkrijgbaar aan 6 €. contacteer diane.torbeyns@rwo.vlaanderen.be - (02/553.16.13).
door Priscilla | Publicaties | Reacties (0)
26 april 2007
In Flanders Fields zet oorlogsjaar 1917 centraal
Het In Flanders Fieldsmuseum in Ieper bouwt zijn volledige jaarprogramma op rond de herdenking van het oorlogsjaar 1917. "Geen jaar in de Belgische geschiedenis was zo bloedig", legt conservator Piet Chielens uit. Het hoogtepunt in het programma is de internationale herdenking van de 90ste verjaardag van de Derde Slag bij Ieper op 12 juli. Eerder raakte bekend dat Queen Elisabeth die ceremonie zal bijwonen.
De Derde Slag bij Ieper (31 juli - 10 november 1917) -beter bekend als de slag bij Passendale- kostte meer dan 160.000 levens. In totaal werden een half miljoen Britten en Duitsers gedood, vermist of gewond. Aan het einde van dat jaar was geen beslissende overwinning geboekt. Het In Flanders Fieldsmuseum herdenkt dit oorlogsjaar op verschillende manieren. In het najaar is er een internationale conferentie in Ieper over "Passchendaele". Samen met een nieuwe kritische analyse van de Derde Slag bij Ieper door professor Koch van de universiteit Leiden is dit de speerpunt voor het historische perspectief.
Het artistieke luik wordt ingevuld met een "artist in residence" uit Nieuw-Zeeland, de wereldcreatie van een toneelstuk door een beroemde Ierse schrijver, een nieuwe compositie voor een groot harmonieorkest en literaire reizen en avonden over oorlogsdichters. Twee fototentoonstellingen over begraafplaatsen en monumenten, een herdenking van de onfortuinlijke componist Ivor Gurney en een wandeling naar het eenzame graf van de Ieperse verzoener William Redmond kijken naar de oorlog vanuit het perspectief van de dodenherdenking.
Op 12 juli is er dan een internationale herdenking gepland op Tyne Cot Cemetery in Passendale (foto links) en aan de Menenpoort in Ieper, waar de 80ste verjaardag van de inhuldiging van het monument in de verf wordt gezet.
Foto's: Hill 62, Zillebeke (Carolien Coenen), Tyne Cot Cemetery, Passendale (Bart De Graeve) - Erf-goed.be
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
25 april 2007
Openwerfdag te Oudenaarde op 01/05
Naar aanleiding van het archeologisch onderzoek, waarbij de torenfundering van het middeleeuwse kasteel van de heren van Oudenaarde / Pamele werd vrijgelegd, krijgt het publiek de mogelijkheid de werf te bezoeken op dinsdag 1 mei. De opgraving werd uitgevoerd door het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE), onder leiding van archeologe Vera Ameels.
In de Oudenaardse Kasteelstraat, op de plek waar tot voor een paar jaar het klooster stond van de Zusters van Barmhartigheid, werden de funderingen van een ronde toren blootgelegd. Het betreft een van de torens die rond het 13de-eeuwse kasteel van de heren van Pamele stonden. De naam Kasteelstraat verwijst trouwens naar de burcht die in 1786 gesloopt werd.
Vera Ameels, archeologe bij het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) en haar medewerkers Roger Schockaert en Willy Volders legden de funderingen bloot. ,,De afbraak van het 19de eeuwse klooster en rusthuis in de Kasteelstraat en de komst van een nieuwbouwproject, gaven de aanzet tot een onderzoek naar de restanten van het voormalige kasteel in Oudenaarde'', zegt Vera Ameels.
,,De eerste vermelding van de turris Aldenardensis (toren van Oudenaarde), die de tegenhanger is van de donjon (burcht) van Ename, dateert van 1064. De toren speelde na de val van Ename een belangrijke rol in de stadsgroei van Oudenaarde. In de dertiende eeuw werd de toren gesloopt en vervangen door een trapeziumvormig kasteel met uitspringende torens die door een muur met elkaar verbonden waren. Eén van die torens is nu gevonden en wij gaan proberen het kasteel en de gracht er rond te lokaliseren'', vervolgt de archeologe.
,,Eerder is al een stukje van die gracht blootgelegd, maar die is opgevuld met het puin van het kasteel. In alle tuinen richting De Ham en het Begijnhof moeten wel restanten te vinden zijn. De Kasteelstraat loopt dwars door de vroegere binnenplaats van het kasteel dat op het stadsplan van Sanderus afgebeeld staat'', zegt Vera Ameels.
,,De vraag blijft of de toren van het 13de-eeuwse kasteel op dezelfde plaats werd opgetrokken als de oudste toren. Wij werken nauw samen met de aannemer die de afbraakwerken van het vroegere klooster voor zijn rekening neemt. Wij zitten vlakbij de Schelde en hebben dus nogal wat problemen met het grondwater, maar wij proberen zoveel mogelijk te registreren.''
Praktisch: Op dinsdag 1 mei van 13.00 u tot 18.00 is de site geopend. De locatie is: "Werf Groep Blijweert" in de Kasteelstraat – Achterburg – Jan Zonder Vrees-laan te Oudenaarde.
Meer info: Ameels Vera (VIOE) – 0477/560415
Bron: p.r. Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE)
Het nieuwsblad -11 augustus 2005
door Priscilla | Opgravingen | Reacties (0)
VUB-opleiding archeologie bedreigd?
Minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke vraagt zich af of de Vrije Universiteit Brussel de opleiding archeologie moet blijven aanbieden. Dat zou blijken uit een vertrouwelijke nota van de minister, die de Standaard kon inkijken. De tekst is gericht aan de commissie Rationalisering. Die commissie moet voorstellen doen om de versnippering en de overlappingen in het Vlaamse hoger onderwijs tegen te gaan.
Telt de VUB genoeg studenten om een eigen opleiding archeologie te rechtvaardigen? En is ook de opleiding Latijn aan de Brusselse universiteit niet overbodig? Dat zijn enkele aanzetten die Vandenbroucke in de vertrouwelijke nota geeft. De nota van de minister is bedoeld als "stof tot nadenken, aan de hand van illustraties". Volgens de Standaard zijn die illustraties echter "akelig concreet". Vooral de Vrije Universiteit Brussel, met enkele zeer dunbevolkte opleidingen, wordt in het vizier genomen. Vooral aan het voortbestaan van archeologie en Latijn blijkt Vandenbroucke te twijfelen.
Bron: De Standaard - 25 april 2007
door Tijl | In de pers | Reacties (2)
Lezingenreeks Kelemantia
De ‘Sympathisanten van Kelemantia’ nodigen u van harte uit op hun tweede lezingenreeks. Voor meer informatie over zowel de opgravingsresultaten van de voorbije campagne als de vereniging zelf kan u terecht in Leuven op vrijdag 4 mei aanstaande en op vrijdag 8 juni in Hoeselt. Kelemantia is een castellum uit de tweede eeuw na Christus. Het archeologisch onderzoek wordt uitgevoerd door een internationaal team, met een belangrijke Vlaamse inbreng.
In dit Romeinse fort aan de Donau in Slowakije wordt sinds de zomer van 2005 gewerkt met een Vlaamse ploeg van archeologie- en conservatiestudenten, ter aanvulling op een internationaal team. Iedereen is welkom op de lezingen, maar vooral voor toekomstige deelnemers is dit een aanrader!
De lezingen starten telkens om 20u, inkom bedraagt € 2 ten voordele van het project.
In Leuven vindt ze plaats in het Mgr. Sencie Instituut (MSI), lokaal 02.28, Erasmusplein 2.
In Hoeselt kan u terecht in lokaal 1 van het Cultureel Centrum Ter Kommen, Europalaan 2.
De jaarlijkse benefiet-BBQ zal ditmaal doorgaan op zaterdag 30 juni, reserveer dus nu al een plaatsje in uw agenda!
Meer info: 089/38.20.38 (na 19h) - kelemantia@hotmail.com - website Kelemantia
door Priscilla | Lezingen | Reacties (0)
24 april 2007
Middeleeuws Bladelinfeest in Middelburg
Nu zondag, 29 april, keert Middelburg (Maldegem) voor het derde opeenvolgende jaar een dagje terug naar de middeleeuwen. De feestelijke activiteiten staan in het teken van Pieter Bladelin, de grondlegger van de rijke middeleeuwse geschiedenis van Middelburg. Op de kasteelsite, in het bezoekerscentrum en op andere plaatsen worden tijdens het Bladelinfeest tal van activiteiten georganiseerd.
Na een korte winterslaap opent het bezoekerscentrum Middelburg opnieuw haar deuren en dit onder muzikale begeleiding van ‘De Ware Vrienden’. In dit bezoekerscentrum, gelegen aan de Groene Markt 8 A te Middelburg, wordt het archeologische erfgoed op verschillende manieren belicht, zowel in de filmzaal, als in de tentoonstellingsruimte. Aan de hand van opgegraven voorwerpen, illustraties, kaarten en tekst neem je een duik in het verleden van de stad Middelburg. Ter gelegenheid van het Bladelinfeest zullen een aantal talentvolle kunstenaars vlakbij het bezoekerscentrum het kasteel van Pieter Bladelin heropbouwen… althans in zand.
In de dorpskern kan je de sfeer opsnuiven op een middeleeuwse markt met allerhande kraampjes, waar ambachtslui hun kunsten demonstreren, waar heerlijke middeleeuwse versnaperingen worden aangeboden en waar kruidenvrouw Winiefred je meer vertelt over het kruidengebruik in vroegere tijden. Laat er je toekomst voorspellen door een kaartlegster, ontdek er wat frescoschilderen is en proef er ambachtelijke gebrouwen bier.
Ook een initiatie Bourgondisch dansen staat op het programma. Voor de kinderen wordt nog een aparte danssessie georganiseerd rond het thema middeleeuws dansen. Tevens kunnen ze deelnemen aan de volksspelen, of ervaren hoe het voelt in een schandblok te staan met een beul in de buurt.
Meer info: het volledige programma vind je op maldegem.be
Aansluitend artikel: Middelburg-in-Vlaanderen, vergeten laat-Middeleeuwse stad (19 augustus 2005)
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
VIOE zoekt archeologisch conservator-restaurateur
Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) is momenteel op zoek naar een conservator-restaurateur van archeologische voorwerpen (m/v) voor een 50% vervangingscontract. Naast de actieve en passieve conservatie van vondsten in metaal, glas, ceramiek... staat de conservator-restaurateur ook in voor het uitvoeren en begeleiden van conserveringswerken in situ.
Je taken
* Je staat in voor de passieve en actieve conservering van archeologische vondsten in metaal, glas, ceramiek, e.a.;
* daarnaast sta je in voor het uitvoeren, leiden of begeleiden van conserveringswerken in situ;
* je volgt de ontwikkelingen in de eigen en de aanverwante vakgebieden;
* je bent verantwoordelijk voor de werking van het conservatie-atelier te Zellik.
Je profiel
* Je bent houder van een diploma Master in de Conservatie & Restauratie of een universitair diploma in de archeologie, geschiedenis of gelijkwaardig met specialisatie in conservatie en restauratie;
* kennis van conservatie van verschillende materialen is een pluspunt;
* je werkt zeer nauwkeurig;
* je respecteert deadlines.
Het VIOE biedt
* Een 50% vervangingscontract
* een wedde in loonschaal A165 (wetenschappelijk attaché);
* gratis woon-werkverkeer met het openbaar vervoer;
* een gratis hospitalisatieverzekering;
* de standplaats is Zellik.
Laatstejaarsstudenten kunnen zich ook reeds kandidaat stellen. Voorwaarde is wel dat zij ten laatste in juni 2007 in het bezit zijn van hun diploma.
Geïnteresseerd? stuur dan snel je CV met bijhorende motivatiebrief naar Heidi Berckmans (Koning Albert II-laan 19 bus 5, 1210 Brussel). Solliciteren kan tot en met 6 mei 2007. De selectie bestaat uit een CV-screening gevolgd door een interview en een competentiescreening. Voor meer informatie m.b.t. de inhoud van de functie kan je contact opnemen met Frederick Van de Walle op het nummer 02/481.80.38.
door Tijl | Vacatures | Reacties (0)
23 april 2007
Lezing over de Romeinse marine in Leuven
Nu woensdag 25 april organiseert de Leuvense studentenkring Alfa een lezing over de Romeinse marine. De lezing wordt verzorgd door archeoloog Bernard Van Daele, die zich voor de gelegenheid nog eens uitdost in zijn militaire uitrusting. Het wordt een levendige kennismaking met de Romeinse zeestrijdkrachten, vanaf de Republiek tot de late Keizertijd. De lezing vindt plaats om 20u in lokaal 00.20 van het Monseigneur Sencieinstituut (Erasmusplein, Leuven).
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
Vlaams-Brabant: Provinciale prijs monumentenzorg 2007
De provincie Vlaams-Brabant lanceert de tweejaarlijkse provinciale prijs monumentenzorg. Voor deze prijs komen het behoud (onderhoud en restauratie) en de herwaardering van beschermde en waardevolle niet-beschermde gebouwen in aanmerking. De prijs wordt afwisselend toegekend aan projecten in Vlaams-Brabant, waar huisvesting de hoofdbestemming is en aan projecten met een andere functie. Voor de editie 2007 is deze tweede categorie aan de beurt.
Vlaams-Brabant heeft een rijk historisch en bouwkundig verleden, een tastbaar geheugen dat met zorg moet worden omringd. Om het onderzoek naar en het behoud van dit cultureel erfgoed te stimuleren reikt de provincie jaarlijks de prijs cultureel erfgoed uit. In de even jaren is dit de prijs historisch onderzoek; in de oneven jaren is dit de prijs monumentenzorg.
In 2007 is dus de prijs monumentenzorg aan de beurt, waar dit jaar de zogenaamde projecten met een andere functie dan huisvesting centraal staan. Dit zijn voornamelijk openbare gebouwen zoals kerken, kapellen, gemeentehuizen, kloosters, industriële gebouwen, etc. Originele bijdragen tot het behoud (onderhoud en restauratie) en de herwaardering van beschermde en waardevolle niet-beschermde gebouwen in Vlaams-Brabant komen in aanmerking om deel te nemen. De bijdragen kunnen zowel wetenschappelijk en technisch als educatief zijn.
Aan deze prijs is een bedrag van 5000 euro verbonden en de uiterlijke indiendatum van de dossiers is 18 juni 2007.
Prijswinnaars van de afgelopen jaren zijn oa. de Abdijkerk van Vlierbeek in Kessel-lo (2001), het tramstation van Humbeek (2002) en de Hertboomwindmolen in O.-L.-V.-Lombeek (2003) en Karl Heeremans voor de valorisatie van zijn modernistische woning (architect Huib Hoste en tuinarchitect Canneel - Claes) in Liedekerke (2005).
Praktisch:
De info brochure voor de provinciale monumentenprijs kan u hier vinden (Download in pdf formaat, 260 kb)
Het reglement voor de wedstrijd kan u op de volgende website raadplegen.
De inzending omvat zeven exemplaren van het dossier, waarvan twee exemplaren originele illustraties en plannen moeten bevatten. De twee exemplaren met originele illustraties en plannen worden ondergebracht in het documentatiecentrum Vlaams-Brabant.
De deelnemers moeten hun dossier ten laatste op 18 juni 2007 opsturen naar de provincie Vlaams-Brabant (poststempel geldt als bewijs) of hun dossier afgeven aan de balie van de provinciehuis ten laatste op 18 juni 2007 om 16 uur.
Algemene informatie :
Website: Cultuur Vlaams-Brabant
of contacteer Els DECONINCK, dienst cultuur, telefonisch op 016-26 76 15 of via E-mail
door Philip | Erfgoed | Reacties (0)
Van Mechelen wil meer aandacht voor luchtvaartarcheologie
Vlaams minister Dirk Van Mechelen wil in de toekomst meer aandacht schenken aan luchtvaartarcheologie. Net zoals dat voor de maritieme archeologie het geval is, wil de minister dat het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed de komende jaren haar expertise op dit vlak gaat uitbouwen. Volgens de minister heeft ook het onderzoek naar recentere periodes baat bij een meer wetenschappelijke aanpak.
Luchtvaartarcheologie is in feite een zeer jonge discipline, waarbij enkele enthousiastelingen op zoek gaan naar de resten van neergestorte bommenwerpers of andere verongelukte vliegtuigen uit voornamelijk de Tweede Wereldoorlog. Voorlopig is het opgraven of bergen van de resten van deze vliegtuigen uit WOII er vooral op gericht een verhaal dat bekend is uit historische bronnen te bevestigen en/of de stoffelijke resten van de bemanningsleden te vinden en een laatste rustplaats te geven.
Deze opgravingen door amateurarcheologen hebben er volgens de minster voor gezorgd dat stilaan iedereen en dus ook de opgeleide archeologen, overtuigd zijn van het feit dat ook het onderzoek naar recentere periodes baat heeft bij een archeologische aanpak. "Een optimaal gebruik van archeologische technieken en expertise ervoor zorgen dat op het terrein nog veel meer extra informatie kan worden verzameld over de manier waarop een vliegtuig is verongelukt, hoe het is neergekomen, hoe het bewaard is," aldus Van Mechelen. Net zoals dat voor de maritieme archeologie het geval is, wenst de minister dat het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed de komende jaren haar expertise op dit vlak gaat uitbouwen, in dialoog met de vrijwilligers en verenigingen die nu reeds op het terrein actief zijn.
Van Mechelen wees naar aanleiding van de Erfgoeddag op de waarde van het luchtvaartpatrimonium in het algemeen: "Vroeger had vliegen iets heroïsch, iets wonderbaarlijks, iets ongrijpbaars ook en dat leidde tot een bijzonder rijk patrimonium: van grote loodsen tot bakens in het landschap, van eenvoudige herdenkingsmonumenten tot prachtige oude en vaak nog luchtwaardige vliegtuigen." Veel van dit patrimonium is enkel gekend bij specialisten, maar daar moet volgens Van Mechelen verandering in komen. Zo startte de minister vorig jaar nog de beschermingsprocedure voor de Hardy-loodsen en de kompenseerinrichting op het vliegveld van Grimbergen (foto).
Op initiatief van Frans Van Humbeek en de Belgian Aviation History Association werd aan de vooravond van Erfgoeddag de 'Gids voor het Belgisch Luchtvaartpatrimonium' voorgesteld. "Deze gids, opgebouwd vanuit een jarenlange expertise en terreinkennis door professionele vrijwilligers, vormt een uitstekende basis voor de bescherming van het luchtvaarterfgoed," aldus de minister.
Hij maakte dan ook de nodige afspraken met de initiatiefnemers, zodat op korte termijn een representatieve selectie aan zijn administratie kan worden voorgelegd, waarvoor de concrete beschermingsprocedure kan worden opgestart. Tegelijkertijd werden de nodige afspraken gemaakt zodat de informatie uit de gids ook in de database van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed zal terechtkomen en ook op die manier ontsloten kan worden voor het publiek, maar ook bruikbaar wordt voor de overheid.
Voor Van Mechelen is dit soort wisselwerking tussen beslagen vrijwilligers en verenigingen en zijn eigen administratie essentieel. Het creëert immers de mogelijkheid om op een gedragen manier versneld een aantal thema's te evolueren en tot concrete bescherming over te gaan, stelt hij. De minister hoopt dan ook dat dit initiatief anderen inspireert om ook hun expertise en informatie ter beschikking te stellen van iedereen.
Bron: Kabinet Dirk Van Mechelen
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
22 april 2007
Historische foto's 1914-1918: een nieuwe bron voor archeologisch onderzoek
Op dinsdag 24 april organiseert de Archeologische Werkgroep van de Gentse universiteit een lezing over luchtfotografie tijdens de Eerste Wereldoorlog, en het gebruik van deze luchtfoto's voor archeologische toepassingen. De lezing zal worden gegeven door Birger Stichelbaut en heeft als titel 'Historische foto's 1914-1918: een 'nieuwe bron' voor archeologisch onderzoek.'
Praktisch: iedereen is van harte welkom op dinsdag 24 april om 20u in auditorium D van de Blandijn. Toegang gratis.
Aansluitend artikel: Militaire luchtfotografie in WO I (interview met Birger Stichelbaut)
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
Bunker uit Tweede Wereldoorlog tegen de vlakte in Knokke-Heist
In Knokke-Heist werd deze week begonnen met de sloop van een unieke bunker uit de Tweede Wereldoorlog. De bunker, die zeventien kamers bezat, fungeerde als hoofdkwartier binnen de Atlantikwall, en was met een dak en gevel in siersteen afgewerkt, om minder op te vallen naast de aanpalende villa. De sloopwerken aan de betonnen mastodont duren drie weken. In de plaats komt een groenzone met een klein speelplein.
De oorlogsbunker die paalt aan het voormalig restaurant Ter Dijcken in de Kalverkeetdijk wordt met de grond gelijk gemaakt. De bunker werd in augustus 1942 gebouwd door de Duitsers en had de functie van hoofdkwartier binnen de Atlantikwall tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het hoofdkwartier stond onder bevel van commandant Oscar Ridler.
Met muren van 1,5 meter dik en een plafond van 2,5 meter moest de bunker bestand zijn tegen een bom van 250 kilogram. De bunker had zeventien kamers waaronder een ruimte voor officieren en een kaartenkamer. Er waren gasvrije deuren en een periscoop om de omgeving in het oog te houden. De Duitsers werkten de bunker af met een dak en een gevel in siersteen met vensters zodat het bijna een geheel vormde met de aanpalende villa.
Alain Van Geertruyen, die heel wat informatie bezit over bunkers langs de kust, vindt het spijtig dat die wordt gesloopt. "In de omgeving staan nog twee bunkers. Met de sloop verdwijnt een historische restant van de Tweede Wereldoorlog. De gemeente had het kunnen bewaren en er een museum in onder brengen. Er zouden trouwens twee soldaten gefusilleerd zijn en er ook begraven liggen," zegt Van Geertruyen in het Nieuwsblad.
"De bunker werd gebruikt als wijnkelder. Die wordt nu ondergebracht in de kelders van het restaurant dat nu de naam Charl's heeft gekregen. Na de sloop is het de bedoeling dat wij verfraaiingwerken uitvoeren en beplanting aanbrengen. Wij denken aan een kleine speelruimte met een schommel," zegt gedelegeerd bestuurder Serge Vermeersch.
Bron: Het Nieuwsblad - 20 april 2007
door Bart | Erfgoed | Reacties (0)
21 april 2007
Lezing archeologisch onderzoek op terrrein Dendermondse bibliotheek
Op donderdag 26 april geeft stadsarcheoloog Robby Vervoort een lezing over het archeologisch onderzoek op het terrein van de Dendermondse stadsbibliotheek. Gelegen aan de rand van de middeleeuwse stad werden sporen van ambachtelijke activiteiten verwacht. Eén van de spectaculairste vondsten waren inderdaad twee prachtig bewaarde leerlooierskuipen.
In het voorjaar van 2005 voerde het Dendermonds Archeologisch Team (DAT), destijds bestaande uit Robby Vervoort en Dimitri Beeckman en bijgestaan door Edith Goudie-Falckenbach, een proefsleuvenonderzoek uit op het terrein van de toekomstige stadsbibliotheek. Doel was de aard en omvang van de bewoning op de site na te gaan. Gezien de ligging aan de rand van de stad, omgeven en doorkruist door verschillende grachten, konden er zich misschien resten van ambachtelijke nijverheden op het terrein bevinden.
De aandacht ging ook uit naar een gracht die op verschillende oude plannen (De Vlaeminck, Poppe) zichtbaar was, en waarvan de functie en de relatie met de nabije Paalgracht onduidelijk was. Tevens werden aan de zijde van het Sas resten verwacht van een oude stadsgracht. Ook deze is op de oude kaarten zichtbaar en was vroeger beter gekend als de Bertoutse Veste.
Hoewel het onderzoek van het vondstenmateriaal nog niet volledig is afgerond, wil Robby met deze lezing graag reeds de eerste conclusies aan u voorstellen.
Praktisch: donderdag 26 april 2007 om 20 uur in zaal Steenpoort, Kerkstraat 115 te Dendermonde. De lezing is een organisatie van de Stedelijke Cultuurraad.
door Bart | Lezingen | Reacties (0)
20 april 2007
Maarten Berkers - Machtige kastelen
Het onderzoek naar het mottekasteel of de castrale motte neemt een belangrijke plaats in binnen het onderzoek naar de middeleeuwse aarden versterkingen. Vanaf de 11de tot de 13de eeuw was dit tweeledig kasteeltype, voornamelijk opgebouwd uit hout en aarde, de belangrijkste in Vlaanderen en grote delen van West-Europa. Archeoloog Maarten Berkers studeerde vorig jaar af aan de UGent met een licentiaatsverhandeling over mottekastelen in West-Vlaanderen.
door Tijl | Interviews | Reacties (0)
Niet te schatten - Erfgoeddag
Zondag is het wederom Erfgoeddag, dé feestdag voor het cultureel erfgoed in Vlaanderen en Brussel. Op 22 april kan je tussen 10 en 18 uur op ontdekkingstocht in de musea, archiefinstellingen, documentatiecentra, heemkringen...in Vlaanderen en Brussel. Dankzij tentoonstellingen, rondleidingen, fietstochten, expertenbeurzen... ontdek je wat het erfgoed waard is. We zetten er een aantal voor u op een rij.
De AVRA (Antwerpse Vereniging voor Romeinse Archeologie) draagt op zondag 22 april mee haar steentje bij tot de Erfgoeddag. De opgravingen van AVRA in Wijnegem worden extra in de verf gezet in het gemeentehuis. Het programma bestaat uit rondleidingen in de permanente archeologische tentoonstelling (voorwerpen uit ijzertijd, Romeinse tijd en middeleeuwen, bezichtiging 9de-eeuwse waterput) om 11u, 14u en 16u. Verder is er nog een bijkomende beperkte tentoonstelling en is er een doorlopende powerpoint-presentatie over de opgravingen van AVRA in Wijnegem (15 min.).
Een unieke gelegenheid voor wie kennis wil maken met het werk van AVRA in Wijnegem!
In Brugge kan je "Op ontdekkingstocht met Rudi Reiziger ..."
In de Abdij van Male toont Raakvlak een gouden munt van Lodewijk van Male (foto). Freddy Willem vond de munt in 1993 in een beerput op de hoek van de Oude Burg en de Wollestraat. Zijn verhaal lees je in de Abdij van Male.
Eveneens in de abdij kan je om 14u30 terecht voor een lezing van Bieke Hillewaert:
Objectieve en subjectieve waarden
Waarom bewaar je het ene wel en het andere niet? Hoe is de collectie van een archief of museum samengesteld? Welke criteria bepalen de slectie? Archeologische vondsten, bewaren of afstoten?
Link: Erfgoeddag
door Jeroen | Evenementen | Reacties (0)
Beleef de Romeinen
Op zondag 22 april organiseren de Musea Maaseik een Romeinse beleefdag. Van 12u tot 18u kan u op de markt van Maaseik genieten van ondermeer het wapenarsenaal en de gevechtstechnieken van gladiatoren uit Zuid-Frankrijk, welke aan de hand van een uitgebreide, wetenschappelijke studie gereconstrueerd werden.
De soldaten en de Romeinse dames van Legio XI Claudia Pia fidelis verzorgen een uitgebreid spektakel met gedetailleerde uitleg en workshops. Zo kan u ondermeer genieten van Romeinse delicatessen, haartooi, maquillage, gokspelen, boogschieten, het kampleven van een Romeinse soldaat en een oefening van het Romeinse leger.
Tot slot zullen de soldaten van Corpus Equitum Legionis X Equestris u een volledige voorstelling geven met ruiter-oefeningen in galop, gecombineerd met een gevecht tussen een cavalerist en een infanterist.
Kortom ‘BELEEF’ een grandioze dag uit het Romeinse leven en neem deel aan onze talrijke workshops voor groot en klein.
Inkom: 4,-€ incl. de tentoonstelling “Expeditie Archeologie”(kinderen <12 j: gratis).
Meer info: musea Maaseik
door Priscilla | Evenementen | Reacties (0)
Groots archeologisch- en erfgoedproject in Rome
Rome gaat een oppervlakte van 60.000 vierkante meter wijden aan de archeologische fora, het Colosseum, het Capitool en nieuwe musea. Bedoeling is de geschiedenis in de eeuwige stad te concentreren en van de zone een ''Italiaans Louvre'' te maken. We gaan belangrijke gebouwen vrijmaken ten behoeve van het archeologisch en cultureel erfgoed van de stad, zo legt Romeins burgemeester Walter Veltroni donderdag uit in de kranten.
De stad keurde het project ''Grande Campidoglio'' woensdag goed. De pers herdoopte het tot ''nieuw Louvre''. De monumenten en sites beslaan een oppervlakte van 61.250 vierkante meter. Het Louvre in Parijs is 70.000 vierkante meter groot.
In een perimeter tussen het Circus Maximus, het Colosseum, de keizerlijke fora en de Capitoolheuvel, kortom het historische centrum van de stad, worden zeven gebouwen geopend of hereopend voor het publiek.
In eerste instantie zullen deze zomer bijna 5.000 ambtenaren van de stad Rome, die nu nabij het Circus Maximus zijn ondergebracht, verhuizen. In dat gebouw komt een museum dat gewijd is aan de Romeinse beschaving. Tot nu toe bevond dat zich in een wijk die ver van het historische stadscentrum ligt.
Niet ver daar vandaan opent in oktober de site van de markten van Trajanus, waar al jaren aan gewerkt wordt, samen met een museum over de fora van het keizerrijk. Daar zullen voorwerpen te zien zijn die aangetroffen werden bij de opgevravingen en op dit moment opgeslagen zijn.
Het Paleis en de Villa Rivaldi, die zich op de Fora bevinden, gaan open voor het publiek. Binnen zullen antieke beeldhouwwerken te zien zijn.
In 2006 verhoogden de Italiaanse musea en archeologische sites hun toegangsgeld, respectievelijk met 4,4 en met 11 procent. Vorig jaar bezochten drie miljoen mensen de keizerlijke fora in Rome en 1,81 miljoen de historische site van Pompei.
Bron: DS Online 20/04
door Priscilla | Internationaal | Reacties (0)
19 april 2007
Lezingenreeks 'Kruiwagen IX' op 25 april in Gent
Op woensdag 25 april vindt in Gent de negende editie van de lezingenreeks 'Kruiwagen' plaats. Opnieuw worden er vier lopende archeologische projecten aan het publiek voorgesteld. Zoals steeds is het programma gevarieerd, met aandacht voor het archeologisch vooronderzoek in Desteldonk, het Gentse klooster 'Nieuwenbossche', de abdijkerk van de Bijloke en bouwhistorisch onderzoek van twee Gentse huizen.
1. Archeologisch vooronderzoek te Desteldonk Moervaart-Zuid (Wouter De Maeyer & Caroline Ryssaert)
Bij de uitbreiding van het industrieterrein te Desteldonk Moervaart-Zuid diende het Gentse Havenbedrijf archeologisch onderzoek uit te voeren. Zij gaf hiertoe opdracht aan de vakgroep Archeologie van de Universiteit Gent die een team van twee projectarcheologen inschakelde. Het vooronderzoek startte op 5 februari 2007 en omvatte twee fasen. Deze bestonden uit een systematisch proefsleuvenonderzoek, aangevuld met boorprospectie. Hoe dit onderzoek precies verliep en welke resultaten dit opleverde, wordt in deze Kruiwagen verteld door de projectarcheologen.
2. Het klooster 'Nieuwenbossche' te Gent: Bron van bouwhistorisch onderzoek (Els Hemelings)
Het voormalige klooster Nieuwenbos in Gent heeft een bewogen geschiedenis achter de rug. Het bouwhistorisch onderzoek, als afstudeerproject voor het behalen van een Master in de Monument- en Landschapszorg aan het Henry Van de Velde Instituut, had als doel een coherent beeld van de bouwgeschiedenis van het klooster te scheppen. Niet enkel het onderzoek naar de evolutie van de materie 'an sich' werd in de studie opgenomen. Een vergelijking met de architectuur van andere cisterciënzerkloosters en met de evolutie van het architecturale landschap in Gent was aanvullend om de religieuze, historische, kunsthistorische en architecturale waarde van het klooster Nieuwenbos te kunnen duiden.
Het bouwhistorisch onderzoek van het klooster Nieuwenbos spitste zich toe op het klooster te Gent tijdens het Ancien Régime, dat ontstond op de Groene Hooie op het einde van de 16de eeuw. Om inzicht te krijgen in de bouwhistoriek werd de consultatie van archivalische en iconografische bronnen gecombineerd met het bestuderen van de gebouwen, het identificeren en dateren van materialen en technieken. Door dit noodzakelijk samengaan was het mogelijk om de bouwfasen van het gebouwencomplex in kaart te brengen. Het steeds aanpassen en moderniseren van de gebouwen resulteert vandaag in een bonte waaier aan architecturale stijlen, gaande van de laat-gotiek, naar de renaissance, de volle barok, de gematigde 18de-eeuwse barok, de régence en het rococo. De gebouwen van Nieuwenbos werden in het begin van de 19de eeuw gekocht door een Waalse kloostercongregatie, die het complex tot een school omvormde.
3. De Bijloke, Abdijkerk I (Gunter Stoops)
De Dienst Stadsarcheologie van de stad Gent verrichte in de zomers van 2005 en 2006 opgravingen ter hoogte van de kleinere groenruimtes ten noorden van de voormalige Bijloke-abdij. Met de resultaten hiervan kan een hypothetische plattegrond van de eerste abdijkerk vooropgesteld worden. Deze kerk is gekend uit geschreven bronnen en vage iconografie, maar werd in de woelige 16de eeuw verwoest en afgebroken. Nu hebben we voor het eerst een idee van haar dimensies.
4. Hotel de Coninck en huis Leten (Nathalie Gagelmans)
Hotel de Coninck is gelegen binnen de Gentse Sint-Michielswijk en vormt samen met huis Leten het huidige Designmuseum. Het hotel is een indrukwekkend voorbeeld van een 18de eeuwse meesterwoning in Lodewijk XV- & Lodewijk XVI-stijl en bestaat uit een corps-de-logis met twee zijvleugels en een achtervleugel rondom een zeer charmante open binnenplaats. In het eerste opzicht lijkt het om een eenheidsbebouwing uit 1755-1758 te gaan, maar niets is minder waar. Dit blijkt uit het archivalische en bouwhistorische onderzoek. De oudste middeleeuwse sporen in de kelder van het hoofdgebouw werden al omstreeks 1985 door de Gentse Dienst Stadsarcheologie aangetroffen. Bovendien werd het hoofdgebouw in 1755-1758 opgetrokken op de plaats waar zich in de loop van de geschiedenis drie herbergen bevonden, die in de eerste helft van de 18de eeuw reeds waren samengevoegd en uitgroeiden tot een ware afspanning of hostelrij de Gulden Appel. Deze hostelrij stond alom bekend in de ruime omgeving, maar werd uiteindelijk om onbekende redenen in 1753 verkocht aan bouwmeester David 't Kindt, die in opdracht van negociant Charles de Brauwer een nieuwe woning liet optrekken. Aangezien Charles De Brauwer in financiële moeilijkheden geraakte en zijn crediteurs niet meer kon betalen, bleef de bouw beperkt tot het oprichten van een hoofdgebouw en de aanleg van de fundamenten van stallingen en pakhuizen ter hoogte van de latere zijvleugels. Uiteindelijk werd het huis verkocht aan Ferdinand de Coninck, die de bouw van de meesterwoning liet voortzetten. In 1856 werd hotel de Coninck bewoond door twee families. Bij de inrichting tot Museum voor Sierkunst vanaf de jaren 1920 werd deze scheiding opgeheven en werd het gebouw aangepast aan de museale noden van toen. In 1992 werd het Museum voor Sierkunst omgedoopt tot Designmuseum, waarbij de nieuwbouw ter hoogte van de achtervleugel, de verbinding vormt tussen Hotel de Coninck en huis Leten, waar de directie en administratie van het museum gevestigd zijn. Ook dit huis kende een zeer interessante bouwhistoriek.
Praktisch: Kruiwagen VIII, op woensdag 25 april om 20 uur, in de Panoramische Zaal Middenstandshuis, Lange Kruisstraat 7, Gent (Bij Sint-Baafsplein en Sint-Baafskathedraal). Toegang gratis. Organisatie: Stad Gent, Dienst Stadsarcheologie en V.Z.W. Gentse Vereniging voor Stadsarcheologie.
Info: stadsarcheologie@gent.be
door Bart | Lezingen | Reacties (0)
18 april 2007
Studenten gezocht voor opgraving in Boom
Vorige week zijn de archeologische opgravingen te Boom-Krekelenberg II van start gegaan. In de eerste week van de werken zijn al enkele plattegronden teruggevonden, die vermoedelijk dateren uit de IJzertijd. Het gaat hierbij zowel om hoofd- als bijgebouwen. De opgraving loopt nog tot in juni en het team van archeologen is op zoek naar enkele gemotiveerde studenten om het veldwerk tot een goed einde te brengen.
De opgraving wordt in opdracht van de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij Antwerpen (POM) door de Provincie Antwerpen uitgevoerd.
Interesse? geïnteresseerden kunnen contact opnemen met projectarcheoloog Bart De Smaele (0478/37.21.74)
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Europees Erfgoedlabel voor Ename en Francia Media?
Ministers Dirk Van Mechelen en Bert Anciaux willen Ename en het project Francia Media voorstellen als kandidaat voor een Europees Erfgoedlabel. Met dit nieuwe label willen de Europese lidstaten een dynamisch netwerk opbouwen van sites, monumenten en herdenkingsplaatsen met een sterke Europese visibiliteit. Erfgoed met dit label zal garant staan voor bepaalde standaarden inzake onthaal, informatie, toegankelijkheid, meertaligheid en de ondersteuning van de Europese identiteit.
In de loop van vorig jaar bereikten de lidstaten van de Europese Commissie een consensus om een Europees Erfgoedlabel toe te kennen. De eerste voorstellen konden in 2007 worden geformuleerd. Vlaams minister Dirk Van Mechelen, bevoegd voor het Onroerend Erfgoed, heeft nu in samenspraak met zijn collega Bert Anciaux, beslist om vanuit Vlaanderen Ename en het Francia Media-project voor te stellen.
Het Francia Media-project wil een stukje geschiedenis onder het voetlicht brengen dat de kiem van het ééngemaakte Europa in zich draagt. Francia Media verwijst naar het Karolingische gebied, een smalle middenstrook van Europa, die zowat 1100 jaar geleden een centrale eenheid vormde en zich uit strekte van de Noordzee tot de Middellandse Zee, van Friesland tot Vlaanderen, Italië, Slovenië en Kroatië. Het historische gebied van Francia Media als Europese verbindingszone, blijft ook tot in onze tijden belangrijk. De landen die in 1957 met het Verdrag van Rome de EEG stichtten, zijn landen die geheel of gedeeltelijk deel hebben uitgemaakt van Francia Media.
De plaats van Vlaanderen in dit Europees verhaal wordt voor een groot deel bepaald door de Schelde, omdat die als westgrens van Francia Media en later als westgrens van Oost-Francië, een bijzondere rol speelde. Die rol nam in de loop van de 10de eeuw steeds maar aan belang toe. Zeker nadat in het laatste kwart van de 10de eeuw drie versterkingen tegen het toenmalige Graafschap Vlaanderen werden gebouwd: Valenciennes, Ename en Antwerpen. Hierrond ontstonden prestedelijke nederzettingen die, op uitzondering van Ename, tot ware steden uitgroeiden.
De afgelopen decennia werd dit stuk vergeten verleden van Ename letterlijk terug naar boven gehaald. De opgraving van de abdij en de vroegere handelsnederzetting betekenden de aanzet voor een integraal en geïntegreerd erfgoedproject met Europese en internationale weerklank. De archeologische resten werden en worden immers met gebruik van de meest vooruitstrevende hedendaagse technologieën ontsloten, bijvoorbeeld dankzij de zgn. tijdsvensters of nog dankzij de digitale erfgoedroute die momenteel verder wordt ontwikkeld. De provincie Oost-Vlaanderen bouwde in Ename een provinciaal museum uit, dat op een bijzonder eigentijdse en kindvriendelijke manier het erfgoed van Ename en omgeving ontsluit.
Daarnaast is er ook het Ename Expertisecentrum, dat allerhande activiteiten ontwikkelt inzake duurzame interpretatie van het erfgoed, publieke dialoog met en activiteiten voor de lokale gemeenschap, educatieve programma's, technologische innovaties, internationaal erfgoedbeleid. Tot slot is er ook nog het Ename Charter, dat binnenkort door ICOMOS zal worden aanvaard. Het Ename Charter wil de basisdoelstellingen en -principes voor de interpretatie van sites bepalen met betrekking tot de authenticiteit, intellectuele integriteit, sociale verantwoordelijkheid en respect voor culturele betekenis en context.
"Ename is een perfect voorbeeld van een werking rond alle aspecten van het erfgoed dat kan rekenen op een brede publieke belangstelling. Het is sterk lokaal en regionaal verankerd, maar richt tegelijkertijd zijn blik naar een internationale horizon. Daarmee is het richtinggevend voor de erfgoedzorg van de toekomst en sluit het ook perfect aan bij de doelstelling van dit Europees erfgoelabel," aldus nog minister Van Mechelen.
Lees meer: dirkvanmechelen.be
door Tijl | Internationaal | Reacties (1)
17 april 2007
Resten van vader en zoon Huygens ontdekt in Den Haag
In de Grote Kerk in Den Haag zijn dinsdag mogelijk resten gevonden van Constantijn en Christiaan Huygens. Volgens een woordvoerder van de kerk is het nog niet zeker dat het echt gaat om de overblijfselen van de bekende Hagenaars die in de zeventiende eeuw leefden. "Maar de kans is wel groot," aldus de zegsman. De ontdekking is gedaan tijdens de renovatie van een gedeelte van de vloer van de Grote Kerk.
De resten zijn gevonden onder de grafplaten van vader en zoon Huygens. Maar omdat niet alle graven in de kerk nog precies onder de bijbehorende grafplaat liggen, is er nog enige twijfel. Volgens de woordvoerder van de Grote Kerk zijn er in het gewelf onder de grafplaten in elk geval houtresten gevonden. "Monumentenzorg moet nu samen met de archeologische dienst beslissen of ze deze plek verder gaan onderzoeken. Zo niet, dan blijft het altijd een raadsel. Maar het is wel razend spannend," aldus de zegsman.
Constantijn Huygens, geboren in 1596, staat bekend als een van de grootste dichters uit de Gouden Eeuw. Ook was hij een geleerde en componist en secretaris van de prinsen Frederik Hendrik en Willem II. In 1629 kreeg Constantijn Huygens een zoon, Christiaan. Die ontwikkelde zich als de grootste internationale geleerde van zijn tijd. Hij verwierf al tijdens zijn leven wereldfaam als natuurkundige, wiskundige, sterrenkundige en uitvinder. Zijn baanbrekende theorieën en uitvindingen waren een uitvloeisel van zijn grote belangstelling voor technologie, in tegenstelling tot het grootste deel van de natuurbeschouwing in de zeventiende eeuw, dat meer filosofische uitgangspunten hanteerde. In die zin ontketende het werk van Huygens een wetenschappelijke revolutie.
Als natuurkundige verklaarde hij onder meer de reflectie en breking van lichtgolven, dat nog altijd bekend staat als het ’beginsel van Huygens’. Als wiskundige verrichtte de in Den Haag geboren Huygens pionierswerk op het gebied van de kansberekening. En als sterrenkundige speurde hij met zelfgebouwde telescopen de hemel af en besefte als eerste dat de mysterieuze ’oren’ aan de planeet Saturnus feitelijk een ring vormen. Ook ontdekte hij de grote maan van Saturnus: Titan. Logischerwijs is de sonde die in januari 2005 in het kader van de Cassini/Huygens missie op Titan landde, vernoemd naar het Nederlandse genie. Daarnaast vond hij talrijke wetenschappelijke instrumenten uit, zoals de slingerklok, die alle voorgaande uurwerken in nauwkeurigheid overtrof.
Bron: RKnieuws.net
door Tijl | Internationaal | Reacties (0)
Zwarte farao's in Mariemont
Het Koninklijk Museum van Mariemont (Henegouwen) organiseert nog tot 2 september een unieke tentoonstelling over het andere koninkrijk der piramiden, dat van Nubië en de woestijn ten westen van de van de Nijl-vallei. Het spoor van de fabelachtige karavaan van Darb Al-Arb’aïn - ook wel "Het Pad van de Veertig Dagen" genoemd - wordt aan het licht gebracht door indrukwekkende archeologische vondsten die vijfduizend jaar geschiedenis beschrijven vanaf de Steentijd tot heden.
De collecties komen uit gerenomeerde musea zoals het British Museum, het Egyptisch Museum van Cairo, het nationaal Museum van Khartoem en de koninklijke musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel. De voorwerpen die langs deze route zijn gevonden en die worden tentoongesteld, nemen je mee via de Oudheid naar vandaag. Zo zal dit karavaanpad, dat indertijd bereisd werd door de oude Egyptenaren en de Arabische slavendrijvers, tot leven komen aan de hand van archeologische vondsten, etnografie, reisverhalen van ontdekkingsreizigers uit de 18de en 19de eeuw en schitterende foto’s van de Franse documentaire-fotograaf Claude Iverné.
Deze buitengewone tentoonstelling, die een dialoog bewerkstelligt tussen archeologische vondsten en hedendaagse fotografie, geeft een breder beeld van de traditionele waarneming van het verleden en het heden van dit aan de Nijlvallei grenzende woestijngebied.
Meer info: www.musee-mariemont.be
door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Vecht mee voor behoud conservatorium Brussel
Het 19de eeuwse conservatorium is een uniek stukje erfgoed dat een belangrijke rol speelt in het Brusselse muziekleven. Samen met de Sint-Hubertusgalerijen vormt dit gebouw in neo-renaissancestijl een belangrijke bron voor het oeuvre van architect Cluysenaar. Het conservatorium is echter in erbarmelijke toestand. De vzw Conservamus wil een renovatie afdwingen en organiseert hiervoor een petitie die getekend kan worden op hun website.
Op woensdag 21 maart 2007 werd de vzw “CONSERVA(torium)MUS(ica)" of afgekort "CONSERVAMUS” opgericht binnen de schoot van het Koninklijk Conservatorium Brussel en het Conservatoire Royal de Bruxelles. Deze vereniging heeft zich als doel gesteld het bevorderen, het stimuleren en het waarborgen van de bescherming, het onderhoud, het behoud, de restauratie en de valorisatie van het monument, de site en het architecturale geheel dat gevormd wordt door het Koninklijk Conservatorium van Brussel - Conservatoire Royal de Bruxelles en dat gelegen is in de Regentschapsstraat, de Kleine Zavel en de Wolstraat te 1000 Brussel.
De vzw hoopt het publiek bewust te maken van de noodzaak om dit nationale erfgoed, dat ook belangrijke artistieke verzamelingen en culturele instellingen huisvest, te bewaren voor de toekomstige generaties.
Het Conservatoriumgebouw, dat in 1876 werd opgericht (zie foto), is als bijzonder cultureel erfgoed bij het grote publiek vooral gekend voor zijn unieke concertzaal en bibliotheek. De concertzaal wordt vooral geroemd omwille van haar uitzonderlijke akoestiek, de ideale omstandigheden voor het uitvoeren van kamermuziek en het feit dat er een uitzonderlijk orgel aanwezig is van de bouwer Cavaillé-Coll. De muziekbibliotheek mag zich met haar meer dan 1 miljoen volumes uniek op wereldschaal noemen.
De concertzaal speelde tot en met de bouw van het Paleis voor Schone Kunsten in 1927 een centrale rol in het Brusselse muziekleven, en bleef ook nadien een uitgelezen locatie voor het concertleven in Brussel. Tot op vandaag vinden er dagelijks concerten plaats georganiseerd door o.a. de conservatoria en tal van organisaties waaronder Bozar en de Koningin Elisabethwedstrijd.
De Belgische Staat is eigenaar van het gebouwencomplex, dat beheerd wordt door de Regie der Gebouwen. De twee conservatoria die er gehuisvest zijn (het Koninklijk Conservatorium van Brussel, departement van de Erasmushogeschool en de Conservatoire Royal de Bruxelles) hangen respectievelijk af van de Vlaamse Gemeenschap en de Franse Gemeenschap. Het gebouw is gedeeltelijk geklasseerd.
De vzw Conservamus wil deze complexe structuur duidelijk in kaart brengen zowel op juridisch vlak als op het niveau van de directe bevoegdheden met betrekking tot het gebouw. Tevens wenst zij alle betrokken partners, instellingen en personen die het Conservatorium gebruiken, ondersteunen of beheren samen te brengen om een volwaardig renovatieplan op te stellen en uit te voeren.
Daarnaast wil de vzw Conservamus zowel de overheden als het grote publiek sensibiliseren en bewust maken van het belang van dit gebouw als bijzonder cultureel erfgoed. Het publiek reageerde reeds massaal op de oproep van de vzw Conservamus om een online petitie te ondertekenen (er werden in een tweetal weken bijna 7000 handtekeningen verzameld!), en ook de politieke wereld heeft het initiatief opgemerkt.
Kort na de opening van de online petitie ontving de kabinetschef van de Minister van Financiën een delegatie van de vzw Conservamus om de problematiek te bespreken. Na dit verkennende gesprek zal de federale overheid overleg plegen met de Regie voor het opstellen van de broodnodige offerteaanvragen. Bovendien zal de federale overheid zo spoedig mogelijk gesprekken aanknopen voor het uittekenen van een globale oplossing.
In dit kader is de vzw Conservamus voorstander van een oplossing naar het model van het Paleis voor Schone Kunsten te Brussel waar het vruchtgebruik van de gebouwen van het conservatorium wordt ingebracht in een publiekrechtelijke vennootschap met sociaal oogmerk die moet instaan voor de renovatie van de gebouwen met steun van de overheid en nadien moet zorgen voor een efficiënt en proactief beheer van dit unieke patrimonium, in samenwerking met de twee conservatoria als voornaamste gebruikers.
Het Brussels Conservatorium (zie foto) verdient dringend onze aandacht. In een stad die Europees denkt en openstaat voor cultuur, kan men niet toelaten dat één van de mooiste historische concertzalen van Europa verkommert en aftakelt. De vzw Conservamus heeft als doel om deze parel van ons patrimonium haar oorspronkelijke glans terug te geven.
Voor de ondertekening van de petitie, die nog een aantal weken blijft lopen, kan u terecht op de website van de vzw conservamus
Voor meer informatie, interviews en bezoeken van het gebouw kan u contact opnemen met de vzw Conservamus Regentschapsstraat 30 – 1000 Brussel
tel.: 02/513.45.87 – fax : 02/213.41.13
info@conservamus.be
Bron: De Standaard 16/04 - vzw conservamus
door Priscilla | Erfgoed | Reacties (1)
16 april 2007
Studiedag ‘Grouting: van kunst tot wetenschap’
Op maandag 14 mei 2007 organiseren de Provinciale Hogeschool Limburg (PHL) en de Katholieke Universiteit Leuven (KUL) een studiedag over ‘Consolidatie van monumentaal metselwerk – grouting: van kunst tot wetenschap’. Centraal thema is het gebruik van niet-destructieve detectietechnieken om de mogelijkheden van grouting in de monumentenzorg te optimaliseren.
Consolidatie-injectie van metselwerkmassieven is al jaren een courante methode in de monumentenzorg. Stabiliteitsproblemen ontstaan door verwering van het metselwerk met als gevolg een verminderde binding tussen de mortel en de omringende stenen en het ontstaan van holten en barsten. Injecties met een gepaste groutspecie, een vloeibaar mengsel van hydraulische bindmiddelen en water, vullen de holten en creëren opnieuw een goede samenhang van het metselwerk. Vaak stuit men echter op praktische problemen, zoals bijvoorbeeld een niet-uniforme vulling van het metselwerkmassief of het ontsnappen van grout door grote scheuren naar ongewenste plaatsen.
Om beter tegemoet te komen aan deze problemen werd de integratie van niet-destructieve methoden in de grouttechniek onderzocht. Met behulp van geo-elektrische resistiviteitsmetingen wordt getracht de interne structuur van het metselwerkmassief te achterhalen. Het geo-elektrisch in kaart brengen van de resistiviteitswaarden van de structuur is een geschikte niet-destructieve techniek voor de diagnose van een verweerde structuur, voor het beoordelen van de noodzaak tot restauratie en voor de controle van de efficiëntie van de uitgevoerde groutinjecties.
Tijdens deze studiedag delen diverse sprekers elk vanuit hun ervaring hun bevindingen met de deelnemers. Twee casestudies kruiden het theoretische verhaal en toetsen de theorie aan de praktijk. Tevens worden er aanbevelingen gedaan met betrekking tot de groutinjecties. Tot slot wordt er tijdens een receptie ruimte gemaakt voor belangrijke onderlinge contacten. Kortom: een dag om naar uit te kijken.
Programma:
14.00 - 14.05u: Monumentenzorg St.-Truiden
Els Sneijers – bevoegd schepen Monumentenzorg
14.05 - 14.10u: Introductie
Rob Cuyvers - departementshoofd PHL departement architectuur
14.10 - 14.25u: Presentatie IWT – tetra
Stephane Faignet - projectadviseur IWT
14.25 - 15.00u: Voorstelling TETRA 050076 – project
Robrecht Keersmaekers - projectleider
15.00 - 15.30u: Casestudy: abdijtoren St.-Truiden
Herman Van Meer - architect
Kris Brosens - ingenieur
15.30 - 16.20u: Bezoek aan de abdijtoren + koffie
Herman Van Meer - architect
16.20 - 16.50u: Aanbevelingen voor aannemers
Androniki E. Miltiadou – doctor-ingenieur en directeur van de afdeling technisch onderzoek aan het ministerie voor Hellenistische cultuur in Griekenland
16.50 - 17.10u: Casestudy: O.L.V.-Basiliek Tongeren
Werner Loosen - ingenieur
17.10 - 17.15u: Conclusie en slotwoord
Dionys Van Gemert - gewoon hoogleraar KULeuven departement burgerlijke bouwkunde
15.15 - 18.00u: Receptie
Praktisch: De studiedag gaat door in de Academiezaal te St.-Truiden (Plankstraat 18). De kostprijs voor deelname bedraagt 40,00 € voor deelnemers uit de beroepswereld, en 5,00 € voor studenten en onderwijzend personeel, inclusief koffie en syllabus. Aanmelden kan door aan te melden op onderstaand e-mailadres, en het juiste bedrag over te schrijven op rekeningnummer 096/0114707/74.
Info: dries.posen@phlimburg.be
door Bart | Congressen | Reacties (0)
Van Mechelen legt prioriteiten beschermingsbeleid vast
Voor de uitvoering van zijn thematisch-typologisch beschermingsbeleid heeft minister Dirk Van Mechelen een eerste planning opgemaakt voor de periode 2007-2009. Deze planning vermeldt al enkele grote thema’s, zoals relicten uit de Eerste Wereldoorlog, universitair patrimonium, jonge bouwkunst, houtbouw en religieus patrimonium in neostijlen. Verder hoopt de minister ook de geografische basisinventaris van het bouwkundig erfgoed tegen 2009 af te ronden.
Minister Van Mechelen lichtte zijn plannen toe in het antwoord op een schriftelijke vraag van Vlaams parlementslid Hilde Crevits (CD&V). Zij informeerde naar de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van het beschermingsbeleid van de minister. Dit beleid is gebaseerd op een thematisch-typologische benadering en zou vanaf 2007 op kruissnelheid moeten komen. Voor ieder geselecteerd thema moet een 'criterianota' opgesteld worden, die de basis vormt bij de evaluatie van alle objecten die voor bescherming in aanmerking komen.
Inzake criterianota’s wordt geleidelijk een standaard ontwikkeld, liet de minister in zijn antwoord weten. Momenteel zijn enkele nota’s opgesteld op een provinciale schaal: het thema 'vakwerk' is op Limburgse schaal behandeld, de thema’s 'pastorieën' en 'kapellen' op Oost-Vlaamse schaal. Op basis van de hiermee opgedane ervaringen, wordt nu de eerste globale criterianota geschreven, met betrekking tot het thema 'kerken in neostijlen'. Deze nota zal als model gelden voor de toekomstige thematische dossiers.
Intussen werd door de administratie van de minister een planning opgemaakt voor de volgende jaren. Deze planning vermeldt al enkele grote thema’s als relicten uit de Eerste Wereldoorlog, universitair patrimonium, jonge bouwkunst, houtbouw, religieus patrimonium in neostijlen, gemeentehuizen, middeleeuwse donjons, woontorens, burchten en stenen, kasteeldomeinen, lokaal gebonden industriële nijverheid en zelfs 'vakantiehomes'. Deze grote thema’s zullen opgesplitst worden in kleinere deelthema’s, waarvan er sommige op korte, andere op langere termijn worden behandeld. Het thema 'lokaal gebonden industriële nijverheid' zal bijvoorbeeld onder meer de deelthema’s 'diamantslijperijen' en 'hoperfgoed' omvatten, het thema 'jonge bouwkunst' het deelthema 'eigen woningen van architecten'.
Voor verschillende (deel)thema's werden partnerschappen aangegaan met andere organisaties. Zo wordt het thema 'middeleeuwse stenen' uitgewerkt in nauwe samenwerking met de dienst stadsarcheologie van de stad Gent. In samenwerking met de provincie West-Vlaanderen werd een inventaris opgemaakt van relicten uit de Eerste Wereldoorlog in de Westhoek. De Belgian Aviation History Association (BAHA) levert gegevens aan omtrent het bouwkundig erfgoed met betrekking tot de geschiedenis van de luchtvaart, wat de aanzet kan vormen voor een nieuw themadossier. De zogenaamde onderzoeksbalans, die wordt ontwikkeld door het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE), moet daarbij in de toekomst toelaten structureler in te spelen op lopende onderzoeksprojecten.
Ondertussen wordt echter ook nog steeds verder gewerkt aan de geografische inventaris van het bouwkundig erfgoed, die voor een aantal gemeenten in West-Vlaanderen nog niet is afgerond. Aangezien de thematische inventarissen in eerste instantie geënt worden op de reeds beschikbare gegevens uit de algemene, geografische inventaris, stelt zich op dit vlak inderdaad een probleem, beseft de minister. Om vertraging bij de afwerking van de basisinventaris te vermijnden, is het volgens de minister niet verantwoord om het typologisch-thematische beschermingsbeleid al rigoureus toe te passen in het nog niet geïnventariseerde gebied. "Het afronden van de basisinventaris tegen 2009 blijft een haalbare kaart," stelt Van Mechelen. "Om dit zo te houden, en tegelijk te vermijden dat waardevol erfgoed verloren gaat, heb ik besloten om in de nog te inventariseren gemeenten uitzonderlijk het 'traditionele' beschermingsbeleid te handhaven."
Lees meer: vlaamsparlement.be
Foto's: de neogotische Sint-Jozefskerk in Hoogboom (Kapellen) - Huis De Spiegel in Gent (Erf-goed.be)
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
Nieuwe archeologische werkgroep in Hoogstraten
Binnen de plaatselijke erfgoedvereniging Erfgoed Hoogstraten wordt binnenkort een nieuwe werkgroep opgericht met als thema archeologie. Op dinsdag 8 mei om 20.00 uur houdt de werkgroep archeologie zijn eerste vergadering in het Stedelijk museum Hoogstraten. Al wie interesse heeft in dit onderwerp, en ook de handen uit de mouwen wil steken, is van harte welkom op deze startavond.
Archeologie is een ruim onderwerp. Op het grondgebied van Hoogstraten ligt onder andere de 'Meirberg' (foto), een belangrijke prehistorische site, maar ook de Middeleeuwse bewoners hebben vele sporen nagelaten in Hoogstraten. Reeds in de 19de eeuw vonden de eerste opgravingen plaats.
Contact: Veerle Beernaert (0495/99.83.57)
Externe link: Erfgoed Hoogstraten
door Tijl | Varia | Reacties (0)
15 april 2007
Studiedag ter ere van Luc Van Impe op 2 juni
Eind september 2005 ging archeoloog Luc Van Impe na 37 jaar dienst op pensioen. Zijn professionele carrière ging van start in december 1968 bij de toenmalige Nationale Dienst voor Opgravingen, en hij maakte daarna alle hervormingen mee, die in 2004 uiteindelijk tot de oprichting van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed leidden. Om hulde te brengen aan de carrière van Van Impe, wordt op zaterdag 2 juni een studiedag georganiseerd in het Jubelparkmuseum in Brussel.
Programma
09.45 – 10.15u Inschrijving + Koffie
10.15 – 10.30u Verwelkoming door Anne Cahen-Delhaye, Algemeen directeur van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis
10.30 - 11.00u Albrecht Jockenhövel, Universität Münster: Geometrische Strukturen in der Jungbronzezeit Westfalens
11.00 – 11.30u Jean Bourgeois, Universiteit Gent: Quelques considérations sur la recherche en âge du bronze dans les Flandres occidentale et orientale
11.30 – 12.00u Eugène Warmenbol, Université Libre de Bruxelles: L'or et l'eau. A propos des dépôts des âges des métaux
12.00 – 13.15u Broodjeslunch
13.20 – 14.10u Guido Creemers, Gallo-Romeins Museum Tongeren: Terug naar Wijshagen. 30 jaar onderzoek naar elite- en prestigegoederen in Belgisch-Limburg
14.10 - 14.40u Sofie Vanhoutte, VIOE: Het Romeins castellum van Oudenburg herontdekt: een verhaal van levenden en doden.
14.40 – 15.10u Rica Annaert: VIOE: Germanen, Franken, Saksen, Longobarden,....? De vroege middeleeuwen in het Antwerpse.
15.10 – 15.45u Koffiepauze
15.45 – 16.15u Haio Zimmerman, Niedersächsische Institut für historische Küstenforschung: Hoofdelingshof - koningshof, hiërarchie der macht in de Elbe-Weser-driehoek
16.15 – 16.45u Wim Dyckman, Archeologie, Maastricht: De Franken in de buurt van Maastricht.
16.45 – 17.00u Sonja Vanblaere, administrateur-generaal VIOE: slotwoord en uitnodiging tot receptie
Praktisch: zaterdag 2 juni, Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (Jubelpark 10, Brussel). Het inschrijvingsgeld bedraagt 10 euro (studenten: 5 euro). Je vindt een inschrijvingsformulier op vioe.be
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
KVNS zet ruraal erfgoed in de schijnwerpers
De Koninklijke Vereniging voor Natuur- & Stedenschoon (KVNS) reikt in 2007 de vierjaarlijkse Herman Delaunoisprijs uit. Dit jaar staat de prijs in het teken van het onroerend agrarisch erfgoed: boerderijen, boerenlandschappen en de hiermee verbonden materiële cultuur. Ook archeologen kunnen meedingen met deze prijs. Zowel plattegronden van boerderijen (van de prehistorie tot nu) als materiële cultuur (gevonden op boerderijsites) kunnen verwerkt worden in een inzending.
Door de vele veranderingen op het platteland is ons agrarische patrimonium sterk bedreigd. De Prijs Herman Delaunois vormt voor de KVNS een unieke gelegenheid en stimulans om boerderijen in ‘the picture’ te plaatsen. De prijs dient te zorgen voor bewustwording van het belang van landelijke bouwkunst voor de regionale identiteit en de cultuurhistorische waarde van het platteland. Bovendien streeft de KVNS ernaar de kwaliteit van bouwkundige ingrepen aan boerderijen te vergroten. De organisatie wil dat boerderijen een beeldbepalend element blijft in onze landschappen.
Goed wetenschappelijk onderzoek is een eerste stap tot de waardering van ons agrarisch erfgoed, stelt de KVNS. Tot 31 augustus kunnen dergelijke studies ingediend worden om in aanmerking te komen voor de vierjaarlijkse Herman Delaunoisprijs. Het kan gaan over een studie over de cultuurhistorische waarde van een boerderij, over een kleinschalige restauratie door bijvoorbeeld een (gewezen) boerenfamilie, over een grondig bouwhistorisch onderzoek van een hoeve, over de geschiedenis van een boerenfamilie, over een studie over klein agrarisch erfgoed zoals een paalschuur of hooiberg, een cichorei- of hopast, als over de redding van landschapselementen als een oude boomgaard, een boerenerf, een weidehek, een meidoornhaag rond een weide, een boerenwegel tot een kweekprogramma voor bijna verdwenen neerhofbewoners. Een erfgoedproject waarin het agrarische patrimonium wordt opgewaardeerd, behoort eveneens tot de mogelijkheden zoals de creatie van een digitale beeldbank voor opname van een uitgebreide inventarisatie van hoeves; de realisatie van educatieve activiteiten die dienen om de bevolking te sensibiliseren voor het agrarisch patrimonium.
De KVNS heeft aandacht voor oude hoeves, maar evenzeer voor meer recente hoeves als wederopbouwhoeves, hoeves toebehorend aan instellingen zoals kloosters of centraal geplande hoeves zoals die van Lommel-Kolonie.
Meer info: kvns.be
door Tijl | Varia | Reacties (0)
Mechelse archeologen stellen nieuwe publicatie voor
Naar aanleiding van de publicatie van het boek 'Het Steen en de burgers' organiseert studentenkring Alfa (K.U.Leuven) op woensdag 18 april een lezing over archeologie in Mechelen. Stadsarcheoloog Bart Robberechts zal de werking van de stedelijke archeologische dienst van Mechelen toelichten, waarna Liesbeth Troubleyn het zal hebben over het onderzoek naar de laatmiddeleeuwse gevangenis onder de Grote Markt.
Praktisch: woensdag 18 april om 20u in MSI 00.28 (Erasmusplein, Leuven). De publicatie verschijnt op 22 april (Erfgoeddag) en wordt op die dag ook voorgesteld in Erfgoedcentrum Lamot (om 11 en 14 uur)
Aansluitend artikel: Het Steen en de burgers (28 februari 2007)
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
14 april 2007
Call for papers Internationaal Congres voor Mijnbouwgeschiedenis en –erfgoed
Van 11 tot 14 oktober zal het steenkoolcomplex van Beringen de zevende editie van het Internationaal Congres voor Mijnbouwgeschiedenis en –erfgoed te gast hebben. Beringen is het grootste compleet beschermde mijnbouwcomplex van Europa en vormt aldus een uitstekende setting. Gastsprekers dienen hun finale tekst of uitgebreide samenvatting door te sturen vòòr 1 juni 2007 en dit bij voorkeur in een internationale taal.
Na Melbourne (Australië), 1985; Bochum (Duitsland), 1989; Denver (USA), 1994; Guanajuato (Mexico), 1998; Milos (Griekenland), 2000 en Akabira (Japan), 2003 is het nu, voor de zevende editie, de beurt aan België. Beringen vormt als grootste beschermde mijnbouwcomplex in Europa de ideale setting voor dit congres. De meeste Limburgse mijnzetels zullen bezocht kunnen worden, maar het congres zelf zal zich niet beperken op één delfstof als zodanig: “Het zal niet alleen handelen over steenkoolmijnen, maar over alle vormen van de winning van delfstoffen: dus ook mineralen, allerhande ertsen, natuursteen, zout, en noem maar op.”
De lezingen zijn vooral bedoeld om het woord te laten aan onderzoekers en vertegenwoordigers van verschillende organisaties om hun project voor te stellen. Het definitieve programma is nog niet bekend, maar de volgende thema’s kunnen mogelijk aan bod komen:
- De sociale en maatschappelijke aspecten van mijnbouw en groeven;
- Mijndorpen en woonvoorwaarden van de mijnwerkers;
- Het sociale leven in mijnbouwgemeenschappen (o.m. cultuur, sport, religieuze feesten, liederen en folkore,...) en het voortleven van de sociale tradities van deze;
- De internationale connecties in de mijn- en groevennijverheid (zowel technologische banden als economische - bv. aandeelhouders);
- Het multiculturele karakter van de meeste mijnbouwgemeenschappen, het samen-leven van migranten en lokale bevolking, het samen-leven van verschillende etnische en religieuze gemeenschappen;
- Het behoud van grote en uitgestrekte mijnbouwcomplexen;
- Veiligheid, milieuverontreiniging (w.o. bodemverontreiniging) en decontaminatie van vroegere mijnsites - en de repercussie van veiligheids- en milieuaspecten op behoud en toegankelijkheid;
- Het documenteren, bewaren, beheren en ontsluiten van mijnbouwlandschappen;
- Het bewaren, documenteren en presenteren van wat niet behouden kan worden (bv. de ondergrondse uitbatingen);
- Het bewaren, beheren en openstellen van uitgebreide mijnarchieven, iconografie, documentatie en bibliotheken voor onderzoekers en belangstellend publiek: een internationale aanpak nodig ?
De organisatoren willen dit congres zo open mogelijk houden, zodat naar aanleiding van dit IMHC2007 (‘International Mining History & Heritage Congress’) een inventaris kan worden opgesteld met de verschillende lopende onderzoeken. Zo wordt er een duidelijk signaal gegeven dat men onderlinge informatieuitwissel met betrekking tot het mijnbouwkundig erfgoed, wil promoten.
Call for papers: Personen die tijdens dit congres een uiteenzetting van max. 15 min. willen houden (bij voorkeur in het Engels, Frans of Duits - maar in het Nederlands kan eveneens) dienen zo spoedig mogelijk een korte synopsis van max. 15 regels (1250 aanslagen) toe te zenden aan het organisatiesecretariaat. Een uitgebreide samenvatting of tekst dient de organisatoren te bereiken vóór 1 juni 2007.
Verder bestaat er ook de mogelijkheid om projecten, werking en onderzoeksresultaten voor te stellen d.m.v. panelen (max twee panelen van 1x1 m). Ook hiervoor dient men tijdig te registreren en vóór 1 juni 2007 een presentatietekstje in te zenden. Daarnaast kunnen deelnemers hun folders en documentatie tijdens het congres verspreiden, of hun publicaties aanbieden.
Meer informatie: Mining Heritage; Deze website zal voortdurend aangepast worden en steeds de laatste organisatiegegevens van het congres bevatten. Men kan er ook de nodige inschrijvingsformulieren vinden.
E-mail: IMHC2007
door Philip | Congressen | Reacties (0)
13 april 2007
Opgravingen site Barbarahof in Leuven starten op 23 april
Op 23 april start een grootschalig archeologisch onderzoek op het site Barbarahof, in opdracht van de nv Barbarahof en uitgevoerd door Examino cvba. Vijf archeologen en tien arbeiders zullen gedurende vijf maanden het terrein onderzoeken op sporen uit het verleden. De omvang van het archeologisch onderzoek is uniek voor de Leuvense binnenstad. De archeologen hopen de bouwgeschiedenis van de site tot in de 12de eeuw te kunnen reconstrueren.
Naar aanleiding van de geplande bouw van een ondergrondse parkeergarage op het terrein, zal het volledige bodemarchief vernietigd worden. In het kader van het archeologiedecreet uit 1993 werd er daarom voorafgaand aan de werken een archeologisch onderzoek gepland. Hierbij worden alle sporen uit het verleden zorgvuldig gedocumenteerd vooraleer ze definitief verdwijnen.
Op basis van plannen, historische bronnen en iconografische documentatie kan afgeleid worden dat het terrein intensief bebouwd was. Gezien de site binnen de 12de eeuwse stadsomwalling ligt, kan de bouwgeschiedenis mogelijk tot die tijd gereconstrueerd worden. Naast de bouwgeschiedenis van de woningen, kunnen er op de achtererven sporen gevonden worden van allerlei economische structuren en ambachtelijke installaties. Van de leef- en werkgewoontes van ambachtslui en handelaren in de middeleeuwse en postmiddeleeuwse stad is op archeologisch vlak weinig gekend. Dit geldt zeker voor de Leuvense binnenstad waar de omvang van de huidige opgraving uniek is.
De werken op het terrein starten met de aanleg van een palenwand, waarbinnen het grondwaterniveau kan worden verlaagd. Hierna gaan de archeologen van start met de opgraving van alle sporen binnen de palenwand. Het uitgraven van de grond gebeurt deels met een kraan en deels met de hand. Na het aanleggen van een vlak, wordt dit ingetekend en gefotografeerd. Alle artefacten die in het verleden in de bodem werden achtergelaten - zoals scherven, dierlijke beenderen, glas... - zullen gerecupereerd en aan een grondig onderzoek onderworpen worden.
De archeologen krijgen bij de opgravingen wetenschappelijke ondersteuning van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed en de medewerking van RO-Vlaanderen.
Meer info: Examino cvba. Projectleider: Marjolein Deceuninck. Werfleider: Wouter De Maeyer (0477/99.42.27)
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Tentoonstelling:" Zonder schop...archeologie in het veld"
In het kader van de Erfgoeddag ‘Niet te schatten’ opent de Zuid-Oost-Limburgse Archeologische Dienst op 22 april om 10u00 in de waterburcht te Millen een tentoonstelling getiteld “Zonder schop…archeologie in het veld. Prospectievondsten uit de regio Bilzen-Riemst-Lanaken”. De tentoonstelling geeft de bezoekers meer uitleg bij de soms spectaculaire vondsten die in de afgelopen jaren tijdens diverse prospectietochten aan het licht zijn gekomen.
De regio wordt immers sinds jaar en dag geprospecteerd door talloze vrijetijdsarcheologen. Het is dankzij een intense samenwerking tussen de Zuid-Oost-Limburgse Archeologische Dienst en de vrijetijdsarcheologen dat er ondertussen een zeer goed beeld is van de verspreiding van de archeologische vondsten in de regio. Acht vrijetijdsarcheologen werkten bereidwillig mee aan deze tentoonstelling. De voorbereiding van deze tentoonstelling gaf zelfs aanleiding tot een 350-tal vondstmeldingen, waaronder veel en tot hiertoe ongekend WO-erfgoed.
De tentoonstelling “Zonder schop…archeologie in het veld” is chronologisch opgebouwd, beginnend bij de prehistorie en eindigend bij de tweede wereldoorlog; uit elke grote archeologische periode worden vondsten tentoongesteld. Ook enkele topstukken zoals de zogenaamde oudste vondsten van Vlaanderen en de onlangs aangetroffen en nu gerestaureerde Romeinse wijnzeef van Lafelt bevinden zich in de tentoonstelling.
De tentoonstelling wordt op zondag 22 april om 10 geopend in de waterburcht van Millen. Hierna verhuist ze naar het gemeentehuis te Riemst, eind mei reist de tentoonstelling door naar de bibliotheek van Lanaken om uiteindelijk eind juni te belanden in het Stedelijk Administratief Centrum van de stad Bilzen.
meer info: info@zolad.be
tekst en foto’s: © ZOLAD
door Priscilla | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Beschermde houtzagerij in Laakdal dreigt in te storten
Het gemeentebestuur van Laakdal wil komaf maken met het dossier van de beschermde houtzagerij Beyens in de deelgemeente Vorst. "De zagerij staat op instorten. We willen ze laten deklasseren en er een verkaveling realiseren," klinkt het. De zagerij, die al meer dan 25 jaar leeg staat, werd in 2001 door het vorige gemeentebestuur aangekocht. De bedoeling was het gebouw een andere bestemming te geven, maar intussen is er nog steeds niets aan de zagerij gebeurd.
Het nieuwe gemeentebestuur wil het dossier rond de stoomhoutzagerij in Vorst-Meerlaar, die al sinds 1993 beschermd is, nu dus opbergen. "Omdat er nooit echte grote onderhoudswerken aan de gebouwen zijn gebeurd, staan deze er heel vervallen bij," zegt schepen van Ruimtelijke Ordening Frank Sels deze week in het Nieuwsblad. "Twee weken geleden is er zelfs nog een deel van de zagerij ingestort. We kunnen niet langer de veiligheid van buurtbewoners of voorbijgangers garanderen. Daarom willen we zo snel mogelijk de deklassering aanvragen bij de voormalige afdeling Monumenten en Landschappen.''
Studiebureau Erfgoed & Visie ontwikkelde enkele jaren geleden nog een herbestemmingsproject voor de restauratie van het gebouwencomplex. "De optie om er een bibliotheek en een locatie met een culturele en toeristische functie van te maken hebben we echter definitief opgeborgen," zegt schepen Frank Sels. "De gehoopte subsidies werden niet verkregen en het project kostte de gemeente te veel geld. Zelfs zo veel geld dat we nu nog naar een oplossing zoeken om de kosten van de architect en het studiebureau te betalen.''
De gemeente hoopt op de plaats van de zagerij een mooie verkaveling te realiseren. "Dat moeten we allemaal nog bezien, want ik geloof dat er in de aankoopakte destijds stond dat de grond kon worden teruggekocht door de vorige eigenaar als de gebouwen zouden worden gedeklasseerd," zegt Sels.
Foto: Erfgoed & Visie (klik op de link voor meer foto's)
Bron: Het Nieuwsblad - 11 april 2007
door Tijl | Erfgoed | Reacties (1)
12 april 2007
"Van Mechelen kleedt monumentenzorg uit"
Het gaat de verkeerde kant op met de monumentenzorg in Vlaanderen. Dat stelt Vlaams parlementslid Bart Caron vandaag in een persbericht. "Er worden nauwelijks nog monumenten beschermd, en de restauratiebudgetten worden via ondoorzichtige criteria verdeeld. Zo is de provincie Antwerpen wel erg ruim bedeeld." Caron eist klaarheid van bevoegd minister Dirk Van Mechelen: "Monumentenstrijd was fantastisch, maar met een showke op tv komen we er niet."
In een gesprek met De Morgen haalde Caron vandaag hard uit naar coalitiegenoot Van Mechelen. "Cliëntelisme," bestempelt hij de manier waarop de minister het geld voor de restauratie van erfgoed verdeelt. Hij baseert zich op de onlangs goedgekeurde budgetten voor nieuwe projecten. Daarbij is 7,4 miljoen euro vrijgemaakt voor openbare gebouwen. "Twee derde of 4,7 miljoen daarvan gaat naar Antwerpen, de provincie van de minister", zegt Caron. "Ook bij de 'gebouwen voor de eredienst' gaat een derde van de middelen naar Antwerpen." Nog een opvallende vaststelling, vindt Caron, is dat Mechelen en Lier ruim bedeeld worden. "Monumentale steden, dat wel, maar ook steden met liberale burgemeesters."
"De echte budgetten, dat zijn niet de symbolische van de Monumentenstrijd – 1 miljoen euro, verdeeld over de vijf finalisten - worden dus niet verdeeld op basis van reële noden, maar van politieke en regionale belangen," vindt Caron. Daarnaast gaat minister Van Mechelen rond als een Paashaas, stelt hij. "Zowel in Kortrijk als in Gent heeft hij verklaringen afgelegd over de toekomstige restauraties. Hij heeft voor 28 West-Vlaamse restauratiedossiers 4,5 miljoen euro beloofd. Die dossiers zijn niet te vinden op de lijst van de programmatie van 2007. De minister verzorgde ook in Gent een gelijkaardige goed nieuws-show. Op basis waarvan doet hij deze beloften?"
Volgens Caron is het hoog tijd om bij decreet duidelijke criteria vast te leggen. Met dat laatste is men het bij Van Mechelen eens, al ontkent zijn kabinet dat de minister cadeautjes zou uitdelen. "Wij hebben in overleg met de Inspectie Financiën criteria opgesteld om het geld zo objectief mogelijk te verdelen," luidt het in De Morgen. "Daarbij wordt gekeken naar de toestand van het gebouw en het belang van de werken, niet naar de provincie. Veel hangt ook af van wie wanneer een dossier indient. Vorig jaar kregen vooral projecten in Oost- en West-Vlaanderen subsidies."
Ook Van Mechelens beschermingsbeleid wordt door Caron nogmaals op de korrel genomen: "Er zijn nog weinig resultaten te zien van de zogenaamde thematisch-typologische inventarisatie, die 2,5 jaar geleden werd aangekondigd. De nieuwe indeling, die op zich als aanvullend instrument waardevol kan zijn, wordt eerder gebruikt als een mooi excuus om het beschermingsbeleid stil te leggen." Van Mechelen verdedigt echter zijn thematisch-typologische aanpak: "Als er al 452 beschermde molens zijn, is het niet nodig om nog een 453ste te erkennen. Die omschakeling neemt tijd, maar betekent niet dat we niets meer willen beschermen. Is de minister onlangs trouwens niet in de bres gesprongen voor het paviljoen van Toyo Ito in Brugge?"
Al jaren belooft minister Van Mechelen de wet- en decreetgeving te actualiseren, vervolgt Caron. "Tot op vandaag is daar nog niets over te horen. En al even lang kondigt hij aan werk te maken van de implementatie van het Europees landschapsverdrag van Firenze en de Europese archeologische conventie van Malta. Ook hierover blijft het angstwekkend stil."
Lees meer: Bart Caron hekelt werking Monumentenzorg
Aansluitende artikels:
Knack neemt beschermingsbeleid Van Mechelen op de korrel (14 februari 2007)
"De monumentenzorg staat stil" (6 april 2006)
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
Nieuwe plannen voor archeologisch onderzoek Raversijde
In Raversijde lichtte de provincie West-Vlaanderen gisteren haar toekomstplannen rond maritieme archeologie toe. Het opvallendste project is een gerichte onderwaterprospectie naar sporen van het middeleeuwse vissersdorp Walraversijde of van oudere Romeinse bewoning. Dit jaar wordt ook een opgraving gepland aan de rand van het domein, waar zich vermoedelijk elf woningen bevinden. Verder staan nog verschillende tentoonstellingen rond maritiem erfgoed op stapel.
Sinds gisteren loopt in het museum van Raversijde de tentoonstelling 'Verdronken Verleden'. Tijdens de opening van de tentoonstelling kondigde gedeputeerde Jan Durnez, bevoegd voor de provinciale domeinen, vijf nieuwe projecten aan voor dit en volgend jaar: "Er zullen nieuwe opgravingen gebeuren richting Middelkerke, rondom de plaats waar zich elf woningen bevinden. Er komt ook een prospectie met duikers en akoestisch onderzoek van een zone op het strand om na te gaan of er nog sporen zijn van Romeinse bewoning. In 2005 werd op het domein een Romeinse dijk aangetroffen, die de bewoning van de kustvlakte in de Romeinse periode weergeeft. We hebben sterke vermoedens dat die dijk 500 meter lang is en tot het strand reikt," aldus Durnez.
Komende zomer komt er ook een tentoonstelling over een achttiende-eeuws scheepswrak op de Zandbank De Buitenratel. In april 2008 wordt een tentoonstelling opgezet rondom het onderzoeksschip Belgica en de poolreizen van Adrien de Gerlache. In mei 2007 opent dan weer een expo over het fronttoerisme in het Memoriaal Prins Karel. "In de loop van vijftien jaar onderzoek is gebleken dat de archeologische vindplaats Raversijde een uitzonderlijk stuk maritiem erfgoed is. In het begin stonden veel mensen er sceptisch tegenover, maar de resultaten tonen ons vandaag dat we toen de beste beslissing hebben genomen," zei Durnez.
Marnix Pieters van het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE) schetste het belang en succes van het wetenschappelijk onderzoek. "De natte, kalkrijke polderklei, de landwaartse verplaatsing van het Middeleeuwse polderdorp en een samenloop van omstandigheden, waardoor ook op het strand vondsten werden gedaan, hebben ervoor gezorgd dat deze site archeologisch belangrijk is. Het langdurige onderzoek en de zorg dat de wetenschap ook een maatschappelijke dimensie kreeg, hebben er voor gezorgd dat er sinds de opening van het bezoekerscentrum al 100.000 mensen in contact kwamen met het archeologisch erfgoed," aldus Pieters.
De tentoonstelling 'Verdronken Verleden' geeft een overzicht van het maritiem archeologisch erfgoed in België en van een aantal gerenommeerde projecten uit de hele wereld, zoals de kogge van Bremen, de Romeinse platbodems en onderzoek naar het vlaggenschip van Lodewijk XIV. De expo is nog tot 15 juni te bekijken in het bezoekerscentrum van het domein Raversijde.
Bron: Gazet van Antwerpen / De Standaard - 12 april 2007
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Extra oproep Kelemantia
Deze zomer wordt in het Slovaakse Iza het archeologisch onderzoek van het Romeinse Kelemantia verdergezet. De organisatoren deden reeds een oproep op ArcheoNet (zie 30/03). Ze zijn echter nog specifiek op zoek naar conservatie-studenten (voorkeur) of -geïnteresseerden. Voor archeologie-studenten zijn beide periodes reeds volgeboekt. Door technische problemen heeft nog niet iedereen een antwoord gekregen op zijn/haar inschrijving.
Archeologiestudenten krijgen informatie over hun inschrijving op het nummer 089/38.20.38, indien dit nog niet bevestigd was. Praktische info volgt later.
Men is nog op zoek naar zes studenten conservatie (of geïnteresseerden) om de achterstand in het depot weg te werken (vnl. aardewerk). De conservatieploeg wordt aangestuurd door Katleen Vandenbranden.
Aanmelden kan voor de volgende periodes:
periode 1 = van 2 juli tot 13 juli
periode 2 = van 13 augustus tot 24 augustus
Inschrijven kan tot 27 april.
Praktisch: Wie wil deelnemen, kan contact opnemen via katopatra@hotmail.com of op het nummer 0476/38.52.48 of 089/38.20.38.
door Priscilla | Internationaal | Reacties (0)
11 april 2007
Bovenverdieping Bruggemuseum - Archeologie opent deuren
Drie jaar na de feestelijke inhuldiging van de benedenverdieping van het Bruggemuseum - Archeologie is nu ook de vernieuwde bovenverdieping gerestyled en geopend voor het publiek. Het centrale thema is het dagelijks leven in de late middeleeuwen. Het is een gezinsvriendelijk, interactief museum geworden, waarin je wordt aangezet om voorwerpen aan te raken.
Het nieuwe deel schetst het dagelijkse leven vanaf de late middeleeuwen. Net zoals op het gelijkvloers, zijn er de vier grote thema's, nl. werken, wonen, eten en begraven. Je betreedt het laatmiddeleeuwse Brugge via de "ambachtelijke zone". Het archeologische onderzoek van de laatste jaren heeft heel wat resultaten opgeleverd met betrekking tot de ververij, de leerlooierij en het bakken van baksteen.
Samen met de eerdere opgravingsresultaten van de pottenbakkers aan de Potterierei, biedt dit onderzoek de mogelijkheid om kennis te maken met de laatmiddeleeuwse ambachten. Je komt in aanraking met natuurlijke verfproducten, zoals wouw, meekrap en wede die in de ververij werden gebruikt en leert alles over de werktuigen, de grondstoffen en het afval van de leerlooiers. Via de pottenbakkers en de uitvergrote stookgang van een baksteenoven, bereik je de afdeling "wonen". Hier gaat alle aandacht naar de laatmiddeleeuwse watervoorziening met moerbuis en allerlei waterputten. Het thema "eten" heeft als blikvanger de "tafel door de eeuwen heen", terwijl bij "begraven" het middeleeuwse kerkhof op de site Pandreitje in het daglicht wordt gesteld.
Zoals op de benedenverdieping worden heel wat gebuiksvoorwerpen uit het verleden geduid door hun tegenhangers uit het heden. Een humoristische noot is nooit ver weg. Zo loop je doorheen een middeleeuwse beerput onder... ja, een hedendaags toilet. Het jeugdige publiek komt aan zijn trekken in de kinderwinkel, waar ze zich even Margaretha van Eyck of de beul uit het schilderij van Gerard David kunnen wanen. Daarnaast kan er een tekening van een middeleeuwse kan met radstempel versierd worden, of gaan de kinderen op zoek naar Pol de Mol...
Praktisch: Het Bruggemuseum - Archeologie (Mariastraat 36a, 8000 Brugge) is alle dagen open, behalve op maandag, van 9.30 tot 12.30 en van 13.30 tot 17.00 uur. Bruggelingen en kinderen onder 13 jaar bezoeken het museum gratis, andere bezoekers betalen € 2 (€ 1 met vermindering).
Externe link: Raakvlak
door Bart | Evenementen | Reacties (0)
Tweede Europees Contactweekend voor Industrieel en Technisch Erfgoed
De European Federation of Associations of Industrial and Technical Heritage (E-faith) organiseert op 25, 26 en 27 mei een tweede contactweekend voor industrieel en Technisch erfgoed te Kortrijk - Zwevegem. Het gaat om een open initiatief waar organisaties en individuen hun ideeën, projecten en realisaties met betrekking tot het industrieel erfgoed op diverse manieren kunnen voorstellen aan Europese collegas en geïnteresseerden.
In alle Europese landen berust de studie, het behoud en de ontsluiting van industrieel en technisch erfgoed in hoofdzaak op de inzet van talloze vrijwilligers en niet-gouvernementele organisaties. Zonder hun inspanningen zouden tal van historische sites, voorwerpen en documenten die getuigen van de groei van de moderne industriële maatschappij verloren zijn. Hun inzet is belangeloos, onbezoldigd - en vaak nog miskend door officiële instellingen en instituten.
Vanuit deze visie werd door deze vrijwilligers meer en meer de nood gevoeld om de projecten van collegas uit andere landen te bekijken en te commentariëren. Deze nood werd omgezet naar verschillende reeële contactmomenten. Dit zijn open initiatieven, waar organisaties en individuen hun ideeën, projecten en realisaties kunnen voorstellen en vergelijken. Dit kan op diverse manieren: een korte lezing of uiteenzetting, verspreiden van publicaties en informatie, projectvoorstelling in een stand of in discussiefora.
Na het succes van het eerste contactweekend te Beringen in augustus 2006, is er op 25-26 en 27 mei een tweede editie gepland.
Het voorlopige programma voor dit tweede contactweekend te Kortrijk - Zwevegem is:
Vrijdag 25 mei: Kortrijk
• 14.00 - 17.00: inboeken in het Erfgoedcentrum Kortrijk en gelegenheid tot bezoek aan de stad en de stedelijke musea
• 19.00 - 20.00: welkom, uiteenzetting "Some aspects of industrial archaeology in the Flax Valley" , geleid bezoek aan het Nationaal Vlasmuseum - gevolgd door drink en gezellig samenzijn
Zaterdag 27 mei: Zwevegem
• 09.00: vertrek vanuit Kortrijk per bus naar de voormalige elektrische centrale van Zwevegem
• 09.30: opening van de bijeenkomst en start van de werkzaamheden
• 10.00-12.00 : (plenum en/of werksessies): ervaringen en projecten van de deelnemers
• 12.00-13.00 : discussie over Europese samenwerking tussen verenigingen (o.m. met het Cultuur 2007 en andere Europese programma's in het achterhoofd)
• 14.00-15.00 : geleid bezoek aan de elektrische centrale
• 15.30-17.00 : werksessie
• 17.00-18.30 : verbroedering tussen verenigingen uit verschillende landen
• 19.00 : vertrek van bus van Zwevegem naar Kortrijk
• vrije avond in Kortrijk
Zondag 28 mei:
09.30: voor de belangstellenden: vertrek vanuit Kortrijk voor bezoek aan industriële sites in Zuid-West-Vlaanderen (vlas, energie, kleine en middelgrote ondernemingen)
• de deelnemers die dit wensen worden per shuttle in de namiddag teruggebracht naar het station van Kortrijk
• 18.00 : terugkeer van de bus in Kortrijk; vrije avond
Eventuele aanpassingen en updates aan dit programma kunnen worden bekeken via volgende link: Tweede Europees Contactweekend voor Industrieel en Technisch Erfgoed
Inschrijven en extra informatie kan bekomen worden door te mailen naar E-faith
Meer info over E-faith vind je op hun website: E-faith.org
door Philip | Evenementen | Reacties (0)
Tentoonstelling 'GeERFd GOED': amateurarcheologie in de kijker
De provincie Vlaams-Brabant zet tussen 21 april en 5 mei 2007 in het Documentatiecentrum in Leuven de collecties van twee amateurarcheologen in de schijnwerpers: Charles Leva is een pionier in de archeologische luchtfotografie terwijl Gust Boschmans aan de basis lag van prospectie en vondstregistratie in het Hageland en daarbuiten. Het belang van hun collecties blijkt uit het feit dat recent nog een deel van hun archieven verwerkt werd in erfgoeddatabanken.
De gemeenschappelijke passie en gedrevenheid van beide mannen maakte hen tot pioniers in de amateurarcheologie. Minstens even belangrijk is dat ze erin slaagden om de verzamelde gegevens nauwgezet te registreren. Hun indrukwekkende archief is van grote waarde voor de wetenschap en het huidige beheer van het erfgoed.
Naar aanleiding van de komende Erfgoeddag 'Niet te Schatten' van zondag 22 april wil de provincie dit erfgoed in de kijker plaatsen gezien de onschatbare waarde van hun nalatenschap voor de archeologie. De tentoonstelling toont u de meest opvallende en interessante luchtfoto's van Charles Leva en voorwerpen van Gust Boschmans van verschillende sites.
Praktische info: Het Documentatiecentrum Vlaams-Brabant (Tweebronnen) bevindt zich in de Diestsestraat 49 te 3000 Leuven. De tentoonstelling is gesloten op zondag 29 april, maandag 30 april en dinsdag 1 mei. De organisatie is in handen van de provincie Vlaams-Brabant en het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed met de medewerking van de Universiteit Gent en de Holsbeekse Werkgroep Gust Boschmans.
Meer info: vlaamsbrabant.be of bij Hadewijch Degryse, dienst cultuur, Tel: 016-26 76 10 - Email
door Johan | Erfgoed | <
