
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
31 mei 2007
Zichemse Maagdentoren behoed voor verdere instorting
Morgen is het precies een jaar geleden dat de middeleeuwse Maagdentoren langs de Demer in Zichem voor een deel instortte. Zaterdag wordt aan de voet van de toren gevierd dat de instandhoudingswerken waartoe de bevoegde minister Dirk Van Mechelen na de instorting opdracht gaf, afgerond zijn. Tijdens deze 'doopplechtigheid' licht architect Karel Breda de stand van zaken rond de restauratie toe.
De 26 meter hoge Maagdentoren werd in van 1386 tot 1388 opgetrokken bij de samenvloeiing van de Demer en de stadswallen. In 1859 werd de toren verkocht aan de Belgische staat die hem in 1999 aan Vlaanderen overdroeg. De laatste restauratie van de toren vond plaats in 1863. In 1995 stortte de inmiddels beschermde toren deels in. Op 1 juni 2006 deed zich een veel zwaardere instorting voor.
Al twee weken na de instorting duidde Van Mechelen Karel Breda aan als architect voor de instandhoudingswerken en restauratie. "We hebben de belangrijkste gewelven verstevigd zodat een instorting als vorig jaar zich niet meer kan voordoen. We verwachten dat de administratie het restauratiedossier na het bouwverlof op de rails zal zetten," aldus Breda. De instandhoudingswerken kostten de Vlaamse overheid nu al 400.000 euro. De architect tekende al plannen uit voor een mogelijke restauratie van de toren. "Men kan kiezen tussen een minimale interventie die ongeveer 500.000 euro kost en een echte restauratie waarvan de kosten zowat 1,2 miljoen zullen bedragen."
Om het afronden van de instandhoudingswerken te vieren, organiseert 'Red de Maagdentoren vzw' op zaterdag 2 juni een “doopviering”. Om 16 uur wordt er verzameld aan de Maagdentoren waar de nieuwe toren wordt gedoopt door een “bekend pastoor”. Om 17 uur wordt de viering voortgezet in 'De Heren van Zichem'. Daar worden toespraken gehouden door voorzitter Paul Peeters, architect Karel Breda, minister Dirk Van Mechelen en burgemeester Manu Claes. Het volledige programma van de doopplechtigheid vind je hier (pdf).
Externe link: www.maagdentoren.be.
Foto: Erf-goed.be
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
Vrijwilligers gezocht voor opgraving Romeins villacomplex in Merchtem
Half of eind juni starten de opgravingen naar het Romeins villacomplex Dooren in Merchtem. Dit project wordt uitgevoerd door de gemeente Merchtem. De archeoloog is nog niet gekend, maar vrijwilligers en studenten die in de periode juni-oktober een handje willen toesteken op de opgravingen, kunnen zich nu al aanmelden bij provinciaal archeologe Hadewijch Degryse (016/26.76.10).
Deze en andere oproepen zijn ook te vinden op de vrijwilligerspagina van ArcheoNet.
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Lezing Kelemantia vrijdag 1 juni
De ‘Sympathisanten van Kelemantia’ nodigen u van harte uit op hun lezing. In het cultureel centrum Ter Kommen in Hoeselt komt u meer te weten over de opgravingsresultaten van de voorbije campagne en over de vereniging zelf. Opgelet, deze lezing ging aanvankelijk door op vrijdag 8 juni maar is door omstandigheden verplaatst naar vrijdag 1 juni.
Kelemantia is een castellum uit de tweede eeuw na Christus. In dit Romeinse fort aan de Donau in Slowakije wordt sinds de zomer van 2005 gewerkt met een Vlaamse ploeg van archeologie- en conservatiestudenten, ter aanvulling op een internationaal team. Iedereen is welkom op de lezingen, maar vooral voor toekomstige deelnemers is dit een aanrader!
De lezing begint om 20u, inkom bedraagt € 2 ten voordele van het project.
In Hoeselt kan u terecht in lokaal 1 van het Cultureel Centrum Ter Kommen, Europalaan 2.
De jaarlijkse benefiet-BBQ voor Kelemantia zal ditmaal doorgaan op zaterdag 30 juni, reserveer dus nu al een plaatsje in uw agenda!
Meer info: 089/38.20.38 (na 19h) - kelemantia@hotmail.com - website Kelemantia
door Priscilla | Lezingen | Reacties (0)
30 mei 2007
Beringen is nieuw ankerpunt in Europese Route van Industrieel Erfgoed
Het Vlaams Mijnmuseum in Beringen en het Ecomuseum van het Bois-du-Luc in Houdeng-Aimeries (Henegouwen) zijn de twee nieuwe ankerpunten in de 'European Route of Industrial Heritage' (ERIH). Dat hebben de vertegenwoordigers van beide musea vandaag aangekondigd in Houdeng-Aimeries. De Europese Route van het Industrieel Erfgoed brengt industrieel erfgoedlocaties samen in een toeristisch netwerk.
De routes worden gevormd door ankerpunten en andere locaties die een belangrijke betekenis hebben voor de industriële ontwikkeling. Eerder werden al routes ontwikkeld in Duitsland, Groot-Brittannië, Nederland, Luxemburg en Frankrijk. Met Beringen, dat jaarlijks op zo'n 20.000 bezoekers mag rekenen, en Bois-du-Luc, met ongeveer 10.000 bezoekers per jaar, maakt nu ook België deel uit van het ERIH-netwerk. De twee Belgische musea zullen als ankerpunten deel uitmaken van themaroutes over de mijnen. Verwacht wordt dat in de komende jaren nog meer Europese landen zich zullen aansluiten.
Het ERIH-netwerk begon als een initiatief van de deelstaat Nordrhein-Westfalen in Duitsland. Daar werd in de jaren '90 een grootscheeps herbestemmingsprogramma uitgevoerd met als bedoeling de effecten van de verdwijnende industrie te bestrijden en het negatieve industriële imago van het gebied om te buigen tot een positief beeld.
Externe links:
European Route of Industrial Heritage
Vlaams Mijnmuseum Beringen
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
Programma 'West-Vlaanderen graaft!' op 15 juni bekend
Zoals eerder al werd aangekondigd, wordt op vrijdag 15 juni de eerste provinciale contactdag archeologie in West-Vlaanderen georganiseerd. Vandaag werd ook het programma bekendgemaakt van de studiedag, die zal plaatsvinden in het provinciehuis Boeverbos in Sint-Andries (Brugge). De contactdag richt zich tot iedereen die zich bezig houdt of begaan is met archeologie in West-Vlaanderen, zowel professioneel als vrijwillig.
Programma
9u Onthaal
9u30 Welkomstwoord en inleiding op de voormiddagsessie
Voormiddagsessie: het gevarieerde archeologische landschap in West-Vlaanderen. Enkele spelers aan het woord:
9u45 Bieke Hillewaert (Raakvlak): Archeologie in Brugge en Ommeland, een stand van zaken aan de hand van enkele recente opgravingen
10u05 Dieter Demey (Archeo7): Van Kemmelberg tot Pilkem Ridge. Eén jaar intergemeentelijke archeologie in de Zuidelijke Westhoek
10u25 Marnix Pieters (VIOE, cel Maritiem Erfgoed): Varen, drijven en zinken. Maritieme archeologie, nu ook in Vlaanderen
10u45 Pauze
11u15 Mathieu de Meyer (Provinciebestuur West-Vlaanderen, Dienst EEG): Opgravingen op de stadswallen van Damme in het kader van het Europese project “Staats-Spaanse Linies”: een verhaal over archeologie, cultuurgeschiedenis en natuurontwikkeling
11u35 Suzy De Cock (VOBOW): De archeologische site van Waarmaarde. Een overzicht van 30 jaar opgraven
12u00 Broodjeslunch in de foyer
Namiddagsessie: lang leve de projectarcheologie. Recente en grootschalige archeologische opgravingen in de provincie:
13u50 Inleiding op de namiddagsessie
14u00 Frederik Demeyere: 3000 jaar occupatiegeschiedenis te Waardamme (Oostkamp): toeval of planmatig?
14u30 Frederik Demeyere en Wouter Lammens: Opgraven langs de Mandelstraat (Roeselare-Rumbeke): projectarcheologie van formaat
15u00 Pauze
15u30 Wouter Dhaeze en Arne Verbrugge: Het archeologisch onderzoek in de Kortewaagstraat te Menen: twee nederzettingen uit de Romeinse periode, een site uit de volle middeleeuwen en loopgrachten uit WO I.
16u00 Johan Hoorne: Archeologische opgravingen aan de Vaartstraat te Wielsbeke
16u30 Afsluitende receptie in de foyer
17u30 Einde
Meer info: alle praktische informatie vind je in deze folder (pdf). De deelname aan de contactdag is volledig gratis. Vooraf inschrijven is wel noodzakelijk, en kan via dit formulier (.doc).
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
Studiedag ter ere van Luc Van Impe op 2 juni
Graag herinneren we nog even aan de studiedag ter ere van archeoloog Luc Van Impe, die onlangs op pensioen ging na 37 jaar dienst. De studiedag vindt nu zaterdag (2 juni) plaats in het Jubelparkmuseum in Brussel en biedt een gevarieerd programma aan. De organisatoren melden dat er nog een aantal plaatsen vrij zijn voor de studiedag. Inschrijven kan tot vrijdag 1 juni door een mailtje te sturen naar Barbara Daveloose.
Programma
09.45 – 10.15u Inschrijving + Koffie
10.15 – 10.30u Verwelkoming door Anne Cahen-Delhaye, Algemeen directeur van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis
10.30 - 11.00u Albrecht Jockenhövel, Universität Münster: Geometrische Strukturen in der Jungbronzezeit Westfalens
11.00 – 11.30u Jean Bourgeois, Universiteit Gent: Quelques considérations sur la recherche en âge du bronze dans les Flandres occidentale et orientale
11.30 – 12.00u Eugène Warmenbol, Université Libre de Bruxelles: L'or et l'eau. A propos des dépôts des âges des métaux
12.00 – 13.15u Broodjeslunch
13.20 – 13.50u Guido Creemers, Gallo-Romeins Museum Tongeren: Terug naar Wijshagen. 30 jaar onderzoek naar elite- en prestigegoederen in Belgisch-Limburg
13.50 - 14.20u Sofie Vanhoutte, VIOE: Het Romeins castellum van Oudenburg herontdekt: een verhaal van levenden en doden.
14.20 – 14.40u Rica Annaert: VIOE: Germanen, Franken, Saksen, Longobarden,....? De vroege middeleeuwen in het Antwerpse.
14.40 – 15.15u Koffiepauze
15.15 – 15.45u Haio Zimmerman, Niedersächsische Institut für historische Küstenforschung: Hoofdelingshof - koningshof, hiërarchie der macht in de Elbe-Weser-driehoek
15.45 – 16.15u Wim Dyckman, Archeologie, Maastricht: De Franken in de buurt van Maastricht.
16.15 – 16.30u Sonja Vanblaere, administrateur-generaal VIOE: slotwoord
16.30u Receptie
Praktisch: zaterdag 2 juni, Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (Jubelpark 10, Brussel). Het inschrijvingsgeld bedraagt 10 euro (studenten: 5 euro). Meer info op vioe.be.
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
29 mei 2007
VTB-VAB publiceert nieuwe editie Gids voor Vlaanderen
Vijftig jaar na de eerste editie heeft VTB-VAB een nieuwe versie uit van zijn 'Gids voor Vlaanderen': een boek met informatie over het culturele patrimonium van alle 309 Vlaamse fusiegemeenten én de 19 Brusselse gemeenten, inclusief alle 1.154 deelgemeenten. De vorige, vierde druk uit 1995 was al jaren uitgeput. De volledig vernieuwde editie bevat voor het eerst foto's in kleur en overzichtelijke plattegronden.
In 2007 viert de Gids voor Vlaanderen zijn vijftigste verjaardag met een vijfde, volledig herziene editie en een complete restyling. Alle Vlaamse dorpen en gemeenten komen uitgebreid aan bod, met ruim 1.000 nieuwe kleurenfoto’s van bekende en minder bekende bezienswaardigheden. Er is ook een digitale versie: wie de bijna 1.400 pagina's dikke turf koopt, krijgt een toegangscode waarmee hij de info uit het boek via internet kan raadplegen.
Volgens VTB-VAB is de Gids voor Vlaanderen de enige toeristische gids die zelf een monument is geworden: "Het meest volledige referentiewerk voor het culturele en natuurlijk erfgoed in Vlaanderen, van het bekende kasteel en de prachtige kathedraal, tot een oude bakoven en een onbekende tabaksschuur."
"Voor wie in een dorp als Ulbeek, Hoepertingen of Zevergem woont, is het niet vanzelfsprekend om informatie te vinden over lokale hoeves, monumenten of het interieur van de parochiekerk, zelfs niet op het fameuze internet," zegt Maarten Van Steenbergen van Lannoo. "De Gids voor Vlaanderen daarentegen, sluit geen enkele gemeente uit, hoe klein ook."
Praktisch: De Gids voor Vlaanderen heeft een winkelprijs van 39,95 euro. Leden van VTB-VAB kunnen het boek online consulteren en genieten van een korting bij aankoop. Meer info: www.vab.be.
door Tijl | Publicaties | Reacties (0)
VIOE zoekt programmeur
Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) is momenteel op zoek naar een voltijds programmeur (m/v) voor een tijdelijke betrekking van vijf maanden. De programmeur zal een module voor het verwerken van bibliografische informatie toevoegen aan de bestaande inventaristoepassingen van het VIOE en eventueel ingeschakeld worden bij de ondersteuning van de webtoepassingen. Solliciteren kan nog tot 5 juni.
Als Vlaamse Wetenschappelijke instelling met als belangrijke taak het ontsluiten van haar onderzoeksresultaten naar het publiek, beheert en ontwikkelt het VIOE een groot aantal databanken en webtoepassingen. Jouw bijdrage bestaat uit het volgende:
Je taken
* je voegt een module voor het verwerken van bibliografische informatie toe aan onze bestaande inventaristoepassingen. Je stelt in samenspraak met de coördinator een functioneel en technisch ontwerp op voor deze module en voert de implementatie van het ontwerp uit;
* je wordt ingeschakeld in het ondersteunen van de huidige webtoepassingen indien noodzakelijk.
Je profiel
* je bent in het bezit van een HOKT-diploma (of bachelor) in de informatica of gelijkwaardig;
* je bent in staat om functionele en technische richtlijnen om te zetten in software die werkt, testbaar is en gemakkelijk onderhoudbaar is;
* je hebt kennis van object georiënteerd programmeren in Php 5 of je hebt kennis van een gelijkaardige taal en bent bereid om snel bij te leren. Je weet wat Design Patterns zijn en hebt kennis van een aantal elementaire Patterns (MVC, …);
* je weet wat een ORM-laag is, wat Unit Tests zijn en wat de functie van een build script is;
* je hebt een goede kennis van databank-systemen zoals MySQL of PostgresSQL. Een webserver zoals Apache is je niet vreemd;
* je bent vertrouwd met een Linux of Unix omgeving en kunt vlot overweg met de command line;
* je bent in staat om gestructureerd te werken met behulp van een project-management systeem (Trac) en een repository voor broncode (svn);
* je bent bekend met de erfgoedsector of bent bereid je te verdiepen in de sectorspecifieke thematiek.
Het VIOE biedt
* de mogelijkheid om gedurende 5 maanden een eerste werkervaring op te doen (contract van 1 juli tot en met 30 november 2007);
* een wedde in loonschaal B111. Dit komt neer op € 1907, 77 € bruto per maand;
* gratis woon-werkverkeer met het openbaar vervoer;
* een gratis hospitalisatieverzekering;
* de standplaats is Brussel, vlakbij het Noordstation;
* maaltijdcheques van € 5 per gewerkte dag;
* kinderopvang tijdens de schoolvakanties.
Geinteresseerd? Stuur dan snel je CV met bijhorende motivatiebrief naar Heidi Berckmans (02.553.16.99) of per post t.a.v. VIOE, Koning Albert II-laan 19 bus 5, 1210 Brussel. Solliciteren kan tot en met 5 juni 2007. De selectie bestaat uit een CV-screening gevolgd door een interview. Voor meer informatie m.b.t. de inhoud van de functie kan je contact opnemen met Koen Van Daele (02/553.16.82). De volledige vacature vind je ook op vioe.be.
door Tijl | Vacatures | Reacties (0)
28 mei 2007
Archeologen Zonder Grenzen: ontwikkelingshulp in Bolivia
ArcheoNet-medewerker Johan Claeys is twee weken geleden vertrokken naar de Boliviaanse Altiplano, waar hij voor Broederlijk Delen zes maand aan ‘archeologische ontwikkelingshulp’ zal doen. Wat dat precies mag inhouden, begint nog maar net tot hem door te dringen in de vorm van ijzige kou, een verwarrend taalbad en honderd-en-één plannen, waarvan sommige hopelijk uitvoerbaar. Dit is een eerste bijdrage aan onze nieuwe reeks ‘Archeologen Zonder Grenzen’.
Lees Johans verslag uit Bolivia
door Jeroen | Archeologen Zonder Grenzen | Reacties (2)
Gents Museum voor Schone Kunsten opent deuren na vier jaar renoveren
Onder massale belangstelling opende het Museum voor Schone Kunsten (MSK) in Gent na vier jaar renovatie dit weekend opnieuw de deuren. Het classicistische museumgebouw is zowat honderd jaar oud en uniek in zijn soort, alleen al omdat er zoveel daglicht binnenvalt. Tijdens de opening stelde Vlaams cultuurminister Bert Anciaux (spirit) voor om Vlamingen die belangrijke kunstwerken erven, financieel te belonen als ze die topwerken in Vlaanderen houden en aan het publiek tonen.
De stad Gent, Vlaanderen en de provincie Oost-Vlaanderen hebben samen 17 miljoen euro betaald voor de renovatie van het museum. De gevels zijn gerestaureerd, het dak is vervangen, vloeren zijn uitgebroken en wanden zijn brandveilig gemaakt. Er zijn ook nieuwe ruimtes bijgekomen zoals een brasserie, overdekte patio's, een bibliotheek en een auditorium. Voor het eerst sinds 1950 worden opnieuw alle veertig zalen in het museum als expositieruimte gebruikt. Voorts is er werk gemaakt van de beveiliging en de klimaat- en lichtregeling. Zo is er overal vloerverwarming.
"Het is een onzichtbare renovatie geworden," aldus museumconservator Robert Hoozee. "Maar toch zit ook veel werk verborgen achter muren, vloeren en plafonds. Kleine roostertjes in de plafonds verraden de aanwezigheid van airco en beweegbare lamellen laten het daglicht binnen. Een computer berekent hoe de gewenste hoeveelheid licht gehaald kan worden. Indien nodig lichten fluorescentielampen en spots bij."
Het MSK, een gebouw dat in 1898 ontworpen werd door Charles van Rysselberghe, huisvest topwerken als de 'Kruisdraging' van Jeroen Bosch en heeft sinds de renovatie ook een stemmig prentenkabinet, waar de tekeningen van James Ensor een vaste stek hebben gekregen. Van diezelfde Ensor heeft de Vlaamse gemeenschap overigens een topwerk kunnen kopen voor 1,5 miljoen euro. Het gaat om het schilderij 'Pierrot et squelette en jaune'. Volgens cultuurminister Bert Anciaux was dit 'de meest begeerde Ensor die nog op de markt was'. Het werk wordt nu in bruikleen gegeven aan het MSK.
Strikt genomen valt dit schilderij niet onder het zogenaamde 'topstukkendecreet', waarmee de overheid een voorkooprecht op belangrijke stukken kan doen gelden. "Het werk is een absoluut topwerk in de zin van het topstukkendecreet," zei Anciaux, "maar een opname in de topstukkenlijst was evenwel niet mogelijk, omdat het werk zich buiten de Vlaamse Gemeenschap bevond". Vlaanderen kocht het inderdaad van de familie De Lange, die nu in de Verenigde Staten verblijft.
Toch nam Anciaux de gelegenheid te baat om het over zijn topstukkenbeleid te hebben. "We gaan de fouten uit het verleden rechtzetten," klopte hij zich op de borst. "Het topstukkendecreet wordt nu geëvalueerd". Om het slagkrachtiger te maken, wil Anciaux alvast topwerken in Vlaanderen (gedeeltelijk) vrijstellen van erfenisrechten. "Ik wil aan de Vlaamse Regering voorstellen om topstukken die in particuliere eigendom zijn, geheel of gedeeltelijk vrij te stellen van successierechten, op voorwaarde dat de familie zich engageert om het topstuk na het overlijden van de eigenaar in Vlaanderen te houden". Voorts wil hij ook "proactief aankopen" en vindt hij dat de overheid voor haar topstukkenbeleid moet samenwerken met private partners.
Externe link: Museum voor Schone Kunsten. Op Gent Blogt vind je overigens een mooie foto-reportage van het museum tijdens het openingsweekend.
Foto: Bruno Tessa
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
Hoe bereik je de juiste doelgroep met je (erfgoed)project?
Morgen dinsdag organiseert de vereniging Restauratie Integratie Mechelen (RIM) een voordracht over hoe men gebouwen en (erfgoed)projecten moet presenteren om een bepaalde doelgroep te bereiken. Communicatieadviseurs van Smart Company, dat ook de Nederlandse regering adviseert, komen morgenavond even uit de biecht klappen. De voordracht vindt plaats om 18u45 in het erfgoedcentrum Lamot aan de Haverwerf in Mechelen.
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
27 mei 2007
Studiedag 'Geschiedenis en Geografische Informatie Systemen'
Op vrijdag 8 juni organiseren de Vereniging voor Geschiedenis en Informatica (VGI) en DANS in Den Haag een studiedag rond geschiedenis en GIS. Geografische informatiesystemen kunnen in een aantal gevallen een duidelijke meerwaarde betekenen in historisch en ander onderzoek. Een vijftal onderzoekers, waaronder historici, geografen en economen, zullen er telkens een aantal toepassingen van GIS voorstellen.
Sinds enige tijd groeit onder historici de wens om ontwikkelingen door de tijd te combineren met de ruimtelijke aspecten van die ontwikkelingen. Het ontdekken, inzichtelijk maken of analyseren van ruimtelijke variatie in historische veranderingen is de laatste jaren vergemakkelijkt door het gebruik van Geografische Informatie Systemen (GIS). Waren GIS-systemen vroeger duur, niet gestandaardiseerd en moeilijk te bedienen, tegenwoordig zijn dit soort hindernissen goeddeels weggenomen waardoor de toepassing van GIS in historisch onderzoek een grote vlucht heeft genomen.
Het combineren van geschiedenis en GIS blijkt op diverse manieren gestalte te krijgen. Sommigen doen het om de uitkomsten van hun onderzoek helder en efficient te presenteren, anderen om uit de visualisatie die GIS biedt antwoorden op hun onderzoeksvragen te destilleren, terwijl weer anderen daar juist heel specifieke GIS-analysetechnieken voor gebruiken. Daarnaast zijn onderzoekers bezig om historisch materiaal geschikt te maken voor GIS-exploratie, of om GIS-tools te ontwikkelen die met name voor historici interessant zijn.
Tijdens de studiemiddag vertellen een vijftal onderzoekers (historici, geografen, economen) hoe en waarom ze geschiedenis en GIS combineren.
Programma:
12:45 zaal open, koffie
13:00 welkom door Dr. A. Schuurman (LUW), dagvoorzitter
13:05 dr. O.W.A. Boonstra (RU), Geschiedenis en geografische informatieystemen. Een korte inleiding
13:10 dr. E. Koster (RUG), Geo-referentie van historische kaarten
13:50 drs. E. Heere (UU), De toepassing van GIS bij pre-kadastrale kaarten
14:30 pauze
15:00 dr C. Lesger (UvA) en dr M. van Leeuwen (UU), Twee voorbeelden van GIS: sociale segregatie in steden van Holland, en Locatiegedrag van winkeliers in Amsterdam
15:40 dr. P. Groote en dr. V. Tassenaar, GIS-analysetechnieken in historisch onderzoek
16:20 dr. O.W.A. Boonstra, Een GIS voor iedereen: het NLGIS project
17:00 borrel, aangeboden door DANS
Praktisch: De studiedag gaat door in het NWO, Java gebouw, zaal 300 (Laan van Nieuw Oost-Indië 300, 2593 CE Den Haag). Deelname is gratis; aanmelding is gewenst.
door Bart | Congressen | Reacties (0)
26 mei 2007
Informatie opgravingen Kluizendok
In het Gentse havengebied wordt momenteel het grootste archeologisch onderzoek uitgevoerd, dat ooit in Vlaanderen plaatsvond. Voor de bouw van het Kluizendok zullen meer dan 600 ha landbouwgrond en woningen verdwijnen en daarom was preventief archeologisch onderzoek noodzakelijk. Via verschillende informatiekanalen is informatie over de opgraving ter beschikking.
Zo kan een filmpje over de opgravingen (eerder te zien op de regionale zender AVS op 22/05) hier bekeken worden.
De informatie over de opgravingen is te vinden op de website van het Kluizendok.
door Priscilla | Opgravingen | Reacties (1)
25 mei 2007
Dringende vacatures voor projectarcheoloog en arbeider in Antwerpen
Stad Antwerpen gaat bij hoogdringendheid op zoek naar een archeoloog en arbeider voor een grootschalig project, namelijk een preventieve opgraving voorafgaand aan de bouw van een jeugdherberg aan het Bogaardeplein. Het voorbereidende werk neemt een aanvang op 15 juni. De arbeider krijgt een voltijds contract voor een kleine 5 maand; de projectarcheoloog voor 10 maand. Geïnteresseerden worden gevraagd vóór 2 juni te reageren.
In het kader van de bouw van een nieuwe jeugdherberg te Antwerpen zal archeologisch onderzoek worden uitgevoerd gedurende tussen 15 juni 2007 en 8 april 2008. Het projectgebied situeert zich tussen de Bogaardestraat, Sint-Antoniusstraat en de Happaertstraat.
Gezien de ligging van het projectgebied is de kans groot dat er archeologische resten aanwezig zijn in de ondergrond. De bodemingrepen voor de bouwwerken zullen deze resten gedeeltelijk vernietigen. Daarom zal een preventief archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.
Het onderzoek wordt opgedeeld in 3 fasen: voorbereiding, veldwerk en verwerking. De voorbereidende fase wordt uitgevoerd door de stedelijke afdeling archeologie. Voor het terreinwerk en de verwerking zal een tijdelijke projectploeg aangeworven worden door de stad Antwerpen, gefinancierd door bouwheer Toerisme Vlaanderen. De archeologisch resten en/of sporen worden hierbij in kaart gebracht, bestudeerd en gedocumenteerd. Tijdens de verwerkingsfase analyseert en interpreteert de projectarcheoloog de opgravingsresultaten om zo tot een synthetiserend opgravingsverslag te komen.
Lees hier de volledige vacatures voor arbeider en projectarcheoloog (Word-bestanden).
Indien deze functie je aanspreekt, stuur of email dan voor 2 juni 2007 je sollicitatiebrief met curriculum vitae naar:
Stadsontwikkeling
Stafdienst – vorming en personeel
t.a.v. An Dreesen
Desguinlei 33
2018 Antwerpen
Meer info: Tim Bellens, consulent van de stedelijke afdeling archeologie (Tel: 03 232 92 08)
door Johan | Vacatures | Reacties (0)
Is Bavo nog onder ons?
De dienst Stadsarcheologie van Gent organiseert op dinsdag 5 juni een lezing over het verloren gewaand vroegmiddeleeuws reliek van Sint-Bavo, dat op het einde van de 20ste eeuw werd teruggevonden. Wetenschappelijk onderzoek van dit botfragment bracht interessante dingen aan het licht. Anton Ervynck van het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed (VIOE) geeft tekst en uitleg over deze 7de eeuwse reliek in de refter van de Sint-Baafsabdij om 20.00u.
De vroegmiddeleeuwse relieken van Sint-Bavo werden tijdens de 16de-eeuwse beeldenstorm samen met het interieur van de Gentse kathedraal vakkundig vernield. Daarmee dacht men in Gent Bavo voor eeuwig kwijt te zijn. Aan het eind van de 20ste eeuw dook echter een botfragment op dat ook wel eens van de heilige zou kunnen zijn. Was Bavo daarmee deels teruggevonden, en hoe kon dit vermoeden worden bewezen of ontkend? Het wetenschappelijk onderzoek van het bot tracht een antwoord te formuleren. Radiokoolstofdatering plaatst de vondst in zijn historische context en biologisch onderzoek brengt gegevens over de vroegere eigenaar van het bot aan het licht. De conclusies zijn tegelijk verrassend als intrigerend.
Het onderzoek van de stoffelijke resten die aan Bavo worden toegeschreven, past in een ruimer onderzoeksproject. In een samenwerking tussen het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK) en het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) werden recent een ganse reeks Belgische relieken aan een kruisverhoor onderworpen. De resultaten van het onderzoek staan gebundeld in het boek ‘Relieken. Echt of vals?’ (zie foto), geschreven door Mark Van Strydonck (KIK), Anton Ervynck (VIOE), Marit Vandenbruaene (VIOE) en Mathieu Boudin (KIK), en uitgegeven door het Davidsfonds/Leuven.
De vraag ‘echt of vals?’ blijkt trouwens niet het meest interessante perspectief te bieden. Het is vooral als element binnen de volksdevotie, als pasmunt voor prestige en macht, als archeologische vondst of als kunstwerk van menselijke creativiteit dat relieken blijven boeien. Bovendien zijn de consequenties voor de geschiedenis en de archeologie soms verreikend. Vaak vormen de relieken voor lokale gemeenschappen het enige wat er aan vroegmiddeleeuws erfgoed rest. Misschien is het reliek van Bavo ook wel ongeveer het belangrijkste, of toch het meest tastbare overblijfsel uit de Gentse 7de eeuw?
Praktisch: Dinsdag 5 juni 2007, refter van de Sint-Baafsabdij, Gandastraat, Gent,om 20 uur, toegankelijk voor iedereen
Meer info: Dienst Stadsarcheologie,tel. 09/266 57 60, fax. 09/266 57 87, stadsarcheologie@gent.be
door Priscilla | Lezingen | Reacties (0)
Muurschilderingen bleven 50 jaar verborgen achter verf
In de kerk van de Brusselse gemeente Sint-Gillis worden momenteel de oude muurschilderingen weer blootgelegd. In de jaren vijftig werden ze overschilderd, maar nu laten ze opnieuw hun ware gelaat zien. Al kunnen ze niet allemaal gerestaureerd worden, want daar is niet genoeg geld voor. De restauratie van de kerk op het Sint-Gillisvoorplein is al meer dan vijf jaar bezig. Vorig jaar werd begonnen met het blootleggen van bepaalde muurschilderingen.
De hele kerk is beschilderd maar alleen de muurschilderingen in het koor, en in de linker- en rechtertympaan worden blootgelegd en gerestaureerd.
De indrukwekkendste muurschildering beeldt de legende van Sint-Gillis uit. Die wordt wel gerestaureerd. Deze muurschildering toont hoe Sint-Gillis een pijl die door een jager op een ree werd geschoten, uit de lucht grijpt. Dat de schilderingen tientallen jaren verborgen zijn gebleven, is niet zo ongewoon. In de jaren vijftig werden in veel kerken de muurschilderingen overschilderd met witte verf. Binnen een jaar zouden alle stellingen in de Sint-Gilliskerk verdwenen moeten zijn.
Bron: brusselnieuws.be. Op deze pagina kun je ook een filmpje bekijken over de restauratie.
door Jeroen | Erfgoed | Reacties (0)
24 mei 2007
Het Mas als vitrinekast
De aankondiging in de pers dat het nieuwe Museum aan de Stroom (Mas) zowel de collectie van het Etnografisch Museum als de precolumbiaanse verzameling-Janssen zou gaan herbergen doet wenkbrauwen fronsen, zelfs in Antwerpen. In een open brief in De Standaard uiten vijf historici van de Universiteit Antwerpen hun bezorgdheid. Volgens hen zal de opname van die collecties het potentieel bruisende nieuwe museum tot een 19de-eeuws rariteitenkabinet reduceren.
HET MAS ALS VITRINEKAST
Een vaag koepelproject, daar heeft niemand wat aan
Dat extra collecties in het Mas zouden worden ondergebracht, is volgens historici van de Universiteit Antwerpen zonder meer een slecht idee. Want op die manier kan het museum zijn originele opzet niet waarmaken.
Het Mas-verhaal is rond, zo blokletterde de schrijvende pers onlangs. Het bouwblok achter het Antwerpse stadhuis wordt 'te gelde' gemaakt en daarmee lijkt de financiering van het Museum aan de Stroom gegarandeerd. Nieuw en verrassend is dat de collectie van het dynamische Antwerpse Etnografisch Museum in het Mas zal worden opgenomen. Er is zelfs sprake van dat de befaamde collectie pre-Columbiaanse kunst van Dora en Paul Janssen wordt binnengehaald, wat - aldus schepen van Cultuur Philip Heylen voor de camera's van een regionale televisiezender - 'een grote impact zal hebben op het toerisme'.
Wij vinden het geen goed idee om deze collecties op te nemen. Zou het Mas niet een maatschappelijke meerwaarde creëren die veel breder ging dan toeristen aantrekken en de stad Antwerpen promoten? Wij liepen in ieder geval warm voor een modern stadsmuseum waarin het verleden en het erfgoed van de stad zouden worden ingezet als hefboom om samenlevingsproblemen aan te pakken.
Het Mas kaderde in een gemeenschapsvormend project waarin alle Antwerpenaren, toevallige stadsgebruikers en toeristen via de confrontatie met het eigen en het hen vreemde erfgoed zouden reflecteren over samenleven in een hedendaagse stedelijke omgeving. Achter het stedelijk museum ging een idee schuil, gestoeld op het wat moeilijkere concept 'stedelijkheid'. De idee namelijk, dat de stad niet zomaar een decor is voor toevallige gebeurtenissen, maar een actieve biotoop waar maatschappelijke en individuele ontwikkelingen een eigen en extra dynamiek krijgen. De museumtoren met de gedurfde architectuur van Neutelings-Riedijk Architecten, zou een 'brandpunt' worden van museale en maatschappelijke functies, een uitvalsbasis van waaruit in het stedelijke weefsel kon worden doorgedrongen.
Om deze ambitieuze doelstellingen te realiseren moesten drie Antwerpse collecties worden geïntegreerd: het Scheepvaartmuseum, het Museum Vleeshuis met zijn archeologische collecties en het Volkskundemuseum. Bovendien moest collectiemobiliteit met de andere Antwerpse musea het stadsverhaal inhoudelijk versterken. Dat was op zich al een loodzware opgave. Deze verzamelingen hebben elk een eigen geschiedenis en dus een eigen logica. Maar ze hebben wel iets met elkaar gemeen: ze belichten elk een stukje van de brede waaier van fundamentele stedelijke ontwikkelingen, ze raken aan het stedelijke samenleven in al zijn complexiteit.
Met de nieuwe collecties erbij zijn we terug bij af. Het Mas dreigt een rariteitenkabinet te worden. In de nieuwe opzet dienen de getoonde stukken niet langer om een prikkelend verhaal te vertellen, om bezoekers aan het denken te zetten of om ze de kans te geven tot interactie met het eigen verleden of met het verleden van anderen.
Het museum keert terug naar de negentiende eeuw, waarin de vroede (en gefortuneerde) burgervaders vanuit een Eurocentrische blik, hun stadsgenoten de rijkdom van de wereld toonden. Het Mas wordt een vitrinekast voor exotische artefacten, kunsten en curiosa: Oceanische en Afrikaanse maskers naast romantische Europese schilderijen, Egyptische faraobeelden en mummies naast luxueuze doopkleden en schaalmodellen van Chinese jonken naast parafernalia van schuttersgilden en andere lokale verenigingen.
Het argument dat deze collecties aansluiten bij het Mas-project omdat Antwerpen dankzij de haven een wijde blik op de wereld heeft, snijdt geen hout. Het materiaal van het - overigens erg boeiende - Etnografische museum en de collectie-Janssen lenen zich niet voor een reflexieve en inhoudelijk gelaagde aanpak waarbij historisch besef als opstap dient voor een 'betere' samenleving. Ze zeggen uiteraard iets over de verzamelwoede in het verleden, over golven in onze kennis over andere (zogenaamd meer primitieve) samenlevingen en de interesse van stedelingen voor de superioriteit van het christelijke Westen. Maar ze zeggen weinig of niets over de vele etnische en andere gemeenschappen in de stad vandaag, over hun cultuur, hun geschiedenis, hun integratie, hun aspiraties en problemen. De integratie van deze collecties zal het Mas niet helpen zich te meten met de soms interessante projecten van etnologische musea als het Wereldmuseum Rotterdam. Gezien het totaal andere uitgangspunt van het Mas en de aanwezigheid van drie totaal andere collecties, is het zelfs de vraag of de traditie van kleinschalige maar soms boeiende projecten van het Etnografische museum zal worden geëvenaard.
Kortom, wij maken ons ernstig zorgen over de toekomst van de vele interessante initiatieven die op stapel stonden. De centrale betekenis van 'stedelijkheid' vertaalde zich in de plannen voor een interactief kenniscentrum in het stadsmuseum, met een bibliotheek en vooral een uitgebreide collectie beeld- en geluidsmateriaal. Daarmee moest de kloof worden overbrugd tussen de academische stadsgeschiedenis en de dagelijkse 'kleine' verhalen van mensen in de stad.
Aansluiting werd bovendien gezocht met de erfgoedactoren en de academische wereld om mee na te denken over een laagdrempelig zinvol en zingevend stadsverhaal, terwijl ook jeugdwerking prominent op de voorgrond was getreden. Er was ook al een begin gemaakt met de inhoudelijke invulling van de 'boxen', waarbij vormgeving, concept en een selectie van gepresenteerde objecten de ambitieuze doelstellingen moesten realiseren.
Dit alles dreigt nu te worden ondergedompeld in een vaag koepelproject, dat niet langer de stedeling en stadsgebruiker uitnodigt om de confrontatie aan te gaan met zijn omgeving, zijn verleden en zijn toekomst. De Mas-toren wordt een grootwarenhuis, een winkelgalerij vol pronkstukken. Antwerpen - een stad die niet alleen een groot ego, maar ook een onschatbaar erfgoed en een enorm potentieel heeft - verdient nochtans een Mas dat zich niet met andermans veren tooit, maar kritisch over stedelijk verleden, heden en toekomst reflecteert.
Bruno Blondé, Bert De Munck, Luc Duerloo, Peter Stabel, Herman Van Goethem (De auteurs werken voor het Centrum voor Stadsgeschiedenis van de Universiteit Antwerpen)
Bron: De Standaard - 23 mei 2007
door Bart | In de pers | Reacties (7)
FelixArchief wint Belgian Building Award voor Cultureel Erfgoed
“Een voorbeeld voor heel de wereld!”, dat was het oordeel van de jury van de Belgian Building Awards 2007 over het gerestaureerde Sint-Felixpakhuis. Het FelixArchief won de prijs in de categorie Cultureel Erfgoed. De jury noemde het een bijzonder intelligente renovatie voor een cultureel patrimonium met bijzonder hoge technische eisen.
De omvorming van Sint-Felixpakhuis tot FelixArchief startte met een uitgebreide haalbaarheidsstudie in 1998. De herbestemming van het als monument beschermde Sint-Felixpakhuis bleek immers een moeilijke klus: heel lage plafonds en 1.515 houten en gietijzeren zuilen in het hele gebouw. Maar het leegstaande gebouw had alles in zich om een tweede leven te krijgen als archiefruimte: voldoende groot, een vrij constante temperatuur en ook de draagstructuur was in orde. Toch bleek de omvorming van een 19de eeuws pakhuis naar een modern 21ste eeuws archief een hele uitdaging voor de stad, het studiebureau Grontmij en het architectenbureau Robbrecht en Daem.
De indrukwekkende overdekte binnenstraat werd tijdens de restauratie in haar glorie hersteld en vormt de inkomzone van het FelixArchief (foto links). Op de zesde verdieping bevindt zich een moderne leeszaal met 120 plaatsen om in alle rust het geheugen van de stad te raadplegen.
De eerste tot de vijfde verdieping vormen de kern van het archief. In achttien betonnen archiefcontainers is er plaats voor maar liefst 36 kilometer archieven. Dankzij die afgesloten archiefcontainers kon men de ramen en het uitzicht van het pakhuis overal behouden, maar zijn de archieven toch beschermd tegen zonlicht, temperatuurschommelingen, tocht,… Elke archiefcontainer heeft bovendien een aparte klimaatbehandeling. Afhankelijk van de specifieke inhoud (papier, perkament, videobanden, foto’s,..) van een archiefcontainer kan de luchtvochtigheid en de temperatuur exact worden ingesteld, zodat alle archieven in perfecte omstandigheden kunnen worden bewaard.
De jury van de Belgian Building Awards was onder de indruk: “Het FelixArchief is een uitnodigend gebouw: je wil er gewoon in antieke documenten en oude registers neuzen. Dat is een verdienste van de architecten. Ze hebben het oude gebouw in zich opgenomen en tot uiting gebracht. Maar het is ook een pluim op de hoed van het Antwerpse stadsbestuur en de stadsdiensten die voor het vereiste klimaat hebben gezorgd. Het verleden van de stad heeft een plaats gekregen in de reflectie over de stad van morgen. … Het is een schitterend voorbeeld van hergebruik van waardevol patrimonium. Een voorbeeld voor heel de wereld. Na het Brusselse Flageygebouw opnieuw een absolute aanwinst in de strijd voor het behoud van ons erfgoed.”
Bronnen:
Stad Antwerpen
Grontmij
door Jeroen | Erfgoed | Reacties (0)
Belgische dinosaurussen krijgen facelift
De beroemde collectie iguanodons van het Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel zal een tijdje niet meer te zien zijn. De skeletten van de dinosaurussen krijgen een opknapbeurt, net voor ze verhuizen naar een vernieuwde zaal. Op 27 oktober kan het publiek de immense dieren opnieuw bewonderen. De zaal waarin de iguanodons van Bernissart oorspronkelijk stonden, is al sinds 2005 niet meer toegankelijk.
De ruimte wordt ingrijpend gerenoveerd en de dino's verhuisden zolang naar een kleinere zaal. Om nu ook de skeletten zelf een opknapbeurt te geven, zijn de iguanodons al sinds 30 april niet meer te zien voor het grote publiek. Op 27 oktober keren de skeletten terug naar een gloednieuwe Galerij van de Dinosauriërs. "Die is mooier, groter, indrukwekkender dan ooit. In een historische omgeving met moderne toetsen komen de beroemde iguanodons uit de collectie van ons museum en veel andere soortgenoten helemaal tot hun recht," luidt het.
De iguanodoncollectie wordt in de nieuwe zaal ondergebracht in twee grote vitrines. De eerste bevat de rechtopstaande skeletten, negen in totaal waarvan er zeven te restaureren zijn. De liggende skeletten, die ondergebracht zijn in de tweede vitrine (in totaal elf skeletten en een aantal fragmenten) vertonen de sterkste aantasting. Voor de skeletten naar hun vernieuwde galerij terugkeren worden ze helemaal uiteen gehaald. Dat demonteren, de beenderen restaureren en alles opnieuw installeren is een monnikenwerk dat zes maanden in beslag neemt.
De rest van het Museum voor Natuurwetenschappen blijft open en hanteert een speciaal tarief van 2 euro voor iedereen. Van 3 september tot en met 26 oktober sluit het volledige museum de deuren om nog verdere renovatiewerken uit te voeren.
Bron: Belga
door Tijl | Varia | Reacties (0)
17de-eeuwse tunnels ontdekt in Sint-Joost-ten-Node
In de Brusselse gemeente Sint-Joost-ten-Node is bij toeval een 17de-eeuws tunnelnetwerk ontdekt. Een bejaarde vrouw zakte zondag plots door de vloer van haar kelder, en ontdekte onder haar keldervloer een brede krater van zes meter diep. Later werd duidelijk dat het om een verluchtingsschacht ging van een onderaards gangenstelsel uit de zeventiende eeuw. De gangen zouden vooral door monniken zijn gebruikt.
De ontdekking gebeurde in een huis aan de Sint-Alfonsstraat in Sint-Joost-ten-Node. Toen de bejaarde vrouw door de keldervloer zakte, kwam een ventilatieschacht vrij, die uitkomt op een onderaardse gang. Het gaat om een heel tunnelnetwerk uit de zeventiende eeuw. De gangen verbonden de kerk van Sint-Joost-ten-Node met de kloosters aan het Barrikadenplein aan de overkant van de Kleine Ring.
"Het is een tunnel die vooral door de monniken werd gebruikt. Omdat ze dikwijls werden aangevallen, verplaatsten de monniken zich door deze tunnels om zich te beschermen," zei Marc Fourdin, de architect van de gemeente Sint-Joost-ten-Node, aan TV Brussel.
Specialisten van de Commissie voor Monumenten en Landschappen onderzoeken nu hoe ze de tunnels kunnen herstellen. Het bejaarde koppel en hun buren mogen ondertussen niet naar huis terugkeren. Eerst moeten hun huizen gestabiliseerd worden.
Bron: brusselnieuws.be. Op deze pagina kun je ook een filmpje bekijken over de vondst.
door Tijl | In de pers | Reacties (1)
23 mei 2007
Fundamenten Romaanse bedevaartskerk blootgelegd in Sint-Lievens-Houtem
In de Oost-Vlaamse gemeente Sint-Lievens-Houtem hebben arbeiders wellicht de fundamenten van een Romaanse bedevaartskerk uit de 12de eeuw ontdekt. De vondst werd gedaan bij de voorbereidende werkzaamheden voor de Livinusfeesten, die in juni plaatsvinden in Sint-Lievens-Houtem. In de Houtemse bedevaartskerk zou de eeuwenoude volksverering voor Livinus ontstaan zijn.
Volgens vorsers en geschiedschrijvers is de figuur van de heilige Livinus ontstaan in de verbeelding van de monniken van Sint-Baafs, maar de Livinusverering zelf is al bijna duizend jaar een onwrikbare realiteit. Rond 1150 werd in Houtem met de bouw van een Romaanse kerk begonnen, die in 1171 officieel werd opengesteld als de eerste bedevaartskerk voor Livinus. In de loop der eeuwen onderging de kerk diverse transformaties en nu heet ze Sint-Michaëlskerk.
Naar alle waarschijnlijkheid zijn nu de fundamenten van de oorspronkelijke Romaanse kerk ontdekt. Arbeiders, die eeen kanaal voor de verlichting van de nieuwe voetweg en van het kerkgebouw groeven, stootten enkele meters voor het kerkportaal op een partij Balegemse steen. "Bij nader toezien bleek het te gaan om een solide funderingsmassa van 2,5 meter breed, de normale breedte van Romaanse torens uit de twaalfde eeuw. Het staat zo goed als vast dat het de funderingen zijn van de ingang van de oorspronkelijke kerk, die, zoals de huidige kerk, een stevige toren moet getorst hebben," zegt Ignace Van Der Kelen. Van der Kelen is archeologisch vorser en begeleidend architect van de Livinusvoetweg die wordt aangelegd van het Marktplein naar het centrum De Fabriek.
Archeoloog en architect Paul Roland was in 1941 al van mening dat de kerk van Sint-Lievens-Houtem, naar Karolingische traditie oorspronkelijk een soort vóórhal of vóórhof (avant-corps) had dat gelegen was vóór het schip. Volgens Van der Kelen sluiten de nieuwe bevindingen aan bij vroegere vermoedens: "Voor de westgevel werd in 1961 ook al Balegemse steen bovengehaald toen een dieseltank voor de kerk werd ingegraven. Dat deed mij vermoeden dat er voor de kerk vroeger een westelijke uitbouw moet zijn geweest. Door de huidige vondst wordt dit nogmaals bevestigd."
"Gezien de breedte van de gevonden fundering (2,50 m.) moet hier een imposante westelijke toren gestaan hebben. De dikte van de resterende Romaanse koormuren is immers maar 1,20 m. Albert Cambier, de 'mol van Ronse', dacht dat de huidige voorgevel de achterwand kon zijn geweest van een verdwenen westelijke toren, waarvan de muur later voorzien werd met parement in Balegemse steen. Gezien deze muur maar 1,20 m dik is betwijfel ik dit nu. Ook een nartex sluit ik uit gezien de brede fundering."
De Houtemse kerk herbergt nog meer Romaanse overblijfselen: aan de rechterkant bevindt zich het 'Beenderkapelletje' uit die tijd. Aan de linkerkant verdween in de loop der eeuwen een soortgelijk deel van de Romaanse dwarsbeuk.
Meer info: Ignace Van Der Kelen publiceerde een uitgebreid artikel over de geschiedenis van de Sint-Michaëlkerk in Sint-Lievens-Houtem in het boek 'Met het hoofd onder de arm', dat zal verkocht worden tijdens de Livinusfeesten 2007 in Sint-Lievens-Houtem en Sint-Lievens-Esse.
Externe link: www.livinus.be
door Tijl | Varia | Reacties (0)
Archeologen doen opgravingen op KBC-site in Roeselare
Op de bouwsite van het voormalige KBC-gebouw in Roeselare zal archeologisch onderzoek uitgevoerd worden. Dat besliste de gemeenteraad van Roeselare deze week. Op de site verrijst binnenkort een nieuw woon- en winkelcomplex. Het is nu de bedoeling om gedurende een drietal weken proefboringen uit te voeren. Het stadsbestuur zal, in samenwerking met de projectontwikkelaar, twee archeologen aanstellen.
Op het domein van het voormalige KBC-gebouw in het hart van de stad, tussen de Noordstraat en de Henri Horriestraat, moet een groot winkel- en wooncentrum komen. Er is ook plaats voor een nieuwe bibliotheek en een ondergrondse parking. Het prestigieuze project moet samen met de geplande herinrichting van de stationsomgeving Roeselare meer aantrekkingskracht geven.
Twee archeologen zullen binnenkort dus , in samenwerking met CBS-invest, archeologisch onderzoek doen op de voormalige KBC-site. De firma CBS-invest nv staat in voor de logistieke ondersteuning tijdens het onderzoek op het vlak van organisatie en uitvoering van de graafwerken, bewaking van de veiligheid tijdens de betreffende graafwerken, organisatie van de werfafsluiting voor de betreffende onderzoekzones, …
Uit het onderzoek kunnen mogelijks interessante archeologische en geschiedkundige elementen aan het licht komen over de stad Roeselare. Deze dienen dan geïnventariseerd te worden. Voor wat betreft de archeologische inventarisatie zelf zal het stadsbestuur twee archeologen aanstellen.
Bron: Stad Roeselare
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
West-Vlaanderen graaft! Eerste provinciale contactdag archeologie
Graag herinneren we nog even aan de eerste contactdag archeologie van de provincie West-Vlaanderen. Op 15 juni kan iedereen terecht in provinciehuis Boeverbos in Brugge voor 'West-Vlaanderen Graaft!'. Deze contactdag richt zich tot iedereen die met archeologie begaan is in West-Vlaanderen, zowel professioneel als vrijwillig. Op dinsdag 30 mei wordt het definitieve programma bekend gemaakt en gaan de inschrijvingen van start.
Er beweegt heel wat in West-Vlaanderen. Overal in de provincie drijven archeologen hun schoppen in de grond en halen ze een lang vergeten bladzijde uit de geschiedenis naar boven. Deze geschiedenis blijkt rijk en gevarieerd te zijn, gaande van eeuwenoude boerderijen, prehistorische kampplaatsen en Romeinse badhuizen tot militaire structuren die dateren uit de godsdienstoorlogen of de Eerste Wereldoorlog.
Door deze sterke toename van opgravingen volgt West-Vlaanderen een algemene Europese tendens, waarbij de archeologie in toenemende mate geprofessionaliseerd wordt en waarbij tientallen beroepsarcheologen aan de slag zijn bij de overheden, bureaus of verenigingen.
Er is meer dan ooit een sterke nood aan contact en informatie-uitwisseling tussen de onderscheiden spelers in het veld. Om hieraan tegemoet te komen wordt op 15 juni 2007 een provinciale contactdag georganiseerd. Deze contactdag richt zich tot iedereen die met archeologie begaan is in West-Vlaanderen, zowel professioneel als vrijwillig.
Zoals de naam reeds zegt is het doel van de contactdag in de eerste plaats om een ontmoetingsplaats te zijn waar archeologen en vrijwilligers elkaar kunnen leren kennen en hun projecten aan elkaar kunnen presenteren. Zo krijgen een 8-tal projecten de gelegenheid om zich in een korte presentatie voor te stellen en is er de nodige ruimte voorzien voor officieus contact, ‘tussen pot en pint’.
Het precieze programma volgt later, maar noteer deze datum alvast in uw agenda. Deze contactdag is een initiatief van het provinciebestuur West-Vlaanderen, in samenwerking met het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed en de entiteit Onroerend Erfgoed van de Vlaamse overheid.
door Tijl | Congressen | Reacties (2)
22 mei 2007
Dringend gezocht: archeoloog en tekenaar voor Merchtem
Vorige week kon U op deze website lezen over de spectaculaire vondst van een Gallo-Romeinse villa en bijgebouw tijdens een proefsleuvenonderzoek te Merchtem (prov. Vlaams-Brabant). Door een samenloop van omstandigheden zal Stephan Van Bellingen, die de site ontdekte, niet zelf de definitieve opgraving kunnen uitvoeren. Daarom is de gemeente Merchtem zéér dringend op zoek naar een archeoloog en een tekenaar voor dit project.
Op vraag van het agentschap R.O. zullen beide gebouwen tijdens de volgende maanden verder onderzocht moeten worden (klik op de afbeelding om te vergroten). De gemeente biedt een contract aan voor een archeoloog voor zes maanden (4 maanden terreinwerk en 2 maanden verwerking) en een contract voor een tekenaar (met een archeologische bagage) voor een periode van vier maanden. De archeoloog dient over minimaal zes maanden ervaring te beschikken om een persoonlijke opgravingvergunning te kunnen verkrijgen. Ervaring met Gallo-Romeinse rurale sites zal als een pluspunt aanzien worden.
Het indienen van de kandidaturen (met CV en motivering) dient uiterlijk te gebeuren op zondag 27 mei a.s. (12u). Een selectiegesprek zal plaatshebben op dinsdag 29 mei a.s. in het Gemeentehuis van Merchtem om 13u. Het contract zal een aanvang nemen op 1 juni a.s.
Meer info: Stephan Van Bellingen (Tel: 0473/817497 tussen 8u en 18u)
door Johan | Vacatures | Reacties (0)
Opendeurdag Archeologische Dienst Mechelen
Aanstaande zondag, 27 mei, houdt de Archeologische Dienst van Mechelen tussen 10u en 18u haar jaarlijkse opendeurdag, ditmaal ter gelegenheid van de 17de editie van de Dag van het Park. Een ruim aanbod aan informatie staat op stapel, gaande van onderzoeksresultaten over de werking van de dienst tot de mogelijkheden van dendrochronologisch onderzoek.
U vindt de gebouwen in de Mechelse Kruidtuin (klik op het kaartje links om te vergroten). Parkeren kan op de nabijgelegen parking Zandpoortvest.
Op de opendeurdag komt U meer te weten over:
- de resultaten van de opgravingen in het Molenhuis
- het archeologisch vooronderzoek in de Kruidtuin
- de mogelijkheden van dendrochronologisch onderzoek
- de werking van de stedelijke Dienst Archeologie
U kunt er ook het nieuwe boek ‘Het Steen en de burgers, onderzoek van de laatmiddeleeuwse gevangenis van Mechelen’ kopen (27,00 euro).
Meer info: Bart Robberechts, diensthoofd archeologie
door Johan | Evenementen | Reacties (0)
Provincie Antwerpen zoekt bouwhistoricus (halftijds)
De Provincie Antwerpen is steeds op zoek naar enthousiaste medewerkers. Momenteel is er een dringend in te vullen vacature voor een wetenschappelijk medewerker (halftijds) als vervangingscontract binnen de Dienst Erfgoed. De kandidaat beschikt bij voorkeur over een master in kunstwetenschappen en zal ingezet worden in archief- en bouwhistorisch onderzoek, restauratiewerkzaamheden en publieksgerichte erfgoedactiviteiten.
Lees de volledige vacature hier (Word-document).
door Johan | Vacatures | Reacties (0)
AVRA-bulletin jaargang 2006 beschikbaar
De Antwerpse Vereniging voor Romeinse Archeologie (AVRA) publiceert elk jaar een Bulletin dat het leven van de vereniging weerspiegelt. Sinds kort is het verslag van jaargang 2006 beschikbaar. Het biedt een overzicht van de activiteiten van de vereniging gedurende het voorbije jaar: verslagen van voordrachten, artikels allerhande, reisverslagen, archeologische verslagen, gevarieerd nieuws, ledenlijst enz...
Inhoud AVRA Bulletin 7, 2006
Guido CUYT: Woord vooraf
Artikels
Ria BERKVENS: Romeinen in Breda, Archeologisch onderzoek op landschapformaat.
Rica ANNAERT: Het Merovingische grafveld van Broechem in een bredere context.
Guido CREEMERS & Patrick BERBEN: Late prehistorie en het cattle complex van de Turkana.
Koen WYLIN: De Etrusken en hun taal.
Mark VAN STRYDONCK, Mathieu BOUDIN & Anton ERVYNCK: Mogelijkheden en beperkingen van het gebruik van stabiele isotopen (13C en 15N) van menselijk beendercollageen en -carbonaat als hulpmiddel in migratiestudies.
Robert NOUWEN: Tongeren als het bestuurlijke en economische centrum van een agrarische regio in relatie tot de ravitaillering van de Rijntroepen: een beknopte status quaestionis.
Tony OOST: Antwerpen tijdens de Gallo-Romeinse periode.
Guido CUYT: Geef aan Caesar wat Caesar toekomt…
Henri VERBEECK: Het archeologisch onderzoek te Kontich in 2006.
Guido CUYT: Opgravingen aan de Oud Sluisstraat in Wijnegem.
AVRA-nieuws
Guido CUYT: AVRA-daguitstap 133 naar Maaseik en Venlo op 12 maart 2006.
Guido CUYT: AVRA-daguitstap 134 naar Gent en Velzeke op 14 oktober 2006.
Ludo GIEBENS: AVRA-daguitstap 135 naar Antwerpen op 14 november 2006
VARIAVRA, Gevarieerd verenigingsnieuws 2006.
Lijst van AVRA-vergaderingen in 2006.
AVRA-Ledenlijst.
Dit laatste nummer telt 123 bladzijden en is voor het eerst deels in kleur gepubliceerd.
De prijs bedraagt 9 € ( + verzendingskosten: 2,50 € voor België en 7,75 € voor Nederland). Het boek kan besteld worden door storting van het juiste bedrag op het nummer 001 1774629 90 van AVRA, met vermelding 'Bulletin AVRA' (IBAN BE34 0011 77 46 2990). Het boek wordt opgestuurd zodra de betaling is doorgekomen.
Het boek kan ook bekomen worden op de maandelijkse voordrachten van AVRA,
bij Guido Cuyt (Kruishofstraat 219, 2610 Wilrijk - Tel: 03-828 08 52 - Email) of bij secretaris Lea Diricx (Groenenborgerlaan 35, 2610 Wilrijk - Tel: 03-827 62 21 - Email).
door Johan | Publicaties | Reacties (0)
21 mei 2007
Schedel blijkt uitzonderlijk fossiel uit het Neolithicum
Een C14-datering op een schedelfragment uit een Rumstse collectie heeft uitgewezen dat het fossiel zo'n 5700 jaar oud is. Een uitzonderlijke ontdekking, want totnogtoe waren menselijke fossielen uit het Neolithicum nagenoeg onbekend in Vlaanderen. De schedel, die werd onderzocht door professor Philip Van Peer (K.U.Leuven) en gedateerd door Mark Van Strydonck, werd dit weekend voorgesteld tijdens de feestelijke heropening van het Museum Rupelklei in Terhagen (Rumst).
Eind 2004 kwam een deel van de collectie De Loenen voor onderzoek terecht op de Eenheid Prehistorische Archeologie (K.U.Leuven). Het bevatte een aantal hakken uit gewei, onbewerkt dierlijk bot en zelfs een menselijk fossiel. De precieze vondstomstandigheden van de voorwerpen zijn niet gekend, maar een lokale herkomst is hoogstwaarschijnlijk.
Het menselijk fossiel is een fragment van een schedeldak. Hoewel de vorm ervan erg doet denken aan een uitgestorven mensensoort, zoals de Neanderthalers, tonen een aantal details op het schedelfragment echter onbetwistbaar aan dat het hier wel degelijk om een specimen van Homo sapiens sapiens gaat.
Een datering op het fossiel werd uitgevoerd door Mark Van Strydonck van het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK). Daaruit blijkt dat dit het fossiel is van een mens die leefde tussen 3770 en 3640 voor onze tijdrekening, op het einde van het midden-Neolithicum. Deze datering is niet onbelangrijk: ze geeft immers aan dat in die periode wel degelijk mensen aanwezig waren in dit gebied, dat voorheen een blinde vlek was op de verspreidingskaart van de mens in die periode.
Totnogtoe waren fossielen uit het Neolithicum nagenoeg onbekend in Vlaanderen, in tegenstelling tot de Ardennen, waar heel wat collectiefgraven uit het midden- en laat-Neolithicum dateren. Er zijn ook verschillende Neolithische fossielen gekend uit de lagen behorend tot de mijnbouw van vuursteen in de regio van Bergen. Een duidelijke midden-Neolithische begraving is alleen gekend uit Avennes, waar twee individuen in een kuil zijn begraven samen met enkele stukken aardewerk.
Op midden-Neolithische sites komen af en toe losse fragmenten menselijk bot voor tussen 'huishoudelijk' afval, zoals in Thieusies en in Oudenaarde-Donk. Oorspronkelijk dacht men hier een bewijs gevonden te hebben van kannibalisme. Maar wellicht gaat het om restanten van alternatieve begraafwijzen, zoals het bijzetten van overledenen in de open lucht, waarbij losse fragmenten tussen huishoudelijk afval terecht gekomen zijn.
Meer info: Philip Van Peer
Praktisch: Museum Rupelklei is ondergebracht in de smidse van de oude steenbakkerij De Beuckelaer in Terhagen (Rumst). Het toont de geschiedenis van de Rupelstreek, op natuurhistorisch, industrieel-archeologisch en sociaal vlak. Binnenkort verschijnt ook een boekje over de natuurhistorische geschiedenis van de Rupelstreek, als ondersteuning van de videomontage en de tentoongestelde fossielen en documenten in het museum.
door Tijl | Varia | Reacties (2)
Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam zoekt voltijdse archeoloog
Het Bureau Oudheidkundig Onderzoek van Rotterdam (BOOR) draagt sinds 1960 zorg voor het archeologische erfgoed in de regio Rotterdam. Het BOOR heeft twee afdelingen: Beleid en Beheer en Onderzoek en Rapportage. De medewerkers van de afdeling Onderzoek en Rapportage voeren archeologisch (voor)onderzoek uit. De periode varieert van prehistorie tot en met middeleeuwen/nieuwe tijd.
Meer info vindt U in de SNA-vacaturebank.
door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)
Leuvense archeologen leggen ongeschonden graf vrij in Midden-Egypte
Een archeologisch team, onder leiding van professor Harco Willems (K.U.Leuven), heeft in Midden-Egypte een volledig intact graf uit ongeveer 2050 voor Christus ontdekt. Het graf, in een necropool van Dayr al-Barsha, bevatte een doodskist met de mummie van de overledene, de ambtenaar Henu. Op en rond de doodskist bevonden zich verschillende funeraire modellen in hout, die uitzonderlijk goed zijn bewaard.
Het graf werd in maart gevonden in de uitgestrekte necropool op de zuidelijke heuvel van de site Dayr al-Barsha, en kan toegeschreven worden aan de overgang van de Eerste Middenperiode naar het Middenrijk. De grafkamer werd bijna volledig gevuld door een grote houten doodskist, met hierogliefen op de zijkanten en het deksel. Deze teksten, een soort offerformules die aan de goden Anubis en Osiris werden gericht, verschaften meteen ook de naam van de overledene: Henu.
Bovenop de doodskist waren twee houten sandalen geplaatst die Henu in het hiernamaals kon dragen. Verder bevonden zich twee modellen op de doodskist die scenes uit het dagelijkse leven in miniatuur afbeeldden. De eerste scene toont drie vrouwen die graan malen. Deze vrouwen waren gekleed in echte linnen rokken die opmerkelijk goed waren bewaard. Een tweede funerair model is uiterst zeldzaam en beeldt de productie van ongebakken leemtichels. Een persoon bewerkt de klei met een schoffel, terwijl twee anderen een zak klei met een juk op hun schouders dragen. Een vierde persoon ten slotte vormt een lijn met de afgewerkte tichels.
Ten oosten van de doodskist werden nog vier modellen gevonden. Het grootste is een standbeeld van Henu zelf in officiele klederdracht. De fijne details in zijn gelaatsuitdrukking getuigen van een hoog niveau van vakmanschap. Voor hem bevonden zich twee funeraire modellen met vrouwen tijdens het brouwen van bier en het maken van brood, twee zaken die levensnoodzakelijk waren in het hiernamaals. Achter het beeld van Henu bevond zich nog een bootmodel met twee groepen roeiers.
In de doodskist werd de intacte mummie van Henu aangetroffen. De vorm van het hoofd suggereert dat er geen mummiemasker aanwezig, hoewel dit pas met zekerheid kan vastgesteld worden door middel van een CT scan. Onder het hoofd werd een houten hoofdsteun gevonden, die ook de naam van Henu droeg.
De kwaliteit van de modellen is opmerkelijk; de modellen zijn te vergelijken met de meest hoogstaande exemplaren uit hun tijd. Ze worden gekenmerkt door realistische - maar in de Egyptische kunst ongebruikelijke - details, zoals de vuile handen en de voeten van de steenbakkers. De titels die de hierogliefen vermelden, wijzen op de status van een ondergeschikte ambtenaar in het provinciale beleid.
Volgens de archeologen is het zeer uitzonderlijk dat een dergelijk intact en rijk graf uit de Eerste Middenperiode wordt teruggevonden. De laatste gelijkaardige ontdekking dateert al van meer dan twintig jaar geleden. Bovendien zijn alle voorwerpen perfect bewaard, wat opmerkelijk is aangezien zij in hout waren gemaakt dat eerst bepleisterd en daarna geschilderd was. Het team van de K.U.Leuven is van plan om zijn opgravingen in het gebied, dat ongetwijfeld nog meer waardevolle informatie over de provinciale necropool zal prijsgeven, voort te zetten.
Lees meer: The Tomb of Henu at Dayr al-Barsha
Foto's: Dayr al-Barsha Archaeological Project
door Tijl | Internationaal | Reacties (1)
20 mei 2007
Debat herbestemming Sanatorium Joseph Lemaire
Op dinsdag 29 mei wordt in Leuven gedebatteerd over de toekomst van het Sanatorium Joseph Lemaire in Tombeek (Overijse). Het voormalige tbc-ziekenhuis, dat ooit bekend stond als een hoogtepunt van de Belgische modernistische architectuur, staat sinds 1987 leeg en is in enkele jaren herleid tot een ruïne. Verschillende projectontwikkelaars tonen interesse in het modernistische gebouw, maar de kwestie van herbestemming belooft erg complex te worden.
Er zijn verschillende partijen betrokken bij de restauratie en herbestemming van het voormalige Sanatorium Joseph Lemaire. Elke partij verdedigt zijn eigen standpunt, en dat zijn er heel wat. Voor welke functie is het gebouw geschikt; wonen, werken, recreatie? Welke functie is kapitaalkrachtig genoeg om de restauratie van het gebouw te financieren? Wat zijn de vereisten van het Agentschap R-O Vlaanderen Onroerend Erfgoed inzake restauratie? Welke functie kan een meerwaarde betekenen voor de gemeente? Welke bestemming van het gebouw houdt rekening met het natuurgebied waarin het gebouw ligt? Hoe heeft men zulke problemen opgelost in Nederland?
Het debat is een organisatie van www.redhetsanatorium.be, in samenwerking met Stad en Architectuur. De introducties worden verzorgd door prof. dr. Luc Verpoest (KULeuven) en Wessel De Jonge (Wessel de Jonge architecten bna bv).
Praktisch: Dinsdag 29 mei 2007, 20u, in Tweebronnen, Rijschoolstraat 4, 3000 Leuven (Gele zaal). Inkom: gratis. Inschrijven aangewezen op lisa.devisscher@stadenarchitectuur.be
door Bart | Congressen | Reacties (1)
Alden Biesen keert terug naar middeleeuwen
In de Landcommanderij van Alden Biesen (Bilzen) vindt zondag de tweede editie van de 'Sage van de Biesenburcht' plaats. Hiervoor worden het kasteel en zijn omgeving omgetoverd tot een middeleeuws dorp waarin muziek, historische evocaties, wagenspelen en riddertornooien de sfeer van de middeleeuwen laten herleven. Het evenement kadert in de Haspengouwse kastelenmaand.
Toerisme Limburg en de Haspengouwse gemeenten organiseren voor het derde jaar op rij de kastelenmaand. Tijdens de maand juni zet elke dag een Haspengouws kasteel de poorten open voor het publiek. Het domein van Alden Biesen viert de start ervan reeds op zondag 27 mei. De Landcommanderij wordt voor de gelegenheid omgetoverd tot een middeleeuws dorp, inclusief wagenspelen, riddertornooien en een middeleeuwse markt. Hedendaagse barden als Marc de Bel, Stijn Moekaars, Kristien Dieltiens, Brigitte Bosmans en Dirk Bracke vertellen er verhalen over verliefde prinsessen en stoere ridders. Het centrale thema van dit jaar is de middeleeuwse liefde.
Meer info: Alle praktische informatie vind je op vtb.be
door Bart | Evenementen | Reacties (0)
Vacatures binnen erfgoedkunde in Nederland
In Nederland gaat men op zoek naar extra handen voor enerzijds het Limburgs Museum en anderzijds binnen Erfgoed Nederland. Meer specifiek gaat het in het eerste geval om een archeologisch medewerker (32 u per week) voor het museum in Venlo. Erfgoed Nederland werft dan weer een fulltime senior projectleider aan om mede inhoud te geven aan de zes programmalijnen van Erfgoed Nederland.
Meer info vindt U in de SNA-vacaturebank.
door Johan | Vacatures | Reacties (0)
19 mei 2007
Museum over Romeinse periode in Oudenburg vraagt erkenning aan
De stad Oudenburg in West-Vlaanderen zal voor de permanente expositie van opgravingen uit de Romeinse periode (2de tot 5de eeuw) en het bezoekerscentrum in de Marktstraat de erkenning aanvragen als museum. Dat hebben burgemeester Ignace Dereeper en cultuurfunctionaris Jean-Luc Meulemeester aangekondigd. Door de erkenning moet het mogelijk zijn ook belangrijke documenten uit andere collecties tentoon te stellen.
Beide functies worden ondergebracht in het voormalige abtsgebouw (1756), dat momenteel gerenoveerd wordt en eind 2007 de deuren opent. Oudenburg zal op de achterliggende gronden ook een nieuwe cultuurzaal openen. Beide projecten kosten 3,5 miljoen euro. Oudenburg maakt samen met Maldegem en het Nederlandse Aardenburg deel uit van het ROMA-project dat de Romeinse aanwezigheid in de kijker zet.
Aansluitend artikel: Nieuwe opgravingen in Sint-Pietersabdij Oudenburg (6 juli 2005)
Bron: Belga
door Tijl | Varia | Reacties (0)
VIOE zoekt jobstudenten voor zomerperiode
Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) is momenteel op zoek naar gemotiveerde studenten voor verschillende vakantiejobs in de maanden juli, augustus en september. De jobstudenten zullen ingeschakeld worden in het conservatie-atelier of bij de actualisatie van de inventaris bouwkundig erfgoed (chauffeur). Je kan tot 1 juni inschrijven voor de vacatures. De jobomschrijving van de aangeboden vacatures en het sollicitatieformulier vind je op vioe.be.
Foto: herenhuis in de Onze-Lieve-Vrouwstraat in Nieuwpoort - Erf-goed.be
door Tijl | Vacatures | Reacties (0)
18 mei 2007
"Het plagiaat van een historicus"
Vorige zomer publiceerde historicus Hans Rombaut het boek 'Julius Caesar in België', waarin de auteur beweert een aantal locaties uit De Bello Gallico in ons land te kunnen identificeren. De publicatie lokte toen - ook op deze website - heel wat reacties uit. Onder de titel 'Het plagiaat van een historicus' ontvingen we recent nog een uitgebreide commentaar van classicus Alfred Michiels op het onderzoek van Rombaut.
Lees de reactie (pdf)
door Tijl | Varia | Reacties (16)
The Last Aztec
Deze avond toont Canvas het eerste deel van een tweedelige Britse documentaire over het einde van het Azteekse rijk en de legendarische schat van hun koning Montezuma. De documentaire 'The Last Aztec' volgt de Brits-Australische auteur DBC Pierre tijdens zijn zoektocht naar de waarheid achter de ondergang van de Azteken, de oorspronkelijke bewoners van Mexico.
In 1519 kwamen de Spanjaarden, onder leiding van Hernán Cortés, aan in Mexico. Misleid door een oude legende dacht de Aztekenkoning Montezuma dat Cortés misschien wel de vleesgeworden god Quetzalcoatl was en hij overlaadde hem met geschenken. Maar dat vergrootte alleen maar de hebzucht van Cortés.
Cortès viel de Azteekse hoofdstad Tenochtitlan aan en gijzelde Montezuma. Die werd een marionet in de handen van de Spanjaarden. Twee jaar later kwam Montezuma om tijdens een opstand van zijn vroegere onderdanen. Zijn lichaam en zijn fabelachtige schat verdwenen spoorloos.
Peter Warren Finlay - de Brits-Australische auteur die beter bekend is als DBC Pierre - groeide op in Mexico City. Finlay vond er ooit een boek op de vlooienmarkt dat beweerde informatie te bevatten over de begraafplaats van de beroemde Aztekenkoning Montezuma én die van zijn schat. Het was voor Finlay het begin van een levenslange obsessie.
Met het boek als leidraad onderzoekt Finlay wat er destijds gebeurd is met Montezuma én met zijn schat. Geholpen door afstammelingen van de Azteken en een stel avonturiers brengt zijn tocht hem tot in een heksendorpje hoog in de bergen van Mexico. De bewoners daar proberen met man en macht een verborgen grot te verdedigen. Wat kan daar verscholen liggen?
Praktisch: 'The Last Aztec', op vrijdag 18 en 25 mei om 20u50 op Canvas. Je kunt de documentaire ook on-line bekijken op Google Video
door Tijl | Varia | Reacties (0)
Lezing 'Oudenaarde aan zee" op 25 mei
Als afsluiter van een geslaagd seizoen van historische lezingen organiseert het stadsarchief van Oudenaarde i.s.m. de Geschied- en Oudheidkunige Kring een laatste voordracht vóór de zomerslaap op vrijdag 25 mei 2007. De titel van de historische voordracht luidt: "Oudenaarde aan zee. De rol van de heren van Oudenaarde-Pamele bij de landschappelijke ontwikkeling van de kustvlakte in de middeleeuwen".
De spreker is Prof. Dr. Dries Tys (docent Materiële Cultuur en Archeologie Middeleeuwen en Nieuwe Tijd verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel) en dé autoriteit inzake de landschappelijke ontwikkeling van Kust-Vlaanderen. Ook Oudenaarde ligt hem nauw aan het hart: zo hielp hij ondermeer jarenlang mee op de archeologische site in Ename.
In tegenstelling tot eerder bericht gaat deze voordracht niet door op vrijdag 18 mei maar op vrijdag 25 mei 2007. De voordracht start om 19.30uur in de Polyvalente Zaal van de Abdij Maagdendale, waar ook het stadsarchief is gehuisvest (Maagdendale 13, 9700 Oudenaarde).
Na de lezing, die maximaal 2 uur duurt, wordt door de stad Oudenaarde in de cafetaria een gratis receptie aangeboden. Het stadsbestuur van Oudenaarde hoopt van harte u te mogen begroeten.
door Priscilla | Lezingen | Reacties (0)
17 mei 2007
Resten van Gallo-Romeinse villa blootgelegd in Merchtem
Op een perceel weidegrond achter het kerkhof in Merchtem heeft een archeologisch team de restanten van een Gallo-Romeinse villa en een bijgebouw blootgelegd. Op basis van het aangetroffen aardewerk kan de villa vermoedelijk gedateerd worden in het einde van de tweede eeuw en de eerste helft van de derde eeuw. Het archeologisch onderzoek liep normaal deze week ten einde, maar de gemeente wil de archeologen nu extra tijd geven.
Op vraag van het Agentschap R-O Vlaanderen werden tussen 2 en 15 mei zestig prospectiesleuven aangelegd op een terrein van ongeveer zes hectare, achter het kerkhof van Merchtem. Op het terrein wordt een nieuw sportcomplex gepland. Op twee uithoeken van de site werden sporen uit de Gallo-Romeinse periode aangetroffen. Het gaat om een gebouw van 38 bij 17 meter (villa), waarschijnlijk omgeven door een gracht. Het gebouw telt minstens 5 à 6 kamers en beschikt aan de zuidoost-zijde over een gaanderij afgezoomd door een zuilenrij. Zo'n 150 meter ten noorden van de villa sneed archeoloog Stephan Van Bellingen een tweede gebouw aan van ongeveer 32 bij 9 meter. Dit gebouw zou misschien een graanschuur kunnen zijn.
Archeoloog Van Bellingen vermoedt dat er ten westen van het binnenplein nog andere gebouwen aanwezig kunnen zijn. De uitbraaksporen van beide aangetroffen gebouwen bestaan uit kiezelbanen waarbinnen zeer veel dakpannen (tegulae en imbrices) werden gevonden. De vondst van een reeks vierkante tegels laat vermoeden dat de villa over een hypocaustum beschikte. Een eerste blik op het klassieke aardewerk (terra sigillata, vernist aardewerk, zeepwaar, dolia, mortaria, deksels, kruiken…) laat toe een datering in de tweede helft van de 2de eeuw en de eerste helft van de 3de eeuw voorop te stellen. Waarschijnlijk werd de villa door Germaanse stammen verwoest omstreeks het midden van de derde eeuw, net zoals de naburige villae van Jette en Wemmel.
Tijdens de volgende maanden zullen beide gebouwen wellicht integraal blootgelegd kunnen worden. Het overleg tussen de gemeente en de Vlaamse overheid hierover is momenteel nog aan de gang. Burgemeester Eddie De Block (Open VLD) is alleszins van plan om de onderzoekers extra tijd te gunnen. "Ik ga bij hoogdringendheid het schepencollege bijeen roepen om het contract van de archeologen te verlengen," vertelde hij eergisteren in het Laatste Nieuws. "Dit is een unieke vondst. We gaan nu advies vragen aan het provinciebestuur. Misschien kunnen we het sportcentrum uitbreiden met een cultuurhistorische site. We riskeren nu wel dat de bouw van het sportcentrum vertraging oploopt."
Meer info: Stephan Van Bellingen
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Derde Belle-Epoquefeest in Oostende
Op zondag 20 mei wordt in Oostende voor de derde maal een Belle-Epoquefeest georganiseerd. Met het feest wil de vzw Hippodroomwijk bewoners en bezoekers op een ludieke manier confronteren met het prachtige decor van de wijk. Op het programma staan geleide wandelingen, diverse bezoeken, een tentoonstelling over elixir en nog veel meer. Tijdens het feest vindt ook de uitreiking van 'Het Gouden Pand' plaats, een prijs voor het beste erfgoedproject in Oostende.
Om het Oostendse erfgoed ook positief in de kijker te laten komen, startte Dement Oostende met de uitreiking van 'Het Gouden Pand'. De bedoeling is hiermee renovatieprojecten die respect tonen voor het erfgoed, in de kijker te zetten. Vorig jaar werden uit een ruime voorselectie van gerenoveerde panden vijf genomineerden gekozen. Hieruit bepaalde een jury van externen onder voorzitterschap van Rik Torfs de woning in de Gentstraat 12 als de winnaar. Het Gouden Pand werd toen onder grote belangstelling uitgereikt in het unieke kader van theater/café De Illusie, dat ondertussen reeds werd afgebroken.
Dit jaar vindt de uitreiking plaats tijdens het Belle-Epoquefeest van de Hippodroomwijk op 20 mei. Voorzitter van de onafhankelijke jury, die bestaat uit leden van diverse socio-culturele verenigingen en architecten, zal ditmaal schrijver Eric de Kuyper zijn. De uitreiking start om 11 uur in de zaal van de Protestantse Kerk (Velodroomstraat 26, Oostende). Eerst is er een voorstelling over de werking van Dement Oostende, daarna worden de vijf genomineerden voorgesteld. Ten slotte zal Eric de Kuyper de winnaar van het Gouden Pand 2007 zal bekendmaken. Iedereen is welkom.
Foto: 'Le Châtelet' werd opgetrokken in de typische frivole architectuur uit de belle époque (Erf-goed.be)
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
16 mei 2007
Archeologisch onderzoek aan de Zandpoort in Herentals
De voorbije weken voerde het Studiebureau Monumentenzorg bvba in opdracht van de stad Herentals een kort archeologisch onderzoek uit aan de Zandpoort. Deze opgravingen gebeurden in het kader van de restauratie van de 14de-eeuwse Zandpoort, een overblijfsel van de oude stadsomwalling van Herentals. Het onderzoek bracht de contouren van de verdwenen resten van de poort aan het licht.
De Zandpoort werd in de 14de eeuw opgetrokken. Iconografische bronnen beeldden deze poort af als een gebouw met afgeronde gevel langs de veldzijde. In de 18de eeuw werd de poort echter grondig verbouwd en kreeg de poort een rechte gevel. Een deel van de poort verdween toen onder de grond. Toch bleef achter de nieuwe façade de aanzet van de afgeronde gevel zichtbaar.
Momenteel is de Zandpoort gerestaureerd en dient de herinrichting van de openbare ruimte nog te gebeuren. Gelijktijdig met de aanleg rond de poort, worden ook de wegen aangepakt. Nieuwe nutsleidingen worden in de ondergrond aangebracht en overal wordt een nieuw wegdek voorzien.

Het archeologisch onderzoek heeft de contouren van de verdwenen resten van de Zandpoort aan het licht gebracht. De funderingen bestaan hoofdzakelijk uit een vulwerk van ijzerzandsteen. Het parament bestaat uit kalkstenen blokken. Een aantal recentere leidingen hebben het bodemarchief echter al grondig verstoord.
Meer info: Caroline Vandegehuchte (0479/48.91.82)
Foto onder: Francois Van Nerum - Erf-goed.be
door Tijl | Opgravingen | Reacties (0)
Middeleeuws spektakel in Maaseik en Gent
Op zondag 20 mei organiseren de Musea Maaseik, in navolging van de prehistorische en Romeinse beleefdag, een middeleeuws spektakel. Van 12u tot 18u waan je je op de markt van Maaseik echt terug in de middeleeuwen. Dit weekend kan je ook in Gent terecht voor de eerste van vier middeleeuwse evocaties in het Gravensteen, georganiseerd door de Dienst Monumentenzorg in samenwerking met de vzw Gentsche Ghesellen.
Maaseik
De Orde van de Hagelanders en Rein-Art brengen de oude ambachten weer tot leven en in de schildknapenschool toveren de ridders van het Geheime Genootschap je in een mum van tijd om tot schildknaap, met je eigen maliënkolder en je zelfgemaakte schild. Na een militaire driloefening kan je dan meteen je vechtkunsten tonen in een echte ridderbattle. Als je daarbij verwondingen oploopt, kan je gelukkig terecht in de middeleeuwse apotheek, waar de apotheker je met zijn kruiden en zalfjes vast en zeker wel weer terug op de been krijgt. Je kan de beentjes daarna dan meteen losschudden op ons dansfestijn, waar dansers je inwijden in de middeleeuwse volksdans.
Zondag 20 mei van 12u tot 18u. Toegang gratis. Alle praktische informatie vind je op museamaaseik.be
Gent
Elk jaar organiseert de Dienst Monumentenzorg, in samenwerking met de vzw ‘Gentsche Ghesellen’, een aantal middeleeuwse evocaties op het Opperhof in het Gravensteen (Sint-Veerleplein 11, Gent). Op de binnenkoer worden tenten en ambachtsluifels gespannen en spelen zich dagelijkse middeleeuwse taferelen af zoals dans, muziek, koken, gevechten, enz.
Programma:
* weekend 19 en 20 mei 2007: Middeleeuwse spelletjes en ambachten
* weekend 30 juni en 1 juli 2007: Gastvrijheid en gastronomie, jagen en stropen
* weekend 18 en 19 augustus 2007: Oogst en oogstfeest
* weekend 1 en 2 september 2007: Vechten voor de Heilige Graal
De evenementen hebben telkens plaats van 10u tot 17u. Alle praktische informatie vind je op gent.be
Aansluitend artikel: "Modern Belgians return to the Middle Ages (9 april 2007)
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
15 mei 2007
Belgische archeologen ontdekken "Lascaux aan de Nijl"
Een Belgische archeologische missie, onder leiding van Dirk Huyge (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis), heeft in het Egyptische Qurta rotskunstsites van 15.000 jaar oud ontdekt. De rotstekeningen vormen zo de oudste gekende kunst in Egypte. Bovendien bewijzen de vondsten dat er sterke gelijkenissen zijn tussen de paleolithische tradities in Europa en de gelijktijdige kunstuitingen in Egypte. De archeologen noemen Qurta dan ook een heus "Lascaux aan de Nijl".
In februari startte de archeologische expeditie met een onderzoeksproject naar de rotskunst van Qurta. Deze sites bevinden zich op de oostelijke oever van de Nijl, langs de noordelijke rand van de Kom Ombo vlakte, ongeveer 40 km ten zuiden van Edfu en 15 km ten noorden van Kom Ombo. Naast KMKG-archeologen bestond het team uit wetenschappers van Yale University (USA), University of California Los Angeles (USA), Australian National University (Canberra, Australië), American University in Cairo (Egypte), en de Universiteit van Gent (België).
In 2004 voerde dezelfde expeditie al rotskunstonderzoek uit in de regio van el-Hosh. Dit onderzoek leidde tot de ontdekking van een intrigerende site, waar verschillende afbeeldingen werden gevonden van runderen, uitgevoerd in een naturalistische, Franco-Cantabrische, Lascaux-achtige stijl. Op basis van de patinering en de verwering van de rotstekeningen kon met zekerheid worden gesteld dat zij bijzonder oud zijn. Aangezien de afbeeldingen van el-Hosh vergelijkbaar zijn met rotstekeningen die in 1962-1963 door een Canadese archeologische expeditie werden ontdekt op de oostelijke Nijloever in de regio van Gebel Silsila, heeft de Belgische expeditie getracht deze rotstekeningen terug te vinden. In 2005 werden de sites gelokaliseerd vlakbij het dorp Qurta.
Een uitgebreide prospectie van de Nubische zandsteenheuvels, onmiddellijk ten oosten van het dorp Qurta, leidde tot de ontdekking van drie rotskunstsites, die respectievelijk Qurta I, II en III werden genoemd. Op elk van deze sites werden verschillende locaties, panelen en individuele figuren geïdentificeerd. In totaal zijn minstens 160 individuele figuren voorgesteld. De rotskunst van Qurta bestaat voornamelijk uit naturalistische voorstellingen van dieren, zowel ingehamerd als ingesneden. De meeste afbeeldingen stellen runderen voor, en in mindere mate vogels, nijlpaarden, gazellen en vissen. Bovendien zijn er (minstens) zeven uitermate gestileerde voorstellingen van menselijke figuurtjes (voorgesteld met erg geprononceerde billen, maar zonder verdere lichamelijke kenmerken).
Geen enkele van de voorgestelde dieren vertoont kenmerken van domesticatie. De runderen zijn dan ook zonder enige twijfel te definiëren als oerossen (wild vee). De rotskunst van Qurta verschilt aanzienlijk van de ‘klassieke’ predynastische rotskunst van het 4de millennium v. Chr. die gekend is uit honderden sites in de Nijlvallei en de aansluitende woestijnen in het oosten en het westen.
De Canadese expeditie ontdekte in de jaren zestig ook verschillende laatpaleolithische nederzettingen, waarvan de belangrijkste amper 150 à 200 m verwijderd is van de rotskunstsite Qurta I. Op deze paleolithische site werden verschillende fragmenten zandsteen gevonden waarop lineaire groeven waren in aangebracht; in één geval ging het om een aantal diepe, parallelle groeven. Dit bewijst dat de laatpaleolithische bewoners van de Kom Ombo vlakte gebruik maakten van de techniek om incisies aan te brengen in zandsteen. Deze en vergelijkbare sites worden vandaag toegeschreven aan de Ballanan-Silsiliaancultuur, die gedateerd wordt tussen 16.000 en 15.000 jaar oud.
De fauna van deze Ballanan-Silsiliaan en andere laatpaleolithische sites in de Kom Ombo vlakte suggereren een cultuur van vissers en jagers met een gemengde overlevingseconomie, die voor voedselvoorziening zowel op de rivier als op de woestijn was gericht. De fauna werd in hoofdzaak gekenmerkt door oerossen, nijlpaarden, waad- en duikvogels en sommige vissoorten. Deze fauna komt nagenoeg perfect overeen met de dierenvoorstellingen van de rotskunst van Qurta.
Er rest volgens de archeologen dan ook weinig twijfel dat de rotskunst van Qurta kan toegeschreven worden aan de Ballanan-Silsiliaancultuur of een gelijkaardige laatpaleolithische cultuurm en bijgevolg ongeveer 15.000 jaar oud is. Daarmee is het tot nu toe de oudste geregistreerde grafische activiteit in Egypte. Het verschaft bovendien duidelijk het bewijs dat in Afrika en meer bepaald in Egypte, prehistorische kunst aanwezig is die zowel op chronologisch als op esthetisch vlak sterke vergelijkingen vertoont met de grote paleolithische kunsttradities die al geruime tijd gekend zijn op het Europese continent.
Omwille van de hoeveelheid rotstekeningen die in Qurta aanwezig zijn en de extreme moeilijke condities voor het optekenen en registreren van de tekeningen – er moest op verschillende plaatsen stellingen gebouwd worden – is dit werk nog niet volledig afgerond. Een volgende campagne van de Belgische expeditie is voorzien voor het begin van 2008.
Meer info: Dirk Huyge
Bron en foto's: KMKG
door Tijl | Internationaal | Reacties (0)
Jobstudenten gezocht voor opgravingen in Leuven
Examino zoekt zes studenten archeologie of pas afgestudeerden die tijdens de zomervakantie als jobstudent willen werken op de site Barbarahof in Leuven. Geïnteresseerd? Stuur dan vóór 25 mei een mail naar examino@mac.com met je kandidatuur en een kort cv. Er zijn drie periodes, waarvoor telkens twee studenten worden gezocht: 2 tot 31 juli, 1 tot 31 augustus en 27 augustus tot 21 september.
Meer info: Wouter De Maeyer (0477/99.42.27)
door Tijl | Vacatures | Reacties (3)
Archeologie van de 'Groote Oorlog'
Morgen woensdag organiseert de Antwerpse Vereniging voor Romeinse Archeologie (AVRA) een lezing over 'Archeologie van de Groote Oorlog. Enkele Vlaamse voorbeelden'. De lezing wordt verzorgd door archeoloog Marc Dewilde van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE). Op basis van de ervaringen van verschillende jaren veldwerk zal Dewilde het specifieke karakter van het erfgoed en de archeologie van de Eerste Wereldoorlog bespreken.
Begin 2002 verzocht minister Paul Van Grembergen het Instituut voor het Archeologisch Patrimonium - inmiddels geherprofileerd tot het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed – om in het Ieperse "een archeologische prospectie met ingreep in de bodem" uit te voeren van het WO I - bodemarchief. Aanleiding was de mogelijke doortrekking van een autosnelweg doorheen het strijdtoneel van de Eerste Wereldoorlog en de controverse die ontstaan was over (de bewaringstoestand van) het bodemarchief.
Ineens kwamen allerlei vragen los. Is WO I - erfgoed eigenlijk wel archeologisch erfgoed? Hoe pakken we dit opgravingstechnisch aan? Waar vinden we de expertise om de opgravingsresultaten te duiden en de vondsten te identificeren? Hoe verzekeren we de veiligheid van het gravend personeel? Is veldkartering nuttig? Wat kan de rol zijn van geofysisch onderzoek? Dienen bepaalde terreinen beschermd te worden? Is een gedetailleerde inventaris wenselijk? De evaluatie van verschillende jaren veldwerk zal al enkele antwoorden aanreiken...
Praktisch: woensdag 16 mei om 20 u. UA-Stadscampus, lokaal R.004, Rodestraat 14, Antwerpen
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
14 mei 2007
Aanbesteding voor proefsleuvenonderzoek
Vandaag werd in het Bulletin der Aanbestedingen, een onderdeel van het Belgisch staatsblad, een publicatie gedaan voor een overheidsopdracht in opdracht van het Agentschap R-O Vlaanderen. Het betreft de vraag voor engagement om gedurende de tweede helft van 2007 een aantal prospecties met ingreep in de bodem uit te voeren in opdracht van het agentschap. Meer details vind je op deze pagina.
Contactpersoon: Katrien Van Iseghem, 02/553.16.18 (Agentschap R-O Vlaanderen)
door Tijl | Varia | Reacties (0)
Muziek in het Oude Nabije Oosten
Morgen dinsdag organiseert de onderzoekseenheid Nabije Oosten Studies van de K.U.Leuven een spreekbeurt door Th.J.H. Krispijn (docent Sumerologie Universiteit Leiden) over muziek in het Oude Nabije Oosten. Een intrigerende informatiebron is een kleitablet uit Ugarit waarop muzikale begeleiding bij een lied is genoteerd in spijkerschrift. Aan het eind van de lezing zal de spreker dit lied zelf uitvoeren onder begeleiding van een nagebouwde oudoosterse lier.
Dankzij opgravingen in Irak, Syrië, Palestina en Iran is tamelijk veel bekend over muziekinstrumenten en muziek in het Oude Nabije Oosten. De opgravers hebben veel afbeeldingen van instrumenten gevonden op zegels, terracotta's en reliëfs van ± 2700 tot 600 v. Chr., maar ook resten van de instrumenten zelf, zodat men die kan nabouwen. Een intrigerende informatiebron is een kleitablet uit Ugarit, waarop een gebedslied van een onvruchtbare vrouw met de muzikale begeleiding voor de lier genoteerd in spijkerschrift. Na jaren van onderzoek is men in staat deze tablet te laten 'klinken'.
Aan de hand van dia's zal de spreker een overzicht geven van wat er zoal bekend is over muziek, muzikanten en muziekinstrumenten in het Oude Nabije Oosten. Hij zal daarbij ook aandacht besteden aan de muziek van het Oude Israël. Aan het eind van de lezing zal de spreker het lied uit Ugarit zelf uitvoeren onder begeleiding van een nagebouwde oudoosterse lier.
Praktisch: dinsdag 15 mei om 20.00u in MSI 01.16
door Tijl | Lezingen | Reacties (3)
Colloquium Keltische beestenbende
Op zaterdag 2 juni 2007 zal de zeventiende editie van het Keltisch Colloquium plaatsvinden te Utrecht. Dit jaar is gekozen voor het thema 'Keltische beestenbende: Dieren in de Keltische wereld.' De lezingen zullen ingaan op een aantal fascinerende wijzen waarop het dier een rol speelt in de rijke voorstellingswereld(en) van de Kelten – van de ijzertijd tot de middeleeuwen, van het wereldlijke tot het religieuze en van het medium taal tot dat van beeld.
De sprekers op deze dag zijn:
Dimitri Boekhoorn (mythologie): "Dieren in de Keltische mythologie ."
Greta Anthoons (archeologie): "Paarden, ruiters en wagenmenners: symbolen van de aristocratie in de ijzertijd."
Jacqueline Borsje (literatuur): " Druïden, herten en woorden met bovennatuurlijke kracht. Omgaan met het kwaad in middeleeuws Ierland."
Paul Wackers (middeleeuwse literatuur en handschriften): "Dieren in middeleeuwse boeken ."
De voertaal is Nederlands. Het colloquium wordt mede mogelijk gemaakt door het Onderzoeksinstituut voor Geschiedenis en Cultuur (OGC) aan de Faculteit Letteren, Universiteit Utrecht.
Praktisch: zaterdag 2 juni 2007 van 11:00 – 17:00 in zaal 0.32, Drift 21 te Utrecht - plattegrond
Meer info en inschrijvingen: Stichting A.G. van Hamel voor Keltische studies
door Priscilla | Congressen | Reacties (0)
13 mei 2007
Resten van een Steen op site Barbarahof in Leuven
Sinds 23 april graven archeologen van het projectbureau Examino cvba op het site Barbarahof in de Leuvense binnenstad. In een tweede nieuwsbrief worden alvast de voorlopige resultaten gepresenteerd. Naast diverse bakstenen fundamenten, water- en beerputten, kuipen en afvalkuilen werd ook een imposante zandstenen muur aangetroffen, die wellicht tot een 13de-eeuws Steen behoorde.
Op 23 april startte het archeologisch onderzoek op het site Barbarahof. Het werk aan de palenwand was ondertussen ver genoeg gevorderd om een zone af te bakenen waar de archeologen van start konden gaan met hun opgraving. Tot 21 september 2007 hebben zij de tijd om het terrein te onderzoeken op sporen uit het verleden. Een kraan op rupsbanden startte met het afgraven van het terrein onder begeleiding van de archeologen. Tot nu toe werd op deze manier ongeveer de helft van het terrein open gelegd waarna de ploeg begon met het opkuisen van de blootgelegde muren, vloeren en andere sporen.
Het resultaat mag er in ieder geval zijn. Naast bakstenen funderingen van woningen, vier waterputten, tien beerputten (van een aantal is zelfs het gewelf nog bewaard), een kelder, verschillende kuipen en enkele afvalkuilen werd een imposante zandstenen muur aangetroffen die vermoedelijk te dateren is in de 13de eeuw. Verschillende laagjes aangestampte leem met zeer veel houtskool staan hiermee in verband en kunnen als vloerniveau geïnterpreteerd worden. Jammer genoeg zijn ze slechts gedeeltelijk bewaard. Verspreid op het terrein werden bovendien in de tuinlagen verschillende fragmenten 13de-eeuws Maaslands aardewerk aangetroffen. Waarschijnlijk zijn ze verspit uit onderliggende lagen.
Deze muur is waarschijnlijk een onderdeel van een Steen. In die periode werd er hoofdzakelijk met hout gebouwd. Een woning in bak- of natuursteen was een uitzondering en wordt daarom een Steen genoemd. Een vreemde constructie vormen enkele bak- en zandstenen muren die in bochten over het terrein kronkelen. Wat hiervan ooit de bedoeling was, is een raadsel. Hopelijk zal het verdere verloop van het onderzoek en speurwerk in het archief hier later meer duidelijkheid over verschaffen.
Externe link: tweede nieuwsbrief (Examino cvba)
Meer info: Examino cvba. Projectleider: Marjolein Deceuninck. Werfleider: Wouter De Maeyer (0477/99.42.27)
door Bart | Opgravingen | Reacties (0)
Collectie-Janssen naar Antwerpen?
Antwerpen stelt zich officieel kandidaat om de collectie precolumbiaanse kunst van Dora en Paul Janssen tentoon te stellen. De stukken zouden in het nieuwe Museum aan de Stroom (MAS), op het Eilandje, worden ondergebracht. Volgens het stadsbestuur reageerden in elk geval zowel Dora Janssen als minister Anciaux positief op het Antwerpse voorstel.
Het MAS zou pas in 2010 af zijn, maar vrijdag werd reeds de indeling van het nieuwe museum officieel voorgesteld. De collectie-Janssen zou een volledige verdieping krijgen. Verder zal ook plaats worden voorzien voor de collectie van het Etnografisch Museum, dat nu nog aan de Suikerrui gevestigd is. De stedelijke vastgoedcel AG Vespa zal onderzoeken wat met het gebouw van het Etnografisch Museum kan gebeuren. Hetzelfde geldt voor het gebouw van het museum Smidt van Gelder aan de Belgiëlei. Het wordt momenteel grondig gerenoveerd, maar vast staat dat het niet meer als museum zal dienen.
Bron: Belga - 11 mei 2007
door Bart | In de pers | Reacties (4)
12 mei 2007
Wandelen voor het verleden
Op zoek naar een uitdaging voor deze zomer? Dan kun je op 10 augustus samen met het Forum Vlaamse Archeologie (FVA) meestappen in de Dodentocht van Bornem. Met deze ludieke (sic) actie wil het FVA zijn werking een financieel duwtje in de rug geven. Als voorbereiding op de Dodentocht organiseert het FVA wandeldagen in de vijf Vlaamse provincies. De eerste wandeling vindt plaats op vrijdag 18 mei in de Uitkerkse Polders.
De 100km Dodentocht van Bornem bestaat sinds 1970 en heeft zich ontpopt tot één van de belangrijkste wandelhappenings van Europa, met meer dan 9000 deelnemers en zo’n 100.000 toeschouwers langsheen het hele parcours (doorheen de provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant).
De dodentocht is een collectieve ervaring met een gevoel voor samenhorigheid en solidariteit en dát past volgens het FVA ook perfect in haar eigen denkpiste: een deelname aan de dodentocht staat symbool voor de FVA-leuze "Samen werken aan een toekomst voor het verleden". Je hoeft geen archeoloog of lid van de vereniging te zijn om aan deze activiteit deel te nemen. Het FVA wil iedereen, die met de doelstellingen van de vereniging begaan is, oproepen om een steentje bij te dragen aan een toekomst voor het verleden.
Hoe kun je bijdragen aan deze steunactie?
1. Als sportieve wandelaar of deelnemer
2. Ondersteuning geven aan onze wandelaars
3. Sponsors zoeken
Enthousiast om op één of andere wijze jouw steentje bij te dragen voor een betere toekomst voor het verleden? Schrijf je dan snel in via www.f-v-a.be
In de aanloop van de Dodentocht organiseert het FVA wandeldagen in de vijf Vlaamse provincies. Een goede gelegenheid om het archeologische erfgoed van een streek te verkennen! De eerste Forumwandeling (25 km) vindt plaats op vrijdag 18 mei in de Uitkerkse polders (Blankenberge, West-Vlaanderen). Verzamelen om 12u45 aan de hoofdingang van het station van Blankenberge. De tweede Forumwandeling vindt plaats op 9 juni en voert langs de grens tussen Vlaams-Brabant en Limburg. Vertrek en aankomst te Landen.
Meer info www.f-v-a.be
door Tijl | Varia | Reacties (0)
Brussel maakt geld vrij voor Hotel Dewez
De Brusselse regering maakt ruim twee miljoen euro vrij voor de restauratie van het 18de-eeuwse Hotel Dewez, in de Lakensestraat in Brussel. Dat meldde Brussels staatssecretaris voor Monumenten en Landbouw Emir Kir (PS) deze week. Hotel Dewez werd eind 18de eeuw ingericht door architect Laurent-Benoit Dewez. Die drukte vooral zijn stempel op de neoclassicistische voorgevel van het huis.
Dewez was een van de meest markante persoonlijkheden van de klassieke Brabantse architectuur van de 18e eeuw. De subsidie van het gewest is goed voor 80 procent van de kosten voor de restauratie van de binnenkant van het gebouw. Daarin komt een museum over vrijmetselarij, een onderzoekscentrum en kantoren.
Het gaat om de laatste fase van de renovatie. Eerder was in 1998 al de hoofdgevel van het Hotel Dewez
