HomeKalenderForumContactLinks

Nieuw puzzelstukje Via Belgica ontdekt in Maastricht | Een Europees project: Kelemantia aan de Romeinse limes

18 oktober 2007

Dirk Van Mechelen beschermt dertien architectenwoningen

Dertien eigen woningen van belangrijke Vlaamse architecten worden voorlopig beschermd. Vlaams minister Dirk Van Mechelen heeft daarvoor de procedure ingezet. Hij moet binnen het jaar beslissen of de bescherming definitief wordt. Het gaat onder meer om de woningen van Fernand Brunfaut, Marc Dessauvage en bOb Van Reeth. De eigen woning is volgens de minister meestal typerend voor een bepaalde periode in de carrière van de architect of net een synthesemoment van een lange evolutie.

Moderne en hedendaagse architectuur én erfgoed worden doorgaans niet met mekaar geassocieerd. "Ten onrechte," vindt Van Mechelen. "Tijdens de voorbije editie van de Open Monumentendag werd in het kader van het centraal thema 'Wonen' reeds een opvallend aantal moderne en hedendaagse (sociale) woningen opengesteld voor het publiek. Ook tijdens de Dag van de Architectuur was die wisselwerking opvallend aanwezig. Ook daar konden we vaststellen dat heel wat historische panden een tweede of zelfs derde leven krijgen via een nieuwe hedendaagse invulling en een aanpassing aan de huidige comfort- en andere eisen. Tal van die ontwerpen zijn gerealiseerd door Vlaamse of internationale toparchitecten of -bureaus."

Minister Van Mechelen verwijst onder meer naar het stadsarchief van Antwerpen in het Sint-Felixpakhuis en de Modenatie in dezelfde stad. Of ook de Lamotsite in Mechelen, de Cultuurcampus Stam op de Bijloke-site in Gent, het Europacollege in Brugge, het Kursaal in Oostende,... allemaal gebouwen waar oud en nieuw met elkaar verbonden worden. "Tegelijkertijd is het belangrijk dat wordt geïnvesteerd in kwalitatieve, nieuwe ontwerpen," vult Van Mechelen aan.

Van Mechelen wil dan ook die wisselwerking tussen onroerend erfgoed en kwalitatieve architectuur vorm geven door een aantal gerichte thematische beschermingsdossiers. Als eerste werd de procedure voor de bescherming van 13 eigen woningen van architecten opgestart. De woningen worden voorlopig beschermd. Na een procedure van advies en openbaar onderzoek dient de minister binnen het jaar te beslissen of de beschermingen definitief worden. Concreet gaat om woningen van architecten die iets betekenen of betekend hebben in de Vlaamse, Belgische of zelfs internationale architectuurwereld en hun stempel drukten op een bepaalde periode. De eigen woning is daarbij meestal typerend voor een bepaalde periode in de carrière van de architect of net een synthesemoment van een lange evolutie.

"Hoewel de afgelopen decennia ad hoc of in het kader van andere dossiers, reeds een vijftigtal eigen woningen van architecten werden beschermd, ontbrak het vooralsnog aan een globale aanpak. Dankzij het thematisch-typologische beschermingsbeleid en een gestructureerde manier van werken, kunnen we nu een aantal 'missing links' wegwerken. De selectie van deze eerste reeks architectenwoningen gebeurde in nauw overleg met een expertengroep met mensen van de administratie en vertegenwoordigers van universiteiten en architectuurinstituten," stelt Dirk Van Mechelen.

De 13 geselecteerden zijn de eigen woningen van de architecten:

- Lode Wouters (Deurne, 1961) - Paul Neefs (Oud-Turnhout, 1965) en bOb Van Reeth (Mechelen, 1969) in de provincie Antwerpen
- Antoon Blanckaert (Aalst, 1932) - Juliaan Lampens (Eke, 1960) - Jean Van Den Bogaerde (Sint-Martens-Latem, 1966) en Pieter De Bruyne (Aalst, 1970) in de provincie Oost-Vlaanderen
- Willy Van Der Meeren (Tervuren, 1955-1956) en Fernand Brunfaut (Meise) in de provincie Vlaams-Brabant
- Peter Callebout (Nieuwpoort-Bad, 1956) - Axel Ghyssaert (Brugge, 1960) - Georges Vandenbussche (Tielt, 1960-1970) - Marc Dessauvage (Loppem, 1972-1980) in de provincie West-Vlaanderen

"Erfgoed wordt ten onrechte vaak enkel geassocieerd met eeuwenoude gebouwen. De bescherming van deze dertien woningen van architecten toont aan dat ook moderne en hedendaagse architectuur aan de eisen kunnen voldoen om als monument beschermd te worden. We moeten daar meer dan ooit oog voor hebben. Het is trouwens niet omdat gebouwen van recente datum zijn, dat ze zonder meer blijven staan. Tijdens de voorbereiding bleek immers dat een aantal woningen nog slechts uitsluitend uit de literatuur en archiefonderzoek bekend waren. Het is dan ook nodig dat we hier vanuit het beleidsdomein onroerend erfgoed volop aandacht aan besteden," weet minister Van Mechelen.

Bij het opstellen van de huidige selectie werd ook duidelijk dat inzake de 19de-eeuwse eigen woningen van architecten en de architectenwoningen uit het interbellum bijkomend onderzoek nodig is. Beschermingsvoorstellen voor woningen uit die periode zullen in een latere fase worden voorgelegd. De 13 woningen waarvoor nu reeds de procedure is ingezet, dateren grotendeels uit de periode na WOII.

Foto: de architectenwoning van Antoon Blanckaert in Aalst (red-het-modernisme.be). We zijn nog op zoek naar goede foto's van de nieuw beschermde architectenwoningen voor onze website Erf-goed.be. Bijdragen welkom op vlaamserfgoed@gmail.com.

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Reageer op dit bericht




Remember Me?

(you may use HTML tags for style)