HomeKalenderForumContactLinks

« november 2007 | januari 2008 »

29 december 2007

"Dendermonde heeft recht op een archeologische dienst"

Groen! Dendermonde protesteert in een open brief met klem tegen de afschaffing van het Dendermonds Archeologisch Team (DAT) en het nakende ontslag van de drie stadsarcheologen. De oppositiepartij vraagt dat het college van burgemeester en schepenen de beslissing zou herzien. Dat het afschaffen van de archeologische dienst zou leiden tot een besparing voor de stad, is volgens Groen! niet meer dan een dooddoener.

Groen! verwijst in de open brief naar enkele recente opgravingen om te bewijzen dat het team van archeologen de voorbije jaren zeer nuttig en wetenschappelijk goed onderbouwd werk heeft geleverd. "Met recht en reden kon het Stadsbestuur trots uitpakken met tentoonstellingen van een uitstekend niveau. Een aantal wetenschappelijke bijdragen dreigen nu echter te vervallen, terwijl ook de verdere afwikkeling van het gepresteerde werk in het gedrang komt," stelt Groen! "Het klinkt toch ironisch dat er weldra een kwaliteitsvolle 'archeologische kaart' zal zijn van Dendermonde, waarmee het stadsbestuur dan misschien zelfs fier zal uitpakken in de media, terwijl er op dat moment in datzelfde Dendermonde... geen enkele archeoloog meer in stadsdienst zal zijn!"

"Het is overduidelijk dat zonder onze stadsarcheologen dit al belangrijke materiaal voor de wetenschap in het algemeen en voor de vroegste geschiedenis van Dendermonde in het bijzonder reddeloos verloren zou geweest zijn," luidt het in de open brief. "Het verlies van dit patrimonium zou vooral te betreuren geweest zijn omdat de opgravingen ons onschatbare informatie hebben verschaft over de vroegste geschiedenis van onze stad. Wie er de licentiaatverhandeling van burgemeester Piet Buyse (historicus van opleiding, nvdr) op naleest, beseft pas goed hoe weinig gegevens er vroeger beschikbaar waren over het ontstaan van ons aller Dendermonde."

Volgens stadsarcheoloog Robby Vervoort is de beslissing van het stadsbestuur erg kortzichtig. "Deze maatregel zal zeker niet tot besparingen leiden. Door ons werk ontsnapt de stad aan heel wat procedures omdat we werk op voorhand kunnen uitvoeren bij bijvoorbeeld werkzaamheden, waar in de toekomst privébedrijven aan de slag moeten gaan," zei hij onlangs aan de Gazet van Antwerpen. Groen! voegt hieraan toe dat studies bewijzen dat cultuur ook op financieel vlak wel degelijk rendeert, ook al is dat niet altijd exact meetbaar: "Zo hebben bijvoorbeeld de meer dan 2000 bezoekers - toch een succes! - van de laatste archeologische tentoonstelling hier in Dendermonde direct of indirect ook wel wat geld achtergelaten."

Pikant detail: een van de schepenen in Dendermonde is Bart Van Malderen, die in 1997 als archeoloog afstudeerde aan de Gentse universiteit. Van Malderen zetelt bovendien sinds vorig jaar in het Vlaams Parlement. Ook op hem richt Groen! zijn pijlen: "Het minimum minimorum dat van hem verwacht mag worden, is toch enige solidariteit met en sociale bewogenheid over het lot van zijn verdienstelijke collega's, mede gezien de spijtig genoeg toch beperkte kansen op de arbeidsmarkt voor mensen met een diploma zoals het zijne."

Lees meer: de volledige open brief (pdf)

door Tijl | Varia | Reacties (4)

28 december 2007

Brussels Gewest steunt renovatie neogotische kerken

De Brusselse regering maakt 2,8 miljoen euro vrij voor de restauratie van delen van twee kerken: het koor van de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Laken en de Sint Antonius van Paduakerk in Etterbeek. De eerste fase van de werken aan de Lakense kerk, het grootste neogotische bouwwerk in België, werd eind vorig jaar al afgerond. Het Brusselse Gewest neemt voor de restauratie van beide kerken telkens tachtig procent van de kosten voor zijn rekening.

De Onze-Lieve-Vrouwekerk in Laken, een neogotisch gebouw van de hand van architect Poelaert, staat al een hele tijd in de steigers. Tijdens de eerste fase van de restauratie, die eind 2006 afgerond werd, kregen de voorgevel en de drie torens een grondige opknapbeurt. In een tweede fase werden afgelopen jaar de daken en de zijgevels gerenoveerd. Het einde van de renovatiewerken zou voorzien zijn voor 2012.

De eveneens in neogotische stijl opgerichtte Sint Antonius van Paduakerk in Etterbeek werd gebouwd door de Nederlander Pieter-Jozef Cuypers is beschermd 2003.

Bron: brusselnieuws.be

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Leve het religieus archief!

Het beheren van een religieus archief is een hele uitdaging. Hoe onderhoud je een kerkarchief? Hoe begin je aan een inventaris? Wat zijn de regels voor een verantwoord archiefbeheer? De Erfgoedcel Sint-Truiden organiseert op 26 januari 2008 een studiedag die je meeneemt in de geheimen van het religieuze archiefbeheer aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden. Je krijgt tips voor de concrete aanpak van jouw archief.

Eind 2006 startte de Erfgoedcel Sint-Truiden een project rond het inventariseren en in kaart brengen van Sint-Truidense religieuze archieven. De bestaande informatie over deze archieven was versnipperd, vaak ontoereikend en een overzicht ervan ontbrak. Daarom schakelde de erfgoedcel de hulp in van Patrick Van den Nieuwenhof, zelfstandig archiefconsulent, om de archieven van kerkfabrieken, kloosters, moskeeën, tempels... op Sint-Truidens grondgebied in kaart te brengen. Het resultaat mag gezien worden en zal tijdens de studiedag voor het eerst aan het grote publiek worden getoond. Daarnaast worden ook de resultaten van de testcase rond het ontsluiten van het kerkarchief van de deelgemeente Aalst voorgesteld.

Programma

9u30: Onthaal met koffie en gebak
10u00: Welkomstwoord door schepen Els Sneijers Inleiding: religieus Sint-Truiden Het religieuze cultureel erfgoed is in Sint-Truiden indrukwekkend aanwezig. Zowel het roerend, immaterieel als onroerend patrimonium getuigen van een rijke geschiedenis. Deze geschiedenis wordt mee bewaard in de talrijke archieven. Erfgoedcel Sint-Truiden
10u15: Religieuze archieven in Sint-Truiden: wie, wat, waar en hoe? De archiefkaart 'religieuze archieven in Sint-Truiden' geeft een overzicht van de verschillende religieuze archiefvormers: wie zijn ze? wat doen ze? waar en hoe bewaren ze hun archieven? De archiefkaart wordt voor het eerst voorgesteld aan het grote publiek. Patrick Van den Nieuwenhof
11u00: Het DiBIKAV-project: een digitale inventaris van het religieus archief in Vlaanderen en Brussel Voorstelling en stand van zaken van het project via de enquêtering en de invoer van religieuze archieven in ODIS/Archiefbank Vlaanderen Kristien Suenens (FoKAV)
11u45: Vragenronde
12u00: Broodjeslunch
13u00: Kerkfabriek en parochie: de 'do's' en 'don'ts' van een verantwoord archiefbeheer Alles wat een archiefbeheerder zou moeten weten: Uitleg bij de wetgeving op archieven van kerkfabrieken en parochies en enkele nuttige tips voor het beheer, de conservatie en de inventarisatie van dit materiaal. Voorstelling van de ondersteuning die het FoKAV en het Rijksarchief aan kerkfabrieken en parochies aanbiedt. Jürgen Vanhoutte (FoKAV)
13u45: Aan de slag met parochiearchief! Workshop: zelf aan de slag met archiefstukken Caroline Vleugels (FoKAV)
15u00: Koffie en gebak
15u15: Exclusief bezoek achter de schermen van het historisch stadsarchief van Sint-Truiden door de nieuwe stadsarchivaris Thierry Ghys.
16u00: Kerkarchief Aalst: Het erfgoedproject Kerkarchief Aalst kende op erfgoeddag 2007 zijn grote publieksmoment. Tegelijkertijd werd er gewerkt aan een publicatie en aan een databank voor archiefinventarisatie voor Sint-Truiden. Patrick Van den Nieuwenhof
16u30: Afsluiting

Deze studiedag is een gezamenlijke organisatie van de Erfgoedcel Sint-Truiden, het Forum Kerkelijke Archieven (FoKAV) en het Rijksarchief Hasselt. Met de steun van de stad Sint-Truiden en de Vlaamse Gemeenschap.

Praktisch: de deelname aan deze studiedag is gratis. Koffie en broodjesmaaltijd worden door de erfgoedcel aangeboden. Inschrijven is verplicht voor 19 januari 2008. Dat kan telefonisch op 011/70.18.30 of via e-mail, met vermelding van het aantal deelnemende personen.

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

27 december 2007

Vauban en de Ieperse vestingen

Het stadsarchief van Ieper pakt momenteel uit met een tentoonstelling over de befaamde vestingbouwer Sebastien le Prestre de Vauban, die exact driehonderd jaar geleden overleed. Het stadsarchief stelt niet alleen zijn unieke collectie kaarten en plannen tentoon, maar gaat ook dieper in op de reusachtige bouw van de vesten en het militaire voordeel daarvan voor het Franse leger. De tentoonstelling 'Vauban en de Ieperse vestingen' loopt nog tot 26 januari 2008.

Vauban werd geboren in 1633. Toen hij 20 jaar was, werd hij opgemerkt door Kardinaal Mazarin die hem overtuigde om zich in dienst te stellen van de koning. Op 22-jarige leeftijd werd Vauban reeds "ingénieur militaire responsable des fortifications". Tussen 1653 en 1659 nam hij deel aan 14 belegeringen en werd hierbij diverse malen gewond. Vanaf 1662 gaf koning Lodewijk XIV hem de opdracht om steden en legerplaatsen te versterken, te beginnen met Duinkerken en Lille, steden die Vauban in slechts negen dagen tijd had ingenomen. Dankzij deze belegeringen is Vauban een mythische figuur geworden in de Franse militaire geschiedenis. Vauban heeft een zeer groot aantal verdedigingswerken gecreëerd of verbeterd die samen een echte linie vormden langs de grenzen uit die tijd.

Veel van deze versterkingen zijn tot op de dag van vandaag bewaard gebleven. Denken we bijvoorbeeld aan de citadel in Rijsel en aan de vestingen in Maubeuge en Grevelingen. Maar ook in Ieper herkennen we bijzonder veel tastbare elementen van Vaubans werk. Driehonderd jaar geleden stierf Vauban en als vestingstad laat Ieper deze gebeurtenis niet zomaar voorbij gaan. Daarom organiseert het Stadsarchief een tentoonstelling die de mythische vestingbouwer terug tot leven wekt...

Praktisch: de tentoonstelling loopt tot en met 26 januari 2008 in het stadsarchief (Langemeersstraat 9, Ieper). Zaterdag van 9u tot 12u., dinsdag tot vrijdag van 9u tot 12u en van 13.30u tot 18u. Zondag en maandag gesloten.

door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)

210.000 euro voor restauratie Brusselse Brigittinenkerk

Het Brussels Gewest stopt 210.000 euro in de restauratie van de Brigittinenkerk in Brussel. De gevels en daken van de kerk zijn dringend aan een opknapbeurt toe. De Brigittinenkerk werd in de 17de eeuw gebouwd. Sinds het eind van de 18de eeuw wordt het gebouw niet meer als kerk gebruikt. Het werd een opslagplaats voor bier en hout en diende zelfs als balzaal. Eerder dit jaar nog kreeg de kerk een moderne 'dubbelganger', een creatie van de Italiaanse architect Andrea Bruno.

Deze barokkerk werd ingewijd in 1672 en is het enige overblijfsel van het Brigittinenklooster dat in 1652 op deze plaats gebouwd werd. De kerk beleefde talrijke veranderingen in de loop der tijden (vernietiging van de torens tijdens de bombardementen in 1695, verwijderen van de gewelven en ontmanteling van de binnenkant, vervanging van de lokale witte steen door Massangisstenen, tegels in blauwe steen). Herhaaldelijk hersteld en aangewend voor uiteenlopende functies, dient deze kerk met een enkele beuk en rijkversierde puntgevel nu als schouwburg en tentoonstellingszaal. Sinds 1953 is de kerk beschermd als monument.

Eerder dit jaar nog kreeg de Brigittinenkerk een 'dubbelganger', een creatie van de Italiaanse architect Andrea Bruno. Het nieuwe gebouw vormt een hedendaags antwoord op de oude kerk, met eenzelfde vorm, eenzelfde hoogte en een gelijkaardige allure, maar van een grote architecturale kwaliteit. De gevel is bekleed met verroest cortenstaal. De oude en nieuwe 'kerk' zijn verbonden met een transparante traphal. Bruno is in heel Europa bekend om zijn omgang met beschermd erfgoed. Zo restaureerde hij het Palazzo di Rivoli in Turijn en tekende hij voor de reconstructie van de beroemde brug van Mostar in Bosnië - Herzegovina.

Foto: Erf-goed.be
Bron: brusselnieuws.be

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

"Belangrijk manuscript dreigt uit Vlaanderen te verdwijnen"

Een klein jaar na de verkoop van het Gruuthuse-handschrift aan Nederland dreigt volgens het weekblad Knack opnieuw een belangrijk manuscript uit Vlaanderen te verdwijnen. Geen enkele Belgische culturele instelling zou het Middelnederlandse handschrift 'Antifonarium Tsgrooten' willen kopen. Volgens Knack zou het aankoopdossier al geruime tijd bij minister Anciaux (spirit) liggen. "Van dat verhaal klopt relatief weinig," reageerde een woordvoerder van Anciaux vanavond.

In februari ontstond in culturele en academische kringen commotie nadat bleek dat het wereldberoemde Middelnederlandse Gruuthuse-handschrift, met de tekst van onder meer het overbekende Egidius waer bestu bleven - tot dan in het bezit van een Brugse adellijke familie - voor een fors bedrag was aangekocht door de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Eerder had de familie het manuscript voor een veel lagere prijs, aangeboden aan de Koninklijke Bibliotheek in Brussel maar de instelling botste volgens Knack op een gebrek aan belangstelling bij de politieke verantwoordelijken die het nodige aankoopbudget moesten vrijmaken.

Die pijnlijke geschiedenis dreigt zich nu te herhalen, stelt hoofdredacteur Rik Van Cauwelaert vandaag op de Knack-website. "Onlangs bood de Belgische prinselijke familie De Mérode het al even befaamde Antifonarium Tsgrooten via een Brusselse antiquaar te koop aan bij Belgische culturele instellingen, waaronder de Koninklijke Bibliotheek in Brussel. Het Antifonarium zou een uitzonderlijk manuscript zijn, met 42 prachtige miniaturen en 21 gehistorieerde initialen, dat rond 1500 werd vervaardigd door de Leuvense scribent Franciscus van Weert in opdracht van Antonius Tsgrooten (1460-1530), abt van de abdij van Tongerlo. Experts bestempelen het Antifonarium volgens als een schitterend voorbeeld van de Brabantse kunst in de 16de eeuw."

Twee handschriften van dezelfde herkomst bevinden zich in de British Library. Volgens experts zou dit voor de Belgische of Vlaamse instellingen de laatste kans om een manuscript te verwerven uit de reeks die destijds in opdracht van abt Tsgrooten werd vervaardigd. De familie De Mérode zou het Antifonarium bij de Belgische instellingen te koop aanbieden voor 400.000 euro. Kenners verzekeren dat het manuscript op internationale veilingen in Londen en New York een veelvoud van dat bedrag kan halen. Het aankoopdossier ligt volgens Knack al geruime tijd bij Vlaams minister van Cultuur Bert Anciaux (Spirit). Omdat het antwoord uitblijft, zal het Antifonarium begin volgend jaar naar Londen worden overgebracht, waar het wellicht door Christie's zal worden geveild.

Pascal Ennaert, raadgever erfgoedbeleid van minister Bert Anciaux, ontkende in een reactie dat het dossier al geruime tijd ligt "te composteren" op het bureau van de minister. Zo is de Vlaamse overheid zelf nooit door de verkopers op de hoogte gebracht. "Het is dankzij het proactief handelen van onze administratie dat wij op de hoogte zijn gebracht van het dossier," zegt Anciaux zelf. Hij benadrukt dat er momenteel een wetenschappelijk onderzoek loopt naar de kunsthistorische waarde van het werk. Op basis daarvan wordt beslist of de Vlaamse overheid kandidaat-koper is. Adviseur Ennaert wijst er trouwens op dat het dossier niet definitief is afgevoerd bij de Nationale Bibliotheek. Anciaux is intussen allesbehalve opgezet met de perceptie dat de Vlaamse overheid weinig of geen inspanningen zou doen om topstukken uit het Vlaamse erfgoed in Vlaanderen te houden. "Het tegengestelde is waar. Zo voorzien we ook in de toekomst nog meer middelen voor het erfgoedbeleid."

Bron: knack.be - Belga

door Tijl | Beleid | Reacties (1)

26 december 2007

Ambachtslui gezocht voor tweede Dag van de Ambachten

Op 17 februari 2008 vindt de tweede editie van de Dag van de Ambachten plaats. De eerste editie van deze nationale ambachtendag, in oktober 2006, kon op heel wat belangstelling rekenen. Ongeveer 400 ambachtslui - die 50 verschillende beroepen vertegenwoordigden - namen toen deel, en meer dan 50.000 bezoekers kregen de gelegenheid hen te ontmoeten. Wil jij dit jaar ook deelnemen? Schrijf je dan in voor 31 december.

Wat is de Dag van de Ambachten?

De dag van de Ambachten wordt georganiseerd door de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie, op initiatief van de minister van Middenstand en Landbouw. Het is de bedoeling de ambachten in België te promoten. De ambachtslui krijgen de mogelijkheid hun deuren een hele dag open te stellen voor het brede publiek en hun kennis en passie voor een ambachtelijk beroep met hen te delen. De bezoekers kunnen de dag op twee manieren indelen: op basis van een lijst die vanaf 14 januari 2008 zal beschikbaar zijn (op www.dagvandeambachten.be en in de pers), kunnen ze kiezen welke ambachtslui ze wensen te ontmoeten en/of kunnen ze de "routes" volgen die 2 tot 5 ambachtslui van eenzelfde regio of een specifieke sector hebben uitgestippeld.

Hoe kunnen ambachtslui zich inschrijven voor deze dag?

Om aan de dag te kunnen deelnemen, moeten de ambachtslui voldoen aan bepaalde criteria en bereid zijn de deuren van hun werkplaats open te stellen om de bezoekers een demonstratie, animatie of een geleid bezoek voor te stellen zodat die meer vernemen over hun ambacht. Het inschrijvingsformulier (voor 31 december 2007 in te vullen) en de gedetailleerde criteria zijn beschikbaar op inschrijving.dagvandeambachten.be of kunnen via e-mail aangevraagd worden. De inschrijving voor en de deelname aan die dag zijn gratis. Door hun aanwezigheid genieten de ambachtslui van een nationale communicatiecampagne om het succes van hun deelname en de aanwezigheid van een talrijk publiek in hun werkplaatsen op 17 februari 2008 te verzekeren.

Meer info: www.dagvandeambachten.be

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

Akkerprospecties in Zondereigen

Sinds 2004 prospecteren leden van de heemkundige werkgroep Zondereigen de plaatselijke akkers. Zondereigen is een parochie, deels gelegen op het grondgebied van de gemeenten Baarle-Hertog en Merksplas (provincie Antwerpen). Het archeologisch project werd door het archeologisch adviesbureau RAAP opgestart in het kader van een ruilverkavelingonderzoek. Het project zit intussen duidelijk op kruissnelheid. De vele vondsten vanaf het middenpaleolithicum tot en met de late middeleeuwen getuigen daarvan.

Na het eindrapport van Bart Robberechts werd het onderzoek vanaf 2005 verder gezet door Herman Janssen en Leo Dufraing, die zich beiden ontpopten als gedreven vrijetijdsarcheologen. Zij laten zich bij hun zoektochten begeleiden door beroepsarcheologen, werkzaam bij het Vlaams Instituur voor het Onroerend Erfgoed (VIOE), de Katholieke Universiteit van Leuven (KUL), Bilan Tilburg en de Archeologische Dienst van de Antwerpse Kempen (ADAK Turnhout). Dozen vol met vuurstenen en potscherven werden in 2007 van de akkers geraapt, goed voor... 1.204 vondsten. De voorbije drie jaar werden er meer dan 2.500 stuks verzameld. Nu het resultaat van de determinaties bekend is, blikken we even terug op een archeologisch topjaar.

Steentijd
Tot hiertoe zijn in Zondereigen 108 steentijdsites ontdekt en de meeste werden gedurende meerdere periodes bewoond. Heel wat van die sites bevinden zich op de flank van de dekzandrug nabij het riviertje de Noordermark. Een andere concentratie situeert zich bovenop het Kempisch plateau, vlakbij het Moer.

Tijdens het middenpaleolithicum was Zondereigen nog schaars bevolkt. De ontdekking van drie nieuwe vindplaatsen brengt het totaal op zeven. Het vondstenaantal uit die periode bedraagt negenenzestig stuks, tot vorig jaar waren er dat nog maar vier. Op de Gelse Bergen hebben Neanderthalers gedurende langere tijd hun kamp opgeslagen. Tot de vondsten aldaar behoren o.a. een boordschrabber (foto links), een Levallois afslag en een Levallois kern.


Zondereigen telt twee Federmesser kampplaatsen, naast een zevental (misschien) eerder toevallige vindplaatsen uit het epipaleolithicum. Op de Baarlebrugse Beemden werden o.a. drie schrabbers, een afgeknotte afslag en een kling (foto rechts) gevonden. Verder noteerden we in 2007 een buitengewoon grote oogst aan mesolithisch materiaal, ca. honderd objecten. Uit het neolithicum werden zeven fragmenten van gepolijste bijltjes verzameld.

Het afgelopen jaar werden maar liefst 533 steentijdvondsten genoteerd. Zo leverde een versgeploegde wei vlakbij de Noordermark meteen vijfendertig vuursteenvondsten op. Het totaal aantal kernen werd zowat verdubbeld dankzij tweeëndertig nieuwe vondsten. Onze collectie telt er nu eenenzestig. Tot slot kunnen we nog negenenvijftig klingen, dertien schrabbers, vijf pijlpunten en zevenentwintig andere werktuigen vermelden onder de vondsten.

Metaaltijden tot late middeleeuwen
De collectie scherven werd in 2007 eveneens flink uitgebreid. Het aantal van de akkers geraapte potscherven uit de metaaltijden tot en met de late middeleeuwen bedraagt 671 stuks. Dat is bijna zoveel als de drie vorige jaar samen. Maar dit hoge aantal is vooral terug te voeren op één opmerkelijke vindplaats. Op een akker van de Ginhovense Velden werden dit jaar namelijk 443 kogelpotscherven uit de 10de tot de 11de eeuw opgeraapt. In 2006 waren op deze plaats al 192 vondsten. Deze ongewoon grote aantallen roepen vraagtekens op. Was op deze plaats een pottenbakker actief? Een pottenbakkersatelier uit de volle middeleeuwen is voor zover bekend nog niet teruggevonden in onze omgeving.

Eén van de meest opvallende vondsten in 2007 was een scherf uit de late bronstijd tot ijzertijd. Die vind je in de Kempen zelden door middel van akkerprospectie omdat ze zich meestal onder een plaggendek bevinden. Eveneens werd een fragment (foto boven links) van een vijfribben armband gevonden, het glazen kleinood dateert uit de late ijzertijd.

In de omgeving van de Noordermark zijn weer een veertigtal Romeinse en vroegmiddeleeuwse scherven gevonden. Er is in Zondereigen ook voor het eerst handgevormd aardewerk uit Elmpt aangetroffen. Net als Paffrath aardewerk heeft Elmpter aardewerk een schilferige, bladerdeegachtige structuur. Nog een opmerkelijke vondst is de 'baardman' (foto rechts). Er waren al fragmenten van baardmankruiken aangetroffen, deze keer hebben we het typerende gezicht gevonden waarnaar de kruiken genoemd worden.


Studenten gezocht!
Voor wie op zoek is naar een onderwerp voor een studie of thesis, biedt het Zondereigens project de volgende jaren een heel bijzondere uitdaging. De mogelijkheden zijn legio en variëren van het op kaart zetten van de vindplaatsen tot het trekken van conclusies. Van assistentie bij het onderzoek op een middenpaleolithische site door professor Philip Van Peer (K.U.Leuven) tot het onderzoek van een mogelijke woonplaats van een pottenbakker uit de volle middeleeuwen. Of wat dacht je van de studie over de samenwerking tussen professionele en vrijetijdsarcheologen. Het afgelopen jaar gingen de buren van heemkundekring Merksplas eveneens met akkerprospecties van start, werden in Hoogstraten gelijkaardige plannen gesmeed en besteedde de overkoepelende heemkundige organisatie (Gouw Antwerpen) de nodige aandacht aan het project.

Tot slot wordt gedacht aan de realisatie van een archeologisch leerpad langs de Noordermark, in samenwerking met de gemeente Baarle-Hertog en de VLM (in het kader van de geplande ruilverkaveling). Daartoe zal het verband tussen het landschap en de site beschreven worden. Bij ons weten bestaat er nergens anders een wandelpad dat op een dergelijke schaal (van steentijd tot late middeleeuwen) de archeologie met het landschap in verband brengt. Bovendien bevindt het beschreven archeologisch erfgoed zich nog altijd in situ. Ook plaatselijke legendes kunnen verwerkt worden in dit educatief project. Mede daarom wordt getracht om de Vossenberg (een afgegraven middeleeuwse motte) terug zichtbaar te maken in het landschap.

De akkerprospectie in Zondereigen heeft mooie resultaten opgeleverd en de heemkundekring heeft nog mooie projecten op stapel staan voor de toekomst. Wie hieraan wil meewerken of meer informatie wenst kan contact opnemen met Herman Janssen.

Aansluitend artikel: Zondereigen: de best geprospecteerde zone van Vlaanderen? (24 februari 2006)

door Priscilla | Opgravingen | Reacties (0)

25 december 2007

Waas zilver nog tot 6 januari in Sterckshof

Nog tot 6 januari 2008 loopt in het Zilvermuseum Sterckshof een historische tentoonstelling over edelsmeden uit het Land van Waas van ca. 1700 tot 1869. Bijna 200 voorwerpen en documenten leiden je door 169 jaar Waas zilver, van barok tot Louis XVI en van empire tot neobarok. Van glad bestek tot een twee meter hoge processietroon en schitterend gegraveerde zilveren geschenken voor de Wase primussen aan de Leuvense universiteit.

De vroegste sporen van edelsmeden in het Land van Waas dateren van rond 1700. Het gaat echter om zeldzame getuigenissen, aangezien Antwerpen en Gent de stedelijke ambachten tot halverwege de 18de eeuw angstvallig in hun greep hielden en zo de ontwikkeling op het platteland remmen. De vroege Wase edelsmeden waren dan ook aan geen enkele keurkamer gebonden en dus in feite 'illegaal' aan het werk. Rond 1749-1750 echter trad er een duidelijke kentering op. Verschillende edelsmeden slaagden erin zich te registreren, en konden vanaf dan als meester-zilversmid buiten de grote stedelijke centra aan het werk, waaronder het Land van Waas. Hun werken moesten echter in niets onderdoen voor die van de grote steden.

Voor de eerste maal zijn absolute topstukken van zilverwerk uit Beveren, Lokeren, Rupelmonde, Sint-Niklaas en Temse samen te bewonderen. Bijna 200 voorwerpen en documenten leiden je door 169 jaar Waas zilver, van barok tot Louis XVI en van empire tot neobarok. Een brede waaier van gedegen, maar vaak onbekend vakmanschap. Van glad bestek tot een twee meter hoge processietroon en schitterend gegraveerde zilveren geschenken voor de Wase primussen aan de Leuvense universiteit.

Praktisch: De tentoonstelling 'Waas Zilver' loopt nog tot 6 januari 2008 in het Zilvermuseum Sterckshof (Deurne). Openingsuren: open dinsdag tot zondag van 10 tot 17.30 uur; gesloten op maandag, op 25 en 26 december 2007, 1 en 2 januari 2008. Prijs: 6 euro / 4 euro per persoon.
Externe link: www.zilvermuseum.be

door Bart | Tentoonstellingen | Reacties (0)

24 december 2007

Beschermde Bareldonkkapel in Berlare grondig gerenoveerd

De restauratie van de eeuwenoude Bareldonkkapel aan het Donkmeer in Berlare is voltooid en dat werd afgelopen weekend gevierd. Bij deze gelegenheid werd ook een boekje over de geschiedenis van de kapel voorgesteld, dat gebaseerd is op de verhandeling van kunsthistorica Romanie De Troeyer. Hieruit blijkt dat de kapel wellicht één van de oudste gebouwen van Berlare is. Uit een document in het rijksarchief in Doornik zou blijken dat er al in 1302 een kapel op Bareldonk bestond.

De Bareldonkkapel is gewijd aan Onze Lieve Vrouw van Zeven Smarten en krijgt vooral in de meimaand heel wat bedevaarders en toeristen over de vloer. De kapel is ook een geliefkoosde plek voor jonge ouders om hun kind te laten dopen. De kapel stond er de laatste jaren echter nogal verkommerd bij en een renovatie was meer dan nodig. Drie jaar geleden werd de kapel opnieuw geschilderd en grondig beschermd tegen vocht. Intussen werd er ook een nieuwe verwarming aangelegd. In een laatste fase werd nu het interieur van de kapel gerestaureerd. Omdat de kapel een beschermd monument is, gebeurde deze restauratie met toezicht van het Agentschap R-O Vlaanderen.

"Al wat er in de kapel niet thuishoorde, zoals enkel pleisteren profielen, hebben we eruit verwijderd zodat we een overzicht kregen van wat er nog over bleef van het interieur van de kapel van voor de vroegere renovatie," zegt voorzitter van de kerkfabriek Paul Poppe vandaag in Het Nieuwsblad. "Dit was eigenlijk niet veel maar met behulp van foto's van vroeger hebben we interieur van de kapel opnieuw eenvoudig maar stijlvol gemaakt."

Verder werden de elektriciteit en de verlichting vernieuwd en werd de sacristie aangepast aan de noden van deze tijd. De binnenmuren van kapel werden beschilderd en de zitbanken vervangen door stoelen. "De voltooiing van de restauratie mag een welgekomen aanleiding zijn om, de traditie indachtig, 'de troosteres der bedrukten' op te zoeken aan de groene boord van de oude Schelde, om tot rust en vertroosting te komen," benadrukte pastoorproost Marc Van Steen.

Tijdens de viering werd ook het boekje 'Geschiedenis van de Bareldonkkapel' voorgesteld, een verkorte versie van de licentiaatsverhandeling van kunsthistorica Romanie De Troeyer. Het werk wordt onder impuls van de kerkfabriek door de Heem- en Oudheidkundige Kring van Berlare uitgegeven.

Praktisch: het boekje van 64 pagina's is verkrijgbaar bij de Heem- en Oudheidkundige Kring Berlare, Dorp 96, 9290 Berlare door 11 euro over te schrijven op rekening 737-2031563-38 met vermelding 'Kapel Bareldonk'.
Foto: Romanie De Troeyer - Erf-goed.be
Bron: Het Nieuwsblad - 24 december 2007

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

23 december 2007

Archaeologia Medievalis 2008: call for papers

Het colloquium Archaeologia Mediaevalis zal in 2008 over twee dagen gespreid worden, met name van vrijdag 21 tot zaterdag 22 maart 2008. Het colloquium vindt dit jaar plaats in de Moulins de Beez in Namen. Naast lezingen wordt er ook dit jaar weer ruimte ter beschikking gesteld voor de voorstelling van posters. Wenst u een korte lezing te geven of een poster te brengen over uw werkzaamheden in 2007, dan kunt u dat laten weten aan Liliane Henderickx (MRW).

Net als elk jaar worden de kroniek "Archaeologia Mediaevalis 2007" en de bijhorende bibliografie samengesteld. U wordt vriendelijk verzocht om uw teksten over onderzoek, studies of algemene vragen in verband met archeologie en/of bouwarcheologie en tevens uw publicatielijst door te sturen. Deze kroniekteksten moeten een beknopte samenvatting vormen en bevatten geen voetnoten of bibliografie. De tekst bevindt zich in een Word-document getiteld "uw naam.doc" zonder paginaopmaak. De in de tekst in te voegen figuren (enkel in tiff, jpeg, ai of eps-formaat) zijn genummerd en worden in een apart dossier opgestuurd; de legende bevindt zich in een tweede Word-document getiteld "uw naam_legendes.doc".

Praktisch: Gelieve uw teksten en voorstel tot voordracht en/of poster zo snel mogelijk door te mailen naar Lliane Henderickx. Gezien het aantal bijdragen elk jaar gestaag groeit, zullen de organisatoren u bevestigen indien uw voordracht en/of poster aanvaard werd.

door Tijl | Congressen | Reacties (0)

Vijfde middeleeuws winterevenement 'Stella de Dunis'

Op donderdag 27 december vindt voor de vijfde keer het middeleeuws winterevenement 'Stella de Dunis' plaats in het Abdijmuseum Ten Duinen 1138 in Koksijde. Tussen 14 en 18 uur is er voor jong en oud doorlopend animatie in en rond het abdijmuseum. Ook leer je hoe een archeoloog te werk gaat. Kortom, alles om een koude winternamiddag tussen kerst en nieuw origineel in te vullen. Het volledige programma van deze familiehappening kun je nalezen op de e-flyer (pdf).

door Tijl | Evenementen | Reacties (0)

22 december 2007

Eenheid Prehistorische Archeologie legt wervingsreserve aan

De Eenheid Prehistorische Archeologie (K.U.Leuven) is op zoek naar archeologen die in de loop van 2008 op projectmatige basis willen werken. Kandidaten dienen in het bezit te zijn van een diploma (licentiaat) in de archeologie. Voldoende aantoonbare veldervaring, in het bijzonder in proefsleuven- en/of steentijdonderzoek is een pluspunt. Geïnteresseerden kunnen een sollicitatiebrief en cv doorsturen via e-mail of per post naar: Eenheid Prehistorische Archeologie, Celestijnenlaan 200E - bus 2409, 3000 Leuven.

door Tijl | Vacatures | Reacties (0)

Grauwpleister met voegenimitatie voor Gentse Sint-Niklaaskerk

De zijgevel van de Gentse Sint-Niklaaskerk, aan de zijde van Klein Turkije, liet enkele weken weer zijn ware gelaat zien en dat was voor veel Gentenaren even slikken. De werfcommissie ging bij de restauratie evenwel niet over één nacht ijs. De voorbije jaren heeft een heel team van architecten, historici en ingenieurs zich beraden over de restauratieaanpak. Uit onderzoek bleek dat de gevel oorspronkelijk was afgewerkt met grauwpleister met voegenimitatie.

Het begon allemaal bij de afbraak van de schoorstenen van de vroegere huisjes, die tegen de zijgevel van de kerk waren aangebouwd. Daar werden stukken grauwpleister teruggevonden met een witte voegenschildering, die samenviel met de onderliggende voegverdeling van de natuursteen. Doch ook op grote partijen bakstenen invullingen tussen de afgetopte wimbergen (puntvormige kapelgevels) kwam deze afwerkingstechniek voor. Het was de restaurateurs al eerder opgevallen dat in het natuursteenwerk soms stroken baksteen zaten ingewerkt, blijkbaar om de hardsteenblokken plaatselijk op gelijke hoogte te brengen. Hoogst verwonderlijk dus dat men dergelijke materiaalverschillen zonder meer zichtbaar zou laten.

Deze grauwpleistertechniek met voegenimitatie moet dus verklaard worden vanuit de wens om de gevelopbouw met onregelmatige voegen te idealiseren. Een techniek die volgens het sporenonderzoek werd gebruikt van bij de bouw rond 1200 tot in het midden van de 17de eeuw. De zaagmachines van vandaag leveren perfect gekantrechte blokken af, maar acht eeuwen geleden moest men met primitieve werktuigen de blokken klieven en werden de grootste oneffenheden weggebikt. Met de grauwpleister, die was opgebouwd uit gemalen kalksteen, werden de grootste oneffenheden uitgevuld tot een licht gestructureerd oppervlak. Van onze mooi gezaagde blokken kon men toen slechts dromen.

Het oorspronkelijke restauratieontwerp voorzag een reconstructie van de wimbergen, compleet met fraai gebeeldhouwde hogels (gotische siermotieven in rijen) op de schuine kapellijsten. De raamschoten waren voorzien om verlaagd te worden; deze waren immers onderaan tot op een derde van hun hoogte dichtgemetseld en gaven de huisjes een achterwand. De hardstenen onderverdelingen of maaswerken werden stijlanaloog ingevuld, want er waren geen afbeeldingen of archeologische sporen van hun oorspronkelijk uitzicht. Eigenlijk bouwde dit voorstel verder op de restauratieaanpak van het koor. Eerder een reconstructiemodel dus. Het lessenaarsdak dat de bovenlichten goeddeels aan het oog onttrok, werd al bij de restauratie van de middenbeuk verwijderd.

De bouwfysische toestand van de kerk was in de 17de eeuw ronduit desastreus te noemen: het triforium en de bovenlichten waren dichtgemetseld. De kapeluitbouwen werden afgetopt, de driehoeken ertussen opgevuld met baksteen en het geheel werd met een horizontale daklijst en bakgoot tot een moderne lijstgevel herschapen. Modern in die zin dat ook in de burgerlijke bouwkunst lijstgevels met de nok evenwijdig met de straat opgang maakten. Metalen ramen vervingen de maaswerken; de raambruggen waren nog in een zeer goede staat en getuigen van hoogwaardige smeedkunst.

De ontdekking van de grauwpleister en de kwaliteit van de metalen raamindelingen hebben tot de huidge restauratieoptie geleid. Het is heel waarschijnlijk dat dit een traditionele afwerkingsmethode was van gevels in Doornikse kalksteen. Ze wijkt af van ons vertrouwd beeld van zichtbare natuursteen en ons verwachtingspatroon, maar is bouwhistorisch correct. En daar was het het restauratieteam om te doen.

Bron: Stad Gent
Foto's: Bart De Graeve (Erf-goed.be) - Stad Gent

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

21 december 2007

Van A[lbast] tot Z[ink]

Het Brugse Gruuthusepaleis, een onderdeel van het stadshistorische Bruggemuseum, ondergaat sinds enige tijd een grondige facelift. Het exterieur wordt onder handen genomen volgens een uitgebreid restauratieplan. In afwachting van de tweede fase van de restauratie, zijn vanaf nu topstukken uit de eigen verzameling te zien: wandtapijten, zilver, kant, keramiek en nog veel meer. Deze opstelling kreeg de titel 'Van A[lbast] tot Z[ink]' wegens de diversiteit aan materialen en objecten.

Na lange jaren wachten - het restauratiedossier dateert al van in de jaren 90 - werd in 2006 begonnen met de reiniging en restauratie van daken en gevels van het Bruggemuseum-Gruuthuse. De stellingen verdwenen weer van 1 september 2006 tot 1 maart 2007 om de door een ruim publiek gesmaakte tentoonstelling 'Geloof & Geluk' - met veel internationale bruiklenen - op een veilige manier te kunnen organiseren. Vanaf maart 2007 tot enkele weken geleden stond Gruuthuse opnieuw in de steigers.

Tijdens de restauratiewerken bleek het gebouw in veel slechtere staat dan gedacht, waardoor het restauratiebudget niet toeliet om de restauratie volledig uit te voeren. Alhoewel het gebouw er nu opnieuw zeer mooi uitziet, kon o.m. de hoognodige vernieuwing van alle lood in de glas-inloodramen in deze fase niet gebeuren. Ook de volledige gevel aan de kant van de Reie werd niet aangepakt. De uitvoering van de verdere restauratiewerken kan nog meerdere jaren op zich laten wachten.

Het Bruggemuseum-Gruuthuse werd daarom tijdelijk ingericht met een selectie van topstukken uit eigen verzameling. Deze situeert zich op de volledige gelijkvloerse verdieping van Gruuthuse en in één zaal op de eerste verdieping. Hierdoor zal ook de 15de-eeuwse bidkapel toegankelijk blijven. De Gruuthusecollectie vindt haar oorsprong in het oudheidkundige genootschap opgericht in 1865. Deze Sociéte Archéologique de Bruges, met bekende oprichters als Guido Gezelle en James Weale, had tot doel voorwerpen te verzamelen over het verleden van Brugge en Vlaanderen.

Hun collectie werd in 1955 aan de stad Brugge overgedragen en sindsdien overwegend uitgebreid met toegepaste kunst. De topstukken in de tentoonstelling willen ook die diversiteit benadrukken. De zalen focussen op de religieuze sculptuur, liturgische objecten, religieus en burgerlijk edelsmeedwerk, wandtapijten, keramiek en zo veel meer. Voor het eerst sinds jaren wordt in Gruuthuse ook een beperkte keuze aan historische kant getoond, zowel met religieuze inslag als van burgerlijke origine.

Naast het tentoonstellen van topstukken, wil het Bruggemuseum deze kans ook benutten om zijn concept en meerjarenplanning aan het publiek te duiden. Een stadshistorisch museum op verschillende locaties is geen evidente keuze en een grote uitdaging. In de tentoonstelling 'Van A(lbast) tot Z(ink)' staat dan ook in elke zaal één locatie van het Bruggemuseum in de kijker met een karakteristiek object uit de collectie dat in de toekomst op die locatie tentoongesteld zal worden.

Externe link: Musea Brugge
Foto: Bart De Graeve - Erf-goed.be

door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)

Van digitale foto's naar 3D-model

Graag herinneren we nog even aan de hands-on training rond ARC3D, die het Europese netwerk EPOCH van 4 tot 8 februari in Kortrijk organiseert. Deze software werd specifiek ontwikkeld voor de digitalisatie van cultureel erfgoed en landschappen en wordt gratis aan erfgoedinstellingen ter beschikking gesteld. Ze stelt de gebruiker in staat om op eenvoudige wijze 3D-modellen van hoge kwaliteit te genereren uit een set digitale fotos. Inschrijven kost slechts 50 euro, en kan nog tot 15 januari.

EPOCH is een vierjarig 'European Network of Excellence' waarin een honderdtal partners de krachten bundelen om het gebruik van ICT binnen cultureel erfgoed te promoten en te verbeteren. Deze partners bestaan uit universiteiten, onderzoekscentra, erfgoedinstellingen, en commerciële bedrijven. Eén van de belangrijke resultaten van EPOCH is het nieuwe expertisenetwerk 'her-IT-age.net' dat als koepelorganisatie lokale expertisecentra op het vlak van cultureel erfgoed en ICT zal aansturen en promoten. Op deze manier zal het de link maken tussen lokale bedrijven, creative industries, lokale erfgoedinstellingen, onderzoeksgroepen en beleidsmakers. Eén van de belangrijkste pijlers van her-IT-age.net is het geven van trainingen aan zowel gespecialiseerde bedrijven als aan erfgoedwerkers binnen de sector.

De ARC3D software stelt de gebruiker in staat om op eenvoudige wijze 3D-modellen van hoge kwaliteit te genereren uit een set digitale fotos. Deze software werd specifiek ontwikkeld door de K.U.Leuven voor de digitalisatie van cultureel erfgoed en landschappen en wordt gratis aan erfgoedinstellingen ter beschikking gesteld. De gebruiker wordt door middel van een hands-on klassikale training ingewijd in de volledige workflow van digitale foto's tot het finale, presenteerbare 3D model. De cursisten leren hoe ze de digitale opnames moeten maken, hoe ze deze moeten uploaden, de resultaten verwerken, samenvoegen en afwerken tot een finaal bruikbaar 3D model.

Deze internationale training voor gevorderden wordt gegeven in het Engels. Ze vindt plaats in de trainingslokalen van de afdeling Digital Arts and Entertainment van de HOWEST te Kortrijk, dit van 4 tot 8 februari 2008. De kandidaten worden geacht een basiskennis te hebben van 3D, computer graphics en digitale fotografie. Ook wordt aan de cursisten gevraagd een korte omschrijving te formuleren waarom ze deze cursus zouden willen volgen en waarvoor ze deze tools zouden willen gebruiken. Deze omschrijving kan gebruikt worden voor selectie gezien het aantal cursisten beperkt is tot 25.

Praktisch: De training kost 50 euro, koffiepauzes en broodjeslunch zijn inbegrepen. Elke cursist dient een eigen laptop en digitaal fototoestel met USB uitgang te hebben. De laptop heeft P4 processor of equivalent, min 1GB RAM en muis met scrollwheel. Inschrijven kan tot en met 15 januari op onderstaande coördinaten :

Hilde Delange
EPOCH her-IT-age.net secretariaat

Visual Dimension bvba
Lijnwaadmarkt 47
9700 Ename
tel 055 30 31 08
fax 055 30 31 04

door Tijl | Varia | Reacties (0)

Eerste bewijs voor grootschalige bronsproductie in Lage Landen

Het Limburgs Museum in Venlo (Nederland) heeft gisteren een bijzondere archeologische vondst voorgesteld. Voor het eerst in Nederland - maar ook in België en het Duitse Rijnland - zijn de restanten gevonden van een smidse uit de Bronstijd. De grote hoeveelheid brons maakt duidelijk dat er ter plaatse bijlen werden geproduceerd en omgesmolten. Tot nu toe werd altijd aangenomen dat bronzen gereedschap alleen op heel kleine schaal door een soort bijklussende boeren werd gemaakt.

Het materiaal, een grote hoeveelheid bronzen gebruiksvoorwerpen en brokken brons, werd al aan het eind van de jaren zeventig ontdekt bij een ontgronding in Midden-Limburg. De vinder kon de archeologische betekenis ervan niet inschatten, en zo bleven de vondsten meer dan een kwart eeuw op een zolder liggen. Een archeoloog die de stukken onlangs onder ogen kreeg, lichtte het museum in.

Het gaat om negentig gebroken bronzen werktuigen en wapens die gereed waren om te worden omgesmolten. Maar het meest bijzonder waren de ruwe bronzen brokken. Ze blijken afkomstig te zijn van een eerdere smelting van bronsschroot en afkomstig uit een prehistorische 'hoogoven'. Dergelijke sporen van bronsbewerking ontbraken tot deze ontdekking geheel. De vondsten in Midden-Limburg veranderen in één klap het traditionele beeld dat archeologen hadden van de inheemse bronsproductie en -bewerking.

Uit de Late Bronstijd (ongeveer 1000 voor Christus) zijn vondsten van lokaal gefabriceerde bronzen werktuigen algemeen bekend. Zeer zeldzaam zijn de sporen van bronsbewerking, zoals gietproppen en een enkele gietmal. Op grond van die gegevens was tot nu toe de gedachte dat het om een zeer kleinschalige productie ging. De Midden-Lmburgse vondst verandert deze visie radicaal. De nu teruggevonden hoeveelheid omgesmolten brons en voorwerpen gereed om te worden omgesmolten, wijzen op de fabricage van tientallen werktuigen. Die moeten over een groot gebied verspreid zijn geraakt.

De komende jaren wordt de vindplaats van het brons verder onderzocht. "Mogelijk ligt er een hele vesting uit de Bronstijd," stellen de conservatoren. De exacte plek is overigens niet bekend omdat de vinder is overleden. Het museum wil de naam van de vinder en de locatie waar het brons in Midden-Limburg lag niet openbaar maken uit angst dat gelukszoekers het gebied gaan uitkammen. Eén van de onderzoeksvragen is de vraag waarom het materiaal destijds is achtergebleven. De resten van bijlen, zwaarden en lansen zijn nog tot en met 16 maart in het Limburgs Museum te zien. Daarna gaat het museum verder met onderzoek van het materiaal.

Bron: De Limburger
Foto: Limburgs Museum Venlo

door Tijl | Internationaal | Reacties (0)

20 december 2007

Monumentenwacht zoekt versterking

Monumentenwacht Vlaanderen vzw is dringend op zoek naar een deeltijdse directie-manager voor Monumentenwacht Vlaams-Brabant (standplaats Leuven). Solliciteren kan tot 15 januari. De vereniging is tevens op zoek naar een halftijds administratief medewerker voor Monumentenwacht Limburg en een halftijds administratief medewerker voor de hoofdzetel in Antwerpen. Solliciteren voor deze functies kan tot 11 januari. De volledige vacatures vind je op monumentenwacht.be.

door Johan | Vacatures | Reacties (0)

Romeinendag op 19 april 2008 in Brussel: call for papers

Romeinendag_2008bis.jpgDe Romeinendag 2008 vindt plaats op zaterdag 19 april 2008 op de campus van de ULB te Brussel. Met bijgevoegd formulier kunt U zich inschrijven voor de presentatie van een lezing of een poster. Gelieve het ingevulde formulier vóór 15 januari 2008 per email of post op te sturen naar Claire Massart, Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Jubelpark 10, 1000 Brussel.

U kunt het formulier hier downloaden (Word-document).

door Johan | Congressen | Reacties (0)

19 december 2007

Vacature Senior Prospector/Archeoloog bij EcoSelect

EcoSelect logoEcoSelect zoekt voor een adviesbureau in de provincie Nederlands Limburg een Senior Prospector / Archeoloog. EcoSelect brengt organisaties en werkzoekenden uit de milieusector bij elkaar, dus ook archeologische vacatures komen voor in hun aanbod. Inmiddels heeft het bedrijf al meer dan 10 jaar ervaring op de Nederlandse arbeidsmarkt. Met de oprichting van EcoSelect Vlaanderen kan men zich nu ook focussen op de aanwerving van Belgische milieuspecialisten.

Beknopte vacatureomschrijving:

Solliciatieprofiel:

Praktische informatie:

Stuur je persoonlijke cv op naar EcoSelect of neem contact op met Caroline Dreezen op volgend telefoonnummer: 0474/620997.

Meer info en andere vacatures zijn te vinden op de website van EcoSelect.

door Philip | Vacatures | Reacties (0)

Vacature voor projectmedewerker (m/v) erfgoedcel Mijnerfgoed

De erfgoedcel Mijnerfgoed is op zoek naar een projectmedewerker historisch onderzoek "memorabele wedstrijden in de mijnstreek" voor een project van 9 maanden. De kandidaat voert wetenschappelijk onderzoek uit rond dit thema in samenwerking met o.a. musea en heemkringen... Hij/zij staat ook in voor het schrijf- en redactiewerk van de te verschijnen publicatie. Een diploma master/licentiaat in de humane wetenschappen is een vereiste.

Download hier de volledige sollicitatie.

door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)

Beeldbank Waasland heeft primeur met erfgoed-e-cards

Met de feestdagen in aantocht lanceert de Beeldbank Waasland de erfgoed-e-card, een primeur voor de beeldbanken. De e-card is een leuke manier om jouw wensen over te brengen en tegelijk het Wase erfgoed te promoten. Er is keuze uit afbeeldingen van de Bibliotheca Wasiana, van het Stadsarchief Sint-Niklaas, van de gemeente Beveren en de gemeente Zwijndrecht, van Heemkundige Kring De Kluize uit Sint-Gillis-Waas en Heemkundige Kring Braem uit Elversele.

De e-cards kunnen verstuurd worden vanaf de website beeldbankwaasland.be aan maximum vijf bestemmelingen tegelijk.

Er zijn verschillende onderwerpen beschikbaar: dorps- en stadsgezichten, verliefde jonge vrouwen aan de piano, beelden van de Schelde in Zwijndrecht, beelden van kussende brandweerlui, aapjes en engelen uit Sint-Niklaas, ijspret op de slotgracht rond kasteel Cortewalle (foto), wafelkramen, ballonvaarten, kermissen en feestvieringen na de Tweede Wereldoorlog, ...

De website van Beeldbank Waasland heeft nog een nieuwigheid gekregen. Via de commentaarfunctie kan informatie over de afbeeldingen achtergelaten worden. Hiermee hopen de Beeldbankpartners meer informatie te vergaren over sommige beelden.

Externe link: Beeldbank Waasland
Bron: Waaskrant

door Tijl | Varia | Reacties (0)

18 december 2007

Groot archeologisch onderzoek begonnen in Nederlands-Limburg

Archeologen zijn in Itteren (Nederlands-Limburg) begonnen aan een van de grootste opgravingsprojecten ooit in Nederland. De archeologen verwachten veel belangrijke vondsten in het Maasdal, waar na hun werk op grote schaal ontgrindingen in het kader van het project Grensmaas plaatsvinden. De opgravingen zullen vijf miljoen euro kosten, betaald uit de grindopbrengsten van het Grensmaasproject.

Dat maakten onderzoekers van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) vandaag bekend op een persbijeenkomst in Holtum.

De opgravingen concentreren zich vooral rond Borgharen en Itteren, maar ook rond de noordelijker gelegen oude Maasgeulen. Daar verwachten de onderzoekers veel scheepsresten aan te treffen. Bij een eerste onderzoek zijn zij in Itteren gestuit op de resten van een nederzetting uit de ijzertijd van rond 500 voor Christus. Ook is in Borgharen in een graf het skelet van een Romeinse soldaat gevonden. In het graf lagen ook het zwaard en de gesp van de krijger. Op de gesp stond de naam van de man: Bobo.

De opgravingen gaan 5 miljoen euro kosten, betaald uit de grindopbrengsten van het Grensmaasproject. Daarbij wordt 55 miljoen ton grind gebaggerd ter beveiliging tegen overstromingen van de Maas. Ellen Vreenegoor van de RACM zei veel van het onderzoek te verwachten, omdat het Maasdal nog steeds een nagenoeg witte vlek op de archeologische kaart is. De archeologen verwachten resten van schepen, bruggen, steigers en visvoorzieningen uit de ijzer- en Romeinse tijd te vinden, evenals bewoningsresten, villa's en grafvelden. Het totale archeologische onderzoek duurt vijftien jaar.

Externe link: De Maaswerken
Foto: nederzettingssporen bij Borgharen (RACM)

door Tijl | Internationaal | Reacties (6)

Gezonde architectuur. Anderhalve eeuw moderne hospitaalbouw in Gent

Op donderdag 20 december geeft professor Luc Verpoest (K.U.Leuven) in het Anatomisch Instituut van De Bijloke Muziekcentrum Gent een lezing over anderhalve eeuw moderne hospitaalbouw in Gent. De site van het Bijlokehospitaal is dé unieke getuige van bijna acht eeuwen hospitaalgeschiedenis in Gent. Deze lezing maakt deel uit van het tentoonstellings-, kunsten- en erfgoedproject 'Ziek. Tussen lichaam en geest'.

Gent heeft bijna acht eeuwen hospitaalgeschiedenis. De site van het Bijlokehospitaal is dé unieke getuige hiervan, in het bijzonder ook van de ontwikkeling van de ziekenhuisbouw in de tweede helft van de negentiende eeuw, naar het ontwerp van architecten-ingenieurs Adolphe Pauli (1820-1895) en Louis Cloquet (1849-1920). Twee grote hospitaalcomplexen aan de rand van de stad vormen dan weer het architectuurhistorische begin- en eindpunt van deze ontwikkeling, van historiserend naar modern: het Guislaingesticht (1853-1876) van Adolphe Pauli, in nauwe samenwerking met dr. Josef Guislain (1797-1860), en het Academisch Ziekenhuis (1932-1970), naar een ontwerp van Henry van de Velde (1863-1957) en het zogenaamde College van Architecten voor het Academisch Ziekenhuis (CAVAZ).

Luc Verpoest is hoofddocent in het Departement Architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ordening (ASRO) van de K.U.leuven. Hij is onder meer specialist in de theorie en de geschiedenis van de monumentenzorg, in de architectuurgeschiedenis van de 19de en 20ste eeuw, meer bepaald de neogotische beweging (België in de internationale context, 1830-1914) en in architectuurtijdschriften in België in de 19de en 20ste eeuw.

Praktisch: de lezing vindt plaats op donderdag 20 december om 20 uur in het Anatomisch Instituut van de Bijloke Muziekcentrum Gent. Toegang: 2,5 euro. Reserveren kan via tickets@debijloke.be.
Foto: Bart De Graeve - Erf-goed.be

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

17 december 2007

Lijvige stadsgeschiedenis van Deinze voltooid

Vrijdag werd in het Kasteel van Ooidonk de lijvige publicatie 'Het platteland en de dorpen in Deinze' voorgesteld, meteen het sluitstuk van de driedelige 'Geschiedenis van Deinze'. Het boek schetst de ontwikkeling van de Deinse dorpen van hun allereerste bewoning meer dan 4000 jaar geleden tot aan het begin van de 21ste eeuw. Ook verschillende archeologen, onder wie Luc Bauters, Jean Bourgeois, Philippe Crombé, Marc Meganck en David Vanhee, droegen hun steentje bij.

Met dit derde deel wordt de nieuwe 'Geschiedenis van Deinze' afgerond, als resultaat van een geslaagd samenspel van professionele historici en een groep enthousiaste leden van de Kring voor Geschiedenis en Kunst van Deinze en de Leiestreek. Een driekoppige hoofdredactie, de Gentse hoogleraren Walter Prevenier, Romain Van Eenoo en Erik Thoen, deed opnieuw beroep op een schare van deskundigen op de meest uiteenlopende terreinen. Niet enkel de traditionele onderwerpen van politiek, instellingen, cultuur en godsdienst komen aan bod maar ook de diverse facetten van de actuele geschiedschrijving zoals landschap en landbouw, zieken- en armenzorg, migratie, seksualiteit en familieleven.

Ongeveer 4000 jaar geleden kwamen de eerste bewoners in de Leiestreek aan. Deze landbouwers zetten prompt het natuurlandschap naar hun hand door te wonen op de hoger gelegen droge oevergronden en hun vee te laten grazen in de natte beekzones. Vanaf de 13de eeuw stabiliseerde het Deinse deel van Zandig Vlaanderen tot een commerciële overlevingseconomie. In de jaren 1880 evolueerde het dan tot een moderne marktlandbouw, tegelijk met een groei van veeteelt en industriële activiteiten, van scheepswerven tot steenbakkerijen en brouwerijen.

De bevolking groeide van 1730 bewoners in de tien dorpen in 1469 tot het vijfvoud rond 1800. In het ancien régime zat 17 % van de bevolking onder de armoedegrens; toch waren er in diverse dorpen vroedvrouwen en chirurgijnen voorhanden. In de crisisjaren 1840 startte de plattelandsvlucht, die pas in de jaren 1960 omgebogen werd, doordat wonen op het platteland toen opnieuw als positief werd ervaren. Inzake misdaad domineerden vóór 1800 geweldsmisdrijven, terwijl dat tijdens de hongersnoodjaren 1840 omsloeg naar vermogensdelicten; in de rustige jaren, tot 1914, stonden opnieuw verbale en fysieke geweldplegingen centraal.

De Leiestreek werd ca. 630 gechristianiseerd door de H. Amandus, die dan ook patroonheilige werd in Astene en Zeveren. In de late middeleeuwen leunden deze kleine parochies dicht tegen het onleefbare aan, en liet de zielenzorg te wensen over. In de 16de eeuw vond het protestants gedachtengoed fors ingang, en het katholiek herstel door de contrareformatorische geestelijken was een lange lijdensweg. In de 19de eeuw vestigde zich veelal een rimpelloos bondgenootschap tussen de pastoors en de lokale sociale elite. Doch naar 1900 toe moedigde de Kerk, tegen het oprukkend socialisme in, de creatie aan van sociale werken, boerenbonden en ziekenbeurzen.

Op het vlak van politiek en instellingen was de situatie in het ancien régime onwaarschijnlijk chaotisch: drie hoofdstukken leggen glashelder uit onder welke heerlijkheden, rechtsorganen en fiscale systemen de dorpsbewoners ressorteerden. Tot en met de Eerste Wereldoorlog domineerden enkele notabele families het politieke leven in elk der dorpen. De uitbreiding van het stemrecht doorbrak dit monopolie, al bleven alle lijsten ook daarna overwegend katholiek, en speelden de conflicten zich af tussen gelijkgestemden. In beide wereldoorlogen ontwikkelde zich snel na de inval een sterk anti-Duits vijandbeeld, een gevolg van het gebruiken van burgers als levend schild en het fusilleren van onschuldige dorpelingen.

In de meeste dorpen ontbraken, tot 1842, scholen, zodat eind 18de eeuw slechts 53 % der mannen geletterd was. Het toneelleven kende weliswaar in de 17de eeuw, en in de Hollandse tijd, een zekere bloei. Maar tot het eind der 19de eeuw was er nergens een dorpsbibliotheek. Georganiseerde culturele activiteiten startten vanaf de jaren 1840 met fanfares en zangkoren, en na de Eerste Wereldoorlog ook met toneel en poëzie. Van de vele Romaanse kerkjes die er in de middeleeuwen geweest zijn, blijven slechts schaarse resten over. Ze sneuvelden in de 19de eeuw voor kerkgebouwen in diverse neostijlen. Een heerlijk verblijf, zoals Ooidonk (foto rechts), klimt wellicht op tot de 8ste eeuw, maar werd fors verbouwd in Renaissancestijl vanaf 1595, en in de 19de eeuw in neogotische en neo-Renaissance stijl.

Praktisch: 'Het platteland en de dorpen in Deinze' (Geschiedenis van Deinze - Deel 3) telt 746 pagina's en kost 49 euro. Je vindt een bestelformulier in deze folder (pdf)
Foto's: Erf-goed.be. Sint-Amanduskerk in Zeveren (Tijl Vereenooghe) - Kasteel van Ooidonk (David Vanhee).

door Tijl | Publicaties | Reacties (0)

Kasteelruïne Roosendael wordt vergaderruimte

Europa, Vlaanderen en de provincie Antwerpen hebben bijna 941.000 euro veil voor de restauratie van de kasteelruïne en de herinrichting van het park in domein Roosendael in Sint-Katelijne-Waver. Van de kasteelruïne blijft enkel de kelder over die ingericht wordt als vergaderruimte. De muren, die bij archeologische opgravingen werden blootgelegd, worden niet heropgebouwd. Om ze te conserveren, worden ze overwelfd met glas

Het Provinciaal Management Comité selecteerde dertien projecten op het platteland die in de volgende zes jaar extra steun krijgen. In totaal is ruim 2,2 miljoen euro vrijgemaakt om te investeren in de promotie van het Antwerpse platteland. Vzw Kempens Landschap, die instaat voor het beheer van domein Roosendael, vroeg en kreeg een mooi deel van de subsidiepot.

"We hebben al heel wat verwezenlijkt op het domein," zegt Paul Van Schoors, voorzitter van de vzw Roosendael, vandaag in Het Nieuwsblad. "Het vorige project was de restauratie van het koetshuis en het poortgebouw. We staan nog voor twee grote investeringen."

De restauratie van de kasteelruïne, het oude abdissenkwartier, zou al in maart kunnen starten. Archeologen hebben hier de voorbije jaren hun hart kunnen ophalen, er waren zelfs archeologische kampen voor jongeren. De oude vloer is voorlopig opgebroken voor de opgravingen. "De muren die zijn blootgelegd, worden niet heropgebouwd," zegt Van Schoors. "Om ze te conserveren, worden ze overwelfd met glas. Bovenop komt een zwevende betonnen plaat waardoor de ruïne overdekt is en kan dienen als vergaderruimte."

"De herinrichting van het park is de tweede grote uitdaging," gaat Van Schoors verder. Langs de ene kant zijn nog duidelijk de geometrische figuren van de oude abdijtuin zichtbaar. Maar in de negentiende eeuw is het park heringericht als Engelse landschapstuin, met paadjes en romantische prieeltjes. "De twee tuininrichtingen overlappen elkaar maar zullen toch allebei herkenbaar moeten zijn in het nieuwe ontwerp," zegt Van Schoors. Het volledige domein van Roosendael is zeventien hectare groot. Jeugdverenigingen, scholen, bedrijven en families kunnen er terecht voor korte weekends, bezinningsdagen of seminaries.

Bron: Het Nieuwsblad - 17 december 2007
Foto: vzw Kempens Landschap

door Tijl | Varia | Reacties (0)

De Romeinse marine. Het reilen en zeilen van de militaire scheepsvloot

Op donderdag 20 december vindt in Tongeren de derde lezing in de reeks 'Spraakwater' plaats. Archeoloog Bernard Van Daele zal het hebben over het reilen en zeilen van de Romeinse marine. Het wordt een levendige kennismaking met de Romeinse zeestrijdkrachten, vanaf de Republiek tot de late Keizertijd. Discipline, bekwame leiding, doeltreffende uitrusting en efficiente logistiek vanuit diverse zeehavens maakten de Romeinse vloot succesvol.

Hoe werkte de Romeinse marine? Roeiers, matrozen,legioensoldaten, scheepskapiteins: wie vervulde welke rol? Hoe verliep het dagelijkse leven van een marinier? Hoe werden katapulten, vlammenwerpers en potten met schorpioenen ingezet? Rammen, enteren, beschieten... welke gevechtstactieken waren populair? En welke zeeslagen heeft Rome op zijn palmares?

De Romein was geen geboren zeevaarder en legerdienst aan boord van een schip was veeleer minderwaardig. Maar Rome slaagde erin de troeven van het landleger over te dragen op zijn marine. Kusten beschermen, zee-engten en toegangen controleren, zeeslagen uitvechten of afwenden, langs rivieren binnendringen in vijandelijk gebied: zonder een permanent gevechtsklare zeemacht had Rome nooit zijn grote imperium kunnen inpalmen en behouden. Met wendbare galeien, voortgestuwd door getrainde roeiers en volgestouwd met zware infanteristen, wist Rome zelfs Carthago te overtreffen...

Bernard Van Daele werkt als archeoloog mee aan onderzoeksprojecten van de K.U.Leuven. Bij Davidsfonds/Leuven publiceerde hij na zijn succesvol debuut Het Romeinse leger een tweede boek over De Romeinse marine, een levendige kennismaking met de Romeinse zeestrijdkrachten, vanaf de Republiek tot de late Keizertijd.

Praktisch: de lezing vindt plaats op donderdag 20 december om 20u in de feestzaal van het Stadhuis van Tongeren (Stadhuisplein 9, 3700 Tongeren). Inkom: € 3 (leden NKV: gratis - leden Davidsfonds en KLGOG: € 2,25)

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

16 december 2007

Opgraving Vermeulenstraat in Tongeren verlengd

De opgraving aan de Vermeulenstraat in Tongeren wordt met drie maanden verlengd. De nieuwe einddatum van het project is nu vastgelegd op 31 maart 2008. Studenten met enige ervaring in schaven, couperen, opmeten en optekenen zijn dus nog welkom van begin januari tot eind maart om een handje toe te steken op de opgravingen. Bij interesse kunnen ze contact opnemen met Kristien Borgers (0497/12.99.09), en dit minstens een week vóór de periode wanneer ze willen komen.

door Tijl | Opgravingen | Reacties (1)

150 jaar Sint-Annakerk Gent: een kerkgebouw en zijn bestemming

Vandaag werd in Gent de nieuwe publicatie '150 jaar Sint-Annakerk Gent. Een kerkgebouw en zijn bestemming: zorgen voor heden en toekomst' voorgesteld. Het werk, met tal van illustraties en foto's, biedt heel wat achtergrondinformatie bij de geschiedenis en restauratie van de monumentale Sint-Annakerk. Daarenboven wordt vanuit dit boeiend verleden een sprong naar de toekomst gemaakt en wordt stilgestaan bij de (her)bestemming van kerkgebouwen in het algemeen.

In dit gedenkboek wordt teruggeblikt op de bij wijlen turbulente 150-jarige geschiedenis van dit kerkgebouw. De monumentale Sint-Annakerk is van bij haar opbouw immers dikwijls het voorwerp geweest van controverse. Het project ontstaan uit de euforie van de industriële revolutie werd aanvankelijk als megalomaan aangezien en was geregeld het voorwerp van kritiek.

Een eerste deel vormt hoofdzakelijk de weergave van de referaten die ter gelegenheid van de voorbije viering, inzonderheid de feestzitting van 18 september 2005, door diverse sprekers werden gehouden. Verder wordt dieper ingegaan op diverse aspecten zoals de geschiedenis van de kerk, de architectonische visie van architect Louis Roelandt, de architectuur en de restauratieperikelen. De lezer vindt er eveneens toelichting bij het Pierre Schyven-orgel en de glasramen. Ook de mensen die een rol hebben gespeeld bij de restauratie en instandhouding van de kerk komen aan bod. Een bijdrage over de kerkfabrieken vormt de overgang van het verleden naar het heden én de toekomst.

Het tweede deel is een boeiende zoektocht in de toekomst. Zo wordt onder meer aan de beleidsverantwoordelijken een tribune verschaft om hun zienswijze rond de problematiek van de instandhouding van kerkgebouwen toe te lichten. In de diverse bijdragen wordt nagedacht over de toekomst van het kerkpatrimonium in het licht van de diepgaande maatschappelijke, culturele en religieuze veranderingen.

Er wordt ingegaan op het fenomeen van de leegloop van kerken en de druk die op kerkgebouwen wordt uitgeoefend in verband met hun (her)bestemming of eventuele sloping. Oplossingen liggen niet voor de hand. Maar het probleem trachten te situeren en een proeve van antwoord geven kan een bijdrage bieden voor de discussie waarvan het belang en de impact moeilijk te onderschatten valt.

Aldus samengebracht in één werk, vormen de topics een interessante bron van informatie voor een brede waaier van doelgroepen. De bekendheid van alle auteurs met hun onderwerp staat borg voor betrouwbare en degelijke bijdragen.

Praktisch: het boek '150 jaar Sint-Annakerk Gent. Een kerkgebouw en zijn bestemming: zorgen voor heden en toekomst' telt 200 pagina's (harde kaft), en kost slechts 10 euro. Bestellen kan met behulp van het formulier in deze folder (pdf), die ook een samenvatting van alle bijdragen aan het boek bevat.

door Tijl | Publicaties | Reacties (0)

Stadsvernieuwing en bouwkundig erfgoed in Oostende

De stadsvernieuwing in Oostende is volop aan de gang. Tal van projecten zorgen voor een niet onopgemerkte en vaak ingrijpende transformatie van de stad. Daarom organiseert de erfgoedvereniging Dement Oostende op woensdag 19 december een middaggesprek over de relatie tussen stadsvernieuwing en bouwkundig erfgoed. Tijdens het debat komen een aantal mensen aan het woord die beeldbepalend kunnen zijn voor de bouwkundige toekomst en het verleden van Oostende.

Met de opmaak van villaplannen en het erkennen van waardevolle panden voerde het Oostendse stadsbestuur tot op vandaag ook een actief bouwkundig erfgoedbeleid om verschillende merkwaardige en beeldbepalende panden, straten en sites in Oostende te kunnen behouden. De stad is ervan overtuigd dat respect voor bouwkundig erfgoed de stadsidentiteit kan versterken.

Om beide invalshoeken geïntegreerd te benaderen heeft Oostende eind 2006 beslist een 'actiegericht plan' te ontwikkelen waarbij de stadsvernieuwing - zowel in termen van restauratie, renovatie en nieuwbouw - kan ontplooid worden. Door het verkennen van de toekomst van de stad, het herkennen van de sporen van het verleden en het erkennen van hun waarde en betekenis kan een eigentijdse, eigenzinnige en duurzame kwalitatieve stedelijke omgeving verder ontwikkelen.

Het streven naar duurzaamheid en kwaliteit moet voor de stadsvernieuwing een motor zijn. Wie de toekomst voorbeeldig vorm en inhoud wil geven kan het verleden niet loochenen. Een stadsgesprek met mensen die beeldbepalend kunnen zijn voor de bouwkundige toekomst en het verleden van deze stad.

Journalist Stefaan Kerger (Focus TV) wisselt samen met Bart Bronders (schepen Ruimtelijke Ordening), Kurt Verheggen (secretaris vzw Dement), Tom Van Mieghem (architect), Jeroen Cornilly (provincie West-Vlaanderen) en het publiek gedachten uit. Iedereen van harte uitgenodigd op deze discussie vergezeld van een gratis broodje en drankje.

Praktisch: het middaggesprek vindt plaats in de Loungebar van het Kursaal op woensdag 19 december, tussen 12u en 14u (aanvang van het debat om 12.30u). Toegang gratis. Om praktische redenen is het aangewezen vooraf in te schrijven bij Oostende Werft (059/51.71.73). Wie inschrijft wordt ook automatisch gratis lid van Dement Oostende en ontvangt de digitale nieuwsbrief.
Foto: Erf-goed.be

door Tijl | Lezingen | Reacties (0)

15 december 2007

Brusselse Erfgoedklassen krijgen goed rapport

De Erfgoedklassen, een Brussels initiatief om jongeren te sensibiliseren voor erfgoed, zijn bijzonder succesvol. Voor de schooljaren 2006-2007 en 2007-2008 waren er al meer dan 1.500 inschrijvingen. Zoals voorzien draagt de Koning Boudewijnstichting in januari 2008 het project over aan de vzw Paleis van Keizer Karel, die ook de ondergrondse archeologische site Coudenberg aan het Koningsplein beheert. De vzw krijgt daarvoor een toelage van 355.000 euro.

Het doel van de Erfgoedklassen, die in 2005 werden opgestart onder impuls van staatssecretaris Emir Kir, is het wekken van de belangstelling voor erfgoed bij kinderen en adolescenten, gepaard aan sensibilisatie voor beter burgerschap. Tijdens ontdekkingsdagen met veel pedagogische animaties bespreken de jongeren de problemen rond behoud, bescherming, restauratie en erfgoedberoepen.

Aan de leerlingen van de twee laatste jaren van het basisonderwijs en van de drie eerste jaren van het secundair wordt de animatie "Buurt in zicht !" voorgesteld. De leerlingen van de drie hoogste jaren van het secundair nemen deel aan een van de twee activiteiten van de animatie "Buurt aan de beurt", namelijk aan "Erfgoed onder de loep" of aan "Van architect tot burger". De details van deze animaties kunnen worden gelezen op erfgoedklassen.be.

Tot nu voerde de Koning Boudewijnstichting dit project uit. De animaties werden in de respectieve wijken in de scholen georganiseerd. De Koning Boudewijnstichting heeft het project opgestart en mooie groeivooruitzichten meegegeven. Zoals voorzien draagt de Stichting in januari 2008 het project over aan de vzw Paleis van Keizer Karel. Nieuw is ook het ter beschikking stellen van blijvende en symboolgeladen lokalen voor de Erfgoedklassen. Dat zal toelaten deze actie beter te structureren. Binnen minder dan één maand zal er op het gelijkvloers en op het niveau -1 in de gewestgebouwen aan het Koningsplein bijna 500m² oppervlakte ter beschikking zijn.

Het Brussels Gewest heeft aan de vzw Paleis van Keizer Karel een toelage van € 355.000 toegekend voor de organisatie en de ontwikkeling van de actie Erfgoedklassen. Ten aanzien van de start van het project zijn de door het Gewest ter beschikking gestelde middelen al verdubbeld, hetgeen het behoud van de vier animatoren en de toevoeging van een coördinator en een adjunct-coördinator toelaat.

De "Erfgoedklassen" richten zich al van in 2006 tot een publiek van 10 tot 18 jaar, van het vijfde jaar basisonderwijs tot het zesde jaar secundair beroeps-, technisch- en algemeen onderwijs van de Franstalige en Nederlandstalige scholen uit het hele Gewest.

De vzw Paleis van Keizer Karel zal voor diezelfde leeftijden blijven werken en de drie volgende opdrachten vervullen:
- de verdere uitvoering van het animatieprogramma rond erfgoed in de buurt van elke school, voor leerlingen van alle netten, in het Frans en het Nederlands. Het programma voor het jaar 2007-2008 biedt 105 animaties voor 2.310 leerlingen aan.
- het onthaal van de klassen op het Koningsplein en de verwezenlijking van een specifieke animatiemodule voor de Kunstberg. Deze module wordt tijdens het jaar 2008 uitgetest en voor het schooljaar 2008-2009 in het programma opgenomen.
- de uitbouw van een documentatiecentrum inzake erfgoedpedagogie, bedoeld voor leerkrachten, opvoeders en animatoren, met als eerste stap de valorisatie en het ter beschikking stellen van bestaand pedagogisch materiaal (curiositeitenkabinet, a b c van de Art Nouveau, Nachtboekje...).

Externe link: www.erfgoedklassen.be
Bron: Koning Boudewijnstichting

door Tijl | Jeugd | Reacties (0)

14 december 2007

"Terracottakrijgers in Maaseik zeker echt"

In het Duitse Hamburg heeft het Museum voor Volkenkunde een tentoonstelling met krijgers van het Chinese terracotta-leger van Xi'an gesloten, omdat de beelden moderne replica's bleken te zijn. Meer dan tienduizend bezoekers krijgen hun geld terug. Een gelijkaardige tentoonstelling komt eind volgend jaar ook naar Maaseik. De organisatoren benadrukken vandaag in De Morgen dat de beelden in Limburg wel echt zullen zijn.

Het achtduizendkoppige terracotta leger van Xian is Unesco-werelderfgoed. De levensgrote beelden van krijgers en ruiters werden in 1974 ontdekt door boeren die aan een waterput werkten. Ze bleken een van de grootste archeologische van de twintigste eeuw te hebben gedaan. De beelden - voetvolk, kroosboogschieters, ruiters met strijdwagens - hoorden bij het graf van de eerste Chinese keizer Qin Shi Huangdi (derde eeuw voor Christus).

Het terracottaleger is bijzonder populair bij het grote publiek. In Londen werd rond de krijgers dit najaar een mega-tentoonstelling opgezet in het British Museum. Maar ook in Hamburg trokken de Chinese krijgers dus een massa volk. Tot de hoeders van de beelden uit Xi'an zelf een kijkje kwamen nemen. "Dit kunnen de echte beelden niet zijn want wij hebben helemaal geen exemplaren uitgeleend aan Duitsland," zeiden de afgevaardigden. "Alle exemplaren in Hamburg zijn moderne replica's. Dit is een zware vorm van bedrog tegenover de media en het publiek. Deze tentoonstelling moet onmiddellijk worden gesloten," zo reageerde de verbolgen overheidsdienst voor cultureel erfgoed uit de Shaanxiprovincie op zijn website.

Het Centrum voor Chinese Kunst en Cultuur, dat de expositie in opdracht van het museum opzette, pleit onschuldig: "Zoals in het contract staat, zijn de beelden authentiek. Ze zijn gemaakt uit klei van Xi'an en zijn even groot als de originelen." Het museum besloot door de hetze de tentoonstelling te sluiten. Meer dan tienduizend bezoekers krijgen hun ticket terugbetaald.

Experte Chinese kunst Nicole De Bisschop en conservator Hubert Heymans (Musea Maaseik) vinden de manier van werk hoogst verwonderlijk. "Als je kunstwerken uit China wilt, ga je ter plekke en onderhandel je zonder tussenpersonen. Dat zou ieder museum moeten weten want er zijn massaal veel replica's in omloop," zegt De Bisschop vandaag in De Morgen. "Alleen wie in Xi'an afspraken maakt en na acht maanden administratie de juiste stempels en papieren heeft, kan zeker zijn."

"Het probleem is dat China merkt hoeveel geld musea hier veil hebben om de beelden te mogen lenen," aldus De Bisschop. "Ik zie nu dat dat jammer genoeg de uitleenprijzen voor alle Chinese kunstwerken enorm opdrijft. En dat leidt ook tot bedrog." Volgens Hubert Heymans, die al vijf jaar een tentoonstelling van enkele krijgers in Maaseik voorbereidt, is het museum in Hamburg bedot door een malafide tussenpersoon. Hij benadrukt dat de beelden in Maaseik "zeker echt" zullen zijn.

Bron: De Morgen - 14 december 2007

door Tijl | In de pers | Reacties (0)

Monumentenwacht krijgt internationale aandacht

Volgende week vindt in Leuven en Antwerpen een eerste seminarie plaats van het internationale netwerk PRECOMOS - PReventive COnservation, Maintenance and Monitoring of Monuments and Sites. Op dinsdag worden een vijftigtal deelnemers uit de hele wereld ontvangen in Antwerpen. De aandacht gaat die dag naar de werking van Monumentenwacht, voorgesteld aan de hand van lezingen en een plaatsbezoek aan de monumentale Sint-Jacobskerk in de Lange Nieuwstraat.

Monumentenwacht is een organisatie die sedert 15 jaar in Vlaanderen eigenaars en de beheerders van waardevolle gebouwen en interieurs ondersteunt en advies verleent inzake onderhoud. Jaarlijks worden 1100 gebouwen en 200 interieurs geïnspecteerd waarbij de bewaringstoestand in kaart wordt gebracht. Sinds 1992 zijn er meer dan 5100 gebouwen in Vlaanderen vrijwillig aangesloten. De eigenaar kan met het overzichtelijk verslag met aanbevelingen voor onderhoud en herstel de nodige stappen zetten om tijdig de juiste werken uit te voeren en kan zo erger voorkomen. De werkwijze is erg effectief en kostenbesparend voor de eigenaars maar eveneens voor de overheid en de gemeenschap, die minder moet investeren in dure restauraties. Voorkomen is ook in de erfgoedzorg beter dan genezen.

Monumentenwacht is een initiatief van de Koning Boudewijnstichting en de vereniging van de vijf Vlaamse provincies. De organisatie dankt haar werking aan de steun van de vijf provincies en van de Vlaamse overheid. In Europa werden reeds meerdere monumentenwachten opgericht. Nederland was pionier in 1973 met de oprichting van Stichting Monumentenwacht Nederland. Na Vlaanderen in 1992 zijn Duitsland, Denemarken, Oostenrijk en Hongarije gevolgd met het aanbieden van deze inmiddels onmisbaar geworden dienstverlening.

Oude gebouwen vragen net als oude mensen om een meer dan gemiddelde zorg. Ouderdom komt immers ook voor monumenten met gebreken. Sommige gebreken zijn eenvoudig te constateren en door een handige eigenaar zelf te verhelpen zoals bij voorbeeld een goot die overloopt omdat een hoop bladeren de afvoer verstopt. In de meeste gevallen echter is een deskundige nodig om de diagnose te stellen en om het gebrek vakkundig te verhelpen. Net als in de gezondheidszorg geldt voor monumenten: Voorkomen is beter dan genezen. Ook in de monumentenzorg betekent genezen 'weer opgeknapt'; anders dan in de gezondheidszorg is de patiënt echter lang niet altijd 'beter' geworden. Door onderhoud planmatig en preventief uit te laten voeren kunnen gaten en dus kostbare vervolgschades voorkomen worden. Planmatig preventief onderhoud is dan ook de spil waar de monumentenzorg feitelijk om draait.

Het internationale netwerk PRECOMOS is een open organisatie met als doel onderzoeksresultaten, opleidingservaringen en 'good practices' uit te wisselen in relatie tot het behoud van het architecturale erfgoed. Het netwerk legt daarbij de nadruk op het concept preventieve conservering, de opvolging van de staat van bewaring (monitoring) en het onderhoud.

Het samenbrengen van internationale partners in een netwerk is de eerste stap in de opzet van een Unesco leerstoel. De leerstoel, waarvan de aanvraag zal worden ingediend begin april 2008, wil het netwerk onderhouden, onderzoeks- en opleidingsnoden in kaart brengen om bij te dragen aan:
- het in kaart brengen van de regelgeving die zich baseert op preventieve conservering, opvolging en onderhoud;
- het ontwikkelen van een wettelijk kader, aangepaste wetgeving en voorbeelden van toepassingen binnen de gevarieerde culturele en sociale contexten (internationaal);
- het ontwikkelen van nieuwe instrumenten en technieken om preventieve conservering als strategie te verbeteren en te faciliteren.

Gastinstelling van de Unesco leerstoel is het Raymond Lemaire International Centre for Conservation (K.U.Leuven) in samenwerking met Monumentenwacht Vlaanderen vzw.

Meer info: PRECOMOS
Foto: Sint-Jacobskerk in Antwerpen (Tim Boers - Erf-goed.be)

door Tijl | Internationaal | Reacties (0)

Monument VDK op zoek naar archeologen

In het kader van het aanleggen van een wervingsreserve is Monument Vandekerckhove nv op zoek naar archeologen die op projectmatige basis willen ingeschakeld worden. Monument Vandekerckhove nv, onderdeel van Group Monument, is een toonaangevend restauratie- en renovatiebedrijf uit Ingelmunster en sinds enige tijd ook werkzaam in de archeologische sector.

Huidige onderzoeken zijn ondermeer de site Sint-Janspoort te Kortrijk en de opgravingen op het bedrijventerrein Evolis op het grensgebied Kortijk-Harelbeke-Zwevegem. Bedoeling van de wervingsreserve is om snel de juiste mensen te kunnen contacteren en inschakelen bij toekomstige projecten.

Het werkterrein beslaat heel Vlaanderen.

Geïnteresseerden, zowel ervaren (veld)archeologen als pas afgestudeerden kunnen hun motivatiebrief en cv doorsturen naar ann.desplenter@monument.be. Voor meer info kan u terecht bij Bert Acke, projectleider archeologie (bert.acke@monument.be, GSM: 0485/88 71 16).

door Raf | Vacatures | Reacties (0)

13 december 2007

"Tuchthuis mooi voorbeeld van hedendaagse herbestemming"

Vlaams minister Dirk Van Mechelen hield gisteren in Vilvoorde een toespraak ter gelegenheid van de opening van het KanaalPark en de restauratie van het Tuchthuis, een gevangenis uit de 18de eeuw. "Het onroerend erfgoedproject op deze site verdient de nodige aandacht," aldus Van Mechelen. "De herbestemming van het Tuchthuis past binnen het functioneel en hedendaags hergebruik van beschermde monumenten, een speerpunt van het beleid."

"In de praktijk is dat voor sommige complexe gehelen makkelijker gezegd dan gedaan," aldus de minister. "Dit vereist immers een creatieve en vooral dynamische aanpak. Met de voorziene commerciële invulling van het poortgebouw en het middengedeelte én met de socio-culturele en museale functies voor de cellenvleugels, lukte dit wonderwel. De kritische succesfactor hierbij was dat men reeds bij de opmaak van de plannen het Tuchthuis als een troef en niet als een last beschouwde."

Het Tuchthuis is sinds 2006 definitief beschermd als monument. De ontwikkelaars en de architecten zijn volgens Van Mechelen uitgegaan van de intrinsieke erfgoedwaarden van het gebouw, en van dié essentiële kenmerken en onderdelen die het Tuchthuis reeds decennialang doen deel uitmaken van het collectief geheugen. "Dat komt onder andere mee tot uiting in de zorgvuldige inplanting en integratie van de nieuwe gebouwen, waarbij rekening wordt gehouden met de historische structuur van Tuchthuis, zelfs met de in de loop der jaren verdwenen delen. Maar de erfgoedzorg leest men ook in de aandacht die wordt besteedt aan de minder voor de hand liggende onderdelen, zoals de bewuste conservatie van de graffiti die gedetineerden aanbrachten op deuren en muren. Deze manier van 'totaalzorg' kon naar aanleiding van de Monumentenstrijd op veel publieke belangstelling kon rekenen."

Ook al ging de oorspronkelijke beslotenheid en monumentaliteit van het complex deels verloren door allerhande uitbreidingen en afbraken, toch straalt wat rest nog steeds de waarde van het gebouw uit, vindt Van Mechelen. "Daarenboven prikkelt de oorspronkelijke functie van het gebouw de nieuwsgierigheid spontaan. En dit niet alleen in Vilvoorde. Op verschillende plaatsen in Vlaanderen, zoals in Tongeren en Hasselt merken we dat de oude gevangenissen een nieuw leven krijgen met een aangepaste functie."

Bron: dirkvanmechelen.be
Foto's: Erf-goed.be

door Tijl | Beleid | Reacties (0)

Nederlands Erfgoed: Digitaal!

Het rijke Nederlandse erfgoed op ieder gewenst moment binnen handbereik hebben. Dat is de doelstelling van het nieuwe plan 'Nederlands Erfgoed: Digitaal!'. Het door tien erfgoedinstellingen ontwikkelde plan werd deze voormiddag gepresenteerd tijdens de Digitaal Erfgoedconferentie in Rotterdam. De instellingen hebben zich bereid verklaard de belangrijkste delen van hun waardevolle collecties te digitaliseren.

"Afwezigheid op internet leidt op termijn tot verregaande onzichtbaarheid in de samenleving," aldus consortiumvoorzitter Theo Camps. "Door de unieke samenwerking tussen de belangrijkste culturele instellingen van Nederland kunnen verrassende dwarsverbanden worden gelegd. Vanuit een 18e eeuws schilderij met muzikanten kan de bezoeker direct doorklikken naar Nederlandse muziek uit die tijd, met daarbij het originele notenschrift in beeld en tal van mogelijkheden om meer informatie te vinden."

De ambitie van het project Nederlands Erfgoed: Digitaal! is het creëren van een gezaghebbende digitale
collectie Nederlands erfgoed, die bijdraagt aan de zichtbaarheid van de Nederlandse cultuur in
virtuele, nationale en internationale gemeenschappen. En een collectie die ongekende mogelijkheden biedt
voor een breed scala aan gebruikers in onderwijs, wetenschap, toerisme of creatieve industrie. Maar ook
nieuwsgierige bezoekers van het internet moeten zich graag laten inspireren door de digitale beschikbaarheid van het Nederlands erfgoed.

Kenmerkend voor het project Nederlands Erfgoed: Digitaal! is de speciale aandacht voor het ontwikkelen van diensten en toepassingen die aansluiten bij de wensen en behoeften van verschillende groepen gebruikers. In het project wordt de samenhang met de initiatieven de Canon van Nederland en het Nationaal Historisch Museum bewaakt. In het project wordt een gemeenschappelijke infrastructuur, op basis van de principes van de service-oriented architecture (SOA), ontwikkeld die innovatief, open en robuust is. Er wordt zo veel mogelijk gebruik gemaakt van open source software en open standaarden. Samenwerking in het consortium garandeert het ontstaan van een authentiek, uniform, gestandaardiseerd en duurzaam digitaal aanbod van cultureel erfgoed. Hiermee wordt een oplossing geboden voor het probleem van 'digitaal geheugenverlies' - het zoekraken van digitale informatie door onder meer het verouderen van hardware en software.

Het project Nederlands Erfgoed Digitaal! heeft een looptijd van zes jaar; de start is voorzien in 2009. De
totale kosten van het project worden geraamd op ongeveer € 186 miljoen. Daar staan baten tegenover. SEO Economisch Onderzoek heeft berekend dat de totale directe en indirecte opbrengsten van het project
Nederlands Erfgoed: Digitaal! tussen de circa € 172 en € 223 miljoen liggen. Investeren in digitalisering van biedt ongekende mogelijkheden voor het ontwikkelen van nieuwe diensten en producten in de creatieve industrie en is een stimulans voor het gebruik van ict in het onderwijs en de creatie van nieuwe leermiddelen.

Meer info: Nederlands Erfgoed: Digitaal!

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

12 december 2007

Maatschappij en religie in het Oude Egypte

Dayr_Henu.jpgProfessor Harco Willems van de K.U.Leuven brengt twee boeken uit over de maatschappij en de religie in het Oude Egypte. Die zijn het resultaat van de opgravingen die de professor en zijn medewerkers al vijf jaar lang uitvoeren in het dorp Dayr al-Barsha in Egypte. In mei haalden ze nog het wereldnieuws met de vondst van het ongeschonden graf van een mummie van 4.000 jaar oud.

De mummie van Henu werd teruggevonden in een ongeschonden graf. Hij stierf in 2050 voor Christus, en werd 4.000 jaar later door een team Leuvense Egyptologen ontdekt.

De K.U.Leuven voert al sinds 1988 opgravingen uit rond Dayr al-Barsha. Sinds twee jaar onderzoekt wetenschappelijk medewerkster Marleen De Meyer een gravencomplex van enkele vierkante kilometers groot op de zuidelijke heuvel van de site.

Bron / meer info: Robnet, K.U.Leuven Egyptology, egyptsites.co.uk
Afbeelding: Dayr al-Barsha Archaeological Project

door Johan | Publicaties | Reacties (1)

Vacature voor veldtechnicus en projectleider

RAAP_in_actie.jpg De bedrijven Archeologisch Onderzoek Leiden (Archol) en het Archeologisch adviesbureau RAAP, beiden gevestigd in Nederland, zijn respectievelijk op zoek naar een projectleider en een veldtechnicus. Als veldtechnicus bij RAAP ben je tewerkgesteld in Brummen, Oost-Nederland. De standplaats voor de functie als projectleider bij Archol is in Leiden.

U kan de vacatures nalezen in de SNA-archeovacaturebank.

door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)

11 december 2007

Gunstig advies voor bescherming klooster Vorselaar

Na de bescherming van de Altenakapel in Kontich en de kapel in de Lange Kongostraat in Antwerpen geeft de Antwerpse deputatie nu ook groen licht voor de bescherming van de kapel en delen van het klooster- en schoolcomplex van de zusters van de Heilige Jozef van Calasanz, beter bekend als de zusters van de Christelijke Scholen in Vorselaar. De drie 19de-eeuwse en vroeg 20ste-eeuwse kapellen geven een mooi overzicht van de neogotische architectuur in de provincie Antwerpen.

De congregatie van de Zusters van de H. Jozef van Calasanz werd in 1820 in Vorselaar gesticht met als doel het onderwijs van arme kinderen. Gedurende de 19de eeuw groeide de congregatie en de scholengemeenschap uit tot de grootste van het bisdom en één der grootsten van het land. Om met deze expansie mee te kunnen blijven werd in het begin van de 20ste eeuw een nieuw moederklooster en een normaalschool gepland. In 1903 werd het oude klooster nagenoeg volledig gesloopt en vervangen door een nieuwbouw in neogotische stijl. De oudste delen van het complex, met deze vleugels uit het begin van de 20ste eeuw en de kapel, werden voor bescherming voorgedragen.

De kapel, waarvan de bouw startte in 1911, werd ontworpen door architect Herman Lemaire. Als moederklooster van de orde kreeg het complex in Vorselaar dan ook een ruim en fraai gedecoreerd gebedshuis. Lemaire stond eveneens in voor het ontwerp van het meubilair. Het kleurrijke interieur, met zijn omlopende tribune, is gedecoreerd met muurschilderingen van Engelen- en Heiligenfiguren en liturgische symbolen. Ze werden uitgevoerd door Kunstschilder Van Gramberen uit Tienen, de glasramen van de kapel werden vervaardigd door het gerenommeerde atelier Osterrath uit Tilff bij Luik.

Opmerkelijk is ook de art-decogetinte kloostergang, gebouwd tijdens het interbellum. Ook de aansluitende refter, het oudste gedeelte van het complex, werd in dezelfde periode verbouwd en kreeg een kleurrijke glaskoepel, beïnvloed door de art-decostijl.

De beschermingsprocedure werd opgestart door het Agentschap Ruimtelijke Ordening Vlaanderen, Entiteit onroerend erfgoed, op initiatief van minister Van Mechelen. Gedeputeerde Ludo Helsen steunt volop deze bescherming vooral omdat ze past in een thematisch pakket van drie kloosterkerken. Ook het voorstel tot bescherming van de Altenakapel in Kontich en de kapel in de Lange Kongostraat in Antwerpen, kreeg van de deputatie reeds groen licht. Deze drie 19de-eeuwse en vroeg 20ste-eeuwse kapellen geven een mooi overzicht van de neogotische architectuur in de provincie.

Bron: Provincie Antwerpen

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

Villa Ter Yde in Oostduinkerke gered

De historisch waardevolle Villa Ter Yde aan het Rodenbachplein in Oostduinkerke moet niet wijken voor een woonblok met vijftien appartementen. Meer dan zestig klachten van buurtbewoners deden het gemeentebestuur van Koksijde besluiten een negatief advies te geven op de bouwaanvraag. De witte villa, een ontwerp van kunstschilder Robert Buyle, dateert uit het begin van de jaren '30 en is een typisch voorbeeld van de modernistische bouwstijl uit het interbellum.

Villa Ter Yde werd in de jaren '30 door de kunstschilder Robert Buyle voor zijn gezin gebouwd. Het ontwerp van het bekende boothotel 'La Péniche' is trouwens ook van zijn hand. De woning is opgenomen in de lijst van waardevol bouwkundig erfgoed van Koksijde. Deze lijst, die kadert binnen het cultuurbeleidsplan van Koksijde, heeft als doel het behoud en het behoeden van afbraak van waardevol bouwkundig erfgoed.

De modernistische villa is nog in zijn oorspronkelijke staat behouden gebleven, heeft geen onomkeerbare en storende verbouwingen ondergaan en is representatief voor zijn architectuurstijl. Opmerkelijk zijn de afgeronde hoek met eromheen draaiende vensters, het platte dak, de grote roedeverdeling van de ramen, de betonnen luifel, de buisvormige relingen van balkon en terras en het art-decoachtige bakstenen tuinmuurtje.

Bovendien is de villa gelegen aan het Rodenbachplein, een van de weinige pleinen tussen zee en de Koninklijke Baan die nog gevrijwaard zijn van hoogbouw. "Door het slopen van deze villa en het bouwen van een onaangepast appartementencomplex zal de charme van het plein en deze wijk onomkeerbaar wijzigen," stelde Groen! Koksijde eind mei in een persmededeling. "Bovendien vrezen wij dat een eventuele sloop op termijn zal leiden tot het ten prooi vallen van de aanpalende villa's aan bouwpromotoren."

Het gemeentebestuur van Koksijde besloot nu om een negatief advies te geven op de bouwaanvraag. De bouwheer ging daartegen niet in beroep. "We zijn geslaagd in ons opzet om het authentieke karakter van het Rodenbachplein te vrijwaren," reageerde Paul Peeters, woordvoerder van het buurtcomité.

Externe link: Het Rodenbachplein in Oostduinkerke

door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)

10 december 2007

(Voorlopige) programma Steentijddag Leiden bekendgemaakt

Swifterbant_opgravingen_klein2.JPGOp zaterdag 2 februari 2008 zal alweer de achttiende editie van de Steentijddag plaatsvinden. Het voorlopige programma is ondertussen bekend, met o.a. vlaamse bijdragen van Ann Van Baelen e.a. (over Kesselt-Op de Schans) en Gunther Noens (Leeuwarden-Hempens). De lezingen worden gehouden in het Lipsiusgebouw op de Cleveringaplaats in Leiden. Belgische deelnemers kunnen zich per email aanmelden; voor de betaling van 15 euro wordt daarna een regeling getroffen.

Voorlopig programma

10.30 - 11.00
ONTVANGST

11.00 - 11.30 Ann Van Baelen, Erik Meijs, Philip Van Peer, Jean-Pierre de Warrimont, Marc De Bie
Een vindplaats uit het vroege Midden- Paleolithicum te Kesselt-Op de Schans (Belgisch Limburg)

11.30 - 12.00 Gunther Noens
De steentijdvindplaats Leeuwarden-Hempens / N31

12.00 - 12.30 Fred Snijders
Westelbeers revisited

12.30 - 14.00
LUNCH

14.00 - 14.30 Hans Peeters
De steentijd in de Flevopolders

14.30 - 15.00 Daan Raemaekers
Akkers in Swifterbant

15.00 - 15.30
THEEPAUZE

15.30 - 16.00 Leon van Hoof
Vlaardingencultuur bij Hellevoetsluis

16.00 - 16.30 Senne Diependaele
Vlaardingencultuur bij Hazerswoude

16.30 - 17.30
BORREL

Het Lipsiusgebouw heette voorheen het Centraal Faciliteitengebouw. Tijdens de lunch is het mogelijk publicaties te kopen en te verkopen en elkaar vondsten te tonen. Indien U voor verkoop een tafel nodig heeft, kunt U dat per email laten weten. De dag wordt besloten met een borrel in het Rijksmuseum van Oudheden (Rapenburg 28 in Leiden).

Afbeelding: Swifterbant opgraving nabij Lelystad, Flevoland

door Johan | Congressen | Reacties (1)

VIOE zoekt depotbeheerder en wetenschappelijk redacteur

Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) is momenteel op zoek naar een voltijds depotbeheerder onroerend erfgoed (m/v). Het is de bedoeling om de komende jaren het depotbeheer op één centrale locatie te groeperen en het te systematiseren en verder te professionaliseren. Daarnaast zoekt het VIOE voor de tijdelijke vervanging van een van haar medewerkers een voltijds wetenschappelijk redacteur. Solliciteren voor beide functies kan tot 31 december.

Depotbeheerder

Het doel van het depotbeheer is het duurzaam en kwalitatief bewaren en beheren op een standplaats ex situ van alle informatie (erfgoedobjecten onder de vorm van vondsten en monsters en bijhorende originele documentatie in woord en beeld) die ontstaat naar aanleiding van onroerend erfgoedonderzoek:

* onder de vereiste condities die de stabiliteit en het behoud ervan maximaal verzekeren;
* volgens een toegankelijk en logisch geordend systeem dat de toegankelijkheid ervan waarborgt en stimuleert en dat toelaat om de gewenste kruisverbanden te leggen.

Het depotbeheer binnen het VIOE wordt momenteel gereorganiseerd. De erfgoedobjecten en documentatie worden momenteel verspreid over verschillende locaties in Vlaanderen en op diverse wijzen bewaard en beheerd. Het is de bedoeling om de komende jaren het depotbeheer op één centrale locatie te groeperen en het te systematiseren en verder te professionaliseren.

Het gaat om een voltijds contract van 1 jaar (verlengbaar) vanaf 1 maart 2008.
Lees de volledige vacature op vioe.be.

Wetenschappelijk redacteur

Je taken

* je staat mee in voor de inhoudelijke en vormelijke redactie van de wetenschappelijke publicaties van het VIOE;
* je volgt mee het lay-out- en drukproces op en zorgt voor de terugkoppeling naar de auteurs;
* je staat in voor het actualiseren van de klantendatabank van de VIOE-publicaties.

Het gaat om een voltijds contract van van 1 februari tot en met 31 juli 2008.
Lees de volledige vacature op vioe.be.

Geinteresseerd? Stuur dan snel je CV met bijhorende motivatiebrief naar Heidi Berckmans (02/553.16.99) of per post naar VIOE, Koning Albert II-laan 19 bus 5, 1210 Brussel. Solliciteren kan tot en met 31 december 2007.

door Tijl | Vacatures | Reacties (0)

9 december 2007

Groeiende belangstelling voor archeologie (in Nederland)

Het percentage Nederlanders dat belangstelling toonde voor resultaten van archeologisch onderzoek steeg tussen 1996 en 2004 van 19% naar 27%. Vooral archeologiemusea, oudheidkundige reconstructies en archeologische monumenten trokken meer publiek. Bij de bezoekers zijn mannen, ouderen en hoogopgeleiden in de meerderheid. Dat zijn enkele conclusies uit de nieuwe publicatie 'Het bereik van het verleden. Ontwikkelingen in de belangstelling voor cultureel erfgoed'.

In het rapport, dat deze week verscheen, beschrijven onderzoekers Frank Huysmans en Jos de Haan van het Sociaal en Cultureel Planbureau de ontwikkeling van de publieke belangstelling voor musea, archieven, monumenten en archeologie. Op deze vier terreinen is onderzoek verricht naar de omvang en samenstelling van het publiek en de veranderingen die zich daarin hebben voorgedaan. Verder is aandacht besteed aan het vrijwilligerswerk en de lidmaatschappen van erfgoedorganisaties, het mediagebruik voor erfgoeddoeleinden en de overige vrijetijdsbesteding van erfgoedbezoekers.

Op de Nederlandse opgravinglocaties wordt volgens het rapport meer aan voorlichting gedaan dan voorheen. Dat kan variëren van een informatiepaneel aan het hek rond de put tot een compleet programma met wekelijks bijgehouden strooifolders, een website, rondleidingen, lezingen en open dagen. De toegenomen openstelling van opgravingsterreinen vertaalt zich in een licht gestegen publieke belangstelling. In 2004 zei 5% van de Nederlandse bevolking in de voorafgaande twaalf maanden een opgraving te hebben bezocht, in 1996 was dat 4%.

Veel mensen komen voor het eerst in aanraking met archeologie door het bezoek aan een museum met een archeologische collectie. Ook op andere locaties, bijvoorbeeld bezoekerscentra, kunnen archeologische presentaties ingericht worden. In 2004 zei 14% van de ondervraagden in het jaar ervoor naar een museum met een archeologische collectie te zijn geweest. Acht jaar eerder lag die belangstelling met 13% nagenoeg op hetzelfde niveau. Opmerkelijk is echter dat het bezoek aan archeologiemusea (dus musea met een uitsluitend archeologische collectie) in die periode toenam van 3% tot 7%.

Er zijn ook enkele archeologische reconstructieparken in Nederland, waarvan het Archeon in Alphen aan den Rijn het bekendste en - met ongeveer 150.000 bezoekers per jaar - ook het best bezochte is. Vooral oudheidkundige reconstructies trokken tussen 1996 en 2004 meer belangstellenden, maar ook het bezoek aan reconstructieparken zat in de lift. Archeologische landschapselementen zijn volgens het onderzoek de meest bezochte archeologische presentaties. In 2004 zei 16% van de ondervraagden in het jaar ervoor een archeologisch monument bezocht te hebben. Acht jaar eerder lag die belangstelling met 11% een stuk lager.

Dat ruim een kwart van de Nederlandse bevolking archeologische presentaties bezoekt, wil nog niet zeggen dat de belangstelling onder alle bezoekers even groot is. Het overgrote deel van de belangstellenden voor opgravingen en archeologische presentaties bestaat uit incidentele bezoekers, dat wil zeggen personen die in een jaar hooguit drie presentaties bezoeken. Een veel kleinere, maar groeiende groep toont door een relatief hoge bezoekfrequentie een meer dan gemiddelde belangstelling voor archeologie. In 1996 bracht iets minder dan 1% van de bevolking een keer per kwartaal of vaker een bezoek. Acht jaar later was de omvang van die groep gestegen tot ongeveer 2%.

In vrijwel alle bevolkingsgroepen nam de belangstelling voor archeologie in de afgelopen jaren toe, het sterkst bij ouderen. Ook onder 25-34-jarigen steeg het bezoek aan archeologische presentaties. Daarnaast blijkt de belangstelling sterk met het opleidingsniveau samen te hangen. De archeologische belangstelling is hoger onder mannen dan onder vrouwen, vooral voor opgravingen en archeologische monumenten. Archeologie onttrekt zich niet aan de algemene regel dat erfgoed iets is wat je met anderen, meestal je naasten, bezoekt. Bijna een derde van de bezoeken (32%) gebeurt samen met de partner. Ook kinderen (19%), het hele gezin/familie (22%) en vrienden/kennissen (17%) vormen geliefd gezelschap. Slechts in zo'n 14% van de archeologiebezoeken gaat men alleen op pad.

Lees meer: het rapport is integraal te downloaden op scp.nl

door Tijl | Publicaties | Reacties (2)

Belgisch-Nederlandse contactdagen voor middeleeuwse archeologen

Na Antwerpen, Venlo en Brugge vinden de Contactdagen voor Belgisch-Nederlandse middeleeuwse archeologen en bouwhistorici (BNA) in 2008 plaats in Amersfoort. Naar goede gewoonte wordt het een tweedaagse aangelegenheid, op 7 en 8 februari 2008. Op beide dagen komt recent onderzoek aan bod, met speciale aandacht voor wooncultuur en de relaties tussen stad en platteland. Intussen is het programma van de contactdagen bekend. Inschrijven kan tot 15 januari.

Het volledige programma van de contactdagen ziet eruit als volgt:

Donderdag 7 februari
10.00 Ontvangst met koffie
10.45 Welkomstwoord door Wethouder R. Luchtenveld
11.00 Inleiding thema stad en plattelandsrelaties door sessievoorzitter Frans Theuws (AAC/UvA)
11.15 Antoinette Huijbers (AAC/UvA) - Een groepsculturele interpretatie van architectonische wisselwerkingen tussen stad en platteland gedurende de Volle en Late Middeleeuwen in de Noordwest-Europese Laagvlakte
11.45 Bob Beerenhout (Latifundium ad Flevum) - Waar kocht de 14e-eeuwse pachter van "Themaat" zijn zeevis
12.15 Frans Theuws - Aankondiging 'Medieval and early modern archaeology in the Low Countries'
12.20 Lunch
13.15 Inleiding thema stad en plattelandsrelaties door sessievoorzitter Frans Verhaeghe (VUB)
13.30 Peter de Boer (ADC) - Heren(boeren) in de Alblasserwaard. De opgraving Lange Steeg te Alblasserdam
14.00 Bart Robberechts (Dienst Archeologie, Stad Mechelen) - Stad en Platteland, een kwestie van smaak
14.30 Francien Snieder (Sectie archeologie, gemeente Amersfoort) - Amersfoort; boeren in de stad
15.00 Theepauze
15.15 Discussie over thema
16.00 Stadswandeling Amersfoort
17.00 Borrel in Stadsbrouwerij De Drie Ringen

Vrijdag 8 februari

9.00 Inleiding thema 'wooncultuur' door sessievoorzitter Sebastiaan Ostkamp
9.15 Harm Nijboer (Meertens Instituut Amsterdam) - Graven naar de wortels van de consumptiemaatschappij: boedelinventarissen, bodemvondsten en sociaal-historische analyse
9.45 Ronald van Genabeek (Bureau Archeologie en Monumentzorg, gemeente 's-Hertogenbosch) - Op zoek naar schone schijn. Wooncultuur onder en bov