
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
« februari 2008 | april 2008 »
20 maart 2008
RSS-feed ArcheoNet gewijzigd
Door de migratie van ArcheoNet naar een nieuw platform, is ook de RSS-feed gewijzigd. Wie de berichten op de website volgt via RSS, dient het adres van de feed aan te passen. De nieuwe RSS-feed is http://www.archeonet.be/?feed=rss2.
door Tijl | Varia | Reacties (0)
18 maart 2008
Relieken. Echt of vals?
Op donderdag 20 maart kan je in Tongeren de laatste lezing van de Spraakwater-reeks bijwonen. Mark Van Strydonck is ingenieur bij het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium te Brussel. Hij is gespecialiseerd in de natuurwetenschappelijke dateringstechnieken. Bevatten de schrijnen wel degelijk de overblijfselen van heiligen? Wetenschappers van diverse disciplines gingen de uitdaging aan...
We kennen ze allemaal van onze buitenlandse reizen of kerkbezoeken: prachtige reliekschrijnen met een minuscuul venstertje waar nieuwsgierigen graag even door gluren.
De onderzoekers openden deze reliekschrijnen en ontmantelden omzichtig de inhoud. Stukken bot, doeken en versierde gewaden, steentjes, zand, palmtakjes werden gedateerd en onderzocht op alle mogelijke sporen, met de recentste wetenschappelijke methodes. De resultaten vergeleken ze met heiligenlevens en andere bekende historische of archeologische informatie. De wetenschappers ontdekten dat de schrijnen vaak botmateriaal bewaren uit de periode waarin de heilige geleefd heeft. Maar soms ook niet...
Samen met collega's uit andere disciplines publiceerde Mark Van Strydonck het boek 'Relieken. Echt of vals?', uitgegeven door het Davidsfonds (197 p., 24,95 euro) en kan besteld worden via boekhandel.infodok@davidsfonds.be
Praktisch: De lezing vindt plaats op donderdag 20 maart, in de feestzaal van het Stadhuis van Tongeren, Stadhuisplein 9, B-3700 Tongeren om 20.00u.
Inkom: € 3 - Inkom leden NKV: gratis - Inkom leden Davidsfonds en KLGOG: € 2,25
Meer info: boekrecensie 'Relieken. Echt of vals?'
door Priscilla | Lezingen | Reacties (0)
ArcheoNet verhuist!
Vorige week mochten we de 500.000ste bezoeker op ArcheoNet verwelkomen. Op drie jaar tijd werden al zo'n 3000 berichten gepost op de website. Mooie cijfers, maar door het succes van de website is het systeem waarop ArcheoNet draait, niet performant meer genoeg. Daarom zijn we momenteel bezig de website te migreren naar een nieuw platform. Tegelijk proberen we enkele elementen van de lay-out te verbeteren, dit alles zonder te veel te raken aan de look-and-feel van de website. We hopen de migratie van de website op een zo kort mogelijke termijn te realiseren. Heel binnenkort vinden jullie hier dus jullie vertrouwde ArcheoNet in een nieuw jasje!
door Tijl | Varia | Reacties (0)
17 maart 2008
Tentoonstelling 'Zondags zilver' opent in Zilvermuseum
Morgen opent in het Zilvermuseum Sterckshof in Deurne de tentoonstelling 'Zondags Zilver'. Nog tot 15 juni kun je er alle facetten van het versierde kerkboek bewonderen: het vakmanschap van de zilversmeden en de boekbinders, de bijbelse en symbolische voorstellingen op de boeksloten en het gebruik in het dagelijks leven. De tentoonstelling geeft een indrukwekkend overzicht van gedrukte en rijkversierde kerkboeken in België en Nederland van 1650 tot 1900.
Kerkboeken zijn gedrukte bijbels, gebedenboeken of liedbundels die gelovigen gebruikten voor hun persoonlijke devotie en meenamen naar de kerk. De boeken hebben een handig formaat en zijn persoonlijke juweeltjes; het familiewapen of de initialen van de bezitter zijn meer dan eens verwerkt in het zilveren beslag. Ouders hielden er nauwgezet de geboorte-, doop- en soms sterfdata van hun kinderen in bij of schreven een persoonlijke opdracht als het boekje werd doorgegeven aan een jonger familielid. Het prachtige zilverwerk op de boeken getuigt van een verbluffend vakmanschap. De zilveren en gouden sloten en het beslag, de bewerkte boekband en de subtiel aangebrachte versiering in het goud op snee zijn stuk voor stuk een streling voor het oog.
Bijna tweehonderd van de tentoongestelde boeken komen uit de particuliere collectie-Van Noordwijk. Deze verzameling bevat ruim 400 kerkboeken met zilveren en gouden sloten uit de periode 1650 tot 1900 en is daarmee de grootste in haar soort in Nederland. Al ruim drie decennia lang verzamelt het echtpaar van Noordwijk exemplaren waarbij hun oog voor uniciteit en diversiteit in stijl, geschiedenis en achtergrond opvalt. Hun interesse werd 35 jaar geleden gewekt toen mevrouw van Noordwijk een armband kreeg, die was gemaakt van het slot van een kerkboek. Gefascineerd door de rijkdom en verfijning besloten zij op zoek te gaan naar bijzondere kerkboeken. In de loop der jaren kochten zij vele exemplaren bij antiquairs, bij particulieren en op beurzen in Nederland en in het buitenland. Zo ontwikkelden ze een enorme expertise. Zelf zegt het echtpaar Van Noordwijk hierover: "Voor ons is het meer dan alleen een kwestie van verzamelen: we vinden dat dit erfgoed gekoesterd moet worden".
De tentoongestelde boeken uit de collectie werden aangevuld met een rijke keuze aan gebedenboekjes met zilv erbeslag, bewaard in Belgische verzamelingen, die de productie uit eigen land illustreren. Dit Belgische luik van de tentoonstelling toont hoe verschillend de productie tussen noord en zuid wel was. De bestseller van de rooms-katholieke godsdienst, 'L'ange conducteur', vertaald als 'Den Engel bestierder', wordt veruit het meest aangetroffen onder de persoonlijke gebedenboekjes. De eerste uitgave werd in 1681 gedrukt in Luik en werd samengesteld door de jezuïet Jacques Coret. Dit gebedenboekje werd tot in de 20ste eeuw gepubliceerd en kende honderden uitgaven, voornamelijk in Frankrijk en België.
Deze tentoonstelling werd gerealiseerd in samenwerking met het Bijbels Museum in Amsterdam.
Praktisch: de tentoonstelling 'Zondags zilver' loopt van dinsdag 18 maart tot en met zondag 15 juni 2008 in het Zilvermuseum Sterckshof (Cornelissenlaan, Deurne). Open van dinsdag tot zondag van 10 tot 17.30 uur; open op paasmaandag en pinkstermaandag. Toegang: € 2/€ 4.
door Bart | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Archeologie in de provincie Antwerpen: nieuwe reeks brochures
De dienst Erfgoed van het provinciebestuur Antwerpen is gestart met een nieuwe reeks archeologiebrochures. De rijk geïllustreerde brochures moeten toelaten om relatief kort na een opgraving of een onderzoek de resultaten bekend te maken bij een breder publiek. Het is de bedoeling om jaarlijks twee à drie brochures te publiceren. Het eerste deel is net verschenen, en is gewijd aan de recente opgraving in Puurs-Pullaar, die vooral middeleeuwse sporen aan het licht bracht.
Geïnteresseerd?
Neem contact op met de dienst Erfgoed (03 /240.55.70 of erfgoed@admin.provant.be)
door Tijl | Publicaties | Reacties (0)
16 maart 2008
Succesvol boek over Pajottenland opnieuw beschikbaar
Eind vorig jaar verscheen een volledig herwerkte versie van het boek 'Pajottenland, een land om lief te hebben'. De eerste druk - met een oplage van 1600 exemplaren - was in minder dan een maand uitverkocht. Daarom besloot de Andreas Masiuskring een tweede oplage te laten drukken van dit boek over de geschiedenis en het erfgoed van het Pajottenland. Tot eind maart kun je voorintekenen aan de prijs van 35 euro.
Maar liefst 40 Pajotse dorpen worden in het boek besproken. Daarnaast zijn er nog een geschiedkundige en een geografische inleiding over het volledige Pajottenland voorzien, naast tussenstukjes over typische Pajotse erfgoedelementen. In totaal 600 pagina's informatie over de geschiedenis en het erfgoed van de heuvelachtige streek ten westen van Brussel. Alle deelgemeeenten die behoren tot Bever, Dilbeek, Galmaarden, Gooik, Herne, Lennik, Pepingen, Roosdaal, Sint-Pieters-Leeuw en Ternat komen aan bod.
Praktisch: tot eind maart kun je voorintekenen aan de prijs van 35 euro. Daarna bedraagt de prijs 38 euro (+ 5 euro verzendingskosten). Het boek kan ook afgehaald worden bij Joris De Beul, Ten Ham 21 te Lennik, na een seintje op 0476/48.02.48. Voorintekening gebeurt door storting op rekening 850-8492362-10 van de Andreas Masiuskring - Pajottenland, Marktstraat 46, 1750 Lennik.
door Tijl | Publicaties | Reacties (0)
Schoonheid uit klei en cement
Vloer- en wandtegels zijn vandaag zo vanzelfsprekend dat we er nog nauwelijks bij stilstaan dat ook deze alledaagse materialen een boeiende geschiedenis kennen. In de nieuwste erfgoedgids 'Schoonheid uit Klei en cement. Vloer en wandtegels in de Provincie Antwerpen' neemt auteur Mario Baeck je mee op een bijzonder leerrijke wandeling doorheen acht eeuwen tegelgeschiedenis, een uniek eerbetoon aan een van de minst bekende erfgoedschatten in de provincie.
In een eerste gedeelte gaat de auteur uitgebreid in op het ancien régime. Hoofdbrok van het verhaal wordt niet toevallig ingenomen door de belangrijke Antwerpse majolicaproductie uit de renaissance. Wist je dat, na de val van Antwerpen, talloze ambachtslui noodgedwongen uitzwermden over heel West-Europa? In Nederland, Engeland, Duitsland, Spanje en Portugal legden ze mee de basis voor een bloeiende tegelindustrie. De Delftse tegels en de Portugese en Spaanse azulejo's hebben dus Antwerpse roots.
De tegelindustrie kende in de provincie Antwerpen een tweede bloeiperiode tijdens de 19de en de 20ste eeuw. Dit verhaal vormt het tweede zwaartepunt van deze erfgoedgids. Vooral in de art nouveau-architectuur en later ook in de art-decoperiode werd het gebruik van decoratieve tegels ten volle benut. Hierdoor gestimuleerd legde Georges Gilliot in 1897 in Hemiksem de basis voor een bijzonder succesvolle vloer- en wandtegelfabriek. Dit bedrijf groeide al snel uit tot de belangrijkste Vlaamse fabriek, die bovendien ook enorme hoeveelheden exporteerde, zelfs naar de meest exotische landen en dit tot ver in de 20ste eeuw. Ook elders in de provincie werden kleine tegelfabriekjes gebouwd.
Dit erfgoed is vandaag nog tastbaar aanwezig in en op gebouwen, maar ook in verschillende collecties. Een mooi voorbeeld is het Roelantsmuseum in de Sint-Bernardusabdij in Hemiksem, waar schitterende stukken uit de voormalige Gilliotfabriek worden tentoontgesteld. Maar de nieuwe erfgoedgids gaat ook verder dan de besloten ruimtes van de musea. Een even waardevol erfgoed aan tegels bevindt zich nog steeds op de plaats waarvoor ze oorspronkelijk bedoeld werden. In tuinkamers en op gevels van villa's en landhuizen, in de refters, gangen en lokalen van openbare gebouwen en scholen, in winkels en cafés verspreid over de provincie kan de aandachtige erfgoedliefhebber nog pareltjes van tegelrealisaties bewonderen.
Veel van deze realisaties werden al beschermd als monument omdat zij nu eenmaal onlosmakelijk deel uitmaken van doorgaans even waardevolle gebouwen: het Pharazijnshof in Kapellen, de vele fin-de-sièclehuizen op Zurenborg, het complex van de Antwerpse zoo... Er zijn echter even waardevolle tegelrealisaties die nog geen bescherming genieten. Op basis van het onderzoek dat hij voor deze publicatie en zijn doctoraatstudie verrichte, maakte Mario Baeck, in samenwerking met de provinciale dienst Erfgoed, een representatieve selectie van voor bescherming in aanmerking komende gebouwen, die de basis kan vormen voor een thematisch beschermingsdossier.
Daarnaast werden ook een aantal collectiestukken uit musea weerhouden, die in het kader van het topstukkendecreet een vermelding verdienen. Het provinciebestuur biedt deze lijsten dan ook aan beide bevoegde ministers aan en ondersteunt hiermee de vraag naar bescherming van dit fragiele erfgoed.
Praktisch: De nieuwe erfgoedgids 'Schoonheid uit klei en cement' telt 128 pagina's en ca.120 afbeeldingen (ISBN: 9789076099743). De erfgoedgidsen kosten 10 euro en zijn verkrijgbaar bij het Provinciebestuur Antwerpen (erfgoed@admin.provant.be), Openbaar Kunstbezit Vlaanderen of de boekhandel.
door Tijl | Publicaties | Reacties (0)
Rupelstreek werkt samen rond klei- en baksteennijverheid
De vijf gemeenten uit de Rupelstreek willen de ontwikkeling en ontsluiting van de Rupelstreek als centrum van de klei- en baksteennijverheid verder uitbouwen. Op een plechtigheid in Niel hernieuwden ze vrijdag hun samenwerkingsakkoord hierrond. Ook werd een inventaris van de bestaande relicten van de steenbakkerijnijverheid voorgesteld, en werd een stand van zaken gegeven van de activiteiten binnen 'Colibri', een registratieproject voor het roerend erfgoed uit de streek.
De provincie Antwerpen, de gemeenten Boom, Rumst, Niel, Schelle en Hemiksem, de vzw's Steenbakkerijmuseum van de Rupelstreek ('t Geleeg), Rupelklei en Emabb ondertekenden op 4 december 2002 een intentieverklaring tot samenwerking in verband met de ontwikkeling en ontsluiting van de Rupelstreek als centrum van de klei- en baksteennijverheid. De provincie Antwerpen speelde hierin een coördinerende rol en stelde jaarlijks een bedrag van 75.000 euro ter beschikking voor projecten die het imago en de marketing van de regio ten goede kwamen. De samenwerkingsovereenkomst loopt telkens voor drie jaar en was nu dus voor de tweede keer aan vernieuwing toe.
De partners zijn zich bewust van het uniek karakter van de Rupelstreek als centrum van de klei- en baksteennijverheid en van de potentie voor een economisch-educatief project. Een professionele en bedrijfsmatige aanpak en een intensieve, complementaire samenwerking zijn nodig voor de ontwikkeling en ontsluiting van de Rupelstreek als klei- en baksteenregio. Daarom streeft het samenwerkingsverband naar gezamenlijke projecten op het vlak van toerisme, erfgoed, cultuur en economie. Over de noodzaak van samenwerking bestaat sinds enkele jaren een grote consensus over alle partij- en gemeentegrenzen heen.
Een inventarisproject van de nog overblijvende relicten van de steenbakkerijnijverheid in de Rupelstreek werd alvast succesvol afgerond binnen het samenwerkingsverband. In dit project onderzocht Vic Van Dijck de traditionele steenbakkerijgemeenten op actuele bedrijven, onroerend en deels roerend erfgoed en de relicten met betrekking tot het fabriceren van bakstenen, dakpannen, vorsten, vloertegels en bloempotten. Op deze manier werd een aanzienlijke lijst samengesteld van zowel de duidelijke, maar evenzeer van de minder opvallende sporen uit het baksteenverleden. In totaal werden er 95 herkenbare en nog bestaande relicten opgetekend, waarvan 13 te Hemiksem, 22 in Niel; Boom heeft er 39 en Rumst 20 en Schelle bezit er één.
In april 2007 ging ook het project 'Colibri' van start (Collectie-Inventarisatie en Beheer Rupelstreek Industrieel erfgoed), dat focust op de registratie van het roerend erfgoed van de Rupelstreek. In totaal zijn er met de hulp van vrijwilligers al 300 collecties in kaart gebracht, bestaande uit ongeveer 5000 voorwerpen, 6000 meter archief en duizenden documentatie-items (foto's, prentkaarten, doodsprentjes...). Projectcoördinator Patrick Van den Nieuwenhof licht toe: "De Rupelstreek is een streek met een bijzonder rijk verleden waarvan het erfgoed een belangrijke getuige is. Dit verloren laten gaan zou bijzonder jammer zijn. De Rupelstreek wil zich in de toekomst verder ontplooien als een ware erfgoedgemeenschap en streeft daarbij naar het sluiten van een erfgoedconvenant met de Vlaamse Gemeenschap."
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
13 maart 2008
Landelijk heiligdom in Kortrijk?
Op 8 februari is de verwerking van de opgraving te Kortrijk en Harelbeke afgerond. Het onderzoek ging de ontwikkeling van een nieuw industrieterrein langs de autosnelweg E17 vooraf. De werken werden uitgevoerd door archeologen van Monument Vandekerckhove in opdracht van Leiedal en leverde sporen op uit de overgangsperiode Late-IJzertijd/Vroeg-Romeinse tijd, de Midden-Romeinse periode en de Late-Middeleeuwen.
Uit de overgang Late-IJzertijd/Vroeg-Romeinse periode (± 500/450 v. Chr. tot 69 n. Chr.) werd op zone I een strak georganiseerde site opgegraven. In het zuiden van het terrein bevonden zich 2 afwateringsgrachten van een landweg, die 300m verder naar het oosten ook werd aangetroffen.
Daaraan parallel werden in het noorden van zone I de resten van 2 enclosures, grote min of meer rechthoekig omgrachte zones (de grootste kon 78 op 89m worden blootgelegd), aangetroffen. Weinig andere sporen konden hiermee in associatie gebracht worden, wel zat in de grachten gedeponeerd aardewerk. De hoeken van de enclosures zijn naar de windrichtingen georiënteerd. Dit is ook het geval bij een kleine vierkante structuur (van ca. 10 op 11m) iets meer naar het oosten. Binnenin dit vierkant lagen 4 paalsporen, en in de gracht zelf werd een aardewerkdepot gevonden. Waarschijnlijk is dit het overblijfsel van een landelijk heiligdom(foto links).
Op zone III werd een Romeinse site uit de 1ste helft van de 2de eeuw n. Chr. aangesneden. Zo lijken enkele grachten de site af te bakenen, onder andere een dubbele gracht en één met een vermoedelijke ingang die eveneens aansluit op een poel (van 37 op 7m). Binnenin lagen onder andere een grote cluster paalsporen en een waterput, bestaande uit 4 hoekpalen waartegen horizontaal geplaatste planken vastgemaakt werden. Slechts 1 niet te dateren structuur, met een NW-ZO georiënteerde plattegrond, kon hierin worden herkend. Buiten de 'omgrachte' zone, juist ten westen van de poel, maar met eenzelfde datering, werd eveneens een klein gebouwtje aangetroffen. Een aantal kuilen stonden hier schijnbaar in associatie mee. Een tweede fase in de Romeinse occupatie betreft enkele NW-ZO georiënteerde grachten die niet nader gedateerd konden worden.
Daarna is er sprake van een hiaat in de bewoning: wel werd uit de Karolingische periode (9de-10de eeuw) één gracht op zone II aangesneden. Pas vanaf de Late-Middeleeuwen (vooral 13de-14de eeuw) kent het terrein terug een duidelijke occupatie. Op zone I werd een klein erf aangetroffen, waarbinnen 2 NO-ZW georiënteerde gebouwplattegronden en een spieker. Het geheel vertoont een sterke associatie met het Late-IJzertijd/Vroeg-Romeins enclosure. Mogelijk wordt een hoek ervan hergebruikt en lijkt het tegen een zijde ervan geënt te zijn. De vermelde Karolingische gracht wordt hergebruikt, en op zone III wordt een aantal brede grachten aangelegd waarvan enkele tot de 18de eeuw in gebruik bleven.
Meer info: Liesbeth Messiaen
Foto's: Monument Vandekerckhove
door Jan | Opgravingen | Reacties (0)
The Archaeology of Erosion / the Erosion of Archaeology
Van 28 tot 30 april organiseert het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, in samenwerking met de K.U.Leuven, UGent en de Vlaamse Landmaatschappij, het congres 'The Archaeology of Erosion / the Erosion of Archaeology'. Het congres brengt nationale en internationale expertise samen rond de problematiek van erosie- en sedimentatieprocessen, en dit in verband met de interpretatie, de bewaring en het beheer van het archeologisch erfgoed.
Inzicht in bodemerosie- en sedimentatieprocessen is fundamenteel voor de interpretatie van het archeologisch bodemarchief. Vanuit een macroregionaal perspectief kunnen deze processen (in het algemeen) in verband gebracht worden met klimaatsschommelingen (glaciale, interglaciale cycli), en vanaf het Holoceen met toenemende menselijke activiteit en de ontwikkeling van landbouw vanaf het neolithicum. Op grootschaligere niveaus is het onderzoek van deze processen de basis voor het inschatten van bewaringspotentieel van archeologische sites in het huidige landschap, en de manier waarop de mens interageerde met en een invloed had op het landschap in het verleden. Vanuit een methodologisch perspectief is de toepassing en ontwikkeling van bv. prospectietechnieken onlosmakelijk verbonden met het begrijpen van de chronostratigrafie en geomorfologie.
In het algemeen kunnen we stellen dat de balans tussen menselijke en natuurlijke impact op deze processen in de laatste 100 jaar grondig verstoord is, met de industrialisatie van de landbouw als voornaamste oorzaak. Naar schatting heeft deze 'erosie van de geschiedenis' alleen al vanaf de jaren '50 meer dan 20% van het archeologisch bodemarchief opgeruimd. De remediëring van deze evolutie, met de ontwikkeling van gepaste evaluatie-, monitoring- en beheersmethodes en instrumenten, met gepaste wetgeving in steun, is één van de grote uitdagingen van de hedendaagse archeologie.
Het 'Archaeology of Erosion/ the Erosion of Archaeology' colloquium is erop gericht internationale expertise op deze vlakken samen te brengen. Tijdens twee dagen komen de volgende onderzoeksthema's aan bod:
-Identificatie van menselijke impact op bodemerosie- en sedimentatieprocessen doorheen de tijd
-De evaluatie en monitoring van erosie/ sedimentatieprocessen op archeologische sites.
-Methodologische ontwikkelingen voor het beter begrijpen van de wisselwerking tussen erosie en archeologie (erosie/sedimentatiemodellering; remote sensing...)
-Het beheer van stratigrafische coupes met belangrijke geo- en archeologische waarde
-Het beheer van aarden monumenten.
-Beleidsaspecten met betrekking tot erosie en beheer van archeologische sites.
Tevens is er een volledige dag excursie voorzien met bezoek aan een aantal (geo)archeologische sites in Vlaams-Brabant en Limburg.
Praktisch: Inschrijven voor het congres kan nog tot 14 april. Meer informatie over inschrijven en een volledig programma van het congres vind je op de website www.erfgoed.net/erosion.
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
Archeologische adviezen verliezen bindend karakter
In het nieuwe decreet op de ruimtelijke ordening zullen de sectorale adviezen hun bindend karakter verliezen. Ook archeologische adviezen, die bijvoorbeeld in het kader van de MER-plicht voorzien zijn, zullen in de toekomst niet meer bindend zijn. Dat bevestigt Vlaams minister Dirk Van Mechelen in een brief aan het Forum Vlaamse Archeologie (FVA). Het FVA onderzoekt nu wat de impact van de aangekondigde wijzigingen kan zijn voor het archeologisch beleid in Vlaanderen.
Naar aanleiding van het artikel 'Monumentenalarm', dat begin februari in Knack verscheen, richtte het FVA een vraag aan minister Van Mechelen. Het artikel meldde immers dat bij de geplande herziening van het decreet Ruimtelijke Ordening (RO) de bindende adviezen met betrekking tot beschermde monumenten zouden geschrapt worden. Het FVA vroeg de minister onder meer of het schrappen van bindende adviezen ook een ruimere toepassing zou kennen en dus ook betrekking zou hebben op andere archeologische adviezen.
In het antwoord dat het FVA ontving, bevestigt Van Mechelen dat in overleg met de meerderheidspartijen werd overeengekomen om bij de herziening van het decreet RO het bindend karakter van sectorale adviezen te schrappen "om op die manier het ruimtelijk karakter van de stedenbouwkundige vergunning te vrijwaren". Dit betekent dat naast de adviezen met betrekking tot beschermde monumenten, ook andere adviezen, zoals de adviezen die geleverd worden overeenkomstig artikel 127 van het huidige decreet RO (adviezen naar aanleiding van bijvoorbeeld bouw- en verkavelingaanvragen) hun bindend karakter verliezen. Meteen stelt zich hier de vraag naar de garantie voor archeologisch onderzoek.
Van Mechelen nuanceert in zijn brief de impact van de geplande wijziging: er zal nog altijd een archeologisch advies worden ingewonnen en daar kan krachtens de Formele Motiveringswet alleen van worden afgeweken op basis van omstandige argumentatie. Omwille van de zorgplicht die is ingeschreven in het archeologiedecreet zal het volgens de minister de facto zeer moeilijk zijn om aan de inhoud van een archeologisch advies voorbij te gaan. Ondanks dit antwoord van de minister blijft het FVA met vragen zitten. Zo blijft onduidelijk welke rol de zorgplicht zal kunnen spelen in het licht van deze aangekondigde wijzigingen. Evenmin is duidelijk welke maatregelen in het nieuwe onroerend erfgoeddecreet zullen worden opgenomen zodat een verantwoord archeologiebeleid verzekerd is. Over dit decreet liet de minister wel weten dat het de bedoeling is om het nog voor het zomerreces op de agenda van de Vlaamse regering te plaatsen.
Ook de verwijzingen naar de Centrale Archeologische Inventaris (CAI) en de geopperde verwachtingen inzake potentie- of evaluatiekaarten roepen vragen op. "De meeste adviezen worden nu geformuleerd op basis van de gegevens in de CAI. De praktijk toont aan dat er veel onvolkomenheden zijn wanneer men zich enkel op deze informatie baseert," meent de minister. "Daarom zal nadrukkelijk worden geinvesteerd om op een meer adequate manier informatie beschikbaar te krijgen, die het mogelijk maakt veel gerichter en liefst zelfs van in de planningsfase rekening te houden met het bodemarchief."
Meer info: het antwoord van minister Van Mechelen is integraal na te lezen op www.f-v-a.be. Op de webstek is een pagina geopend waar je dit dossier verder kunt opvolgen.
door Tijl | Beleid | Reacties (7)
12 maart 2008
Kerkenbeleidsplan op komst
Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Dirk Van Mechelen (Open Vld) wil werk maken van een kerkenbeleidsplan op korte en lange termijn. Dat zegt hij vandaag in een interview met het christelijke opinieweekblad Tertio. "De herbestemming van religieus erfgoed vraagt een breed maatschappelijk draagvlak, maar prioritair zijn het onderhoud en de restauratie van het waardevolle patrimonium," aldus de minister.
Voor de minister vormt het religieuze erfgoed geen afzonderlijke categorie. Wel beseft Van Mechelen dat bij religieus erfgoed een grote omzichtigheid is geboden. In de discussie over de toekomstige bestemming van leegstaande religieuze panden pleit de minister voor een sereen debat, los van elke vorm van ideologie. Kerkgebouwen zijn volgens hem gebouwd voor de eredienst en dat moet bij voorkeur ook zo blijven. "Wanneer dat evenwel niet mogelijk is, mag de herbestemming niet haaks staan op de originele uitstraling. Omvormingen tot een parking of een dancing komen niet in aanmerking."
Voor Van Mechelen vormt op korte termijn niet de herbestemming maar het onderhoud en de restauratie van het religieuze patrimonium de belangrijkste uitdaging. De minister wijst erop dat dit jaar 37 miljoen euro, of de helft van het budget voor onderhoud en restauratie, naar kerkgebouwen gaat. Om zijn beleid gestalte te geven, maakt de minister eerst en vooral komaf met de versnippering van de Vlaamse bevoegdheden over tien diensten. "Er komt een moederdecreet voor het erfgoed waarbij alle geledingen in functie van hun complementariteit worden gereorganiseerd."
De Kortrijkse volksvertegenwoordiger Bart Caron (Spirit) pleit voor een tienjarenplan voor het religieus erfgoed en laakt de inertie van het voorbije decennium. De enige voorwaarde bij de herbestemming van religieus erfgoed is volgens hem dat de nieuwe functie "betekenisgevend" is.
Aansluitend artikel: Kerken in een ander licht (5 maart 2008)
Foto: de voormalige Minderbroederskerk in Mechelen, nu deel van het Cultuurcentrum Mechelen - Erf-goed.be
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
Archeologische ontwikkelingshulp? Het verhaal van Bolivia
Update: de organisatie laat weten dat de lezing door een dubbelboeking verplaatst moet worden naar woensdag 9 april!
Op woensdag 9 april geeft Johan Claeys een lezing over zijn ervaringen als archeoloog in Bolivia. De lezing begint om 20u in het MSI in Leuven en wordt gevolgd door een zuiders feestje in de aanpalende Fakbar Letteren, opgeluisterd door wereldmuziek-DJ Walter Von Püt. De opbrengst gaat volledig naar Broederlijk Delen.
door Johan | Lezingen | Reacties (0)
'Wordt verwacht' thema van Erfgoeddag 2008 op 13 april
Vandaag werd in Brussel het programma voorgesteld van de Erfgoeddag 2008 op zondag 13 april. Deze achtste editie heeft als centraal thema 'Wordt verwacht' en blikt zo vooruit naar de toekomst. Meer dan 400 erfgoedorganisaties in Vlaanderen en Brussel nemen deel, goed voor zowat 600 activiteiten waarbij roerend en/of immaterieel erfgoed centraal staat. Vlaams minister Bert Anciaux maakte voor het initiatief opnieuw 250.000 euro vrij op zijn cultuurbegroting.
Erfgoeddag is een initiatief van FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed, in samenwerking met de erfgoedgemeenschappen in Vlaanderen en Brussel. Met het thema 'Wordt verwacht' wil FARO de toekomst centraal stellen. "Wij hebben toekomstverwachtingen, maar onze voorouders hadden die evenzeer," klinkt het.
In de recente geschiedenis zijn er talloze momenten op die getekend zijn door Grote Verwachtingen. Denk bijvoorbeeld aan de periodes voor en na de beide Wereldoorlogen. Historici markeren met name de universele wereldtentoonstelling van Brussel in 1958 - Expo 58 - als een belangrijk momentum in de cultuurgeschiedenis van Europa (en de rest van de wereld)... Technische innovaties en een verbeterde verstandhouding tussen de naties stonden in het uitstalraam van dit eerste naoorlogse evenement. Erfgoeddag roept ook vragen op over het vooruitgangsoptimisme van de golden sixties en het No Future van de punkbeweging... Maar ook gebruiken van en verhalen over moeder- en weeshuizen komen aan bod, net als volksgeloof (waarzeggerij, kaartleggen, bedevaarten...), science fiction en de impact van techniek op het dagelijks leven passeren de revue.
Over dit alles, en nog veel meer, gaat Erfgoeddag 2008. De titel van deze editie, 'Wordt verwacht', is een knipoogje naar het rijke bioscoopverleden van ons land. Wordt verwacht: onder deze noemer bundelen de 400 erfgoedorganisaties verrassend en veelzijdig aanbod op Erfgoeddag.
Anciaux onderstreepte tijdens de voorstelling het belang van de Erfgoeddag. "Het is de hoogdag en het publieksmoment voor het roerend en immaterieel erfgoed. Het gaat om al het waardevolle dat wij overgeleverd kregen van onze voorgangers en wat we ervan willen doorgeven. Wie aandacht heeft en zorg draagt voor het verleden, draagt immers zorg voor de toekomst en omgekeerd," aldus de minister.
Praktisch: Erfgoeddag vindt plaats op zondag 13 april 2008, van 10 tot 18 uur. Vanaf 13 maart is het volledige programma te consulteren op www.erfgoeddag.be. Voor een gratis exemplaar van de programmabrochure kan het publiek terecht bij alle deelnemende erfgoedorganisaties, de openbare bibliotheken en de grotere toerismekantoren. Via het telefoonnummer 1700 kan eveneens een brochure worden besteld. Alle activiteiten op Erfgoeddag zijn gratis. Vervoersmaatschappij De Lijn doet bovendien ook haar duit in het zakje: voor 2,50 euro is een Erfgoeddagpas te koop bij de chauffeur waarmee op het publiek op 13 april een hele dag lang onbeperkt met tram en bus kan reizen.
door Tijl | Evenementen | Reacties (0)
11 maart 2008
Rand van Romeinse nederzetting in Oudenburg
Op de opgraving langs de Ettelgemsestraat in Oudenburg is de eerste zone afgewerkt. Het onderzoek leverde vooral Romeinse sporen op uit de eerste helft van de 3de eeuw na Chr. die aan de rand van de nederzetting rond het castellum gelegen waren. Sinds januari wordt de opgraving geleid door archeoloog Wouter Dhaeze.
Sinds enkele weken heeft het team de eerste werkput, die ongeveer 1000m2 bedraagt, afgewerkt. In deze werkput werden hoofdzakelijk Romeinse sporen aangesneden. Deze omvatten karrensporen, grachten, greppels, paalgaten, waterputten, kuilen, karrensporen en inhumatiegraven. De verschillende oriëntatie van de sporen, de talrijke oversnijdingen en de vondsten laten toe minstens drie fasen te onderscheiden.
De oudste Romeinse sporen zijn NNW-ZZO georiënteerde karrensporen die misschien in verbinding stonden met de voor het kustgebied belangrijke Zeeweg.
De meerderheid van de sporen horen thuis in het laatste kwart van de tweede eeuw en de eerste helft van de derde eeuw. Tot deze fase kunnen de greppels, grachten, kuilen en waterputten gerekend worden. De greppels en grachten, die vaak haaks op elkaar staan, maakten deel uit van een percelering aan de rand van de Romeinse nederzetting. Deze greppels en grachten omsloten vierkante of rechthoekige percelen waarop bijvoorbeeld vee kon worden gehouden of groenten worden geteeld. Een van de greppels was afgeboord door een afrastering in hout.
Daarnaast werden drie waterputten met een vierkante bekisting in eik aangetroffen. De eerste waterput had een bekisting opgebouwd uit hoekpijlers, planken en dwarsstutten op de bodem. In de vulling ervan werd een Romeinse schoen aangetroffen. Een zware koperen munt gevonden in de aanlegtrechter zal een mooie terminus post quem leveren voor de constructie van de waterput. De tweede waterput(foto links) bestaat uit twee bekistingen die min of meer boven elkaar werden aangelegd: de onderste bekisting bestaat uit twee rijen planken waarvan de uiteinden in elkaar grijpen. De bovenste bekisting volgt dezelfde constructiewijze als de eerste waterput. Op de bodem van de bovenste bekisting werd naast een schoen een dijbeen aangetroffen.
De derde waterput, die veel minder diep lag dan de eerste twee, had een bekisting met in elkaar grijpende planken. Deze waterput stond in relatie met een rechthoekige kuil van 2 op 2,5 m en had een rechte bodem en rechte wanden.
Een derde groep van sporen zijn de kuilen waarvan er talrijke exemplaren werden aangesneden. De meerderheid kan als afvalkuil worden geïnterpreteerd. In de vulling ervan werd naast het gebruikelijke aardewerk(foto boven) regelmatig slachtafval aangetroffen. Sporen van gebouwen werden vooralsnog niet aangetroffen. De eigenlijke bewoning bevond zich vermoedelijk dichter bij het castellum. Het beeld dat de archeologische sporen oplevert sluit perfect aan bij wat Y. Hollevoet in de jaren 1990-1992 langs de Bekestraat, op ca. 300m van de huidige site, aantrof. Ook daar bevond men zich op de rand van de nederzetting.
Tot de recentste Romeinse sporen behoren vier inhumatiegraven. Deze bevonden zich op verschillende plaatsen in de werkput en hadden een variërende oriëntatie. De skeletten zijn deze van vier volwassen mannen. De vier werden op de rug geplaatst, waarbij de handen werden samengebracht op het bekken. In één geval werden resten van een houten kist aangetroffen. Grafgiften ontbreken volledig. Deze individuen werden begraven op een moment dat er ter plaatse geen bewoning meer was. Er zullen van het bot C14 stalen genomen worden om de ouderdom van deze graven te bepalen. Dergelijk type van graven werd ook aangetroffen in het vlakbij gelegen grafveld lans de Bekestraat, waar ze in tegenstelling tot de crematiegraven een minderheid vormen.
Behalve Romeinse sporen werd in de eerste werkput ook een brede middeleeuwse gracht aangesneden die in de 11de-12de eeuw werd aangelegd en enkele eeuwen in gebruik bleef. Deze middeleeuwse gracht mondde uit in een poel waar in de vulling ondermeer Pingsdorfaardewerk en slachtafval werd aangetroffen.
Wie meer wil weten over het verloop van de opgravingen kan een kijkje nemen op www.opgravingenriethove.be.
door Jan | Opgravingen | Reacties (0)
Zesde Nacht van de Geschiedenis op 18 maart
Op dinsdag 18 maart vindt de zesde editie van de Nacht van de Geschiedenis plaats, een organisatie van het Davidsfonds. In heel Vlaanderen worden er uiteenlopende activiteiten (lezingen, tentoonstellingen, kwissen, wandelingen, filmvoorstellingen,...) georganiseerd die op één of andere manier verbonden zijn met 'geschiedenis'. Ook dit jaar krijgt de Nacht een centraal thema mee: 'Naar men zegt...' zet mondelinge geschiedenis in de kijker.
Het aanbod van meer dan 200 activiteiten bevat ook een aantal lezingen met een archeologische inslag. Wij maakten een snelle selectie, maar bekijk zeker ook het volledige programma.
ANZEGEM: Griekse mythen en sagen (Kris Vansteenbrugge)
ARDOOIE: Het alleroudste van Ardooie en Koolskamp (Lucien Vanacker en André Callewaert)
BERCHEM: De revolutie van Achnaton en Nefertiti. Het einde van het veelgodendom in Egypte? (Marleen Reynders)
BONHEIDEN: Naar men zegt... Sagen en legenden? Archeologie?
BRUSTEM: De slag bij Brustem (het Ree-Animasie-Tejater)
ERPE: Kasteelberg van Erpe en andere mottes (Luc Bauters)
HALLE: Slachtoffer van verraad en intrige. Lamoraal van Egmond 1522-1568 (Herman Vandormael)
KESSEL-LO: Virtuele wandeling met de Leuvense prentenatlas (17de eeuw) (Evert Cockx)
MECHELEN: Relieken, echt of vals (Mark Van Strydonck)
MORTSEL: De Romeinse keizers in de 3de eeuw (Georges Stienlet)
OOSTENDE: Maritieme archeologie op de Vlaamse banken (Tomas Termote)
OUDENAARDE: De slag bij Oudenaarde - 11 juli 1708 (Paul Vergracht)
PUTTE: 1302, een vestimentaire reconstructie (Joris De Sutter)
SINT-KATELIJNE-WAVER: Abdij Roosendael, 800 jaar in Waverwoud (Karel Caelen en François Van der Je)
SINT-MARIA-LIERDE: De schelp en de mens, een 100.000 jaar oude geschiedenis! De schelp in de religie, de kunst, het dagelijkse leven... (Paul Verleyen)
WESTERLO: Invloed van de abdijen op de ontwikkeling van de Kempen (Godfried Kwanten)
Ongetwijfeld hebben we in deze selectie nog interessante activiteiten over het hoofd gezien. Staat je eigen activiteit niet in de lijst? Laat dat dan gerust weten bij de reacties.
door Bart | Evenementen | Reacties (1)
Lezing 'De moderne Olympische Spelen: de revival van een oude traditie?'
In de zomer van 2008 vinden in Beijing de 29ste moderne Olympische spelen plaats. Deze gelegenheid wordt door velen aangegrepen om de band met de oude spelen en de Griekse cultuur te benadrukken. Maar hoe moeten we ons de oude spelen juist voorstellen en welke gelijkenissen zijn er nu eigenlijk echt? Welke klassieke referenties werden in de ontstaansperiode van de moderne spelen bewust nagestreefd?
In deze lezing probeert dra. Sofie Remijsen (K.U.Leuven) het web van echte en vermeende verbanden tussen oud en nieuw te ontwarren en poneert zij de vraag of we in verband met de moderne Olympische spelen niet moeten spreken van een 'invented tradition'.
Praktisch: dinsdag 18 maart 2008 om 20u00 in het Mgr. Sencie-Instituut, lokaal 00.28 (Erasmusplein, Leuven). Toegang gratis. De lezing is een organisatie van NKV Vlaams-Brabant, i.s.m. de studentenkringen Historia en Babylon en het Instituut Klassieke Studies. Meer informatie bij Herbert Verreth.
door Bart | Lezingen | Reacties (0)
Unieke middeleeuwse literatuur ontdekt in Stadsarchief Mechelen
Onlangs ontdekten literatuurhistorici in het Mechelse Stadsarchief een aantal literaire teksten die nieuw licht werpen op de 14de-eeuwse literatuur in het Nederlands. Een perkamenten boekrol van maar liefst anderhalve meter lang is beschreven met experimentele poëzie, ongekend voor deze periode. Van de ridderroman 'Jonathas & Rosafiere' vond men papieren bladen die meer dan een eeuw ouder zijn dan de fragmenten die al bekend waren.
Perkamenten boekrollen (= opgerolde en beschreven stroken perkament) zijn door hun kwetsbaarheid maar zelden overgeleverd. De Mechelse rol dateert van ca. 1325 en is één van de vroegste literaire rollen die we kennen. Ook de lengte van anderhalve meter is opmerkelijk. Op de rol staat een nog onbekend gedicht dat bizarre beelden oproept. Ogenschijnlijke nonsens, erotische dubbelzinnigheden en politieke actualiteit wisselen elkaar af in dit stukje uiterst geraffineerde poëzie. Met raadselachtige beeldspraak en symboliek schetst de dichter een ontluisterend beeld van een maatschappij in ontbinding. Deze poëzie weerspiegelt de onrust en onzekerheid in de eerste decennia na de Guldensporenslag (1302). Natuurrampen, hongersnood en epidemieën teisterden toen de bevolking van de Lage Landen.
De literaire schat bevond zich in banden van middeleeuwse stadsrekeningen. De literatuurhistorici Remco Sleiderink (Hogeschool-Universiteit Brussel) en Herman Mulder (Koninklijke Bibliotheek van België) analyseerden tot nu toe 66 verzen. Maar ze ontdekten dat er in de band van vijftiende-eeuwse stadsrekeningen meer resten van de boekrol verscholen zitten, minstens 150 verzen extra. Het Mechelse Stadsarchief wint momenteel advies in van Lieve Watteeuw voor de restauratie van deze unieke handschriften.
In de stadsrekeningen zijn ook maar liefst 400 verzen opgedoken van Jonathas & Rosafiere, een ridderroman over een schokkende incestaffaire. Tot nu toe waren de oudst bekende fragmenten die van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam. Die dateren van omstreeks 1480. De Mechelse verzen zijn bijna een eeuw ouder. Ze bevatten verhaalelementen die tot nu toe onbekend waren. De interpretatie van de roman moet bijgevolg dringend worden herzien.
De banden van de stadsrekeningen zullen ongetwijfeld nog andere geheimen prijsgeven als ze verder onderzocht worden. Dat een middeleeuwse boekbinder over dergelijke teksten beschikte om banden van stadsrekeningen te verstevigen, wijst erop dat in de vijftiende eeuw heel wat afgedankte literatuur in Mechelen beschikbaar was. Het Nederlands dat in de poëzie op de rol gebruikt wordt, is ook afkomstig uit het zuidwesten van het hertogdom Brabant, oftewel de regio rond Mechelen. "Dat doet vermoeden dat Mechelen op literair vlak een grotere rol speelde dan tot nu toe werd aangenomen," stelt Tina Vanhoye van de Erfgoedcel Mechelen. "Jan van Ruusbroec associëren we met Brussel, Jan van Boendale met Antwerpen en Lodewijk van Velthem met de omgeving van Leuven. Het ziet ernaar uit dat we binnenkort een nieuw hoofdstuk kunnen schrijven in de geschiedenis van de Nederlandse literatuur, een hoofdstuk met een Mechels tintje."
Meer info: Tina Vanhoye (Erfgoedcel Mechelen)
door Tijl | Varia | Reacties (0)
10 maart 2008
TRAC 2008 van 4 tot 6 april in Amsterdam
Van 4 tot 6 april zal in Amsterdam de 18de Theoretical Roman Archaeology Conference (TRAC) plaatvinden. Voor het eerst wordt deze conferentie, die een brede kijk tracht te bieden op het domein van de Romeinse archeologie, buiten het Verenigd Koninkrijk georganiseerd. Het jaarlijkse TRAC-congres stelt zich in de eerste plaats tot doel om een forum te bieden aan jonge onderzoekers. Ook Vlaamse archeologen en studenten zullen zeker hun gading vinden in het gevarieerde programma.
Vandaag werd het definitieve programma van TRAC 2008 bekendgemaakt. Geinteresseerden worden verzocht om zich voor 15 maart in te schrijven (na 15 maart wordt het inschrijvingsgeld met 20 euro verhoogd).
Het programma, alle praktische info en een inschrijvingsformulier zijn te vinden op trac2008.nl.
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
Brussel beschermt opmerkelijk handelserfgoed
De Brusselse regering gaat twee oude tavernes beschermen: 'L'Espérance' in het centrum en 'Au Vieux Spijtigen Duivel' in Ukkel. De beslissing is een eerste stap in de bescherming van opmerkelijk Brussels handelserfgoed. "Handelszaken maken integraal deel uit van ons erfgoed," stelt staatssecretaris Emir Kir. "Eigenlijk vormen ze zelfs een erfgoedsoort op zich, minder erkend dan woningen, kerken of paleizen. Ze zijn nochtans beladen met geschiedenis en brengen mensen samen."
Het gebouw aan de Finisterraestraat waarin taverne L'Espérance (foto rechtsboven) is gevestigd, werd opgericht in 1874. Het is een vergeelde getuige van de architecturale evolutie die de Brusselse wijk in het begin van de 20ste eeuw onderging. De gemengde bouwstijl en het classicistisch geïnspireerde decor doen denken aan de gebouwen die na de overwelving van de Zenne langs de boulevards werden opgericht. Het gebouw werd pas in 1930 een taverne. In dat jaar nam architect en decorateur Léon Govaerts ook de gelijkvloerse verdieping onder handen. De verbouwingen zorgden voor een authentieke art-decostijl. De sobere inrichting en het nog grotendeels oorspronkelijke meubilair zijn representatief voor de handelsarchitectuur uit het interbellum.
Au vieux Spijtigen Duivel werd gebouwd in 1741 als herberg en afspanning voor de koetsen die van het centrum van Brussel naar Calevoet reden. Onder meer schrijvers-dichters Charles Baudelaire en Victor Hugo, en volgens legendes ook keizer Karel, zouden er nog hun dorst hebben gelest. Typisch is het uithangbord met de grinnikende duivel.
Staatssecretaris Emir Kir (PS) heeft de dienst Monumenten en Landschappen van het Brussels Gewest gevraagd een hele resem opmerkelijke Brusselse handelszaken dit jaar nog gedeeltelijk of volledig te beschermen. Onder meer een oude apotheek aan de Botanique, een voormalige hemdenmakerij in de Koningstraat, een beenhouwerij in Sint-Gillis, Het Spinnekopke (staminee Bloemenhofplein), Archiduc (cocktailbar in art-decostijl in de Dansaertstraat) en het oude café Cirio (Beursstraat) zullen dit jaar nog aanspraak kunnen maken op de titel van beschermd erfgoed. De Brusselse regering beschermde in het verleden al een heel aantal cafés en herbergen, onder meer Het Goudblommeke van Papier (foto rechts), de Falstaff, Greenwich en Mort Subite.
"Handelszaken maken integraal deel uit van ons erfgoed," stelt Kir. "Eigenlijk vormen ze zelfs een erfgoedsoort op zich, minder erkend dan woningen, kerken of paleizen. Ze zijn nochtans beladen met geschiedenis en brengen mensen samen. Handelszaken zijn kwetsbaar patrimonium. Daarom hebben ze recht op een bijzondere plaats in het beschermde bouwkundige erfgoed van ons gewest."
Foto's: Erf-goed.be
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
Zuid-Oost-Limburg krijgt digitale archeologische bibliotheek
Voor een archeologische literatuurstudie is het vaak een hele klus om over de noodzakelijke en gewenste publicaties te kunnen beschikken. Daarom is een groep enthousiastelingen in Zuid-Oost-Limburg van start gegaan met het opzetten van een digitale archeologische bibliotheek voor de regio: archeobib. Op dit moment zijn al zo'n 2000 relevante artikels in een database geregistreerd. In een volgende fase zal men deze inventaris ook online beschikbaar maken en de publicaties digitaliseren. Meer informatie over dit initiatief vind je op zolad.be.
door Tijl | Varia | Reacties (1)
9 maart 2008
Archeologische Werkgroep verkent de Westhoek: afgelast!
De Archeologische Werkgroep (Universiteit Gent) organiseert op zaterdag 15 maart een uitstap naar de Westhoek. Via bezoeken aan kerkhoven, monumenten, mijninslagen en loopgraven zal tijdens deze uitstap de impact van de Eerste Wereldoorlog op de Ieper Salient bestudeerd worden.
Update: de uitstap wordt afgelast wegens een gebrek aan interesse bij de studenten
door Tijl | Varia | Reacties (1)
Lezingenreeks 'Grensverkenningen'
Komende dinsdag 11 maart nodigen de Vlaamse Bouwmeester en zijn Nederlandse collega u uit voor een lezingenreeks die volledig in het teken staat van 'herbestemming' in Vlaanderen en Nederland. Diverse sprekers gaan met behulp van case-studies na op welke wijze erfgoed, herbestemming en kwalitatieve architectuur kunnen samengaan. De toegang is gratis, maar voorafgaande registratie is gewenst.
De volledige uitnodiging kan u hier downloaden (pdf).
door Bart | Lezingen | Reacties (0)
Gezocht! Historicus/Archeoloog (m/v) voor doctoraatsproject
De doctoraatsstudent(e) voert historisch-ecologisch onderzoek naar oude boscomplexen in de Antwerpse Kempen, een project van de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en de Universiteit van Gent (UGent). Het doctoraatsbursaal gaat in vanaf 1 april met een duur van vier jaar. Kandidaten mogen zich voor 20 maart met uitgebreid CV melden bij Anneleen De Jaegher en worden op 25 maart in de namiddag voor een gesprek verwacht op de VUB.
Sinds 1 januari van dit jaar loopt aan de VUB-Vakgroep Kunstwetenschappen en Archeologie, in nauwe samenwerking met het Labo voor Bosbeheer van de Universiteit Gent en geruggensteund door de Provincie Antwerpen een onderzoeksproject naar de historische bossen in de Antwerpse Kempen. De kandidaten moeten interdisciplinair ingesteld zijn en geïnteresseerd zijn in interdisciplinair landschapsonderzoek. In het project worden namelijk archiefonderzoek, ecologisch onderzoek en terreinwerk gecombineerd om vanuit dit perspectief vat te krijgen op de culturele biografie van de bossen op zich en de betekenis van de historisch-ecologische evolutie en vormgeving doorheen de tijd. Een extra aspect is dat het project ook een praktijkgebonden kant heeft, en niet alleen moet leiden naar een doctoraat, maar ook naar een publieksgericht boek over de historische bossen in de Antwerpse Kempen, in samenwerking met beide co-promotoren Kris Verheyen (UGent) en Dries Tys (VUB).
door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)
8 maart 2008
Lezing 'De slag van Wijnendale, 28 september 1708'
Komende dinsdag 11 maart nodigt de archeologisch-historische kring van Koekelare Spaenhiers vzw prof. dr. Luc De Vos (Koninklijke Militaire School, K.U.Leuven) uit voor een lezing over de slag bij Wijnendale. Deze veldslag, uitgevochten in 1708 in volle Spaanse Successieoorlog, is in onze contreien weinig bekend, maar geniet in het Verenigd Koninkrijk grote weerklank omdat het een sleutelmoment betekende in de belegering van Rijsel en zo in belangrijke mate bijdroeg tot de uiteindelijke overwinning van de Grote Alliantie.
Praktisch: dinsdag 11 maart 2008, om 20.00 u, in de parochiezaal van Wijnendale (Kloosterstraat, Torhout). Toegang: 1 euro.
Externe link: Slag bij Wijnendale - Wikipedia
door Bart | Lezingen | Reacties (0)
7 maart 2008
Vacture erfgoedconsulent archeologie (m/v)
De Vlaamse overheid, Agentschap R-O Vlaanderen, is momenteel op zoek naar een erfgoedconsulent archeologie (m/v) met als standplaats Brussel. Het betreft een contractuele functie, voor onmiddellijke indiensttreding. Als erfgoedconsulent archeologische erfgoedzorg zal je een professionele bijdrage moeten leveren in de validatie en het behoud van het archeologisch erfgoed in het Vlaams Gewest. Solliciteren kan tot 21 maart 2008.
Je bent in het bezit van een diploma van licentiaat of doctor in de oudheidkunde en kunstgeschiedenis (of kunstwetenschappen), of in de archeologie, of in de letteren en wijsbegeerte (groep geschiedenis, met specialisatie in de archeologie), of in de geschiedenis (met specialisatie in de archeologie), of diploma van master in de kunstwetenschappen en archeologie, of in de archeologie, of in historisch-culturele studies (met specialisatie in de archeologie), of gelijkwaardig.
Interesse? Je motivatiebrief en je cv stuur je uiterlijk op 21 maart 2008 naar het Agentschap R-O Vlaanderen, Onroerend Erfgoed, t.a.v. Werner Wouters, Koning Albert II-laan 19 bus 3, 1210 Brussel of via mail naar Werner Wouters.
Meer info: Alle informatie omtrent de functie kan je vinden in de uitgebreide functiebeschrijving die je hier (pdf-172 KB) kan downloaden. Heb je nog vragen dan kan je steeds contact opnemen met Werner Wouters (02/553.16.39) of Peter Van den Hove (02/553.16.45).
Foto: De Kolonie, Wortel (vzw Kempens Landschap- erf-goed.be)
door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)
Fluxys werft 2 archeologen (m/v) aan
Binnenkort start Fluxys NV met de aanleg van de aardgasvervoerleiding tussen Brakel en Haaltert. Het traject bedraagt 26 km. De voorlopige startdatum voor de archeologische opvolging is voorzien op 31 maart. De einddatum is nog niet gekend. De bouwheer NV Fluxys zal 2 archeologen aanwerven om de werken te begeleiden. Het Provinciaal Museum Zuid-Oost-Vlaanderen (Pamzov) zal de wetenschappelijke begeleiding op zich nemen. Solliciteren kan tot 14 maart.
Gezien men vanuit 2 richtingen zal werken is het noodzakelijk dat de archeologen beschikken over een wagen om zich tijdens de werken te kunnen verplaatsen.
Kandidaten kunnen tot 14 maart een solliciatiebrief met cv opsturen via mail naar Pamzov of per brief naar PAMZOV Velzeke, Paddestraat 7, 9620 Velzeke.
door Priscilla | Vacatures | Reacties (0)
GO! geeft nog 1 beurs weg voor erfgoedcursus
Het gemeenschapsonderwijs van de Vlaamse Gemeenschap, kortweg GO!, beschikt nog over één beurs ter waarde van 1000 euro om uit te delen aan een Vlaamse leerkracht die naar de europese erfgoedcursus van 24 april tot 1 mei in Alden Biesen wil komen voor een residentiële nascholing rond erfgoededucatie. De bijdrage van de school wordt door deze beurs beperkt tot 100 euro. Wie interesse heeft, neemt zo snel mogelijk contact op met Veerle De Troyer
door Jan | Erfgoed | Reacties (0)
6 maart 2008
De juridische bescherming van het roerend en onroerend erfgoed
Op dinsdag 22 april organiseert de Universiteit Hasselt in Diepenbeek een studienamiddag over de juridische bescherming van het roerend en onroerend erfgoed. Deze studienamiddag wil een overzicht bieden van een aantal recente evoluties inzake de juridische bescherming van het erfgoed. Daarnaast wordt ook het huidig en toekomstig beleid inzake onroerend, roerend en immaterieel erfgoed toegelicht.
De decreet- en regelgeving omtrent de bescherming van het roerend en onroerend erfgoed dat zich binnen het Vlaams Gewest/de Vlaamse Gemeenschap bevindt, werd de jongste jaren herhaaldelijk gewijzigd en sterk uitgebreid. Zo voorziet het decreet houdende bescherming van het roerend erfgoed van uitzonderlijk belang, het zogenoemde Topstukkendecreet, in een eigen instrumentarium voor de juridische bescherming van waardevolle roerende goederen, buiten de context van een beschermd monument om. De bescherming van landschappen werd omgebogen naar een ruimere landschapszorg, met de eerste definitieve aanduidingen van ankerplaatsen, die de afbakening als erfgoedlandschappen vooraf gaan. Het archeologiedecreet leidde tot concrete beschermingen als archeologische zone. De integratie van de erfgoedzorg in de ruimtelijke ordening is en blijft een belangrijk aandachtspunt.
De studiedag richt zich tot al diegenen die beroepshalve bezig zijn met de zorg voor het erfgoed, dan wel zich in de praktijk inzetten voor het behoud van waardevolle monumenten, landschappen en roerende goederen.
Praktisch: het volledige programma en een inschrijvingsformulier vind je in deze folder (.doc). In de inschrijvingsprijs (120 euro) is de deelname aan de studienamiddag begrepen en een exemplaar van het boek 'De bescherming van het roerend en onroerend erfgoed. Wet-, decreet- en regelgeving van kracht binnen het Vlaams Gewest/de Vlaamse Gemeenschap' (A.M.Draye, Larcier, 2007, 435 p., ISBN 978-2-8044-2032-1)
Foto: het beschermde gebouw van de handelsrechtbank aan de Havermarkt in Hasselt - Erf-goed.be
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
Drie nieuwe beschermde gebouwen in Hasselt?
De Vlaamse overheid wil drie historische gebouwen in Hasselt beschermen. Dat meldt de VRT-nieuwsdienst vandaag. Het gaat om het gebouw van het voormalige Sint-Jozefscollege, het oude Moederhuis en het Clarissenklooster (foto). Vooral het Sint-Jozefscollege is een belangrijk monument. Volgens de Vlaamse overheid behoort het tot de top van de neoromaanse gebouwen in Vlaanderen.
De gebouwen liggen allemaal langs de Groene Boulevard. Burgemeester Herman Reynders (SP.A) is blij dat de beschermingsprocedure is opgestart. "Het gaat om drie uitzichtbepalende gebouwen," vindt Reynders. "Ik denk dat het Sint-Jozefscollege niet gauw van bestemming zal veranderen. Maar je herinnert je nog de discussie rond het Clarissenklooster, dat sommigen deels wilden afbreken."
"Met een bescherming zal het niet langer mogelijk zijn om deze gebouwen af te breken", hoopt de burgemeester van Hasselt. Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Dirk Van Mechelen (Open VLD) moet binnen het jaar een definitieve beslissing nemen.
Foto: © Lutje Bex - HasseltLokaal
Bron: deredactie.be
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
5 maart 2008
VVIA publiceert themanummer over vlaserfgoed
In 2008 bestaat de Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie (VVIA) dertig jaar, en dat wordt op verschillende manieren gevierd. Een eerste initiatief is de publicatie van een speciaal nummer van het Vlaams-Nederlandse tijdschrift 'Erfgoed van Industrie en Techniek', gewijd aan de geschiedenis en het erfgoed van het vlas. Dit themanummer wordt voorgesteld op zaterdag 15 maart, tijdens een studienamiddag over vlaserfgoed in het Nationaal Vlasmuseum in Kortrijk.
Vlas (of Linum usitasisimum) is één van de belangrijkste vezelplanten die reeds vanaf de steentijd in cultuur gebracht werden. 'Linum' betekent vlas, 'usitasisimum' betekent 'op veel manieren bruikbaar'. Vlas is het industriegewas met de hoogst toegevoegde waarde, waar naast de vezel ook de zaden (lijnzaad) en alle 'afval' nuttige bestemmingen vonden. Vlas is onlosmakelijk verbonden met de cultuur van de Lage Landen tussen Artesië en Friesland, en met 'cultuur' als dusdanig.
De publicatie van het themanummer rond vlas is een uitloper een stage-samenwerking tussen de VVIA, de opleiding 'industrieel erfgoed' aan de Université d'Artois in Arras en enkele Nederlandse vlasprojecten. Klein begonnen, groeide deze samenwerking tot een extra-dik nummer (80 bladzijden in plaats van de gebruikelijke 32): de geschiedenis en het erfgoed van de vlasvezelbereiding bleken immers een bijzonder rijk en fascinerend, maar nog grotendeels onontgonnen thema.
Het nummer brengt volgende bijdragen:
- Lucie MALUTA: Behoud en herwaardering van vlaserfgoed in Europa
- Adriaan LINTERS: De Vlasvallei
- Gerrit HERREMA: Vlas in Friesland: een afgesloten tijdperk ?
- Giel VAN HOOFF: Beeldverhaal: de laatste handwever
- Adriaan LINTERS: De Geur van de Welstand. Vlas roten - tussen wetenschap, techniek en milieuhygiëne
- Luc SOENS: De vlaszwingelwindmolen 'Preetjes Molen'
- Interview met Bert Dewilde. Het Nationaal Vlasmuseum in Kortrijk
- Frank WELGEMOED: "God gaf ons geen linnen, maar vlas om te spinnen" - vlassites op internet
- Ties STEEHOUWER: Het Nationaal Vlasserij- en Suikermuseum in Klundert, Nederland
Een samenvatting van de artikels vind je op www.vvia.be. Dit speciale nummer wordt voorgesteld op zaterdag 15 maart om 14u30, tijdens een denkdag over vlaserfgoed in het Nationaal Vlasmuseum in Kortrijk. Hier zal ook de studie over het behoud en de ontsluiting van het vlaserfgoed in Europa toegelicht worden.
Praktisch: inschrijving voor de presentatie op 15 maart kost 12,50 euro (tijdschrift inbegrepen - inschrijving vóór 13 maart verplicht). Losse nummers kosten 15 euro. Leden van de VVIA in 2008 ontvangen het nummer gratis. Om in te schrijven of de publicatie te bestellen, kun je dit formulier gebruiken (pdf).
Foto: vlasroterij Sabbe in Kuurne (Willy Vereenooghe - Erf-goed.be)
door Tijl | Publicaties | Reacties (0)
Volkscafés worden mogelijk beschermd
Het initiatief van Volkskunde Vlaanderen om volkscafé's in kaart te brengen wordt met belangstelling gevolgd vanuit het beleidsdomein onroerend erfgoed. Dat antwoordde Vlaams minister Dirk Van Mechelen op een schriftelijke vraag. Van Mechelen laat uitschijnen dat dit mogelijk de start betekent voor de opmaak van een aantal beschermingsdossiers. Naast erfgoedwaarden kunnen volgens de minister ook volkskundige of socio-culturele waarden aanleiding geven tot bescherming.
Volkskunde Vlaanderen startte onlangs een project om de typische volkscafés te behouden. Mensen die nog authentieke volkscafés kennen, kunnen deze aanmelden op www.volkscafes.be. Volkskunde Vlaanderen zal, na controle door caféspotters, een inventaris maken van typische volkscafés. Na verloop van tijd is het ook de bedoeling om de verdwijning van volkscafés tegen te gaan door sensibilisering van de bevolking en de lokale besturen met betrekking tot het belang van authentieke cafés. De belangstelling voor het initiatief om de volkscafés in Vlaanderen in kaart te brengen is bijzonder groot. "Het toont aan dat het project beantwoordt aan een reële behoefte en dat er een groot maatschappelijk draagvlak voor is," stelt minister Van Mechelen. "Mogelijk biedt de inventaris de gelegenheid voor het opstarten van een typologisch-thematisch dossier rond cafés. We moeten dat echter nog even afwachten omdat de inventaris van Volkskunde Vlaanderen niet noodzakelijk de eventuele erfgoedwaarde in kaart brengt, maar veeleer focust op een sociaal gevoel."
Om voor bescherming in aanmerking te komen moet een gebouw aan een of meerdere intrinsieke erfgoedwaarden hebben, aldus de minister. "Ook volkskundige of socio-culturele waarden kunnen aanleiding geven voor bescherming," stelt hij. "Dat is uiteraard een individuele afweging die per gebouw moet worden gemaakt. Eén van de moeilijkheden bij de bescherming van cafés is precies dat het goed gevoel dat veel mensen bij een bepaald café heeft niet altijd kan worden beschermd, omdat het onder andere afhankelijk is van het gezelschap, de cafébaas... Een andere afweging die moet worden gemaakt heeft betrekking op de bescherming van het interieur. Soms maakt dat onlosmakelijk deel uit van het etablissement en moet overwogen worden om het integraal mee te beschermen. Tegelijkertijd moet er ook voor gezorgd worden dat de noodzakelijke dynamiek niet wordt gekortwiekt door elke ingreep onmogelijk te maken."
Tot op heden zijn er ongeveer 100 (voormalige) cafés, herbergen, afspanningen en andere etablissementen beschermd als monument. De beschikbare informatie laat niet toe om uitsluitsel te geven of al deze cafés nog steeds als café worden gebruikt of dat sommige een andere bestemming hebben gekregen. Bovendien zijn er ook nog een aantal andere gebouwen (zoals de voormalige Dominicanerkapel in Aalst) die tot café zijn herbestemd.
Aansluitend artikel: Volkskunde Vlaanderen brengt overblijvende volkscafés in kaart (9 januari 2008)
Foto: herberg Klosken in Sint-Martens-Lennik (Hans Van Lierde)
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
Kerken in een ander licht
Onder grote belangstelling vond gisteren in Mechelen het tweede deel plaats van een studietweedaagse over de herbestemming van religieus erfgoed. Naast een resem interessante lezingen, konden de deelnemers het fenomeen van herbestemming zelf ervaren tijdens een bezoek aan het voormalige Cellebroedersklooster. Ten slotte werd ook de werknota 'Kerken in een ander licht' voorgesteld en besproken.
De studiedag vond plaats in het Cultuurcentrum Mechelen. Een passende lokatie, aangezien het cultuurcentrum ook gebruik maakt van de gerestaureerde Minderbroederskerk voor zijn activiteiten. In de onmiddellijke omgeving bevinden zich ook andere herbestemde religieuze gebouwen, zoals de Heilige Geestkapel en de kapel van het Scheppersinstituut. Mechels schepen van Ruimtelijke Ordening Karel Geys gaf tijdens de studiedag overigens een indrukwekkende opsomming van herbestemmingsprojecten in Mechelen, waarbij hij de actieve rol van het stadsbestuur in deze projecten benadrukte. De Mechelse projecten konden in drie categorieen worden onderverdeeld: cultuur, wonen en werken.
Vier belangrijke spelers bij de herbestemming van erfgoed mochten de aftrap geven voor de studiedag. Vertegenwoordigers van het agentschap R-O Vlaanderen, het Team Vlaams Bouwmeester, het agentschap voor Binnenlands Bestuur en het agentschap Kunsten en Erfgoed, bespraken kort de rol van hun organisatie in de herbestemming van onroerend en roerend erfgoed. Na de tussenkomst van schepen Geys over de rol van lokale besturen, focusten enkele sprekers zich op de herbestemming van erfgoed als hefboom voor stedelijke ontwikkeling.
Maud Coppenrath (stad Antwerpen) stelde het masterplan voor van de herbestemming van het Militaire Hospitaal in Antwerpen, inclusief de kerk en de kapel van de grotendeels beschermde site. Ze onderstreepte hierbij ook het belang van de betrokkenheid van de lokale gemeenschap, iets dat onder meer werd gerealiseerd door regelmatige inspraak- en infomomenten. De lezing van de Nederlandse architect Broor S. Adema bekeek de problematiek van de herbestemming van religieus erfgoed dan weer vanuit een Fries standpunt.
Om de opgedane kennis aan de praktijk te toetsen, kregen de deelnemers aan de studiedag vervolgens een rondleiding in het voormalige Cellebroedersklooster aan de Nokerstraat. Het huidige kloostercomplex kwam grotendeels tot stand in de periode 1710-1730, en werd in 1985 beschermd als monument. De voltooiing van de restauratie van de kapel en de schitterende 18de-eeuwse stucplafonds in de pandgang in 2005 betekende het einde van een lange restauratiecampagne. Het gerestaureerde klooster kreeg een herbestemming met kantoren en vergaderzalen. Het complex wordt nu - onder de naam De Noker - beheerd door de vzw Emmaus.
In de namiddag volgde nog een presentatie van Claire Baisier over de werking van de vzw Monumentale Kerken Antwerpen, die werkt rond het behoud, het beheer en de ontsluiting van de vijf grootste kerken in Antwerpen, kerken die ook nog gebruikt worden voor de eredienst. Dit gebeurt onder meer door het publiceren van folders en brochures voor toeristen en de recente vernieuwde website MKAweb.be. Daarnaast is MKA ook betrokken bij projecten zoals 'Eerstehulp bij Calamiteiten van Cultureel Erfgoed'. Baisier benadrukte ook de belangrijke rol die vrijwilligers spelen voor de werking van de vzw.
Tussendoor werden nog twee herbestemmingsprojecten - het Agnetenklooster in Tongeren en de Brigittinenkerk in Brussel - voorgesteld aan de hand van een filmpje, en daarna mocht Madeleine Manderyck verslag uitbrengen van de werkzaamheden van de werkgroep 'Religieus Erfgoed' van het Agentschap R-O Vlaanderen. Manderyck gaf een interessant overzicht van de mogelijkheden en beperkingen van het herbestemmen van kerken en kloosters, gestoffeerd met tal van inspirerende voorbeelden.
Binnen de werkgroep wordt momenteel een discussienota 'Kerken in een ander licht' opgesteld, waarvan een voorlopige versie momenteel ook on-line beschikbaar is. Deze nota werd als discussietekst voorgelegd ter gelegenheid van de studietweedaagse. Het is de bedoeling aan te vullen en uit te breiden met informatie en inzichten die tijdens de twee studiedagen naar voren werd gebracht. De studiedag werd afgesloten met een korte presentatie van architect bOb Van Reeth over de vernieuwing van de Sint-Sixtusabdij in Westvleteren. Van Reeth tekende de plannen voor een moderne abdijvleugel, waarbij de bedoeling was om kwaliteitsvolle architectuur als nieuwe laag toe te voegen aan het historische complex.
Lees meer: download het werkdocument 'Kerken in een ander licht. Neven- en herbestemming van religieus erfgoed' (pdf - 2,3 mb)
door Tijl | Congressen | Reacties (0)
4 maart 2008
Reizende tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' komt aan in Brecht
Na een eerste opstelling in Kapellen naar aanleiding van de Open Monumentendag 2006 en reprises in Kontich, Turnhout en Grobbendonk zet de tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' haar rondreis doorheen de provincie Antwerpen verder. Vanaf 8 maart is de tentoonstelling te bezichtigen in Brecht. Op 29 maart of 5 april kan je bovendien de archeologische workshop 'Graven om te weten' volgen.
De voorbije 15 jaar was het archeologisch onderzoek binnen het IAP/VIOE in hoofdzaak gericht op noodonderzoek. In Antwerpen waar voorheen de archeologische activiteit vooral gericht was op gekende sites zoals de Romeinse vicus van Grobbendonk en Kontich of op grafheuvel- en urnenveldenonderzoek in de Kempen, kwamen op deze manier vele nog ongekende sites aan het licht. 15 jaar noodonderzoek vulde de archeologische kaart in de provincie aan met nieuwe maar ook wetenschappelijk interessante gegevens over het dagelijkse leven in het verleden.
De tentoonstelling startte in 2006 in Kontich en komt nu, na tussenstoppen in Turnhout en Grobbendonk, in Brecht aan. Daar houdt ze een maand lang halt, alvorens van 11 april tot 11 mei de laatste stopplaats Malle aan te doen.
De tentoonstelling is zo ingedeeld dat een chronologisch overzicht wordt geboden over de rurale socio-culturele leefwereld van de mens in het verleden. De panelen behandelen achtereenvolgens steentijdsites van het mesolithicum (10.000-5000 vóór Chr.) tot het neolithicum (5000-2000 vóór Chr.), de metaaltijden met bronstijd (2000-800 vóór Chr.) en ijzertijd (800-57 vóór Chr.), de Romeinse periode (57 vóór Chr - 476 na Chr.) en de middeleeuwen (vanaf de 5de eeuw). De inhoud van de panelen wordt aangevuld met vitrines die eveneens per periode een aantal mooie en karakteristieke vondsten tonen.
Enkele bijzondere vondsten verdienen de aandacht: een fragment van de oudste eg van NW-Europa gedateerd tussen 60 na Chr. en 130 na Chr. en een gouden muntschat (6de eeuw) uit het Merovingisch grafveld te Broechem.
Per tijdsperiode krijgen ook de handelscontacten van de lokale mensen in het Antwerpse bijzondere aandacht: archeologische vondsten zijn immers de voorwerpen bij uitstek om een beeld te krijgen van handelscontacten in het verleden. Bovendien getuigen ook de types van gebouwplattegronden, de verschillende grafrituelen en gebruiken van onderlinge contacten tussen verschillende volkeren en klassen. Tenslotte bieden enkele panelen een klare kijk op de vigerende wetgeving inzake archeologie, monumenten- en landschapszorg.
Op zaterdag 29 maart of zaterdag 5 april kan je bovendien de archeologische workshop 'Graven om te weten' volgen. Deelname is gratis, inschrijven op voorhand is noodzakelijk.
Praktisch: De tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' loopt van 8 maart tot 6 april 2008 in GC Jan Vander Noot, Mudaeusstraat 9 - 2960 Brecht. Ze is elke zaterdag en zondag te bezoeken tussen 10 en 18 uur. De toegang is gratis, groepen op afspraak.
door Bart | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Lezing over opgravingen in Menen: afgelast!
Op dinsdag 11 maart organiseert studentenkring Alfa in Leuven een lezing over de archeologische opgravingen langs de Kortewaagstraat in Menen (West-Vlaanderen).
Update: de organisatie meldt ons dat deze lezing door omstandigheden wordt afgelast!
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
3 maart 2008
Hotel Astoria in Brussel wordt grondig gerestaureerd
Hotel Astoria in de Koningsstraat in Brussel, een van de oudste en bekendste hotels van onze hoofdstad, krijgt binnenkort een ingrijpende facelift. Hotel Astoria, een schitterend paleis uit de Belle Epoque, opende de deuren in 1910 voor de Wereldtentoonstelling, maar staat sinds eind vorig jaar leeg. De werkzaamheden zouden twee à drie jaar in beslag nemen en dertig miljoen euro kosten.
Hotel Astoria, een weelderig geheel in Beaux-Arts-stijl, werd ontworpen door architect Van Dievoet en is gebouwd rond een centrale lichtschacht. In de talrijke praalplaatsen (toegangshal, eretrap, salons, schouwburgzaal, Pullman bar of eetzaal) bevindt zich nog een aanzienlijk deel van de decoratie en het meubilair van weleer (Venetiaanse luchters, spiegels, vergulde versieringen, zuilenreeksen, smeedwerk). Het hotel werd in 1996 al een keer gerestaureerd. In 2000 werd het hotel beschermd als monument. Het hotel, waar beroemdheden als Sir Winston Churchill, president Dwight Eisenhower en kunstschilder Salvador Dalí verbleven, staat sedert november 2007 leeg.
Het architectenbureau MA² zal de restauratiewerken uitvoeren. MA² heeft reeds enkele Brusselse projecten op zijn naam staan, waaronder de bibliotheek van Solvay, de kerk van Laken en het Beursgebouw. De beschermde delen van het hotel, de gelijkvloerse verdieping en de gevel, worden grondig gerestaureerd. De vijf overige verdiepingen worden gerenoveerd. Op die manier zal het hotel opnieuw aan alle eisen van een luxehotel en de strenge veiligheidsnormen voldoen. Het hotel wordt ook uitgebreid, vertelde projectleider Johan Bellaert aan tvbrussel. "Er komt een uitbreiding. We gaan de capaciteit van het hotel naar 140 kamers optrekken. Dat wil zeggen dat we moeten uitbreiden, zowel in de hoogte, in de breedte en in de diepte. Maar dat hangt af van de bouwvergunningen die we gaan krijgen."
Meer info: je kunt een filmpje over de restauratie van Hotel Astoria bekijken op brusselnieuws.be
Foto: Erf-goed.be
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
Het verleden op het spoor: archeologie en de HST
De rondreizende expo 'Het verleden op het spoor: archeologie en de HST' doet zijn laatste halte aan: vanaf 21 maart tot 23 april 2008 is de tentoonstelling te gast in het Domaine Provincial in het Luikse Hélécine. Tien jaar archeologische werkzaamheden langs het traject van de hogesnelheidstrein krijgen zo hun weerslag in drie uitgediepte periodes: het Paleolithicum, het Neolithicum en de Nieuwe tijd.
De trein is altijd een beetje reizen... soms zelfs terug in de tijd. Bij werken aan de HST-lijn werden in Wallonië op verschillende plaatsen archeologische overblijfselen ontdekt. Specialisten beten zich vast in de opgravingen, om zo snel mogelijk de belangrijkste sites bloot te leggen en te onderzoeken.
Van 1995 tot 2003 werkte de dienst Prehistorie van ons Instituut langs de 65km lange spoorlijn door Haspengouw en het Land van Herve. De vondsten dateren uit erg uiteenlopende periodes, van de Prehistorie tot in de Nieuwe tijd. De oudste overblijfselen werden gevonden in Remicourt, waar 80.000 jaar geleden een groep Neanderthalers hun kamp opzette.
De resultaten van deze opgravingen werden in een speciale tentoonstelling gegoten, die getuigt van de archeologische rijkdom van onze Belgische bodem. Volg het spoor van de oudheid, dompel je onder in het leven van toen en ontdek hoe België er 80.000, 5.000 en 300 jaar gelden moet hebben uitgezien.
Deze tentoonstelling werd ontwikkeld door de Directie Archeologie en door de Dienst Archeologie van de Directie Luik I van het Ministerie van het Waals Gewest (Direction générale de l'Aménagement du Territoire, du Logement et du Patrimoine), in samenwerking met het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. Met de steun van de Duitstalige gemeenschap en Infrabel.
Praktisch: de tentoonstelling loopt vanaf 21 maart tot 23 april 2008 in het Domaine Provincial, Rue Armand Dewolf 2 in Hélécine (Heylissem), provincie Luik. De deuren zijn geopend tussen 11u en 17u; sluitingsdag is maandag. De tentoonstelling bestaat enkel in Frans, maar de volledige vertaling in Nederlands en Duits is beschikbaar. Toegang is gratis.
door Johan | Tentoonstellingen | Reacties (0)
40.000 euro voor restauratie en onderhoud van klein erfgoed in Antwerpen
De provincie Antwerpen zal jaarlijks 40.000 euro voorzien voor de restauratie en het onderhoud van klein erfgoed dat karakter geeft aan dorpen en gemeenten. Met deze nieuwe subsidieregeling wil het provinciebestuur projecten betoelagen die dit erfgoed blijvend een plaats geven binnen het maatschappelijke leven en het dorpsbeeld, en vermijden dat niet-beschermde gebouwen hun waardevol karakter verliezen.
Het provinciebestuur Antwerpen ondersteunt op aanzienlijke wijze de restauratie van het beschermde erfgoed van onze provincie dankzij haar aandeel in de restauratiepremie voor beschermde monumenten. De restauratie of het onderhoud van het niet beschermd, waardevol erfgoed werd tot nu toe amper of niet ondersteund vanuit de overheden. Van 2001 tot 2006 trachtte het provinciebestuur de eigenaars van zulke panden te sensibiliseren met een onderhoudspremie. Honderden gebouwen werden aangepakt. Dankzij een volgehouden inzet van de vzw Monumentenwacht blijft de sensibilisering rond dit erfgoed een actueel thema. In 2006 werd dit premieproject afgesloten en het provinciebestuur wenste via een nieuw initiatief haar inzet voor het onroerend erfgoed te bestendigen.
Veel van het kleine erfgoed dat karakter geeft aan onze dorpen en gemeenten is eigendom van het gemeentebestuur, de kerkfabriek of een ander openbaar bestuur. Deze gebouwtjes, zoals bijvoorbeeld kapellen, calvaries, wegwijzers, landschappelijke of rurale elementen, historisch straatmeubilair, herdenkingstekens of -monumenten, funerair erfgoed, boswachtershuisjes, poortgebouwtjes, hekwerk, kleine beeldbepalende constructies zoals schooltjes, kleine gemeentehuizen,... hebben vaak een beperkt gebruik en worden dan ook al te snel vergeten als het gaat om onderhoud en restauratie. Met deze nieuwe subsidieregeling wil het provinciebestuur jaarlijks een aantal projecten betoelagen die door de restauratie of herstelling dit erfgoed valoriseren en blijvend een plaats geven binnen het maatschappelijke leven en het dorpsbeeld.
De in aanmerking komende openbare besturen worden via een jaarlijkse oproep gestimuleerd om projectvoorstellen in te dienen. Op basis van een aantal criteria zal een selectie worden gemaakt van een vier- à zestal projecten die ondersteuning verdienen. Hiervoor wordt in totaal een budget van 40.000 euro vrijgemaakt. De bijdrage van het provinciebestuur kan maximaal 50% van de totale projectkost bedragen.
Geïnteresseerden kunnen de richtlijnen en criteria voor projectvoorstellen vinden op www.provant.be.
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
2 maart 2008
Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu
In het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel loopt momenteel de interessante tentoonstelling 'Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu'. Onder het motto 'Dat verrassende land' geeft tentoonstellingscommissaris Laurent Busine in 140 buitengewone werken zijn eigenzinnige kijk op Wallonië. Aan de hand van zowel historische als hedendaagse kunstwerken schetst hij een vrij portret van Wallonië van de 12de tot de 16de eeuw. De tentoonstelling loopt nog tot 18 mei.
Tussen de 12de en 16de eeuw droegen miniaturisten, schilders, beeldhouwers, goudsmeden en muzikanten bij aan de Europese uitstraling van een regio die toen nog lang niet Wallonië heette. Meesterwerken van Joachim Patenier, Henry Blès, Robert Campin, Jacques Du Broeucq en Hugo d'Oignies, afkomstig uit bekende musea of gevonden in verborgen collecties, schetsen een vrij portret van Wallonië. Gaandeweg werpen volksgeloof en populaire verhalen licht op het dagelijkse leven.
De Waalse paradox en de zin voor het buitengewone vormen het uitgangspunt van de tentoonstelling. De rode draad is het hoogstpersoonlijke en fictieve verhaal dat Laurent Busine vertelt over zijn streek, Wallonië. Busine, directeur van het Museum voor hedendaagse kunst van Grand-Hornu, selecteerde uiteenlopende kunstwerken - waaronder schilderijen, edelsmeedkunst, tapijten en sculpturen in Wallonië en het buitenland. Hij koos de kunstwerken niet louter op basis van hun kunsthistorische waarde, maar ook wegens hun verhalende waarde. De levendige indruk spreekt even goed uit oude stukken als uit de hedendaagse interventies van Orla Barry, Michel François, Jean-Pol Godart, Juan Paparella, Beat Streuli en Angel Vergara.
Wie de tentoonstelling gaat bezoeken, moet zeker ook even gaan kijken naar de kleine tentoonstelling van architectuurfotograaf Filip Dujardin. Hij presenteert momenteel drie intrigerende fotoreeksen in Bozar. Vooreerst een reeks beelden van architectuurprojecten gemaakt in opdracht van het Belgische tijdschrift voor architectuur A+. De tweede serie is gewijd aan barakken: intuïtieve architectuur, in elkaar geknutseld door landbouwers en her en der in het Vlaamse landschap ingeplant. En tot slot een reeks fotomontages, in het oog springende ficties die in BOZAR voor het eerst aan het publiek worden voorgesteld.
Praktisch: de tentoonstelling 'Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu' loopt nog tot 18 mei in Bozar / Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. Meer info op bozar.be
Afbeelding: Saint-Jerôme dans un paysage (Henri Blès & Lambert van Noort)
door Tijl | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Lezing 'De Oude Belgen' in Wervik
Op donderdag 6 maart zal auteur Ugo Janssens in Wervik een lezing geven over 'de Oude Belgen'. Janssens publiceerde vorig jaar het succesvolle boek 'De Oude Belgen'. Deze studie vertelt over hun zwerftochten, graven, nederzettingen en archeologische overblijfselen. Janssens brengt een heel originele en verantwoorde kijk op onze voorvaderen en hun confrontatie met de Romeinse generaal Caesar.
De "Oude Belgen" waren hoofdzakelijk maar niet uitsluitend Keltische stammen. Enkele stammen waren Germanen. Ze leefden in Noord-Gallië, tussen de Noordzee, de Marne, de Seine en de Rijn. Volgens Caesar telden ze 310.000 krijgers, wat zou kunnen betekenen dat het totale bevolkingscijfer ongeveer anderhalf miljoen bedroeg.
Zoals Ugo Janssens in zijn boek 'De Oude Belgen' zegt, waren het "allochtone autochtonen". Hun voorvaderen trokken van het Donaubekken aan de Zwarte Zee naar Oost-Europa (Oekraïne, Polen) en vandaar tussen 750 v.C. en 400 v.C. naar West-Europa en Turkije. Caesar romaniseerde hen grotendeels. Momenteel bestaan nog Keltische talen in o.m. Bretagne, Wales, Ierland, Schotland.
Aan de hand van o.a. Caesars De Bello Gallico, Tacitus, Diodorus van Sicilië, Polybios, andere antieke schrijvers en hedendaagse wetenschappers spitst Janssens zich toe op de Belgen, hun strijd en nederlaag tegen de Romeinen, hun leefgewoonten, voedingsmiddelen, zeden, hygiëne, hun gestalte, kledij, sieraden, aristocratisch bestuur, handel met andere volkeren en hun handelsartikelen, landbouw en landbouwmethodes, uitvindingen (zeep, broek, dorsvlegel, maliënkolder...), de rol van de vrouwen, mythologie, religie...
Praktisch: lezing 'De Oude Belgen' door Ugo Janssens, op donderdag 6 maart om 20u in gc Forum (Speiestraat 16, Wervik). Inkom €2. Deze lezing is een organisatie van Davidsfonds Wervik-Komen en Viroviacum Romanum.
door Tijl | Lezingen | Reacties (0)
1 maart 2008
FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed officieel gelanceerd
Gisteren werd in Brussel het nieuwe Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed officieel boven de doopvont gehouden. Het nieuwe steunpunt luistert naar de naam FARO, en is onststaan uit de fusie van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur en Culturele Biografie Vlaanderen. Tijdens de feestelijke opening in het nieuwe gebouw 'De Priem', met authentieke Brusselse wafels en muziek van een historisch Decaporgel, werd ook de nieuwe website faronet.be voorgesteld.
Gisteren opende de Priem, in het hartje van Brussel, officieel de deuren. In de gerenoveerde 18de-eeuwse drukkerij werken sinds begin dit jaar diverse steunpunten van de Vlaamse Gemeenschap samen: Cultuur Lokaal, het Vlaams Centrum voor Openbare Bibliotheken en het kersverse FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed. FARO neemt de centrale ondersteunende rol op in de sector van het roerend en immaterieel erfgoed, waarvoor de Vlaamse regering vorige week nog het gloednieuw erfgoeddecreet goedkeurde. Zowel praktijkontwikkeling, praktijkondersteuning en beeldvorming en communicatie, het ondersteunen van allerlei partners in de cultureel-erfgoedsector, alsook grote initiatieven zoals Erfgoeddag, de Week van de Smaak, In-fusion of Expo '58 weerspiegelen de ambities en werkzaamheden van het nieuwe steunpunt.
FARO krijgt een bijzondere rol om het hoogst innovatieve erfgoeddenken waarmee Vlaanderen een ambitieuze plaats in de wereldwijde voorhoede nastreeft, mee te begeleiden en te ontwikkelen. FARO staat dan ook ter beschikking voor de hele cultureel-erfgoedsector in Vlaanderen: musea, archieven, erfgoedbibliotheken, erfgoedcellen, volkscultuur, erfgoedverenigingen... Kortom, iedereen die met roerend en immaterieel erfgoed bezig is. Dat deze erfgoedsector in de 'glokale' wereld van de 21ste eeuw voor grote uitdagingen staat én zich bovendien razendsnel uitbreidt, illustreerde FARO aan de hand van een feestelijk openingsprogramma met onder meer een nieuw wafelrecept van topkok Peter Goossens, een lezing van de Nederlandse professor Willem Frijhoff, een debat met jonge historici, openingstoespraken en een compositie voor Decaporgel (foto boven) van Walter Hus.
Externe link: www.faronet.be
door Tijl | Beleid | Reacties (0)
63 Britse militaire begraafplaatsen mogelijk beschermd
De West-Vlaamse deputatie heeft deze week positief advies gegeven voor de bescherming van 63 Britse militaire begraafplaatsen. De deputatie geeft daarmee een aanzet tot de erkenning van de oorlogsrelicten uit de Eerste Wereldoorlog in de Westhoek tot Werelderfgoed. Het advies van de West-Vlaamse deputatie gaat nu naar Vlaams minister Dirk Van Mechelen. Hij moet de bescherming uitspreken. "Zonder deze Vlaamse erkenning als monument kan er geen erkenning komen als werelderfgoed," verduidelijkte gedeputeerde Gunter Petry.
door Tijl | Erfgoed | Reacties (0)
