
Home
Kalender
Forum
Contact
Links
17 maart 2008
Tentoonstelling 'Zondags zilver' opent in Zilvermuseum
Morgen opent in het Zilvermuseum Sterckshof in Deurne de tentoonstelling 'Zondags Zilver'. Nog tot 15 juni kun je er alle facetten van het versierde kerkboek bewonderen: het vakmanschap van de zilversmeden en de boekbinders, de bijbelse en symbolische voorstellingen op de boeksloten en het gebruik in het dagelijks leven. De tentoonstelling geeft een indrukwekkend overzicht van gedrukte en rijkversierde kerkboeken in België en Nederland van 1650 tot 1900.
Kerkboeken zijn gedrukte bijbels, gebedenboeken of liedbundels die gelovigen gebruikten voor hun persoonlijke devotie en meenamen naar de kerk. De boeken hebben een handig formaat en zijn persoonlijke juweeltjes; het familiewapen of de initialen van de bezitter zijn meer dan eens verwerkt in het zilveren beslag. Ouders hielden er nauwgezet de geboorte-, doop- en soms sterfdata van hun kinderen in bij of schreven een persoonlijke opdracht als het boekje werd doorgegeven aan een jonger familielid. Het prachtige zilverwerk op de boeken getuigt van een verbluffend vakmanschap. De zilveren en gouden sloten en het beslag, de bewerkte boekband en de subtiel aangebrachte versiering in het goud op snee zijn stuk voor stuk een streling voor het oog.
Bijna tweehonderd van de tentoongestelde boeken komen uit de particuliere collectie-Van Noordwijk. Deze verzameling bevat ruim 400 kerkboeken met zilveren en gouden sloten uit de periode 1650 tot 1900 en is daarmee de grootste in haar soort in Nederland. Al ruim drie decennia lang verzamelt het echtpaar van Noordwijk exemplaren waarbij hun oog voor uniciteit en diversiteit in stijl, geschiedenis en achtergrond opvalt. Hun interesse werd 35 jaar geleden gewekt toen mevrouw van Noordwijk een armband kreeg, die was gemaakt van het slot van een kerkboek. Gefascineerd door de rijkdom en verfijning besloten zij op zoek te gaan naar bijzondere kerkboeken. In de loop der jaren kochten zij vele exemplaren bij antiquairs, bij particulieren en op beurzen in Nederland en in het buitenland. Zo ontwikkelden ze een enorme expertise. Zelf zegt het echtpaar Van Noordwijk hierover: "Voor ons is het meer dan alleen een kwestie van verzamelen: we vinden dat dit erfgoed gekoesterd moet worden".
De tentoongestelde boeken uit de collectie werden aangevuld met een rijke keuze aan gebedenboekjes met zilv erbeslag, bewaard in Belgische verzamelingen, die de productie uit eigen land illustreren. Dit Belgische luik van de tentoonstelling toont hoe verschillend de productie tussen noord en zuid wel was. De bestseller van de rooms-katholieke godsdienst, 'L'ange conducteur', vertaald als 'Den Engel bestierder', wordt veruit het meest aangetroffen onder de persoonlijke gebedenboekjes. De eerste uitgave werd in 1681 gedrukt in Luik en werd samengesteld door de jezuïet Jacques Coret. Dit gebedenboekje werd tot in de 20ste eeuw gepubliceerd en kende honderden uitgaven, voornamelijk in Frankrijk en België.
Deze tentoonstelling werd gerealiseerd in samenwerking met het Bijbels Museum in Amsterdam.
Praktisch: de tentoonstelling 'Zondags zilver' loopt van dinsdag 18 maart tot en met zondag 15 juni 2008 in het Zilvermuseum Sterckshof (Cornelissenlaan, Deurne). Open van dinsdag tot zondag van 10 tot 17.30 uur; open op paasmaandag en pinkstermaandag. Toegang: € 2/€ 4.
door Bart om 12:53 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
4 maart 2008
Reizende tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' komt aan in Brecht
Na een eerste opstelling in Kapellen naar aanleiding van de Open Monumentendag 2006 en reprises in Kontich, Turnhout en Grobbendonk zet de tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' haar rondreis doorheen de provincie Antwerpen verder. Vanaf 8 maart is de tentoonstelling te bezichtigen in Brecht. Op 29 maart of 5 april kan je bovendien de archeologische workshop 'Graven om te weten' volgen.
De voorbije 15 jaar was het archeologisch onderzoek binnen het IAP/VIOE in hoofdzaak gericht op noodonderzoek. In Antwerpen waar voorheen de archeologische activiteit vooral gericht was op gekende sites zoals de Romeinse vicus van Grobbendonk en Kontich of op grafheuvel- en urnenveldenonderzoek in de Kempen, kwamen op deze manier vele nog ongekende sites aan het licht. 15 jaar noodonderzoek vulde de archeologische kaart in de provincie aan met nieuwe maar ook wetenschappelijk interessante gegevens over het dagelijkse leven in het verleden.
De tentoonstelling startte in 2006 in Kontich en komt nu, na tussenstoppen in Turnhout en Grobbendonk, in Brecht aan. Daar houdt ze een maand lang halt, alvorens van 11 april tot 11 mei de laatste stopplaats Malle aan te doen.
De tentoonstelling is zo ingedeeld dat een chronologisch overzicht wordt geboden over de rurale socio-culturele leefwereld van de mens in het verleden. De panelen behandelen achtereenvolgens steentijdsites van het mesolithicum (10.000-5000 vóór Chr.) tot het neolithicum (5000-2000 vóór Chr.), de metaaltijden met bronstijd (2000-800 vóór Chr.) en ijzertijd (800-57 vóór Chr.), de Romeinse periode (57 vóór Chr - 476 na Chr.) en de middeleeuwen (vanaf de 5de eeuw). De inhoud van de panelen wordt aangevuld met vitrines die eveneens per periode een aantal mooie en karakteristieke vondsten tonen.
Enkele bijzondere vondsten verdienen de aandacht: een fragment van de oudste eg van NW-Europa gedateerd tussen 60 na Chr. en 130 na Chr. en een gouden muntschat (6de eeuw) uit het Merovingisch grafveld te Broechem.
Per tijdsperiode krijgen ook de handelscontacten van de lokale mensen in het Antwerpse bijzondere aandacht: archeologische vondsten zijn immers de voorwerpen bij uitstek om een beeld te krijgen van handelscontacten in het verleden. Bovendien getuigen ook de types van gebouwplattegronden, de verschillende grafrituelen en gebruiken van onderlinge contacten tussen verschillende volkeren en klassen. Tenslotte bieden enkele panelen een klare kijk op de vigerende wetgeving inzake archeologie, monumenten- en landschapszorg.
Op zaterdag 29 maart of zaterdag 5 april kan je bovendien de archeologische workshop 'Graven om te weten' volgen. Deelname is gratis, inschrijven op voorhand is noodzakelijk.
Praktisch: De tentoonstelling '15 jaar archeologie in Antwerpen' loopt van 8 maart tot 6 april 2008 in GC Jan Vander Noot, Mudaeusstraat 9 - 2960 Brecht. Ze is elke zaterdag en zondag te bezoeken tussen 10 en 18 uur. De toegang is gratis, groepen op afspraak.
door Bart om 21:36 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
3 maart 2008
Het verleden op het spoor: archeologie en de HST
De rondreizende expo 'Het verleden op het spoor: archeologie en de HST' doet zijn laatste halte aan: vanaf 21 maart tot 23 april 2008 is de tentoonstelling te gast in het Domaine Provincial in het Luikse Hélécine. Tien jaar archeologische werkzaamheden langs het traject van de hogesnelheidstrein krijgen zo hun weerslag in drie uitgediepte periodes: het Paleolithicum, het Neolithicum en de Nieuwe tijd.
De trein is altijd een beetje reizen... soms zelfs terug in de tijd. Bij werken aan de HST-lijn werden in Wallonië op verschillende plaatsen archeologische overblijfselen ontdekt. Specialisten beten zich vast in de opgravingen, om zo snel mogelijk de belangrijkste sites bloot te leggen en te onderzoeken.
Van 1995 tot 2003 werkte de dienst Prehistorie van ons Instituut langs de 65km lange spoorlijn door Haspengouw en het Land van Herve. De vondsten dateren uit erg uiteenlopende periodes, van de Prehistorie tot in de Nieuwe tijd. De oudste overblijfselen werden gevonden in Remicourt, waar 80.000 jaar geleden een groep Neanderthalers hun kamp opzette.
De resultaten van deze opgravingen werden in een speciale tentoonstelling gegoten, die getuigt van de archeologische rijkdom van onze Belgische bodem. Volg het spoor van de oudheid, dompel je onder in het leven van toen en ontdek hoe België er 80.000, 5.000 en 300 jaar gelden moet hebben uitgezien.
Deze tentoonstelling werd ontwikkeld door de Directie Archeologie en door de Dienst Archeologie van de Directie Luik I van het Ministerie van het Waals Gewest (Direction générale de l'Aménagement du Territoire, du Logement et du Patrimoine), in samenwerking met het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. Met de steun van de Duitstalige gemeenschap en Infrabel.
Praktisch: de tentoonstelling loopt vanaf 21 maart tot 23 april 2008 in het Domaine Provincial, Rue Armand Dewolf 2 in Hélécine (Heylissem), provincie Luik. De deuren zijn geopend tussen 11u en 17u; sluitingsdag is maandag. De tentoonstelling bestaat enkel in Frans, maar de volledige vertaling in Nederlands en Duits is beschikbaar. Toegang is gratis.
door Johan om 16:37 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
2 maart 2008
Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu
In het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel loopt momenteel de interessante tentoonstelling 'Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu'. Onder het motto 'Dat verrassende land' geeft tentoonstellingscommissaris Laurent Busine in 140 buitengewone werken zijn eigenzinnige kijk op Wallonië. Aan de hand van zowel historische als hedendaagse kunstwerken schetst hij een vrij portret van Wallonië van de 12de tot de 16de eeuw. De tentoonstelling loopt nog tot 18 mei.
Tussen de 12de en 16de eeuw droegen miniaturisten, schilders, beeldhouwers, goudsmeden en muzikanten bij aan de Europese uitstraling van een regio die toen nog lang niet Wallonië heette. Meesterwerken van Joachim Patenier, Henry Blès, Robert Campin, Jacques Du Broeucq en Hugo d'Oignies, afkomstig uit bekende musea of gevonden in verborgen collecties, schetsen een vrij portret van Wallonië. Gaandeweg werpen volksgeloof en populaire verhalen licht op het dagelijkse leven.
De Waalse paradox en de zin voor het buitengewone vormen het uitgangspunt van de tentoonstelling. De rode draad is het hoogstpersoonlijke en fictieve verhaal dat Laurent Busine vertelt over zijn streek, Wallonië. Busine, directeur van het Museum voor hedendaagse kunst van Grand-Hornu, selecteerde uiteenlopende kunstwerken - waaronder schilderijen, edelsmeedkunst, tapijten en sculpturen in Wallonië en het buitenland. Hij koos de kunstwerken niet louter op basis van hun kunsthistorische waarde, maar ook wegens hun verhalende waarde. De levendige indruk spreekt even goed uit oude stukken als uit de hedendaagse interventies van Orla Barry, Michel François, Jean-Pol Godart, Juan Paparella, Beat Streuli en Angel Vergara.
Wie de tentoonstelling gaat bezoeken, moet zeker ook even gaan kijken naar de kleine tentoonstelling van architectuurfotograaf Filip Dujardin. Hij presenteert momenteel drie intrigerende fotoreeksen in Bozar. Vooreerst een reeks beelden van architectuurprojecten gemaakt in opdracht van het Belgische tijdschrift voor architectuur A+. De tweede serie is gewijd aan barakken: intuïtieve architectuur, in elkaar geknutseld door landbouwers en her en der in het Vlaamse landschap ingeplant. En tot slot een reeks fotomontages, in het oog springende ficties die in BOZAR voor het eerst aan het publiek worden voorgesteld.
Praktisch: de tentoonstelling 'Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu' loopt nog tot 18 mei in Bozar / Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. Meer info op bozar.be
Afbeelding: Saint-Jerôme dans un paysage (Henri Blès & Lambert van Noort)
door Tijl om 23:32 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
27 februari 2008
Gemeentelijk museum 'Het Gasthuis' in Duffel, een bezoekje waard!
In september 2006 opende de gemeente Duffel Museum 'Het Gasthuis'. Het is ondergebracht in het voormalige kasteel Gevers, dat voordien een halve eeuw dienst deed als onderwijsinstelling voor verpleegkundigen. Daarvoor fungeerde het als ziekenverblijf. 'Het Gasthuis' is eigenlijk een dubbelmuseum: de zijvleugel van het gebouw huisvest een Museum voor Verpleegkunde; de derde verdieping van het oude kasteel is ingericht als Heemkundig Museum. Uw reporter ging een kijkje nemen.
Het kasteel Gevers valt wel op in het landschap en een duidelijke uitnodiging voor bezoek werd gecreëerd met een hippe vlag als uithangsbord. De statige hoofdingang zal in de toekomst in gebruik worden genomen. Het museum zelf bevindt zich namelijk in de zijvleugels aan de achterzijde. Een team van vrijwilligers werkte met veel motivatie en enthousiasme aan de uitbouw en presentatie van de collectie. Of hoe je met weinig middelen toch zorg kan dragen voor het (lokale) erfgoed, zo blijkt...
Wanneer je na een vriendelijke introductie door de medewerker het museum betreedt, krijg je meteen een overzicht van de highlights (foto links) van de collectie waarna het bezoek kan worden verdergezet op de eerste verdieping, indien je niet verleid wordt tot koffie in de kleine cafetaria die in het blikveld ligt. De hoogtepunten geven de bezoeker alvast een goede intellectuele oriëntatie van de collectie. Een korte introductie over de rijke geschiedenis van het kasteel geeft de bezoekers de kans zich in de historiek van het gebouw te verdiepen.
In het Museum voor Verpleegkunde kan je een collectie erfgoed gaan bewonderen die vooral betrekking heeft op de gezondheidszorg, van oudheid tot heden met als focus het verpleegaspect. In het verleden werd maar weinig aandacht geschonken aan dit soort van erfgoed maar de vele bezoekers van het afgelopen jaar tonen aan dat er wel degelijk interesse naar is. "Zo was het vroeger..." hoor je geregeld zeggen door de bezoekers. Dit aspect van herkenning en de laagdrempeligheid geven het museum 'Het Gasthuis' een toegevoegde educatieve waarde. De gepresenteerde objecten zijn vooral utilitair en het is ook niet het object an sich dat het tot een museologische waarde brengt maar de geassocieerde historiek in relatie met de huidige medische technologie.
De drie zalen op de eerste verdieping (foto rechts) hebben als onderwerp de geneeskunde van aan zijn wieg, met de vier lichaamssappen van Galenus van Pergammum als startpunt, tot aan de 18de eeuw. De opstellingen worden afgewisseld met reproducties van originele documenten uit de desbetreffende periode en bieden een aangename visuele verpozing.
De displays om de objecten in te presenteren zijn ook een eigen ontwerp (foto links). Met heel veel zorg werden deze ontwerpen uitgevoerd door het gemeentelijk schrijnwerkersatelier. Dit bewijst nog maar eens dat met de nodige motivatie en zelfs beperkte middelen het resultaat toch bewonderenswaardig is. Aandacht werd hierbij geschonken aan de variatie van opstelling, aan de belichting, aan afdekkend glas (dat niet weerspiegelt) en aan een degelijke constructie in hippe kleuren.
De drie zalen op de tweede verdieping belichten het verpleegkundig beroep vanaf de opkomst ervan, te beginnen met Florence Nightingale. De museumdirectie heeft ook nog ambitieuze toekomstplannen om tijdelijke tentoonstellingen in te richten rond een specifiek aspect in de verpleging.
Wanneer je verder de trappen op loopt kom je in het Heemkundig Museum terecht. Hier worden topics uit de lokale geschiedenis getoond: de link tussen Duffel en de duffelcoat, archeologische vondsten, het rijke verleden van Kasteel Ter Elst en van de vroegere Heren van Duffel. Daarnaast komen ook tal van oude foto's en voorwerpen uit het dagelijks leven van de schoolgaande jeugd en de werkende mens aan bod. Verder toont het museum hoe het in Duffel de industriële ontwikkeling en het verenigingsleven verging, enz... Vooral bewoners en omstreken een uitgelezen kans om hun eigen erfgoed en verleden beter te leren kennen.
Voor historische bewegende beelden over Duffel is een aparte filmruimte voorzien, die op zondag ook als cafetaria is ingericht. De filmpjes over de lokale stoeten van turnkringen, muziekfestivals of heiligenfeesten lokken dan ook wat belangstellenden over de vloer op zondagmiddag.
Praktisch: Museum "Het Gasthuis" is open op woensdag- en zondagnamiddag van 14 u. - 17 u. Bezoekers vanaf 13 jaar betalen één euro, bezoekers jonger dan 13 jaar: gratis. Geleide bezoeken voor groepen zijn mogelijk na afspraak (tel. 015 30 72 10) en mits supplementaire vergoeding (12,50 euro voor Duffelse groepen - 20 euro voor niet-Duffelse groepen).
Het museum bouwt nog verder aan een eigen webstek, voorlopig kan je terecht op de
gemeentelijke website.
door Priscilla om 10:20 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
24 februari 2008
Achter de schermen van de archeologische site Steenberg
Tijdens de maand maart richt het Stedelijk Museum Aalst, in samenwerking met de Heemkundige kring Denderland Hofstade-Gijzegem, de tentoonstelling 'Achter de schermen van de archeologische site Steenberg' in. Deze tentoonstelling is gewijd aan de inventarisatie en refitting van het archeologisch materiaal van de Gallo-Romeinse site op de Steenberg in Hofstade. Op 13 maart vindt in het museum een nocturne plaats, met een lezing door Patrick Monsieur (UGent).
Toen in 1946 onderpastoor De Brouwer de Gallo-Romeinse site ontdekte op de wijk Steenberg te Hofstade, was hij er zich zeker niet van bewust dat ze anno 2008 nog zoveel aandacht zou krijgen... De archeologische werkgroep van de heemkundige kring Denderland Hofstade-Gijzegem nam, in samenwerking met het Stedelijk Museum Aalst en de Universiteit Gent, het initiatief om deze unieke ontdekking weer onder de loep te nemen. Het doel van het project is een algemene inventarisatie en een doorgedreven re-fitting maken, om de massa scherven en andere objecten te catalogeren.
Op de tentoonstelling leert de bezoeker meer over het project. Aan de hand van de reeds gehaalde resultaten, krijgt men een beeld van de werkzaamheden. Daarnaast komt de geschiedenis van de site aan bod, aan de hand van voorwerpen, foto's en documenten. Het is tevens een unieke gelegenheid om op zaterdagmiddag de archeologische werkgroep, op hun museumzolder, te komen begroeten en een blik te werpen achter de schermen. Op die manier maakt men kennis met het wetenschappelijk werk in het museum.
Praktisch: 'Achter de schermen van de archeologische site Steenberg', van zaterdag 1 tot en met zondag 30 maart in het Stedelijk Museum (Oude Vismarkt 13, Aalst). Nocturne op donderdag 13 maart om 20 uur: met lezing door prof. Jean Bourgeois en prof. Patrick Monsieur over 'Het Romeinse heiligdom van Hofstade'. Tijdens de tentoonstelling is het ook mogelijk om de werkruimte van deze archeologische werkgroep onder begeleiding te bezoeken, en dit op zaterdagen van 14u tot 18u.
Externe link: Archeoblog HK Denderland
door Tijl om 23:35 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
Ooggetuigen aan de Schelde
Wil je weten hoe een gezin tijdens de tweede helft van de 17de eeuw in Antwerpen leefde? En heb je je ooit al afgevraagd hoe onderzoekers precies te werk gaan om op zo'n vraag een antwoord te vinden? Sinds gisteren loopt in het Rockoxhuis in Antwerpen de tentoonstelling 'Ooggetuigen aan de Schelde'. Bezoekers worden er onderzoekers: ze kunnen zelf aan de slag met archeologische vondsten, historische documenten, chemische analyses, literaire teksten en schilderijen.
Het is aan jou om de geschiedenis van een gezin te reconstrueren. Gaat het hier om een vissersgezin of een schippersgezin? Kunnen de dochters lezen en schrijven? Is de woning toentertijd verbouwd? Wat voor kleren droegen vrouwen in die tijd? Wat heeft dat gezin zoal gegeten? Hoe was de woning ingericht? Allemaal vragen die in de tentoonstelling worden beantwoord.
Tijdens deze speurtocht krijgen bezoekers de ruwe informatie die een interdisciplinair onderzoeksteam, samengesteld door de Universiteit Antwerpen, de Hogeschool Antwerpen en de Archeologische Dienst van de stad Antwerpen, heeft verzameld. De tentoonstelling bevat rechtstreekse sporen van dat gezin, zoals etensresten in een afvalput, een reconstructie van de woning waarin het leefde, of moeilijk leesbare 17de-eeuwse, handgeschreven documenten. Er wordt ook gebruikgemaakt van indirecte informatie zoals literatuur waarin Antwerpen en Antwerpenaars worden beschreven, schilderijen met stadsgezichten of DNA-analyses van 17de-eeuwse skeletten. Deze gegevens zijn nuttig om zich een beeld te vormen van de wereld waarin dat gezin leefde. Het is aan de bezoeker om de onderzoeksresultaten correct te interpreteren.
Via de website www.pienternet.be/ooggetuigen krijgen leerkrachten toegang tot uniek lesmateriaal, zoals 17de-eeuwse liederen en toneelstukken, archiefstukken, archeologische artefacten, chemische analyses, en schilderijen. Al die informatiebronnen zijn tot een spel verwerkt, zodat de tentoonstelling in de klas kan worden nagespeeld. Leerkrachten mogen dit lesmateriaal eveneens in hun eigen cursussen verwerken.
Meer info: www.pienternet.be/ooggetuigen
door Tijl om 14:54 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
17 februari 2008
Tentoonstelling 'Mineurs d'un autre âge' vanaf maart in Doornik
Vanaf 2 maart 2008 vindt de tentoonstelling 'Mineurs d'un autre âge. Spiennes, des mines du IVe millénaire avant notre ère' onderdak in het Musée d'Archéologie in Doornik. Aan de hand van vondsten uit Spiennes maak je kennis met de extractie van vuursteen in de periode waarin de mens overschakelde naar landbouw en veeteelt. De tentoonstelling loopt nog tot 15 november 2008.
De tentoonstelling belicht het leven van de prehistorische mens en - in het bijzonder - de technieken van extractie en exploitatie van silex in Spiennes. De mijnen van Spiennes werden in december 2000 toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Uit de tot op heden uitgevoerde dateringen blijkt dat de mijnen van Spiennes werden ontgonnen tussen 4400 en 2500 vóór onze tijdrekening, dat wil zeggen tijdens het Midden- en het Laat-Neolithicum.
'Mineurs d'un autre âge' liep eerder reeds in Namen. Het is een project van de Société de Recherche préhistorique en Hainaut, ter ere van haar 50-jarig bestaan in 2005.
Praktisch: De tentoonstelling loopt van 2 maart tot 15 november 2008 en is alle dagen (behalve dinsdag) tussen 10u-12u en 14u-17u te bezichtigen in het Musée d'Archéologie, 8 rue des Carmes in 7500 Tournai (Doornik).
Meer info: Marianne Delcourt-Vlaeminck - Tel. 069-221672
Bron: Archéoblog Autour de Spiennes
door Johan om 13:48 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
15 februari 2008
Brusselse KMKG openen zaal met islamitische kunst
De Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (KMKG) openen op 22 februari een nieuwe zaal die gewijd zal zijn aan kunst uit de islamitische wereld. De collecties beslaan een groot gebied dat zich uitstrekt van Spanje tot het noorden van India. Ter gelegenheid van de opening van de nieuwe zaal zijn de permanente collecties van het Jubelparkmuseum gratis te bezichtigen op vrijdag 22, zaterdag 23 en zondag 24 februari.
De nieuwe zaal gewijd aan de kunst uit de islamitische wereld ligt op de benedenverdieping van de museumvleugel van de Oudheid. De vaste collectie wordt er per regio en per periode tentoongesteld. De chronologie sluit aan bij die van de afdeling van het Oude Nabije Oosten. Een tijdsband en projecties van kaarten en relevante architectonische ensembles plaatsen de voorwerpen in een ruim kader. De audiogids, waarin de 14de-eeuwse Arabische filosoof en socioloog Ibn Khaldun de rol van gids krijgt toebedeeld, de catalogus, thematische bezoekersgidsen en publicaties voor jongeren vullen de informatie aan.
De inrichting van de nieuwe zaal is geïnspireerd op de islamitische architectuur. Het buitenlicht wordt getemperd door een mashrabiyya, een houten gevlochten scherm dat in de traditionele woningbouw in het Nabije en Midden-Oosten zonlicht en warmte tegenhoudt en toch verluchting mogelijk maakt. Een gereconstrueerde moskee uit Noordwest-Pakistan, waarin originele elementen in houtsnijwerk geïntegreerd zijn, roept verder de architectuur op. Een mezzanine over de lengte van de zaal is uitgerust om er tijdelijke tentoonstellingen in onder te brengen.
Een van de topstukken uit de collectie is een 15de-eeuws fluweel met çintamani-patroon uit Bursa (Turkije), wellicht het oudst bewaarde Ottomaanse exemplaar ter wereld. Het is een meesterwerk wegens de dichte weefstructuur, de kwaliteit van de zijde en de gouddraad, en de diepe karmijnrode kleur, die werd bekomen door gebruik te maken van Armeense cochenillekleurstof. Het çintamani-patroon, met de dubbele golvende lijnen en groepen van drie stippen in verschillende grootte, zou zijn oorsprong vinden in het Verre Oosten. In de islamitische wereld roepen de dubbele golvende lijnen tijgerstrepen op en de stippen verwijzen dan weer naar de pels van een luipaard. De combinatie van de twee motieven in het çintamani-patroon symboliseren kracht en macht, en de benaming -letterlijk 'gelukbrengend juweel'- toont aan dat het patroon een positieve betekenis had.
Praktisch: ter gelegenheid van de opening van de zaal 'Kunst uit de Islamitische wereld' zijn de permanente collecties van het Jubelparkmuseum gratis te bezichtigen op vrijdag 22, zaterdag 23 en zondag 24 februari 2008. Meer info op kmkg.be
door Tijl om 22:59 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
10 februari 2008
Opening tentoonstelling 'Syria Incognita?' op 12 februari
Vanaf deze week loopt in Leuven de jaarlijkse archeologische tentoonstelling van de studentenvereniging Alfa. Dit jaar zetten de studenten een tentoonstelling op onder de titel 'Syria Incognita? Het verborgen verleden van de Syrische Kuststreek'. Het tentoonstellingsteam heeft het genoegen alle geïnteresseerden uit te nodigen voor de feestelijke opening, die plaatsvindt op dinsdag 12 februari.
Ruines en overblijfselen langs de kuststreek van Syrië getuigen van een rijk verleden, doch zijn ze bij het brede publiek weinig gekend. Kruisvaarders, Romeinen en Feniciërs bouwden er nochtans talrijke vestigingen en steden die tot op vandaag een verrassende indruk maken op haar bezoekers. De regio geniet recent vernieuwde interesse dankzij Belgisch onderzoek te Jebleh, Tell Tweini en Tell Kazel, die allen bijdragen tot nieuwe inzichten in de geschiedenis van de Syrische kuststreek. De onderzoeksprojecten te Jebleh, Tell Tweini en Tell Kazel vormden voor de studenten archeologie van de K.U.Leuven de aanleiding om hun aandacht te vestigen op het verborgen verleden van de Syrische kusstreek.
Er is ook een begeleidende publicatie verschenen, waarin op basis van de overgeleverde materiële resten de geschiedenis van de kuststreek per tijdvlak besproken wordt. Elke bijdrage spitst toe op een eigen thema, zoals nijverheid, ontspanning, krijgskunst of de dood. Deze kan op het onderstaande e-mailadres besteld worden, aan de balie van de Universiteitsbibliotheek of rechtstreeks bij uitgeverij Peeters.
Opening: dinsdag 12 februari 2008, vanaf 19 uur in het Mgr. Sencieinstituut 00.28, met aansluitende receptie in de Centrale Universiteitsbibliotheek. Gastspreker zijn Prof. Dr. E. Gubel, verbonden aan het KMKG en Prof. Dr. K. Van Lerberghe (K.U.Leuven).
Praktisch: de tentoonstelling loopt van 12 februari tot 15 maart in de tentoonstellingszaal van de Centrale Bibliotheek K.U. Leuven (Mgr. Ladeuzeplein 21, 3000 Leuven). Openingsuren: maandag tot donderdag van 9.00 tot 20.00u. Vrijdag van 9.00u tot 17.15u. Zaterdag van 9.00u tot 12.30u. Toegang gratis. Meer info via cultuur@alfa.student.kuleuven.be.
door Tijl om 23:10 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
5 februari 2008
Menen bezet!
Het stadsmuseum 't Schippershof in Menen heeft er sinds vorige week een nieuwe zaal bij. Op de bovenverdieping van het museum is er nu een hele zaal gewijd aan de militaire geschiedenis van de West-Vlaamse stad. "Menen kende een bewogen geschiedenis," aldus conservator Jan Yperman. "Tussen 1578 en 1830 werd de stad meer dan twintig keer belegerd. Oostenrijkers, Fransen, Nederlanden, Spanjaarden, ze waren hier allemaal een of meerdere keren."
Het Stadsmuseum 't Schippershof is binnenkort tien jaar oud. In het gerestaureerde historische pand maak je niet alleen kennis met het werk van enkele kunstenaars. Ook de rijke geschiedenis van grensstad Menen komt aan bod in de vaste collectie.
Na een lange en intense voorbereiding werd een zaal rond de militaire geschiedenis van Menen volledig heringericht. Op een interactieve manier maak je voortaan kennis met de boeiende geschiedenis van de vestingen (reformatie, Vauban, Hollandse versterkingen) en de Eerste Wereldoorlog. Centraal in de zaal staat een groot meubel. Het omvat een soort ontdekkingsparcours dat je voert doorheen de lokale geschiedenis. In het kader van het Europese project 'Netwerk van versterkte historische steden' kon de stad Menen hiervoor rekenen op veertig procent Europese subsidie.
Voor de nieuwe zaal 'Menen bezet' nam 't Schippershof het Gentse bureau Madoc in de arm. Dat bureau is gespecialiseerd in de enscenering van historische tentoonstellingen. Er zijn touchscreens waar de bezoekers honderden foto's van Menen kunnen bekijken. Met telefoontoestellen kan je het commentaar beluisteren. In een vitrine liggen archeologische voorwerpen. In de lades zitten verscheidene stadskaarten, er zijn korte filmfragmenten te zien en teksten uit de Eerste Wereldoorlog te beluisteren. Eén van de Belgische topfotografen, Michiel Hendryckx, maakte dan weer een reeks nieuwe beelden over de sporen van het verleden die nu nog in het stadsbeeld aanwezig zijn. Die foto's worden gepresenteerd op een zaalwand.
Lees meer: De vestingen van Menen
Praktisch: Stadsmuseum 't Schippershof (Rijselstraat 77, 8930 Menen) is open van woensdag tot zondag, van 14 tot 17.30 uur. Gesloten op feestdagen.
door Tijl om 18:51 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
27 januari 2008
Kolonies van Weldadigheid in Lommel
Nog tot 16 maart kun je in het Lommelse museum De Kolonie een expo bezoeken over de 19de-eeuwse kolonies in Europa. In het begin van de 19de eeuw geloofde men dat het verschaffen van werk aan armen het antwoord was op het heersende armoedeprobleem. Rijke particulieren en overheden zetten dit idee in de werkelijkheid om. In heel Europa werden in onontgonnen gebieden kolonies opgericht, waarvan de planmatige aanleg nu nog zichtbaar is in het landschap. .
In het begin van de 19de eeuw ging West-Europa gebukt onder een golf van armoede. Het aantal bedelaars in steden en op het platteland bleef toenemen. Het uitdelen van aalmoezen voldeed niet langer. Verlichte denkers geloofden dat het verschaffen van nuttig werk aan de armen het antwoord was op het armoedeprobleem. In heel Europa namen particulieren het initiatief om arme gezinnen bijeen te brengen in nieuwe woon- en werkgemeenschappen of kolonies. Hier bewerkten zij onontgonnen gronden, kregen een huis, huisraad en werden ze opgevoed om een zelfstandig leven te leiden.
Eén van de mannen die onder de invloed van de Verlichting kwam was Robert Owen. Hij stichtte in Schotland Villages of Unity. Dit moesten ideale gemeenschappen zijn met de nadruk op geluk en vrijheid voor zijn bewoners. Andere grote namen waren E. Von Fellenberg, D. Lawaetz, Joh. van den Bosch, Pestalozzi... In de Nederlanden ontstonden er vrije maar ook onvrije landbouwkolonies voor de armen. De eerste proefkolonie kreeg de naam Frederiksoord. Dit initiatief kreeg al snel navolging in de Zuidelijke Nederlanden in Hoogstraten, Wortel (foto) en Merksplas. Ook in Denemarken volgde men het voorbeeld met de oprichting van Friedrichsgabe. In Frankrijk waren de sociale experimenten meer gericht op arme kinderen, vondelingen en wezen. Zo ook in het eerste landbouwinstituut in Europa, gelegen in Zwitserland.
De kolonies waren kleine dorpen op zich. Naast de typische koloniehuisjes waren er kerken, scholen, fabrieken en winkels aanwezig. Er was vrijheid van religie maar evengoed regels waaraan men zich diende te houden. De meeste kolonies werden opgericht te midden van onontgonnen gebieden. Dit gaf de mogelijkheid om een logische en gestructureerde indeling te maken. Typisch zijn de lange dreven en de rechthoekige percelen. Dit ingrijpen in het landschap is tot op vandaag nog steeds zichtbaar. Kolonies van Weldadigheid, Colonies Agricoles, Armen-Erziehungsrepublik of Colonies de Bienfaisance waren maar enkele van de vele algemene benamingen die deze kolonies kregen in het Europa van de negentiende eeuw. Vaak kregen ze de naam van het oorspronkelijk gehucht of de gemeente. Soms werden ze postuum genoemd naar een belangrijk geldschieter, meestal een lid van de koninklijke familie.
Praktisch: de tentoonstelling, ontworpen door het Stedelijk Museum van Hoogstraten, wordt nu getoond in museum De Kolonie in Lommel, een voormalige staatsboerderij van de "Colonie Agricole" die in 1850 door de Belgische overheid werd gesticht op de Heuvelsche Heide. Meer info en openingsuren op erfgoedlommel.be.
Foto: vzw Kempens Landschap
door Tijl om 21:02 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
19 januari 2008
Alle wegen leiden naar Rome
In het kader van Europalia.europa kan je nog tot en met zondag 27 januari de tentoonstelling "Alle wegen leiden naar Rome" gaan bekijken in het Museum van Elsene, te Brussel. Op een wonderbaarlijke reis wordt de bezoeker meegenomen langs het pad dat zoveel kunstenaars voor hem/haar hebben bewandeld. En, na een wekenlange tocht, met gevaren en ontberingen, konden eindelijk al die kunst - en archeologische schatten bewonderd worden in Rome... Uw reporter ging ter plaatse.
Aan de hand van levensechte getuigenissen van beroemde (Montaigne, Erasmus, Goethe, Stendhal, Balzac, Chateaubriand en Dumas) en minder beroemde reizigers, kunstwerken en tal van originele (reis)objecten wordt het verhaal van de grand tour met veel animo verteld.
Maar, waarom weggaan? Met deze ietwat rare vraag voor een tentoonstelling over kunstenaarsreizen wordt de bezoeker al geprikkeld. Als we enkele schilderijen en getuigenissen later terugblikken op de overheerlijke pracht en praal in "onze" noordelijke gebieden lijkt de vraag terecht. Zo kom je te weten dat de reis niet zonder gevaren loopt en, dat heeft niet alleen te maken met de tocht over de Alpen langs levensgevaarlijke nauwe bergpassen... Overvallen door rovers en bandieten waren schering en inslag. Je kon je koets wel laten begeleiden door een wacht maar die speelde vaak onder één hoedje met de bandieten en die laatsten waren vaak ook nog eens verkleed waren als kluizenaar of bedelaar, zo kunnen we lezen op een opschrift. De weloverwogen aanwezige schilderijen zijn visuele getuigenissen van de hachelijke onderneming. De lokale herbergen onderweg tonen dan wel veel couleur locale , ze lieten soms ook wel te wensen over en de reizigers krijgen heel wat tips uit gidsen van degenen die hun zijn voorgegaan. Dat reizen niet zo eenvoudig was blijkt ook uit de vele items die de tentoonstelling sieren, zoals de paspoorten, visa, de verschillende munten en zelfs een paar zevenmijlslaarzen!
Als je dit alles eindelijk hebt doorstaan en bent aangekomen in Rome kan je er genieten van de wellusten die de stad te bieden heeft. Je kan een bezoekje brengen aan de villa Farnesina of de Campo Vaccino zoals het forum romanum een tijdje oneerbiedig werd genoemd, omdat de Romeinse koeien er te grazen stonden. Heinrich Heine bekloeg zich over de vele Engelse toeristen in Rome die" met hun gids in de hand rondhollen en kijken of alle bezienswaardigheden uit het boek er nog altijd staan." Tja, geef de man eens ongelijk... Of, je kon ook verder reizen, natuurlijk...De tentoonstelling wijdt nog een ruimte aan die avonturiers die ondanks alles het toch niet konden laten...
Bij de tentoonstelling hoort een fantastisch boek onder dezelfde titel waarin je alle fragmenten kan nalezen, met een pak prachtige illustraties zodat je thuis kan nagenieten van een heerlijke reis door de geschiedenis. (Dominique Vautier, Alle wegen leiden naar Rome, Mercatorfonds, 255 blz., 25 euro)
Praktisch: Gemeentelijk museum van Elsene, tot en met 27 januari 2008, di. tot vr. 13 tot 18u30, za. en zo. 10 tot 17u, prijs 5-7 euro.
door Priscilla om 7:45 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
16 januari 2008
Tentoonstelling metaalvondsten Testa vzw zondag 27 januari
Op zondag 27 januari 2008, van 10.00 tot 17.00 uur, stelt de archeologische vereniging TESTA vzw zijn metaalvondsten tentoon en dit naar aanleiding van het 20-jarig bestaan van de vereniging. De vondsten, van bronstijd tot heden, werden gevonden op de akkers in de regio van Tessenderlo. Het gaat om een verscheidenheid aan objecten zoals munten, kogels, kledingaccessoires, gewichten, sleutels, heiligenfiguren, meubelbeslag, devotie- en andere penningen en nog veel meer...
We belichten hier enkele interessante vondsten die tentoongesteld zullen worden en die een boeiend licht werpen op de lokale geschiedenis van de regio rond Tessenderlo.
1. Devotiemedaille van de oratoriaan Filippo Neri
Op de devotiemedaille zien we de heilige Filippo Neri die met open armen de maagd Maria met kind ziet verschijnen. Op de andere zijde zien we de Latijnse naam voor Scherpenheuvel staan: 'mons acut(us)' en in het midden op een staak staat de figuur van Maria met kind op de arm. De devotiemedaille dateert uit de zeventiende eeuw. Filippo Neri werd in 1515 te Firenze geboren, werd priester in 1551 en werd in 1622 heilig verklaard.
2. Verzegelingen voor zak Guanomeststof
In de 19de eeuw was er een tekort aan meststoffen in Europa door het verouderde landbouwsysteem (drieslagstelstel) en de beperkte eigen meststoffen (potstal). Vooral de zandgronden, zoals die er zijn in de Kempen, hadden dringend nood aan goede meststoffen. Het was dan ook een zegen voor de 'keuterboeren' dat relatief goedkope Guanomeststoffen werden ontdekt in Zuid-Amerika.
Guano is de opeenhoping van gedroogde mest van zeevogels en komt voornamelijk voor langs de rotskusten van Peru, Bolivië en Chili. De aanvoer van guano naar Europa bereikte in de periode 1850-1870 haar hoogtepunt en op het einde 19de eeuw werd guano grotendeels vervangen door kunstmest, maar ook vandaag is deze uitstekende natuurlijke meststof nog te verkrijgen. Op sommige loden verzegelingen staat duidelijk de herkomst van de inhoud van de zak 'PEROU'. Op de verzegelingen staat bijna altijd een afbeelding van een 'hoorn des overvloeds', een symbool als garantie voor een goede oogst.
3. Geweervuursteen met loden omhulsel
Tot omstreeks 1850 werden in Europa vuursteen- of flintgeweren gebruikt. Nadien kwam het systeem met slaghoedje in gebruik waardoor de geweersteen overbodig werd. Vooral op terreinen waar legers vertoefd hebben of waar veldslagen geleverd werden vanaf de 17de eeuw tot omstreeks 1850 worden geweervuurstenen regelmatig gevonden. De geweervuursteen wordt geklemd tussen de metalen haan. Om de vuursteen te beschermen wordt hij omwikkeld met een stukje leer of een loden 'mantel'.
Zelden wordt een geweervuursteen gevonden die nog gewikkeld is in zijn loden mantel. Het loden omhulsel is als een strak korset rond de steen gewikkeld. De vuurstenen, die onontbeerlijk zijn voor het functioneren van de flintgeweren, hebben meestal een vierhoekige vorm en zijn tamelijk dik. Op 2 augustus 1831 viel Willem I met zijn legers België binnen waarbij ze op 5 augustus Tessenderlo passeerden waar ze ondermeer enkele bruggen moesten herstellen om met de artillerie te kunnen passeren.
Praktisch: zondag 27 januari, van 10.00u tot 17.00u, museum 'De Kelder', kelder gemeentehuis, Markt z/n, 3980 Tessenderlo. Info: 013/ 66 59 88 of via mail bij Stan Panis.
door Priscilla om 9:05 | Tentoonstellingen | Reacties (1)
4 januari 2008
De Luikse Bernini in zijn oude luister hersteld
Ter gelegenheid van de 300ste verjaardag van het overlijden van de Luikse beeldhouwer Jean Del Cour worden momenteel een groot aantal van zijn werken in Luik tentoongesteld. Met het oog op de tentoonstelling heeft het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK) twaalf houten beelden behandeld. De behandeling van dit unieke ensemble was een buitenkans voor het atelier voor gepolychromeerd houten beeldhouwwerk van het KIK, dat gespecialiseerd is in barokke beelden.
Twee van de twaalf houten beelden verdienden bijzondere aandacht omwille van hun grote artistieke waarde. Het betreft een paar engelen, bewaard in de O.L.V. van de Sartekerk in Hoei, en een Sint-Johannes de Doper uit de Sint-Pauluskathedraal in Luik.
Het engelenensemble is een van de zeldzame overblijfselen van de productie uit het begin van de carriere van Del Cour. Bij zijn aankomst in het KIK, was het werk erg door houtetende insecten aangevreten. Het lindehout was broos geworden en verpulverde. In 2006 werd een vergassing met methylbromide uitgevoerd. Het was meteen de laatste vergassing die plaatsvond in het KIK, aangezien deze praktijk tegenwoordig verboden wordt door de Europese Unie. Sindsdien ontwikkelt het instituut de techniek van de anoxie, waarbij de insecten door zuurstofgebrek worden vernietigd. Daarop volgden verschillende behandelingen om het degradatieproces tegen te gaan.
Tegenwoordig kan men zich slechts met veel moeite de originele polychromie van de beelden van Del Cour voorstellen. Ze werden bedekt met talrijke overschilderingen van wisselende kwaliteit. Omdat het onmogelijk was terug te gaan tot op de originele laag, kozen de conservatoren voor een minimale ingreep. De originele polychromie kon echter nagegaan worden tijdens de stratigrafische studie onder binoculaire microscoop. Ook werden de chemische bestanddelen van de verflagen vergeleken met aanbevolen recepten uit oude handleidingen. Uit de analyses bleek dat de engelen, die nu een verguld kleed dragen, oorspronkelijk in een wit gewaad gehuld waren, dezelfde tint die de kunstenaar voor de vleeskleuren had gekozen.
De Sint-Johannes de Doper, een beeld met monumentale afmetingen, is een van de belangrijkste werken uit de rijpere periode van de kunstenaar. In de loop der tijd werd dit beeld samengesteld uit talrijke aan elkaar gelijmde en gepende lindehouten blokken, ook door houtetende insecten aangetast. De behandeling stemde in grote mate overeen met die van de engelen. Het beeld was met minstens achttien lagen monochrome overschildering bedekt. Om de illusie te geven dat het marmer was, was de originele laag witachtig.
Aangezien marmer in de barokke periode voor een beeldhouwer het meest edele materiaal was heeft Del cour er enkele van zijn meesterwerken uit vervaardigd, zoals het grafmonument van bisschop Allamont in de kathedraal van Gent en het hoofdaltaar van de abdijkerk in Herkenrode. Maar het marmer van Carrara was zo duur dat de meeste klanten het zich niet konden veroorloven. Net als zijn collega's ontwikkelde Del Cour technieken om marmer na te bootsen, gebaseerd op het subtiel over elkaar schilderen van lagen witte verf. De engelen van de Sarte en de Sint-Johannes de Doper zijn hier duidelijke voorbeelden van.
Bron: Science Connection (december 2007)
Tentoonstelling: www.expodelcour.be
Foto: © Michel Lefftz
door Tijl om 21:24 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
27 december 2007
Vauban en de Ieperse vestingen
Het stadsarchief van Ieper pakt momenteel uit met een tentoonstelling over de befaamde vestingbouwer Sebastien le Prestre de Vauban, die exact driehonderd jaar geleden overleed. Het stadsarchief stelt niet alleen zijn unieke collectie kaarten en plannen tentoon, maar gaat ook dieper in op de reusachtige bouw van de vesten en het militaire voordeel daarvan voor het Franse leger. De tentoonstelling 'Vauban en de Ieperse vestingen' loopt nog tot 26 januari 2008.
Vauban werd geboren in 1633. Toen hij 20 jaar was, werd hij opgemerkt door Kardinaal Mazarin die hem overtuigde om zich in dienst te stellen van de koning. Op 22-jarige leeftijd werd Vauban reeds "ingénieur militaire responsable des fortifications". Tussen 1653 en 1659 nam hij deel aan 14 belegeringen en werd hierbij diverse malen gewond. Vanaf 1662 gaf koning Lodewijk XIV hem de opdracht om steden en legerplaatsen te versterken, te beginnen met Duinkerken en Lille, steden die Vauban in slechts negen dagen tijd had ingenomen. Dankzij deze belegeringen is Vauban een mythische figuur geworden in de Franse militaire geschiedenis. Vauban heeft een zeer groot aantal verdedigingswerken gecreëerd of verbeterd die samen een echte linie vormden langs de grenzen uit die tijd.
Veel van deze versterkingen zijn tot op de dag van vandaag bewaard gebleven. Denken we bijvoorbeeld aan de citadel in Rijsel en aan de vestingen in Maubeuge en Grevelingen. Maar ook in Ieper herkennen we bijzonder veel tastbare elementen van Vaubans werk. Driehonderd jaar geleden stierf Vauban en als vestingstad laat Ieper deze gebeurtenis niet zomaar voorbij gaan. Daarom organiseert het Stadsarchief een tentoonstelling die de mythische vestingbouwer terug tot leven wekt...
Praktisch: de tentoonstelling loopt tot en met 26 januari 2008 in het stadsarchief (Langemeersstraat 9, Ieper). Zaterdag van 9u tot 12u., dinsdag tot vrijdag van 9u tot 12u en van 13.30u tot 18u. Zondag en maandag gesloten.
door Tijl om 23:51 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
25 december 2007
Waas zilver nog tot 6 januari in Sterckshof
Nog tot 6 januari 2008 loopt in het Zilvermuseum Sterckshof een historische tentoonstelling over edelsmeden uit het Land van Waas van ca. 1700 tot 1869. Bijna 200 voorwerpen en documenten leiden je door 169 jaar Waas zilver, van barok tot Louis XVI en van empire tot neobarok. Van glad bestek tot een twee meter hoge processietroon en schitterend gegraveerde zilveren geschenken voor de Wase primussen aan de Leuvense universiteit.
De vroegste sporen van edelsmeden in het Land van Waas dateren van rond 1700. Het gaat echter om zeldzame getuigenissen, aangezien Antwerpen en Gent de stedelijke ambachten tot halverwege de 18de eeuw angstvallig in hun greep hielden en zo de ontwikkeling op het platteland remmen. De vroege Wase edelsmeden waren dan ook aan geen enkele keurkamer gebonden en dus in feite 'illegaal' aan het werk. Rond 1749-1750 echter trad er een duidelijke kentering op. Verschillende edelsmeden slaagden erin zich te registreren, en konden vanaf dan als meester-zilversmid buiten de grote stedelijke centra aan het werk, waaronder het Land van Waas. Hun werken moesten echter in niets onderdoen voor die van de grote steden.
Voor de eerste maal zijn absolute topstukken van zilverwerk uit Beveren, Lokeren, Rupelmonde, Sint-Niklaas en Temse samen te bewonderen. Bijna 200 voorwerpen en documenten leiden je door 169 jaar Waas zilver, van barok tot Louis XVI en van empire tot neobarok. Een brede waaier van gedegen, maar vaak onbekend vakmanschap. Van glad bestek tot een twee meter hoge processietroon en schitterend gegraveerde zilveren geschenken voor de Wase primussen aan de Leuvense universiteit.
Praktisch: De tentoonstelling 'Waas Zilver' loopt nog tot 6 januari 2008 in het Zilvermuseum Sterckshof (Deurne). Openingsuren: open dinsdag tot zondag van 10 tot 17.30 uur; gesloten op maandag, op 25 en 26 december 2007, 1 en 2 januari 2008. Prijs: 6 euro / 4 euro per persoon.
Externe link: www.zilvermuseum.be
door Bart om 14:31 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
21 december 2007
Van A[lbast] tot Z[ink]
Het Brugse Gruuthusepaleis, een onderdeel van het stadshistorische Bruggemuseum, ondergaat sinds enige tijd een grondige facelift. Het exterieur wordt onder handen genomen volgens een uitgebreid restauratieplan. In afwachting van de tweede fase van de restauratie, zijn vanaf nu topstukken uit de eigen verzameling te zien: wandtapijten, zilver, kant, keramiek en nog veel meer. Deze opstelling kreeg de titel 'Van A[lbast] tot Z[ink]' wegens de diversiteit aan materialen en objecten.
Na lange jaren wachten - het restauratiedossier dateert al van in de jaren 90 - werd in 2006 begonnen met de reiniging en restauratie van daken en gevels van het Bruggemuseum-Gruuthuse. De stellingen verdwenen weer van 1 september 2006 tot 1 maart 2007 om de door een ruim publiek gesmaakte tentoonstelling 'Geloof & Geluk' - met veel internationale bruiklenen - op een veilige manier te kunnen organiseren. Vanaf maart 2007 tot enkele weken geleden stond Gruuthuse opnieuw in de steigers.
Tijdens de restauratiewerken bleek het gebouw in veel slechtere staat dan gedacht, waardoor het restauratiebudget niet toeliet om de restauratie volledig uit te voeren. Alhoewel het gebouw er nu opnieuw zeer mooi uitziet, kon o.m. de hoognodige vernieuwing van alle lood in de glas-inloodramen in deze fase niet gebeuren. Ook de volledige gevel aan de kant van de Reie werd niet aangepakt. De uitvoering van de verdere restauratiewerken kan nog meerdere jaren op zich laten wachten.
Het Bruggemuseum-Gruuthuse werd daarom tijdelijk ingericht met een selectie van topstukken uit eigen verzameling. Deze situeert zich op de volledige gelijkvloerse verdieping van Gruuthuse en in één zaal op de eerste verdieping. Hierdoor zal ook de 15de-eeuwse bidkapel toegankelijk blijven. De Gruuthusecollectie vindt haar oorsprong in het oudheidkundige genootschap opgericht in 1865. Deze Sociéte Archéologique de Bruges, met bekende oprichters als Guido Gezelle en James Weale, had tot doel voorwerpen te verzamelen over het verleden van Brugge en Vlaanderen.
Hun collectie werd in 1955 aan de stad Brugge overgedragen en sindsdien overwegend uitgebreid met toegepaste kunst. De topstukken in de tentoonstelling willen ook die diversiteit benadrukken. De zalen focussen op de religieuze sculptuur, liturgische objecten, religieus en burgerlijk edelsmeedwerk, wandtapijten, keramiek en zo veel meer. Voor het eerst sinds jaren wordt in Gruuthuse ook een beperkte keuze aan historische kant getoond, zowel met religieuze inslag als van burgerlijke origine.
Naast het tentoonstellen van topstukken, wil het Bruggemuseum deze kans ook benutten om zijn concept en meerjarenplanning aan het publiek te duiden. Een stadshistorisch museum op verschillende locaties is geen evidente keuze en een grote uitdaging. In de tentoonstelling 'Van A(lbast) tot Z(ink)' staat dan ook in elke zaal één locatie van het Bruggemuseum in de kijker met een karakteristiek object uit de collectie dat in de toekomst op die locatie tentoongesteld zal worden.
Externe link: Musea Brugge
Foto: Bart De Graeve - Erf-goed.be
door Tijl om 18:27 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
9 december 2007
Van Gilgamesj tot Zenobia
Deze week opende in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (KMKG) de tentoonstelling 'Van Gilgamesj tot Zenobia'. Op deze tentoonstelling wordt het belang van het Nabije Oosten en Iran voor de ontwikkeling van onze huidige westerse samenleving in de verf gezet. De bezoekers krijgen er de kans om de befaamde KMKG-verzameling van oudheden uit deze gebieden terug te zien. Wegens renovatiewerken waren die kunstschatten al geruime tijd niet meer te zien.
De werken werden in belangrijke mate gekozen op basis van hun esthetische kwaliteiten. Enkele topstukken uit het Louvre werden toegevoegd. Alle bewijzen zij hoe onze beschaving schatplichtig is aan die oude culturen die zo belangrijk waren voor de ontwikkeling van het schrift, de uitvinding van de boekhoudkunde, de opleving van de economie, de rechtspraak en de wetenschappen, maar ook van de literatuur en de religieuze en morele opvattingen.
Tot de topwerken van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis moeten zeker de bronzen uit Luristan (Iran) worden gerekend, een uniek ensemble in de wereld, verder de uitzonderlijke rolzegels, de talrijke getuigenissen van het schrift en natuurlijk de beroemde votiefplaat waarop misschien wel de Mesopotamische held Gilgamesj staat afgebeeld na zijn overwinning op de hemelse stier (foto). De werken overspannen de periode die loopt tot aan de Romeinse veroveringen. De gevangenneming van koningin Zenobia van Palmyra door keizer Aurelianus in 272 na Chr. markeert het eindpunt van dit historische overzicht.
Ten slotte schenkt de tentoonstelling speciale aandacht aan de ontwikkeling van het schrift, aan de Belgische bijdrage aan de herontdekking van het Nabije Oosten (inclusief de recente opgravingen in Tell Beydar en Tell Tweini), en biedt de mogelijkheid de nieuwe fotogalerij te ontdekken. Een kleine galerij besteedt ook aandacht aan de weergave van het oude Nabije Oosten in de negende kunst, met vooral aandacht voor de strips van Alex. Ook de liefhebbers van high-tech snufjes komen aan hun trekken. Een video toont hoe onderzoekers van de K.U.Leuven spijkerschrifttabletten digitaliseren.
Wie de catalogus bij de tentoonstelling wil bemachtigen, moet nog even geduld oefenen. De catalogus zal immers pas vanaf 20 december beschikbaar zijn. Het is een volumineus standaardwerk geworden, uitgegeven door het Mercatorfonds, en zal 49,50 euro kosten.
Praktisch: 'Van Gilgamesj tot Zenobia', nog tot 27 april 2008 in het Jubelparkmuseum (Jubelpark 10,
1000 Brussel). Van dinsdag tot zondag van 10:00 tot 17:00 (de kassa sluit om 16:00). Elke laatste donderdag van de maand, behalve in december, is de tentoonstelling geopend tot 22u.
Foto's: KMKG
Lees meer: interview met conservator Erik Gubel op brusselnieuws.be
door Tijl om 13:28 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
3 december 2007
100 jaar opgravingen onder het Sint-Lambertusplein in Luik
Nog tot 20 januari kan de tentoonstelling "Les dessous de Saint-Lambert, 100 ans de fouilles au coeur de Liége" worden bezocht in het Archéoforum te Luik. In het begin van de 20ste eeuw werden de opgravingen gestart onder grote publiek belangstelling. Een eeuw opgravingen bracht onverwachte en spectaculaire vondsten aan het licht. Uw reporter bezocht de tentoonstelling en de opgravingen in het Archéoforum.
Van een tentoonstelling die als titel honderd jaar opgravingen heeft verwacht de onvoorbereide bezoeker misschien meer tentoongestelde vondsten maar dat was hoegenaamd het opzet niet. De eerder kleinschalige expositie behandelt de verschillende fasen van de opgravingen doorheen de vorige eeuw en de daarmee gepaard gaande (politieke) impasses. Dat het project erg beladen is blijkt ook uit het huidige herbestemmingproject van het plein waarover de Luikenaren niet tot een consensus lijken te komen. Het Sint-Lambertusplein vormt sinds eeuwen al het hart van de stad en de moeilijke relatie van de bevolking met haar patrimonium bleek wel uit de tentoonstelling. Voor- en tegenstanders komen aan het woord, de aangestelde academici evenals de politieke betrokkenen doen hun zegje. De gigantische bouwput van de jaren '80 van de vorige eeuw heeft sporen nagelaten in het collectieve geheugen van de Luikenaars...
Maar, de put werd dichtgegooid, het project Archéoforum werd opgestart en onder het plein werken de archeologen in stilte verder. Het bezoek aan deze opgravingen is beslist de moeite waard! De kleine, tijdelijke tentoonstelling geeft dan wel een beeld van de opgravingscampagnes en vooral de sfeer errond, de opgravingen zélf tonen de rijke geschiedenis van het hart van de stad. Belangrijk bij een bezoekje aan het Archéoforum is dat je op voorhand even contact opneemt om een geleide visite te regelen met één van de archeologen, of het even meldt bij aankomst dan wordt de gids (één van de archeologen) geregeld. Alleen de site bezoeken is namelijk niet toegestaan.
Uiteraard zijn er vele resten te zien van de teneergeslagen Notgeriaanse kerk maar de geschiedenis reikt veel verder dan dat. Er werden mesolithische en neolithische vondsten gedaan, deze zijn echter niet te zien, we zullen de gids er dan maar op geloven. Met eigen ogen kunnen wel de resten en de structuur van een Romeinse villa onderscheiden worden, alsook het hypocaustum.
De opgravingen kaderen in een moderne en didactische montage (foto links), met een goede verlichting, over bruggetjes en trapjes en met hier en daar de vondsten (13de eeuws glas, Romaanse kapitelen, Romeinse keramiek of 17de eeuws huishoudgoed) on display, een echte tocht vol verwondering. De publiekswerking van het Archéoforum heeft duidelijk veel inspanningen verricht om op een speelse en educatieve manier de geschiedenis tot bij de mensen te brengen. Misschien zijn de interessante profielen voor vele archeologen dagelijkse kost, hier kan een groot publiek kennismaken met het hoe en waarom van de archeologie.
Naast de Romeinse sporen getuigen vele resten van de middeleeuwse Sint-Lambertuskathedraal, die verschillende bouwfasen onderging. De bouw van de imposante gotische kathedraal (foto rechts) werd aangevat in de late 12e en voltooid in de 15e eeuw. Het was één van de eerste gotische kathedralen buiten de Notre-Dame van Parijs. Zij werd gebouwd op de fundamenten van een Ottoonse kerk die in 1185 afgebrand was. Deze werd dan weer bovenop een vroegere religieuze kern gebouwd die werd opgericht ter herinnering van Sint-Lambertus'marteldood in de 8ste eeuw. Dat de gotische Notgeriaanse kerk een symbool was van de prins-bisschoppelijke macht blijkt uit de architecturale opzet. Vooraan had zij twee torens van ongeveer tachtig meter hoog, middenin een enorme toren van 134 meter. Het was om diezelfde symbolische reden dat de kerk in 1794 werd vernield tijdens de Franse revolutie. Het initiatief voor de afbraak van het verguisde symbool kwam er in 1793. Deze plannen waren een idee van revolutionaire Luikenaars zelf en werden echter pas effectief uitgevoerd na de terugkeer van de Franse legers in 1794. De kerk werd volledig afgebroken.
Praktisch: Expositie toegankelijk van 10 tot 18u en zondag van 11 tot 18u; toegangsprijs: 1,5€
Geleid bezoek aan het Archéoforum van 3 € tot5,5 € (vertrek elk uur).
Meer info of reservatie: Archéoforum, Place Saint-Lambert, 4000 Luik; treinhalte Liège Palais, tel: 04/250.93.70, of via mail.
Afbeeldingen: Gravure; vue de l'Eglise Cathédrale de St. Lambert à Liège, par Remacle Le Loup, 1735.
door Priscilla om 6:00 | Tentoonstellingen | Reacties (0)
